2002-11-15 | BWBR0011538 | Besluit staatsexamens vwo-havo-mavo 2000

This commit is contained in:
Coornhert 2002-11-15 12:00:00 +00:00
parent dea76e13e7
commit cc7b04c317

View file

@ -21,20 +21,22 @@ b. Informatie Beheer Groep: de Informatie Beheer Groep, genoemd in de Wet verzel
c. inspectie: de inspectie, bedoeld in artikel 113 van de Wet op het voortgezet onderwijs, en wat opleidingen voortgezet algemeen volwassenenonderwijs betreft, de inspectie, bedoeld in artikel 5.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
d. vwo: voorbereidend wetenschappelijk onderwijs als bedoeld in artikel 7 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
e. havo: hoger algemeen voortgezet onderwijs als bedoeld in artikel 8 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
f. opleiding vavo: een opleiding voortgezet algemeen volwassenenonderwijs als bedoeld in artikel 7.3.1, eerste lid, onderdeel a, van de Wet educatie en beroepsonderwijs, voor zover leidend tot het diploma vwo of havo;
g. school: een school voor vwo of een school voor havo, tenzij anders blijkt;
h. instelling voor educatie en beroepsonderwijs: een instelling als bedoeld in artikel 1.3.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, voor zover het betreft door die instelling verzorgde opleidingen vavo die leiden tot het diploma vwo of havo;
f. opleiding vavo: een opleiding voortgezet algemeen volwassenenonderwijs als bedoeld in artikel 7.3.1, eerste lid, onderdeel a, van de Wet educatie en beroepsonderwijs, voor zover leidend tot het diploma vwo, het diploma havo of het diploma voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs theoretische leerweg, genoemd in artikel 10 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
g. school: een school voor vwo, een school voor havo of een school voor mavo, tenzij anders blijkt;
h. instelling voor educatie en beroepsonderwijs: een instelling als bedoeld in artikel 1.3.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, voor zover het betreft door die instelling verzorgde opleidingen vavo;
i. vakken: vakken en deelvakken;
j. staatsexamen: het staatsexamen ter verkrijging van het diploma vwo of havo;
j. staatsexamen: het staatsexamen ter verkrijging van het diploma vwo, het diploma havo of het diploma voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs theoretische leerweg, genoemd in artikel 10 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
k. deelstaatsexamen: het examen in één of meer van de voor het staatsexamen voorgeschreven vakken;
l. commissie-examen: het commissie-examen, bedoeld in artikel 4, tweede lid;
m. centraal examen: het centraal examen, bedoeld in artikel 4, derde lid;
n. deeleindexamen: het examen, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder y, van het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o.;
n. deeleindexamen: het deeleindexamen, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o.;
o. staatsexamencommissie: de commissie, bedoeld in artikel 60, eerste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs;
p. voorzitter: de voorzitter van de staatsexamencommissie;
q. secretaris: de secretaris van de staatsexamencommissie;
r. profiel: een in artikel 12 van de Wet op het voortgezet onderwijs genoemd profiel;
s. profielwerkstuk: het in artikel 4, tweede lid, van het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o. bedoelde profielwerkstuk;
s1. sector: een sector als bedoeld in artikel 10, derde lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs;
s2. sectorwerkstuk: het sectorwerkstuk, bedoeld in artikel 4, vierde lid, van het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o.;
t. toets: een toets met schriftelijke of mondelinge vragen en opdrachten, of een praktische opdracht;
u. CEVO: de centrale examencommissie vaststelling opgaven, genoemd in artikel 39, eerste lid, van het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o.;
v. kandidaat: degene die zich op grond van artikel 3 heeft aangemeld voor toelating tot het afleggen van het staatsexamen of deelstaatsexamen.
@ -68,7 +70,7 @@ b. het overleggen aan de staatsexamencommissie van de in artikel 25, derde lid,
**1.** Het staatsexamen en het deelstaatsexamen bestaan voor ieder vak uit een commissie-examen of uit een commissie-examen en een centraal examen.
