2019-01-01 | BWBR0037837 | Besluit experimenten flexibel hoger onderwijs

This commit is contained in:
Coornhert 2019-01-01 12:00:00 +00:00
parent c9599da503
commit cd3c7fc35b

View file

@ -32,7 +32,7 @@ l. *masteropleiding:* masteropleiding als bedoeld in artikel 7.3a, eerste lid, o
m. *deeltijds:* deeltijds als bedoeld in artikel 7.7, eerste lid, van de wet;
n. *duaal:* duaal als bedoeld in artikel 7.7, tweede lid, van de wet;
o. *Ad-opleiding:* Ad-opleiding als bedoeld in artikel 7.3a, tweede lid, onderdeel a, van de wet;
p. *accreditatieorgaan:* de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie bedoeld in artikel 1 van het op 3 september 2003 te Den Haag totstandgekomen Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Vlaamse Gemeenschap van België inzake de accreditatie van opleidingen binnen het Nederlandse en Vlaamse hoger onderwijs (Trb. 2003, 167);
p. *accreditatieorgaan:* de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie bedoeld in artikel 1 van het op 3 september 2003 te Den Haag totstandgekomen Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Vlaamse Gemeenschap van België inzake de accreditatie van opleidingen binnen het Nederlandse en Vlaamse hoger onderwijs (Trb. 2003, 167);
q. *accreditatie:* keurmerk dat tot uitdrukking brengt dat de kwaliteit van een bachelor- of een masteropleiding door het accreditatieorgaan positief is beoordeeld;
r. *toets nieuwe opleiding:* keurmerk dat tot uitdrukking brengt dat de kwaliteit van een voorgenomen bachelor- of masteropleiding door het accreditatieorgaan positief is beoordeeld;
s. *studiepunt:* studiepunt als bedoeld in artikel 7.4, eerste lid, van de wet;
@ -46,7 +46,7 @@ z. *experiment leeruitkomsten:* experiment als bedoeld in artikel 7;
aa. *experiment accreditatie onvolledige opleidingen:* experiment als bedoeld in artikel 19;
bb. *experiment educatieve module:* experiment als bedoeld in artikel 27;
cc. *experiment flexstuderen:* experiment als bedoeld in artikel 17b;
dd. *studiejaar:* tijdvak dat begint op 1 september en eindigt op 31 augustus van het daaropvolgende jaar.
dd. *studiejaar:* tijdvak dat begint op 1 september en eindigt op 31 augustus van het daaropvolgende jaar.
### Artikel 2
@ -94,7 +94,7 @@ In dit hoofdstuk wordt verstaan onder deelnemende instelling: instelling voor ho
**1.** Instellingen voor hoger onderwijs kunnen deeltijdse en duale associate degree-opleidingen, deeltijdse en duale bacheloropleidingen of deeltijdse en duale masteropleidingen, aanbieden waarbij geen sprake hoeft te zijn van een samenhangend geheel van onderwijseenheden als bedoeld in artikel 7.3 van de wet, maar waarbij sprake kan zijn van een samenhangend geheel van eenheden van leeruitkomsten, op basis waarvan opleidingstrajecten kunnen worden ingericht en afgestemd op de uitgangspositie, werksituatie, kenmerken en behoeften van individuele studenten of groepen studenten.
**2.** Het experiment leeruitkomsten, bedoeld in het eerste lid, duurt van 1 juli 2016 tot en met 30 juni 2022.
**2.** Het experiment leeruitkomsten, bedoeld in het eerste lid, duurt van 1 juli 2016 tot en met 30 juni 2022.
### Artikel 8
@ -123,7 +123,7 @@ Deelname aan het experiment leeruitkomsten staat open voor instellingen voor hog
**1.** Voor deelname aan het experiment leeruitkomsten is toestemming van Onze Minister vereist.
**2.** Een instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in artikel 11 die toestemming wenst te verkrijgen voor deelname aan het experiment leeruitkomsten, dient daartoe voor 1 mei 2016, voor 1 november 2016 of voor 1 mei 2017 bij Onze Minister een aanvraag in.
**2.** Een instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in artikel 11 die toestemming wenst te verkrijgen voor deelname aan het experiment leeruitkomsten, dient daartoe voor 1 mei 2016, voor 1 november 2016 of voor 1 mei 2017 bij Onze Minister een aanvraag in.
**3.** In de aanvraag maakt de aanvrager inzichtelijk hoe de desbetreffende opleiding, bedoeld in artikel 7, zal worden vormgegeven.
