2005-10-02 | BWBR0012288 | Vreemdelingencirculaire 2000 (C)

This commit is contained in:
Coornhert 2005-10-02 12:00:00 +00:00
parent aac6dfe60e
commit cec9c91d7f

View file

@ -9518,6 +9518,22 @@ Op 10 februari 2003 heeft de Minister van Buitenlandse Zaken een algemeen ambtsb
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-2003
##### 3.1. Journalisten, schrijvers, uitgevers en intellectuelen
##### 3.2. Nationalistisch religieuzen
##### 3.3. Activisten voor illegale politieke bewegingen
##### 3.4. Christenen
##### 3.5. Bahais
##### 3.6. Studenten
##### 3.7. Vrouwen
##### 3.8. Homoseksuelen
#### 4. Groepen die verhoogde aandacht vragen
##### 4.1. Journalisten, schrijvers, uitgevers en intellectuelen
@ -9610,6 +9626,10 @@ Er is geen actief vervolgingsbeleid ten aanzien van homoseksuelen. Als bij een v
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-2003
##### 4.9. Driejarenbeleid
##### 4.10. TBV 1999/22
#### 5. Bijzondere aandachtspunten
##### 5.1. Misdrijven als bedoeld in artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag
@ -9631,43 +9651,43 @@ Uit het ambtsbericht komt naar voren dat iedere Iraniër een geboortecertificaat
Indien een Iraanse asielzoeker aangeeft het unieke nummer zoals hierboven beschreven niet te kennen of te kunnen achterhalen, wordt dit betrokken bij de beoordeling van de geloofwaardigheid van de identiteit en het asielrelaas. Dit zoals bedoeld in artikel 31, tweede lid, onder f, Vreemdelingenwet. Hierbij wordt tevens de verklaring van de asielzoeker omtrent het niet kunnen geven van dit nummer betrokken, alsmede de persoonlijke omstandigheden.
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-2003
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-200302-10-2005Stcrt. 2005, 214, datum inwerkingtreding 03-11-2005, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 02-10-2005.Dit onderdeel vervalt.
##### 5.3. Bewegingsvrijheid
De controle op de luchthaven Teheran (Mehrabad) is zeer strikt te noemen. In het ambtsbericht wordt hier in paragraaf 3.3.4. op ingegaan. Wanneer blijkt dat er sprake is van een uitreis via genoemde luchthaven, dan dient de asielzoeker hierover te worden bevraagd tijdens het eerste en het nader gehoor. Tevens dient deze informatie te worden betrokken bij de beoordeling van de geloofwaardigheid van het relaas.
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-2003
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-200302-10-2005Stcrt. 2005, 214, datum inwerkingtreding 03-11-2005, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 02-10-2005.Dit onderdeel vervalt.
##### 5.4. Vlucht- en vestigingsalternatief
Aangezien de Iraanse autoriteiten feitelijk gezag uitoefenen over het gehele grondgebied van Iran, is het hebben van een binnenlands vluchtalternatief voor personen die een gegronde vrees hebben voor vervolging door de Iraanse autoriteiten niet aannemelijk. Voor personen die bij uitzetting een reëel risico lopen om te worden onderworpen aan folteringen, aan onmenselijke of vernederende behandelingen of bestraffingen is evenmin aannemelijk dat zij een binnenlands vestigingsalternatief hebben. Slechts wanneer duidelijk is dat de problemen van de asielzoeker lokaal bepaald zijn kan sprake zijn, van een binnenlands vlucht-, of vestigingsalternatief. Dit dient in een individueel geval te worden beoordeeld.
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-2003
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-200302-10-2005Stcrt. 2005, 214, datum inwerkingtreding 03-11-2005, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 02-10-2005.Dit onderdeel vervalt.
##### 5.5. Traumatabeleid
Het algemene beleid, zoals weergegeven in paragraaf C1/4.4 is van toepassing. Voor het overige zijn er met betrekking tot asielzoekers afkomstig uit Iran geen bijzonderheden.
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-2003
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-200302-10-2005Stcrt. 2005, 214, datum inwerkingtreding 03-11-2005, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 02-10-2005.Dit onderdeel vervalt.