**2.** Het commissie-examen omvat mede een profielwerkstuk.
**2.** Het commissie-examen omvat mede een profielwerkstuk of een sectorwerkstuk.
**3.** Het centraal examen kent in elk kalenderjaar een eerste, tweede, derde en vierde tijdvak.
@ -118,9 +120,9 @@ b. de staatsexamencommissie kan afwijken van voorschriften met betrekking tot he
### Artikel 8
**1.** De artikelen 11, 12 en 13 van het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o. voor zover zij betrekking hebben op het eindexamen vwo van opleidingen vavo en het eindexamen havo van opleidingen vavo zijn van overeenkomstige toepassing op respectievelijk het staatsexamen vwo en het staatsexamen havo.
**1.** De artikelen 11, 12, 13 en 22 van het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o. voor zover zij betrekking hebben op het eindexamen vwo van opleidingen vavo, het eindexamen havo van opleidingen vavo en het eindexamen voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs theoretische leerweg van opleidingen vavo, zijn van overeenkomstige toepassing op respectievelijk het staatsexamen vwo, het staatsexamen havo en het staatsexamen voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs van de theoretische leerweg.
**2.** In afwijking van het eerste lid kan Onze Minister op advies van de staatsexamencommissie, al dan niet voor een bepaalde groep van kandidaten, beslissen dat geen gelegenheid wordt gegeven tot het afleggen van examen in een vak dat uitsluitend behoort tot het vrije deel van de profielen. De eerste volzin is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de deelvakken culturele en kunstzinnige vorming 3 (drama) en culturele en kunstzinnige vorming 3 (dans).
**2.** In afwijking van het eerste lid kan Onze Minister op advies van de staatsexamencommissie, al dan niet voor een bepaalde groep van kandidaten, beslissen dat geen gelegenheid wordt gegeven tot het afleggen van examen in een vak dat uitsluitend behoort tot het vrije deel van de profielen of tot het vrije deel van de theoretische leerweg. De eerste volzin is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de deelvakken culturele en kunstzinnige vorming 3 (drama) en culturele en kunstzinnige vorming 3 (dans).
### Artikel 9
@ -132,12 +134,13 @@ b. de staatsexamencommissie kan afwijken van voorschriften met betrekking tot he
**1.**
Onverminderd vrijstellingen op grond van de artikelen 11, 12 en 13 van het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o. en met inachtneming van de beperking in artikel 25, derde lid, aanhef en onderdeel d, dat van een school voor voortgezet onderwijs slechts één cijferlijst in beschouwing kan worden genomen, is de kandidaat die staatsexamen aflegt,
Onverminderd vrijstellingen op grond van de artikelen 11, 12, 13 en 22 van het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o. en met inachtneming van de beperking in artikel 25, derde lid, aanhef en onderdeel d, dat van een school voor voortgezet onderwijs slechts één cijferlijst in beschouwing kan worden genomen, is de kandidaat die staatsexamen aflegt,
a. vrijgesteld van het examen in een vak in het vwo op grond van een examen vwo, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald;
b. vrijgesteld van het examen in een vak in het havo op grond van een examen vwo of havo, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald;
c. vrijgesteld van het examen in een vak van het vwo of havo op grond van het overeenkomstige examen, afgelegd in de Nederlandse Antillen of in Aruba, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald;
d. vrijgesteld van het profielwerkstuk, indien reeds eerder een profielwerkstuk is gemaakt dat betrekking heeft op twee vakken uit het desbetreffende profieldeel, en dat is beoordeeld als «voldoende» of «goed».
b. vrijgesteld van het examen in een vak in het havo op grond van een examen vwo of havo, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald, en vrijgesteld van het examen in een vak in het mavo op grond van een examen vwo, havo of mavo, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald;
c. vrijgesteld van het examen in een vak van het vwo, havo of mavo op grond van het overeenkomstige examen, afgelegd in de Nederlandse Antillen of in Aruba, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger of een daarmee overeenkomende waardering is behaald;
d. vrijgesteld van het profielwerkstuk, indien reeds eerder een profielwerkstuk is gemaakt dat betrekking heeft op twee vakken uit het desbetreffende profieldeel, en dat is beoordeeld als «voldoende» of «goed»;
e. vrijgesteld van het sectorwerkstuk, indien reeds eerder een sectorwerkstuk is gemaakt dat betrekking heeft op een thema uit die sector, en dat is beoordeeld als «voldoende« of «goed».
