diff --git a/wet/wet-ter-voorkoming-van-witwassen-en-financieren-van-terrorisme/BWBR0024282/README.md b/wet/wet-ter-voorkoming-van-witwassen-en-financieren-van-terrorisme/BWBR0024282/README.md index a1707722cdd..4f7efe78e5f 100644 --- a/wet/wet-ter-voorkoming-van-witwassen-en-financieren-van-terrorisme/BWBR0024282/README.md +++ b/wet/wet-ter-voorkoming-van-witwassen-en-financieren-van-terrorisme/BWBR0024282/README.md @@ -20,8 +20,8 @@ In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. *instelling:* -1°. bank als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht die ingevolge artikel 1:107, tweede lid, onderdeel a, onder 1° tot en met 4° van die wet geregistreerd is; -2°. financiële instelling als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht; +1°. bank als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht, niet zijnde een natuurlijke persoon, rechtspersoon of vennootschap waarvoor op grond van artikel 2:11, tweede lid, of artikel 2:16, vierde lid, van die wet geen vergunning tot uitoefening van het bedrijf van bank vereist is; +2°. degene die, geen bank zijnde, in hoofdzaak zijn bedrijf maakt van het verrichten van een of meer van de werkzaamheden die zijn opgenomen onder punt 2, 3, 5, 6, 9, 10 en 12 van Bijlage I van Richtlijn 2006/48/EG van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2006 betreffende de toegang tot en de uitoefening van de werkzaamheden van kredietinstellingen (herschikking) (PbEU 2006, L 177); 3°. onderneming, niet zijnde een bank of financiële instelling, die werkzaamheden verricht die zijn opgenomen onder punt 14 van Bijlage I van richtlijn nr. 2006/48/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 14 juni 2006 betreffende de toegang tot en de uitoefening van de werkzaamheden van kredietinstellingen (herschikking) (PbEU L 177); 4°. wisselinstelling als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht, voor zover deze wisseltransacties verricht als bedoeld in de onderdelen a en c van de definitie van het begrip wisseltransactie in dat artikel; 5°. levensverzekeraar als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht met uitzondering van een levensverzekeraar die uitsluitend het bedrijf van natura-uitvaartverzekeraar als bedoeld in dat artikel uitoefent; @@ -37,7 +37,7 @@ a. het aan- of verkopen van registergoederen; b. het beheren van geld, effecten, munten, muntbiljetten, edele metalen, edelstenen of andere waarden; c. het oprichten of beheren van vennootschappen, rechtspersonen of soortgelijke lichamen als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen; d. het geheel of gedeeltelijk aan- of verkopen dan wel overnemen van een onderneming voor zover daardoor een persoon die niet als uiteindelijk belanghebbende van die onderneming kwalificeerde, uiteindelijk belanghebbende van die onderneming wordt; -e. werkzaamheden op fiscaal gebied die vergelijkbaar zijn met de werkzaamheden van de onder 11° beschreven beroepsgroepen; +e. werkzaamheden op fiscaal gebied die vergelijkbaar zijn met de werkzaamheden van de onder 23° beschreven beroepsgroepen; f. het vestigen van een recht van hypotheek op een registergoed; 13°. natuurlijke persoon, rechtspersoon of vennootschap die als advocaat, notaris, toegevoegd notaris of kandidaat-notaris dan wel in de uitoefening van een gelijksoortig juridisch beroep optreedt in naam en voor rekening van een cliënt bij enigerlei financiële transactie of onroerende zaaktransactie; 14°. tussenpersoon als bedoeld in artikel 62 van het Wetboek van Koophandel, voor zover deze bemiddelt bij het tot stand brengen en het sluiten van overeenkomsten inzake onroerende zaken en rechten waaraan onroerende zaken zijn onderworpen; @@ -51,6 +51,7 @@ f. het vestigen van een recht van hypotheek op een registergoed; 22°. elektronischgeldinstelling als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht voor zover deze andere transacties verricht dan bedoeld in artikel 1:5a, tweede lid, onderdeel k, van die wet; 23°. natuurlijke persoon, rechtspersoon of vennootschap die als belastingadviseur zelfstandig