@ -133,7 +133,7 @@ Deelname aan het experiment leeruitkomsten staat open voor instellingen voor hog
**2.** Het accreditatieorgaan adviseert Onze Minister binnen zes weken over de mate waarin de kwaliteit van de desbetreffende opleiding is gewaarborgd.
**3.** Onze Minister neemt na ontvangst van het advies van het accreditatieorgaan binnen een redelijke termijn gelijktijdig een besluit over de voor 1 mei 2016, voor 1 november 2016 of voor 1 mei 2017 ingediende aanvragen tot deelname aan het experiment leeruitkomsten.
**3.** Onze Minister neemt na ontvangst van het advies van het accreditatieorgaan binnen een redelijke termijn gelijktijdig een besluit over de voor 1 mei 2016, voor 1 november 2016 of voor 1 mei 2017 ingediende aanvragen tot deelname aan het experiment leeruitkomsten.
**4.** Onze Minister verleent uitsluitend toestemming voor deelname aan het experiment leeruitkomsten, indien de aanvraag het doel, bedoeld in artikel 8, in voldoende mate ondersteunt.
@ -147,7 +147,7 @@ Deelname aan het experiment leeruitkomsten staat open voor instellingen voor hog
**2.** Het bestuur van een deelnemende instelling stelt vast hoe de studiepunten, bedoeld in het eerste lid, zijn opgebouwd en op welke wijze zij met elkaar samenhangen.
**3.** De studielast van een eenheid van leeruitkomsten bedraagt niet meer dan 30 studiepunten.
**3.** De studielast van een eenheid van leeruitkomsten bedraagt niet meer dan 30 studiepunten.
**4.** Het bestuur van een deelnemende instelling maakt de vastgestelde leeruitkomsten, de daaraan verbonden studiepunten, alsmede de opbouw en samenhang daarvan tijdig bekend in de onderwijs- en examenregeling.
@ -177,7 +177,7 @@ c. wanneer het afsluitend examen, bedoeld in artikel 7.10a, onderscheidenlijk he
**1.** Van 2017 tot en met 2020 rapporteert het bestuur van een deelnemende instelling jaarlijks over de uitvoering van het experiment leeruitkomsten in het voorafgaande kalenderjaar.
**2.** Voor 1 mei 2021 rapporteert het bestuur van een deelnemende instelling over de uitvoering van het experiment leeruitkomsten in het tijdvak 2016 tot en met 2020.
**2.** Voor 1 mei 2021 rapporteert het bestuur van een deelnemende instelling over de uitvoering van het experiment leeruitkomsten in het tijdvak 2016 tot en met 2020.
**3.** Het bestuur van een bekostigde instelling voor hoger onderwijs neemt de rapportages, bedoeld in het eerste en tweede lid, op in het verslag, bedoeld in artikel 2.9 van de wet. Het bestuur van een andere deelnemende instelling neemt de rapportages, bedoeld in het eerste en tweede lid, op in het verslag, bedoeld in artikel 1.12, derde lid, van de wet.
@ -206,7 +206,7 @@ b. de student uitsluitend het onderwijs volgt waarvoor hij collegegeld betaalt.
### Artikel 17c
**1.** Een deelnemende instelling laat in een studiejaar niet meer studenten toe tot het experiment flexstuderen dan 10 procent van het totaal aantal studenten dat in het daaraan voorafgaande studiejaar per 1 oktober was ingeschreven bij alle voltijdse opleidingen van die instelling.
**1.** Een deelnemende instelling laat in een studiejaar niet meer studenten toe tot het experiment flexstuderen dan 10 procent van het totaal aantal studenten dat in het daaraan voorafgaande studiejaar per 1 oktober was ingeschreven bij alle voltijdse opleidingen van die instelling.
**2.** Per studiejaar laat een deelnemende instelling maximaal 1.000 nieuwe studenten toe tot het experiment flexstuderen.
@ -214,7 +214,7 @@ b. de student uitsluitend het onderwijs volgt waarvoor hij collegegeld betaalt.
### Artikel 17d
Het experiment flexstuderen duurt van 1 september 2017 tot 1 september 2023, tenzij Onze Minister een besluit neemt als bedoeld in artikel 17h, tweede lid.
Het experiment flexstuderen duurt van 1 september 2017 tot 1 september 2023, tenzij Onze Minister een besluit neemt als bedoeld in artikel 17h, tweede lid.