**2.** Het eerste lid is uitsluitend van toepassing indien na het jaar waarin het eindcijfer of de beoordeling is vastgesteld, nog geen 10 jaren zijn verstreken.
@ -149,11 +152,11 @@ d. vrijgesteld van het profielwerkstuk, indien reeds eerder een profielwerkstuk
### Artikel 11
**1.** Onverminderd artikel 10 kan de staatsexamencommissie op verzoek van de kandidaat die een diploma wil verwerven, vrijstelling verlenen voor een examenvak, indien de kandidaat op grond van eerder gevolgd onderwijs aantoonbaar in het bezit is van voldoende kennis en vaardigheden ter zake van het desbetreffende vak. De vrijstelling kan slechts worden verleend op basis van een diploma, getuigschrift of ander bewijsstuk, al of niet behaald in Nederland, dat door de staatsexamencommissie wordt aanvaard als bewijs van voldoende kennis en vaardigheden. Indien de staatsexamencommissie dit nodig oordeelt, onderzoekt zij of de kandidaat in het bezit is van voldoende kennis en vaardigheden.
**1.** Onverminderd artikel 10 kan de staatsexamencommissie op verzoek van de kandidaat die een diploma wil verwerven, vrijstelling verlenen voor een examenvak, indien de kandidaat op grond van eerder gevolgd onderwijs aantoonbaar in het bezit is van voldoende kennis en vaardigheden ter zake van het desbetreffende vak. De vrijstelling kan slechts worden verleend op basis van een diploma, getuigschrift, certificaat of ander bewijsstuk, al of niet behaald in Nederland, dat door de staatsexamencommissie wordt aanvaard als bewijs van voldoende kennis en vaardigheden. Indien de staatsexamencommissie dit nodig oordeelt, onderzoekt zij of de kandidaat in het bezit is van voldoende kennis en vaardigheden.
**2.** Het eerste lid is uitsluitend van toepassing indien na het jaar waarin het in dat lid bedoelde diploma, getuigschrift of ander bewijsstuk is vastgesteld, nog geen 10 jaren zijn verstreken.
**2.** Het eerste lid is uitsluitend van toepassing indien na het jaar waarin het in dat lid bedoelde diploma, getuigschrift, certificaat of ander bewijsstuk is vastgesteld, nog geen 10 jaren zijn verstreken.
**3.** Tot de in het eerste lid bedoelde diploma's, getuigschriften en andere bewijsstukken behoren in elk geval die betreffende het Internationaal Baccalaureaat, het Europees Baccalaureaat en die betreffende het overeenkomstige onderwijs in een lidstaat van de Europese Unie.
**3.** Tot de in het eerste lid bedoelde diploma's, getuigschriften, certificaten en andere bewijsstukken behoren in elk geval die betreffende het Internationaal Baccalaureaat, het Europees Baccalaureaat en die betreffende het overeenkomstige onderwijs in een lidstaat van de Europese Unie.
**4.** Indien de staatsexamencommissie de gevraagde vrijstelling verleent, verstrekt zij de verzoeker een bewijs van vrijstelling, en zendt zij aan de inspectie een afschrift daarvan.
@ -163,7 +166,7 @@ d. vrijgesteld van het profielwerkstuk, indien reeds eerder een profielwerkstuk
### Artikel 12
Een verzoek om vrijstelling als bedoeld in artikel 11 wordt schriftelijk ingediend bij de staatsexamencommissie, onder overlegging van een uittreksel uit het geboorte- of persoonsregister en een gewaarmerkte fotokopie van het diploma, getuigschrift of ander bewijsstuk waarop het verzoek om vrijstelling berust.