onafhankelijk beroepsactiviteiten uitoefent, dan wel een natuurlijke persoon, rechtspersoon of vennootschap, voor zover die anderszins zelfstandig onafhankelijk daarmee vergelijkbare activiteiten beroeps- of bedrijfsmatig verricht; 24°. natuurlijke persoon of rechtspersoon die in de uitoefening van beroep of bedrijf taxaties uitvoert van onroerende zaken en rechten waaraan onroerende zaken zijn onderworpen; +25°. icbe als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet op het financieel toezicht; b. *cliënt:* natuurlijke persoon of rechtspersoon met wie een zakelijke relatie wordt aangegaan of die een transactie laat uitvoeren; c. *identificeren:* opgave van de identiteit laten doen; d. *verifiëren van de identiteit:* vaststellen dat de opgegeven identiteit overeenkomt met de werkelijke identiteit; @@ -79,7 +80,7 @@ q. *Financiële inlichtingen eenheid:* de Financiële inlichtingen eenheid, bedo r. *bank:* een bank als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht; s. *platform voor de veiling van emissierechten:* Platform voor de veiling van emissierechten als bedoeld in hoofdstuk VII van Verordening (EU) nr. 1031/2010 van de Europese Commissie van 12 november 2010 inzake de tijdstippen, het beheer en andere aspecten van de veiling van broeikasgasemissierechten overeenkomstig Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap (PbEU L 302). -**2.** Deze wet is niet van toepassing op belastingadviseurs als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, onder 11°, en de personen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, onder 12° en 13°, voor zover zij voor een cliënt werkzaamheden verrichten betreffende de bepaling van diens rechtspositie, diens vertegenwoordiging en verdediging in rechte, het geven van advies voor, tijdens en na een rechtsgeding of het geven van advies over het instellen of vermijden van een rechtsgeding. +**2.** Deze wet is niet van toepassing op de personen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, onder 12° en 13°, en belastingadviseurs als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, onder 23°, voor zover zij voor een cliënt werkzaamheden verrichten betreffende de bepaling van diens rechtspositie, diens vertegenwoordiging en verdediging in rechte, het geven van advies voor, tijdens en na een rechtsgeding of het geven van advies over het instellen of vermijden van een rechtsgeding. **3.** In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt onder de begrippen «trust», «trustee» en «insteller» verstaan: hetgeen daaronder in het Verdrag inzake het recht dat toepasselijk is op trusts en inzake de erkenning van trusts (Trb. 1985, 141) wordt verstaan. @@ -156,7 +157,7 @@ g. indien zij in of vanuit Nederland een incidentele transactie verricht ten beh **6.** Een instelling kan het cliëntenonderzoek afstemmen op de risicogevoeligheid voor witwassen of financiering van terrorisme van het type cliënt, zakelijke relatie, product of transactie. -**7.** Het eerste tot en met zesde lid is niet van toepassing op trustkantoren als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, onder 10°, voor zover zij diensten verlenen als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Wet toezicht trustkantoren en op taxateurs als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, onder 24°. +**7.** Het eerste tot en met zesde lid en het achtste lid is niet van toepassing op trustkantoren als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, onder 10°, voor zover zij diensten verlenen als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Wet toezicht trustkantoren en op taxateurs als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, onder 24°. **8.** Een instelling neemt op risico gebaseerde en adequate maatregelen om ervoor te zorgen dat de gegevens die ingevolge het tweede, derde en vierde lid zijn verzameld over daar bedoelde personen, actueel gehouden worden. @@ -166,9 +167,11 @@ g. indien zij in of vanuit Nederland een incidentele transactie verricht ten beh **11.