##### 5.6. Opvangmogelijkheden minderjarigen en bijzonderheden met betrekking tot het beleid inzake alleenstaande minderjarige vreemdelingen
In Iran bestaat een goed functionerend opvangsysteem voor kinderen die geen ouders meer hebben. Kinderen worden in eerste instantie opgevangen door familieleden. Minderjarigen die om een of andere reden niet langer bij familieleden kunnen verblijven, kunnen worden ondergebracht in opvangtehuizen of pleeggezinnen. Het Bureau for Residential and Foster Care van Behzisti, de welzijnsorganisatie van de Iraanse regering, is verantwoordelijk voor de plaatsing van de kinderen. Hierom kan worden geconcludeerd dat adequate opvang voor minderjarigen aanwezig is (Zie hiervoor paragraaf 3.4.5 van het ambtsbericht Iran). Minderjarigen van Iraanse nationaliteit komen derhalve niet in aanmerking voor verlening van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd bedoeld voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen. Bij de feitelijke terugkeer moet de toegang tot een concrete opvangplaats geregeld zijn.
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-2003
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-200302-10-2005Stcrt. 2005, 214, datum inwerkingtreding 03-11-2005, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 02-10-2005.Dit onderdeel vervalt.
##### 5.7. Driejarenbeleid
Het algemene beleid zoals weergegeven in paragraaf C2/9 (en ook TBV 2002/62) is van toepassing.
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-2003
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-200302-10-2005Stcrt. 2005, 214, datum inwerkingtreding 03-11-2005, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 02-10-2005.Dit onderdeel vervalt.
##### 5.8. TBV 1999/22
Voor Iran gold de bijzondere regeling van TBV 1999/22. Deze regeling is op 1 april 2002 verlopen. Voor oudere zaken, die tot 1 april 2002 in aanmerking zouden komen voor verblijf op grond van deze regeling blijft dit beleid gelden. IND-Werkinstructie 215 geeft een nadere toelichting op de in het TBV neergelegde regeling. Voor de inhoud van de regeling wordt dan ook verwezen naar het TBV en de werkinstructie. Deze regeling dient overigens niet te worden verward met het driejarenbeleid (zie paragraaf 5.7).
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-2003
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-200302-10-2005Stcrt. 2005, 214, datum inwerkingtreding 03-11-2005, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 02-10-2005.Dit onderdeel vervalt.
#### 6. Procedurele aspecten
@ -9677,25 +9697,31 @@ Het ministerie van Buitenlandse Zaken kan in beginsel onderzoek met betrekking t
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-2003
##### 6.2. Voortgezet recht op opvang
##### 6.3. Verkrijging van opvang wanneer de opvang reeds was beëindigd
##### 6.4. Praktische aspecten terugkeer
#### 7. Terugkeer en uitzetting
##### 7.1. Categoriale bescherming
Voor Iran geldt geen beleid van categoriale bescherming. Asielzoekers uit Iran komen derhalve niet in aanmerking voor een verblijfsvergunning asiel op grond van artikel 29, eerste lid, onder d, Vreemdelingenwet. Zie C1/4.5.
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-2003
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-200302-10-2005Stcrt. 2005, 214, datum inwerkingtreding 03-11-2005, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 02-10-2005.Dit onderdeel vervalt.
##### 7.2. Besluit- en vertrekmoratorium
Ten aanzien van asielzoekers uit Iran is geen besluit genomen in de zin van artikel 43 dan wel 45, vierde lid, Vreemdelingenwet.
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-2003
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-200302-10-2005Stcrt. 2005, 214, datum inwerkingtreding 03-11-2005, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 02-10-2005.Dit onderdeel vervalt.
##### 7.3. Praktische aspecten terugkeer
Naar Iran kan worden teruggekeerd. Bij de feitelijke terugkeer van alleenstaande minderjarigen moet de toegang tot een concrete opvangplaats geregeld zijn. Bij eventuele inreis in Nederland met een recent Nederlands visum kan het opgegeven identiteitsnummer worden gecontroleerd bij de Visadienst en de Nederlandse ambassade te Teheran.
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-2003
200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)200318626-09-200319-09-2003HKUIT03-3350(AUB)28-09-200302-10-2005Stcrt. 2005, 214, datum inwerkingtreding 03-11-2005, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 02-10-2005.Dit onderdeel vervalt.
### [8/48]. Het asielbeleid ten aanzien van Ivoorkust