Een verzoek om vrijstelling als bedoeld in artikel 11 wordt schriftelijk ingediend bij de staatsexamencommissie, onder overlegging van een uittreksel uit het geboorte- of persoonsregister en een gewaarmerkte fotokopie van het diploma, getuigschrift, certificaat of ander bewijsstuk waarop het verzoek om vrijstelling berust.
## Hoofdstuk III. Regeling van het staatsexamen
@ -198,7 +201,7 @@ Het commissie-examen bestaat uit een examendossier. Het examendossier is het geh
**2.** Indien in een vak tevens centraal examen wordt afgelegd, worden de in het eerste lid genoemde cijfers gebruikt met de daartussenliggende cijfers met 1 decimaal.
**3.** In afwijking van het eerste lid wordt het profielwerkstuk beoordeeld met« voldoende» of «goed». Deze beoordeling geschiedt op de grondslag van het genoegzaam voltooien van het profielwerkstuk, zoals blijkens uit het examendossier.
**3.** In afwijking van het eerste lid wordt het profielwerkstuk beoordeeld met« voldoende» of «goed». Deze beoordeling geschiedt op de grondslag van het genoegzaam voltooien van het profielwerkstuk, zoals blijkens uit het examendossier. De eerste en tweede volzin zijn van overeenkomstige toepassing op het sectorwerkstuk.
### Artikel 16
@ -313,17 +316,25 @@ g. vrijstellingsbewijzen als bedoeld in artikel 10, vierde lid, van het Eindexam
**1.**
De kandidaat is geslaagd voor het staatsexamen, indien hij:
De kandidaat is geslaagd voor het staatsexamen voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs van de theoretische leerweg, genoemd in artikel 10 van de Wet op het voortgezet onderwijs, indien hij:
a. voor ten hoogste één van zijn examenvakken het eindcijfer 5 heeft behaald en voor zijn overige examenvakken een 6 of hoger, of
b. voor ten hoogste één van zijn examenvakken het eindcijfer 4 heeft behaald en voor zijn overige examenvakken een 6 of hoger waarvan ten minste één 7 of hoger, of
c. (gereserveerd)
**2.**
De kandidaat is geslaagd voor het staatsexamen vwo of havo, indien hij:
a. voor al zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald,
b. voor één van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 4 of 5 en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald, dan wel
c. voor twee van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 5 heeft behaald dan wel voor één van de vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld als eindcijfer een 4 en voor één van deze vakken als eindcijfer een 5 heeft behaald, en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald, met dien verstande dat van deze vakken waarvoor als eindcijfer 4 of 5 is behaald, niet meer dan één vak het profieldeel betreft.
**2.** In aanvulling op het eerste lid geldt tevens als voorwaarde dat het profielwerkstuk moet zijn beoordeeld als «voldoende» of «goed».
**3.** In aanvulling op het eerste lid geldt tevens als voorwaarde dat het sectorwerkstuk moet zijn beoordeeld als «voldoende» of «goed». In aanvulling op het tweede lid geldt tevens als voorwaarde dat het profielwerkstuk moet zijn beoordeeld als «voldoende» of «goed».
**3.** De kandidaat die niet voldoet aan de voorwaarden, genoemd in het eerste en tweede lid, is afgewezen voor het staatsexamen.
**4.** De kandidaat die niet voldoet aan de voorwaarden, genoemd in het eerste en derde of het tweede en derde lid, is afgewezen voor het staatsexamen.
**4.** Zodra de uitslag ingevolge het eerste tot en met derde lid is vastgesteld, maakt de voorzitter deze samen met de eindcijfers schriftelijk aan de kandidaat bekend. Indien de kandidaat is afgewezen voor het staatsexamen, wordt bij de bekendmaking mededeling gedaan van het in artikel 27 bepaalde. De in de eerste volzin bedoelde uitslag is de definitieve uitslag indien artikel 27 geen toepassing vindt.