** In dit artikel wordt verstaan onder personenvennootschap: een maatschap als bedoeld in artikel 1655 van boek 7A van het Burgerlijk Wetboek, een vennootschap onder firma als bedoeld in artikel 16 van het Wetboek van Koophandel en een commanditaire vennootschap als bedoeld in artikel 19 van het Wetboek van Koophandel, alsmede een maatschap of vennootschap naar buitenlands recht die met deze rechtsvormen vergelijkbaar is. +**12.** Voor de toepassing van het tweede lid wordt, indien de in het eerste lid bedoelde verplichting rust op een tussenpersoon als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, onder 14°, onder cliënt mede verstaan: de wederpartij van de cliënt bij de door bemiddeling van de tussenpersoon tot stand gebrachte en gesloten overeenkomst inzake onroerende zaken en rechten waaraan onroerende zaken zijn onderworpen. + ### Artikel 4 -**1.** Een instelling voldoet aan artikel 3, tweede lid, onderdelen a en b, voordat de zakelijke relatie wordt aangegaan of een incidentele transactie als bedoeld in artikel 3, derde lid, onderdeel b, wordt uitgevoerd. +**1.** Een instelling voldoet aan artikel 3, tweede lid, onderdelen a en b, voordat de zakelijke relatie wordt aangegaan of een incidentele transactie als bedoeld in artikel 3, vijfde lid, onderdeel b, wordt uitgevoerd. **2.** In afwijking van het eerste lid is het een instelling toegestaan de identiteit van de cliënt en, indien van toepassing, de identiteit van de uiteindelijk belanghebbende te verifiëren tijdens het aangaan van de zakelijke relatie, indien dit noodzakelijk is om de dienstverlening niet te verstoren en indien er weinig risico op witwassen of financieren van terrorisme bestaat. In dat geval verifieert de instelling de identiteit zo spoedig mogelijk na het eerste contact met de cliënt. @@ -187,9 +190,9 @@ Onverminderd artikel 4 is het een instelling verboden een zakelijke relatie aan a. zij zelf ten aanzien van die cliënt onderzoek heeft verricht conform artikel 3, of ten aanzien van die cliënt onderzoek is verricht conform artikel 3 of op daarmee overeenkomende wijze door: 1°. een instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 11° tot en met 13° of 23°, met zetel in Nederland of een andere lidstaat; -2°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, onder 10°, met zetel in Nederland; +2°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, onder 10°, waaraan een vergunning als bedoeld in artikel 2, eerste of tweede lid, van de Wet toezicht trustkantoren is verleend; 3°. een instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 1° tot en met 3°, 5° tot en met 8°, 18° tot en met 20° of 22°, of een bijkantoor daarvan met zetel onderscheidenlijk vestigingsplaats in Nederland of een andere lidstaat; -4°. een instelling als bedoeld onder 2°, met zetel in een door Onze Minister van Financiën aangewezen staat die geen lidstaat is, in welke staat wettelijke voorschriften van toepassing zijn die gelijkwaardig zijn aan het bepaalde in de artikel 3, tweede, derde, vierde, vijfde en achtste lid, en artikel 8, eerste lid, en artikel 9 en er toezicht wordt uitgeoefend op de naleving van die voorschriften, of een bijkantoor van de instelling in Nederland; +4°. een instelling als bedoeld onder 1° of 3°, met zetel in een door Onze Minister van Financiën aangewezen staat die geen lidstaat is, in welke staat wettelijke voorschriften van toepassing zijn die gelijkwaardig zijn aan het bepaalde in de artikel 3, tweede, derde, vierde, vijfde en achtste lid, en artikel 8, eerste lid, en artikel 9 en er toezicht wordt uitgeoefend op de naleving van die voorschriften, of een bijkantoor van de instelling in Nederland; b. dit onderzoek heeft geleid tot het in artikel 3, tweede lid, aanhef en onderdelen a, b, c, e, f en g, derde lid, aanhef en onderdelen a, b, c en e, en vierde lid, aanhef, onderdelen a, b, c, d, f en g bedoelde resultaat; en c. de instelling beschikt over alle identificatie- en verificatiegegevens en overige gegevens inzake de identiteit van de in artikel 3, tweede, derde en vierde lid, bedoelde personen. @@ -230,7 +233,7 @@ g. instanties: **1.