2013-06-21 | BWBR0012288 | Vreemdelingencirculaire 2000 (C)

This commit is contained in:
Coornhert 2013-06-21 12:00:00 +00:00
parent 27564e34ec
commit cedd7a0190

View file

@ -253,7 +253,7 @@ De IND past de gesloten verlengde asielprocedure uitsluitend in de volgende geva
• de IND heeft vastgesteld dat er sprake is van misbruik van de asielprocedure of fraude;
• de vreemdeling is de toegang tot Nederland geweigerd op grond van artikel 13, in samenhang met artikel 5 lid 1, aanhef en onder d of e, SGC;
• de IND dient bij een andere staat een verzoek tot overname van de vreemdeling in, op basis van de verordening 343/2003/EG, de Overnameovereenkomst Benelux-Zwitserland of een vergelijkbare overnameovereenkomst;
• de IND zal mogelijk de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afwijzen op grond van artikel 1F Vluchtelingenverdrag;
• de IND zal mogelijk de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afwijzen op grond van artikel 1F Vluchtelingenverdrag als beschreven in C2/6.2.8 Vc;
• na afwijzing van de asielaanvraag in de algemene asielprocedure, wordt door de rechter het verzoek om een voorlopige voorziening toegewezen of het beroep tegen het besluit van de IND gegrond verklaard om redenen die niet inhoudelijk zijn maar verband houden met de procedureregels.
Hieronder worden nadere regels gesteld over de redenen wanneer de IND de gesloten verlengde asielprocedure mag toepassen.
@ -277,18 +277,13 @@ Er is in ieder geval sprake van misbruik van de asielprocedure of fraude als:
• de vreemdeling zich heeft ontdaan van zijn al dan niet vervalste identiteits- en/of reisdocumenten;
• er aanwijzingen zijn dat sprake is van vingermutilatie.
Er is sprake van een mogelijke afwijzing van een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 1F Vluchtelingenverdrag als:
• de verklaringen van de vreemdeling wijzen op mogelijke schendingen van het gestelde in artikel 1F Vluchtelingenverdrag;
• de IND in het landgebonden beleid categorieën heeft benoemd, waarbij sprake is van het gestelde in artikel 1F Vluchtelingenverdrag.
De IND behandelt in de gesloten verlengde asielprocedure geen aanvragen van gezinnen met minderjarige kinderen.
De IND kan besluiten om de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd van één van de ouders te behandelen in de gesloten verlengde asielprocedure, als het gestelde in de overige delen van deze paragraaf van toepassing is. Er moeten zwaarwegende argumenten aanwezig zijn om de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd van één van de ouders gescheiden van de rest van het gezin, te behandelen in de gesloten verlengde asielprocedure. Deze argumenten kunnen in ieder geval gelegen zijn in misbruik van de asielprocedure, fraude of mogelijke schending van artikel 1F Vluchtelingenverdrag. De IND behandelt de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd van de overige gezinsleden in de verlengde asielprocedure.
De IND kan besluiten om de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd van één van de ouders te behandelen in de gesloten verlengde asielprocedure, als het gestelde in de overige delen van deze paragraaf van toepassing is. Er moeten zwaarwegende argumenten aanwezig zijn om de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd van één van de ouders gescheiden van de rest van het gezin, te behandelen in de gesloten verlengde asielprocedure. Deze argumenten kunnen in ieder geval gelegen zijn in misbruik van de asielprocedure, fraude of vermoedens van gedragingen als bedoeld in artikel 1F Vluchtelingenverdrag. De IND behandelt de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd van de overige gezinsleden in de verlengde asielprocedure.
De IND moet de aanvraag om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de gesloten verlengde asielprocedure, inclusief eventueel nader onderzoek, voortvarend behandelen.
De IND moet een belangenafweging maken over de voortzetting van de vrijheidsontnemende maatregel van de vreemdeling, als de IND het onderzoek niet binnen zes weken na de start van de gesloten verlengde asielprocedure, heeft afgerond. De IND heft de maatregel, die op grond van artikel 6 Vw is opgelegd, op als de termijn van het onderzoek van zes weken is verstreken. Uitzondering hierop is de situatie dat de IND niet binnen de termijn van zes weken een beoordeling kan geven op de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd door toerekenbare gedragingen van de vreemdeling.
De IND moet een belangenafweging maken over de voortzetting van de vrijheidsontnemende maatregel van de vreemdeling, als de IND het onderzoek niet binnen zes weken na de start van de gesloten verlengde asielprocedure, heeft afgerond. De IND heft de maatregel, die op grond van artikel 6 Vw is opgelegd, op als de termijn van het onderzoek van zes weken is verstreken, tenzij de IND niet binnen de termijn van zes weken een beoordeling kan geven op de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd door redenen gelegen in de persoon van de vreemdeling of zijn toerekenbare gedragingen. In dat geval kan de IND besluiten de vrijheidsontnemende maatregel voort te zetten.
De IND verstrekt na afloop van de algemene asielprocedure een W-document aan de vreemdeling, van wie de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd wordt behandeld in de verlengde asielprocedure.