**5.** Zodra de uitslag ingevolge het eerste, derde en vierde lid of het tweede tot en met vierde lid is vastgesteld, maakt de voorzitter deze samen met de eindcijfers schriftelijk aan de kandidaat bekend. Indien de kandidaat is afgewezen voor het staatsexamen, wordt bij de bekendmaking mededeling gedaan van het in artikel 27 bepaalde. De in de eerste volzin bedoelde uitslag is de definitieve uitslag indien artikel 27 geen toepassing vindt.
### Artikel 27
@ -358,8 +369,9 @@ De voorzitter reikt aan elke kandidaat die is afgewezen voor het staatsexamen, e
a. de cijfers voor het commissie-examen en het centraal examen,
b. de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk alsmede de beoordeling van het profielwerkstuk,
c. de eindcijfers voor de examenvakken, alsmede
d. de uitslag van het staatsexamen.
c. het thema van het sectorwerkstuk, alsmede de beoordeling van het sectorwerkstuk,
d. de eindcijfers voor de examenvakken, alsmede
e. de uitslag van het staatsexamen.
**2.**
@ -367,9 +379,10 @@ De voorzitter reikt op grond van de definitieve uitslag aan elke kandidaat die i
a. de cijfers voor het commissie-examen, het centraal examen, en in voorkomend geval het schoolexamen,
b. de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk alsmede de beoordeling van het profielwerkstuk,
c. de vakken waarvoor de kandidaat is vrijgesteld, met voor zover van toepassing de cijfers voor de desbetreffende vakken,
d. de eindcijfers voor de examenvakken, alsmede
e. de uitslag van het staatsexamen.
c. het thema van het sectorwerkstuk, alsmede de beoordeling van het sectorwerkstuk,
d. de vakken waarvoor de kandidaat is vrijgesteld, met voor zover van toepassing de cijfers voor de desbetreffende vakken,
e. de eindcijfers voor de examenvakken, alsmede
f. de uitslag van het staatsexamen.
**3.** De voorzitter draagt er zorg voor dat op grond van de definitieve uitslag aan elke voor het staatsexamen geslaagde kandidaat een diploma wordt uitgereikt waarop het profiel of de profielen zijn vermeld die bij de bepaling van de uitslag zijn betrokken.
@ -377,7 +390,7 @@ e. de uitslag van het staatsexamen.
**5.** Onze Minister stelt de modellen van de diploma's en cijferlijsten vast.
**6.** De deelvakken culturele en kunstzinnige vorming 1 en lichamelijke opvoeding 1 waarvoor de kandidaat op grond van artikel 8, eerste lid, van dit besluit, juncto artikel 11, vierde lid, artikel 12, vijfde lid, of artikel 13, vierde lid, van het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o., is vrijgesteld, worden niet vermeld op de cijferlijst. Andere vakken waarvoor de kandidaat is vrijgesteld, worden zonder vermelding van een cijfer vermeld op de cijferlijst, behalve in geval van vrijstellingen als bedoeld in artikel 10 van dit besluit en artikel 9 van het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o. die wel leiden tot een cijfer.
**6.** De deelvakken culturele en kunstzinnige vorming 1 en lichamelijke opvoeding 1 waarvoor de kandidaat op grond van artikel 8, eerste lid, van dit besluit, juncto artikel 11, vierde lid, artikel 12, vijfde lid, of artikel 13, vierde lid, van het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o., is vrijgesteld,alsmede de vakken lichamelijke opvoeding en de vakken behorende tot de beeldende vorming, muziek, dans of drama van het gemeenschappelijk deel, waarvoor de kandidaat op grond van artikel 8, eerste lid, van dit besluit, juncto artikel 22, vierde lid, van het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o., is vrijgesteld worden niet vermeld op de cijferlijst. Andere vakken waarvoor de kandidaat is vrijgesteld, worden zonder vermelding van een cijfer vermeld op de cijferlijst, behalve in geval van vrijstellingen als bedoeld in artikel 10 van dit besluit en artikel 9 van het Eindexamenbesluit v.w.o.-h.a.v.o.-m.a.v.o.-v.b.o. die wel leiden tot een cijfer.