** -Artikel 3, eerste lid, derde lid, aanhef en onderdelen a, b en d, en vierde lid, alsmede artikel 4, eerste lid, zijn niet van toepassing voor zover het betreft zakelijke relaties of transacties met betrekking tot: +Artikel 3, eerste lid, vijfde lid, aanhef en onderdelen a, b en d, en zesde lid, alsmede artikel 4, eerste lid, zijn niet van toepassing voor zover het betreft zakelijke relaties of transacties met betrekking tot: a. levensverzekeringsovereenkomsten als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht, waarvan het bedrag van de jaarlijks te betalen premie € 1 000 of minder bedraagt of waarvan het bedrag van de eenmalige premie € 2 500 of minder bedraagt; b. producten met betrekking tot een pensioen als bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet; @@ -464,7 +467,9 @@ Indien een buitenlandse toezichthoudende instantie aan de toezichthouder die de a. indien het beoogde gebruik niet in strijd is met het tweede of derde lid of voorzover die toezichthoudende instantie op een andere wijze dan in deze wet voorzien vanuit Nederland met inachtneming van de daarvoor geldende wettelijke procedures voor dat andere doel de beschikking over die gegevens of inlichtingen zou kunnen verkrijgen; en b. na overleg met Onze Minister van Veiligheid en Justitie indien het in de aanhef bedoelde verzoek betrekking heeft op een onderzoek naar strafbare feiten. -**5.** In dit artikel wordt verstaan onder toezichthouder: Onze Minister van Financiën of een persoon aan wie Onze Minister van Financiën bevoegdheden heeft overgedragen op grond van artikel 31, alsmede de toezichthouder, bedoeld in artikel 1 van de Wet toezicht trustkantoren. +**5.** Het eerste lid laat ten aanzien van degene op wie het eerste lid van toepassing is onverlet de toepasselijkheid van de bepalingen van het Wetboek van Strafvordering. + +**6.** In dit artikel wordt verstaan onder toezichthouder: Onze Minister van Financiën of een persoon aan wie Onze Minister van Financiën bevoegdheden heeft overgedragen op grond van artikel 31, alsmede de toezichthouder, bedoeld in artikel 1 van de Wet toezicht trustkantoren. ### Artikel 23 @@ -481,14 +486,14 @@ d. overleg over de naleving van artikel 16 met betrekking tot een transactie. **3.** Een ieder die kennis neemt van gegevens waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat ter zake op een instelling de geheimhoudingsplicht, bedoeld in het eerste of tweede lid, rust, is verplicht tot geheimhouding hiervan, behoudens voor zover uit deze wet de noodzaak tot bekendmaking voortvloeit. -**4.** De in het eerste en derde lid bedoelde geheimhoudingsplicht is niet van toepassing op een mededeling gedaan door een instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 11°, 12° en 13°, aan een cliënt met als doel deze te doen afzien van een onwettige handeling. +**4.** De in het eerste en derde lid bedoelde geheimhoudingsplicht is niet van toepassing op een mededeling gedaan door een instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 11°, 12°, 13° en 23°, aan een cliënt met als doel deze te doen afzien van een onwettige handeling. **5.** Het eerste lid is niet van toepassing op mededelingen: 1°. van een instelling aan een andere instelling die behoort tot dezelfde groep en is gevestigd in een lidstaat of een derde land; -2°. tussen instellingen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 11° tot en met 13°, gevestigd in een lidstaat of een derde land, die hun werkzaamheden, al dan niet als werknemer, uitoefenen binnen eenzelfde rechtspersoon of netwerk; +2°. tussen instellingen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 11°, 12°, 13° en 23°, gevestigd in een lidstaat of een derde land, die hun werkzaamheden, al dan niet als werknemer, uitoefenen binnen eenzelfde rechtspersoon of netwerk; 3°. van een instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 1 tot en met 3, 5 tot en met 9, 11° tot en met 13°, aan een instelling behorende tot dezelfde categorie, voor zover: a. de mededeling betrekking heeft op een cliënt van beide instellingen en een transactie waarbij beide instellingen betrokken zijn; @@ -527,13 +532,13 @@ Indien de personen die met wettelijk toezicht op instellingen zijn belast bij de ### Artikel 26 -**1.