### Artikel 17e
@ -255,13 +255,13 @@ Aan het experiment flexstuderen kan uitsluitend worden deelgenomen door universi
**1.** Voor deelname aan het experiment flexstuderen is toestemming van Onze Minister vereist.
**2.** Een universiteit of een hogeschool die toestemming wenst te verkrijgen voor deelname aan het experiment flexstuderen, dient daartoe voor 1 maart 2017 bij Onze Minister elektronisch een aanvraag in via het e-mailadres experimentflexstuderen@minocw.nl.
**2.** Een universiteit of een hogeschool die toestemming wenst te verkrijgen voor deelname aan het experiment flexstuderen, dient daartoe voor 1 maart 2017 bij Onze Minister elektronisch een aanvraag in via het e-mailadres experimentflexstuderen@minocw.nl.
**3.** In de aanvraag maakt de aanvrager inzichtelijk hoe het experiment bij de instelling zal worden vormgegeven.
### Artikel 17k
**1.** Onze Minister neemt binnen zes weken gelijktijdig een besluit over de voor 1 maart 2017 ingediende aanvragen tot deelname aan het experiment flexstuderen.
**1.** Onze Minister neemt binnen zes weken gelijktijdig een besluit over de voor 1 maart 2017 ingediende aanvragen tot deelname aan het experiment flexstuderen.
**2.** Onverminderd het derde tot en met vijfde lid verleent Onze Minister uitsluitend toestemming voor deelname aan het experiment flexstuderen, indien de aanvraag het doel, bedoeld in artikel 17e, in voldoende mate ondersteunt.
@ -339,7 +339,7 @@ a. die deelnemen aan het experiment leeruitkomsten;
b. waarbij het onderwijsaanbod beperkt is tot de afsluitende fase van de opleiding; en
c. waarbij de studielast van het aangeboden onderwijs minder bedraagt dan 240 studiepunten.
**2.** Het experiment accreditatie onvolledige opleidingen duurt van 1 juli 2016 tot en met 30 juni 2022.
**2.** Het experiment accreditatie onvolledige opleidingen duurt van 1 juli 2016 tot en met 30 juni 2022.
### Artikel 20
@ -364,7 +364,7 @@ b. de mate van effectiviteit van de kaders voor accreditatie of toets nieuwe opl
**1.** Rechtspersonen voor hoger onderwijs die deeltijdse of duale bacheloropleidingen in het hoger beroepsonderwijs verzorgen, waarbij het onderwijsaanbod beperkt is tot de afsluitende fase van de opleiding en waarbij de studielast van het aangeboden onderwijs minder bedraagt dan 240 studiepunten, kunnen deelnemen aan het experiment accreditatie onvolledige opleidingen door het indienen van een aanvraag als bedoeld in de artikelen 5a.9 en 5a.11 van de wet bij het accreditatieorgaan.
**2.** Een aanvraag wordt voor 1 januari 2018 worden ingediend.
**2.** Een aanvraag wordt voor 1 januari 2018 worden ingediend.
**3.** In de aanvraag geeft de aanvrager aan hoe het voor de desbetreffend onvolledige opleiding benodigde toelatingsniveau van aspirant-studenten wordt gewaarborgd.
@ -372,7 +372,7 @@ b. de mate van effectiviteit van de kaders voor accreditatie of toets nieuwe opl
### Artikel 24
**1.** Het accreditatieorgaan legt voor 1 juli 2016 in het accreditatiekader, bedoeld in artikel 5a.2a van de wet, vast op welke wijze en volgens welke criteria accreditatie of toets nieuwe opleiding wordt verleend aan de deeltijdse en duale bacheloropleidingen in het hoger beroepsonderwijs, bedoeld in artikel 19.
**1.** Het accreditatieorgaan legt voor 1 juli 2016 in het accreditatiekader, bedoeld in artikel 5a.2a van de wet, vast op welke wijze en volgens welke criteria accreditatie of toets nieuwe opleiding wordt verleend aan de deeltijdse en duale bacheloropleidingen in het hoger beroepsonderwijs, bedoeld in artikel 19.
**2.** Het accreditatieorgaan besteedt bij het vastleggen van de werkwijze en de beoordelingscriteria, bedoeld in het eerste lid, in ieder geval aandacht aan de kwaliteit van de toetsing en beoordeling door de deelnemende rechtspersoon voor hoger onderwijs van het toelatingsniveau van aspirant-studenten op het niveau dat benodigd is voor deelname aan het onderwijs dat door de rechtspersoon voor hoger onderwijs wordt verzorgd in het kader van de desbetreffende opleiding.
@ -384,7 +384,7 @@ b. de mate van effectiviteit van de kaders voor accreditatie of toets nieuwe opl
### Artikel 25
**1.** Van 2017 tot en met 2020 rapporteert het bestuur van een deelnemende rechtspersoon voor hoger onderwijs jaarlijks voor 1 juli in het verslag, bedoeld in artikel 1.12, derde lid, van de wet, aan Onze Minister over de uitvoering van het experiment accreditatie onvolledige opleidingen in het voorafgaande kalenderjaar.
**1.** Van 2017 tot en met 2020 rapporteert het bestuur van een deelnemende rechtspersoon voor hoger onderwijs jaarlijks voor 1 juli in het verslag, bedoeld in artikel 1.12, derde lid, van de wet, aan Onze Minister over de uitvoering van het experiment accreditatie onvolledige opleidingen in het voorafgaande kalenderjaar.
**2.** In 2021 rapporteert het bestuur van een deelnemende rechtspersoon voor hoger onderwijs aan Onze Minister over de uitvoering van het experiment accreditatie onvolledige opleidingen in het tijdvak 2016 tot en met 2020.
@ -410,7 +410,7 @@ In dit hoofdstuk wordt verstaan onder een deelnemende instelling: een instelling
**5.** Een student die beschikt over een getuigschrift als bedoeld in artikel 7.11 van de wet betreffende een bacheloropleiding in het wetenschappelijk onderwijs of een masteropleiding in het wetenschappelijk onderwijs en tevens beschikt over een certificaat educatieve module, is met inachtneming van de verwantschapsvoorschriften, bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Regeling verwantschapstabel educatieve minor, bevoegd tot het geven van middelbaar algemeen voortgezet onderwijs, het geven van onderwijs in de eerste drie leerjaren van het hoger algemeen voortgezet onderwijs of van het voorbereidend wetenschappelijk onderwijs als bedoeld in de Wet op het voortgezet onderwijs of de Wet voortgezet onderwijs BES in een met zijn opleiding inhoudelijk overeenkomend vak in die leerjaren.
**6.** Het experiment educatieve module duurt van 1 juli 2016 tot en met 30 juni 2019.
**6.** Het experiment educatieve module duurt van 1 juli 2016 tot en met 30 juni 2019.
### Artikel 28
@ -431,13 +431,13 @@ b. de mate waarin meer gediplomeerden op bachelorniveau in het wetenschappelijk
**1.** Aan het experiment educatieve module kan uitsluitend worden deelgenomen door de instellingen voor hoger onderwijs bedoeld in artikel 26.
**2.** Een instelling die het voornemen heeft deel te nemen aan het experiment educatieve module meldt dat voor 1 september 2016 aan Onze Minister.
**2.** Een instelling die het voornemen heeft deel te nemen aan het experiment educatieve module meldt dat voor 1 september 2016 aan Onze Minister.
### Artikel 32
**1.** Van 2017 tot en met 2019 rapporteert het bestuur van een deelnemende instelling jaarlijks in het verslag, bedoeld in artikel 2.9 van de wet, over de uitvoering van het experiment educatieve module in het voorafgaande kalenderjaar.
**2.** Voor 1 juli 2020 rapporteert het bestuur van een deelnemende instelling in het verslag, bedoeld in artikel 2.9 van de wet over de uitvoering van het experiment educatieve module in het tijdvak 2016 tot en met 2019.
**2.** Voor 1 juli 2020 rapporteert het bestuur van een deelnemende instelling in het verslag, bedoeld in artikel 2.9 van de wet over de uitvoering van het experiment educatieve module in het tijdvak 2016 tot en met 2019.
**3.** Het bestuur van een deelnemende instelling verstrekt desgevraagd nadere informatie aan Onze Minister of het accreditatieorgaan in verband met de deelname aan en monitoring, evaluatie en effectmeting van het experiment educatieve module.
@ -449,7 +449,7 @@ b. de mate waarin meer gediplomeerden op bachelorniveau in het wetenschappelijk
### Artikel 33
Dit besluit treedt in werking op 1 mei 2016 en vervalt met ingang van 1 januari 2025.
Dit besluit treedt in werking op 1 mei 2016 en vervalt met ingang van 1 januari 2025.
### Artikel 34