**7.** De voorzitter en de secretaris tekenen de diploma's en cijferlijsten.
@ -389,14 +402,15 @@ De voorzitter reikt aan de kandidaat die deelstaatsexamen heeft afgelegd, een ci
a. de cijfers voor het commissie-examen en het centraal examen,
b. de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk alsmede de beoordeling van het profielwerkstuk, alsmede
c. de eindcijfers voor de examenvakken
c. het thema van het sectorwerkstuk, alsmede de beoordeling van het sectorwerkstuk,
d. de eindcijfers voor de examenvakken
**2.**
De voorzitter reikt aan de in het eerste lid bedoelde kandidaat, alsmede aan de kandidaat aan wie op grond van de definitieve uitslag niet op grond van artikel 30, derde lid, een diploma kan worden uitgereikt, een certificaat uit, waarop zijn vermeld, voor zover van toepassing:
a. het vak of de vakken waarvoor de kandidaat een eindcijfer 6 of meer heeft behaald, en
b. de vakken, het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk, alsmede de beoordeling van het profielwerkstuk, voor zover beoordeeld met «goed» of «voldoende».
b. de vakken, het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk, alsmede de beoordeling van het profielwerkstuk, voor zover beoordeeld met «goed» of «voldoende» of het thema van het sectorwerkstuk, alsmede de beoordeling van het sectorwerkstuk, voor zover beoordeeld met «goed» of «voldoende».
**3.** Onze Minister stelt het model van het certificaat en de cijferlijst vast.
@ -442,9 +456,10 @@ Zo spoedig mogelijk na de vaststelling van de definitieve uitslag zendt de voorz
a. de vakken waarin examen is afgelegd;
b. de cijfers van het commissie-examen;
c. de beoordeling van het profielwerkstuk, en de vakken waarop het profielwerkstuk betrekking heeft;
d. de cijfers van het centraal examen;
e. de eindcijfers;
f. de uitslag van het staatsexamen.
d. de beoordeling van het sectorwerkstuk, alsmede het thema van het sectorwerkstuk;
e. de cijfers van het centraal examen;
f. de eindcijfers;
g. de uitslag van het staatsexamen.
**2.**
@ -454,10 +469,11 @@ a. het profiel of de profielen waarop het examen betrekking heeft;
b. de vakken die zijn vermeld op de cijferlijst;
c. de cijfers van het commissie-examen of in voorkomend geval van het schoolexamen;
d. de beoordeling van het profielwerkstuk, en de vakken waarop het profielwerkstuk betrekking heeft;
e. de cijfers van het centraal examen;
f. de eindcijfers;
g. de vakken waarvoor de kandidaat is vrijgesteld, met voor zover van toepassing de cijfers voor de desbetreffende vakken;
h. de uitslag van het staatsexamen.
e. de beoordeling van het sectorwerkstuk, en het thema van het sectorwerkstuk;
f. de cijfers van het centraal examen;
g. de eindcijfers;
h. de vakken waarvoor de kandidaat is vrijgesteld, met voor zover van toepassing de cijfers voor de desbetreffende vakken;
i. de uitslag van het staatsexamen.
**3.**
@ -466,8 +482,9 @@ Zo spoedig mogelijk na de vaststelling van de eindcijfers van de kandidaten die
a. de vakken die zijn vermeld op de cijferlijst;
b. de cijfers van het commissie-examen;
c. de beoordeling van het profielwerkstuk, en de vakken waarop het profielwerkstuk betrekking heeft;
d. de cijfers van het centraal examen;
e. de eindcijfers.
e. de beoordeling van het sectorwerkstuk, en het thema van het sectorwerkstuk;
e. de cijfers van het centraal examen;
f. de eindcijfers.
### Artikel 35