** Onze Minister van Financiën kan een last onder dwangsom opleggen ter zake van overtreding van de artikelen 2, 3, eerste tot en met derde en zevende lid, 4, eerste lid, tweede lid, tweede volzin, derde lid, tweede volzin, en vierde lid, 5, eerste en derde lid, 6, tweede lid, 7, tweede lid, 8, 10, tweede lid, 11, 16, 17, tweede lid, 23 eerste en tweede lid, 33, 34 en 35 van deze wet, artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht, het bepaalde in Verordening (EG) nr. 2006/1781 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 15 november 2006 betreffende bij geldovermakingen te voegen informatie over de betaler (PbEU L 345) en het bepaalde in Verordening (EU) nr. 1031/2010 van de Europese Commissie van 12 november 2010 inzake de tijdstippen, het beheer en andere aspecten van de veiling van broeikasgasemissierechten overeenkomstig Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap (PbEU L 302). +**1.** Onze Minister van Financiën kan een last onder dwangsom opleggen ter zake van overtreding van de artikelen 2, 2a, eerste en tweede lid, 3, eerste tot en met vijfde, zevende en achtste lid, 4, eerste lid, tweede lid, tweede volzin, derde lid, tweede volzin, en vierde lid, 5, eerste, tweede en vierde lid, 6, tweede lid, 7, tweede lid, 8, eerste tot en met vijfde lid, 9, eerste lid, 10, tweede lid, 11, 16, eerste tot en met vierde lid, 17, tweede lid, 23, eerste tot en met derde lid, 32, 33, 34, en 35 en 38, eerste, tweede en vierde lid, van deze wet, artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht, het bepaalde in Verordening (EG) nr. 2006/1781 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 15 november 2006 betreffende bij geldovermakingen te voegen informatie over de betaler (PbEU L 345) en het bepaalde in Verordening (EU) nr. 1031/2010 van de Europese Commissie van 12 november 2010 inzake de tijdstippen, het beheer en andere aspecten van de veiling van broeikasgasemissierechten overeenkomstig Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap (PbEU L 302), alsmede ter zake van het geen gevolg geven dan wel niet tijdig of onvolledig gevolg geven aan een krachtens artikel 32 gegeven aanwijzing. **2.** Het eerste lid is niet van toepassing ten aanzien van degene die, in geval van bezwaren tegen diens handelen of nalaten in de beroepsuitoefening, onderworpen is aan bij wet geregelde tuchtrechtspraak. ### Artikel 27 -**1.** Onze Minister van Financiën kan een bestuurlijke boete opleggen ter zake van overtreding van de artikelen 2, 3, eerste tot en met derde en zevende lid, 4, eerste lid, tweede lid, tweede volzin, derde lid, tweede volzin, en vierde lid, 5, eerste en derde lid, 6, tweede lid, 7, tweede lid, 8, 10, tweede lid, 11, 16, eerste en tweede lid, 17, tweede lid, 23, eerste en tweede lid, 33, 34, en 35 van deze wet, artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht, het bepaalde in Verordening (EG) nr. 2006/1781 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 15 november 2006 betreffende bij geldovermakingen te voegen informatie over de betaler (PbEU L 345) en het bepaalde in Verordening (EU) nr. 1031/2010 van de Europese Commissie van 12 november 2010 inzake de tijdstippen, het beheer en andere aspecten van de veiling van broeikasgasemissierechten overeenkomstig Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap (PbEU L 302). +**1.** Onze Minister van Financiën kan een bestuurlijke boete opleggen ter zake van overtreding van de artikelen 2, 2a, eerste en tweede lid, 3, eerste tot en met vijfde, zevende en achtste lid, 4, eerste lid, tweede lid, tweede volzin, derde lid, tweede volzin, en vierde lid, 5, eerste, tweede en vierde lid, 6, tweede lid, 7, tweede lid, 8, eerste tot en met vijfde lid, 9, eerste lid, 10, tweede lid, 11, 16, eerste tot en met vierde lid, 17, tweede lid, 23, eerste tot en met derde lid, 32, 33, 34, en 35 en 38, eerste, tweede en vierde lid, van deze wet, artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht, het bepaalde in Verordening (EG) nr. 2006/1781 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 15 november 2006 betreffende bij geldovermakingen te voegen informatie over de betaler (PbEU L 345) en het bepaalde in Verordening (EU) nr. 1031/2010 van de Europese Commissie van 12 november 2010 inzake de tijdstippen, het beheer en andere aspecten van de veiling van broeikasgasemissierechten overeenkomstig Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap (PbEU L 302), alsmede ter zake van het geen gevolg geven dan wel niet tijdig of onvolledig gevolg geven aan een krachtens artikel 32 gegeven aanwijzing. **2.** Het eerste lid is niet van toepassing ten aanzien van degene die, in geval van bezwaren tegen diens handelen of nalaten in de beroepsuitoefening, onderworpen is aan bij wet geregelde tuchtrechtspraak. @@ -599,10 +604,7 @@ Vervallen ### Artikel 32 -Indien een instelling niet voldoet aan haar verplichtingen ingevolge artikel 16 of 17, tweede lid, kan de op grond van artikel 24, eerste lid, aangewezen persoon door middel van het geven van een aanwijzing de instelling verplichten binnen een door de op grond van artikel 24, eerste lid, aangewezen persoon gestelde termijn een bepaalde gedragslijn te volgen aangaande: - -a. de ontwikkeling van interne procedures en controles ter voorkoming van witwassen en het financieren van terrorisme; en -b. de opleiding van werknemers als bedoeld in artikel 35. +Indien een instelling niet voldoet aan haar verplichtingen op grond van de artikelen 2, 2a, eerste en tweede lid, 3, eerste tot en met vijfde, zevende en achtste lid, 4, eerste lid, tweede lid, tweede volzin, derde lid, tweede volzin, en vierde lid, 5, eerste, tweede en vierde lid, 6, tweede lid, 7, tweede lid, 8, eerste tot en met vijfde lid, 9, eerste lid, 10, tweede lid, 11, 16, eerste tot en met vierde lid, 17, tweede lid, 23, eerste tot en met derde lid, 32, 33, 34, 35 en 38, eerste, tweede en vierde lid, van deze wet, artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht, het bepaalde in Verordening (EG) nr. 2006/1781 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 15 november 2006 betreffende bij geldovermakingen te voegen informatie over de betaler (PbEU 2010, L 345) en het bepaalde in Verordening (EU) nr. 1031/2010 van de Europese Commissie van 12 november 2010 inzake de tijdstippen, het beheer en andere aspecten van de veiling van broeikasgasemissierechten overeenkomstig Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap (PbEU 2010, L 302), kan de op grond van artikel 24, eerste lid, aangewezen persoon door middel van het geven van een aanwijzing de instelling verplichten binnen een door de op grond van artikel 24, eerste lid, aangewezen persoon gestelde termijn een bepaalde gedragslijn te volgen. ## Hoofdstuk 5. Bepalingen met betrekking tot het bewaren van bewijsstukken en training @@ -621,7 +623,7 @@ a. van natuurlijke personen: 3°. de aard van de dienstverlening; b. van naar Nederlands recht opgerichte rechtspersonen: -1°. de rechtsvorm, de statutaire naam, de handelsnaam, het adres met huisnummer, de postcode, de plaats van vestiging, het land van statutaire zetel en, indien de rechtspersoon bij een Kamer van Koophandel en Fabrieken is geregistreerd, het registratienummer bij de Kamer van Koophandel en Fabrieken en de plaats van vestiging van de Kamer van Koophandel en Fabrieken die het desbetreffende handelsregister houdt en de wijze waarop de identiteit is geverifieerd; +1°. de rechtsvorm, de statutaire naam, de handelsnaam, het adres met huisnummer, de postcode, de plaats van vestiging, het land van statutaire zetel en, indien de rechtspersoon bij de Kamer van Koophandel is geregistreerd, het registratienummer bij de Kamer van Koophandel en de wijze waarop de identiteit is geverifieerd; 2°. van degenen die voor de rechtspersoon bij de instelling optreden: de geslachtsnaam, de voornamen en de geboortedatum; 3°. de aard van de dienstverlening; c. van buitenlandse rechtspersonen: