From d10568d2bb78b9fe1ee54b436c5f3e7f76d7c275 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Thu, 1 Jan 2009 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] =?UTF-8?q?2009-01-01=20|=20BWBR0020414=20|=20Besluit=20bi?= =?UTF-8?q?jzondere=20prudenti=C3=ABle=20maatregelen,=20beleggerscompensat?= =?UTF-8?q?ie=20en=20depositogarantie=20Wft?= MIME-Version: 1.0 Content-Type: text/plain; charset=UTF-8 Content-Transfer-Encoding: 8bit --- .../BWBR0020414/README.md | 66 ++++++++++--------- 1 file changed, 34 insertions(+), 32 deletions(-) diff --git a/amvb/besluit-bijzondere-prudentiële-maatregelen-beleggerscompensatie-en-depositogaran/BWBR0020414/README.md b/amvb/besluit-bijzondere-prudentiële-maatregelen-beleggerscompensatie-en-depositogaran/BWBR0020414/README.md index b2ab706a170..056a6d7226a 100644 --- a/amvb/besluit-bijzondere-prudentiële-maatregelen-beleggerscompensatie-en-depositogaran/BWBR0020414/README.md +++ b/amvb/besluit-bijzondere-prudentiële-maatregelen-beleggerscompensatie-en-depositogaran/BWBR0020414/README.md @@ -134,7 +134,7 @@ c. derden ten behoeve van wie een persoon als bedoeld in onderdeel a of b, niet Voor voldoening ingevolge het beleggerscompensatiestelsel komen in aanmerking vorderingen die voortvloeien uit het onvermogen van de betalingsonmachtige financiële onderneming om overeenkomstig de wettelijke en contractuele voorwaarden: -a. geld terug te betalen dat zij aan personen als bedoeld in artikel 9 verschuldigd is of door haar voor hen wordt gehouden in verband met het verlenen van beleggingsdiensten; of +a. geld terug te betalen dat zij aan personen als bedoeld in artikel 9 verschuldigd is en voor hen wordt gehouden in verband met het verlenen van beleggingsdiensten; of b. financiële instrumenten terug te geven die door haar voor personen als bedoeld in artikel 9 worden gehouden, geadministreerd of beheerd in verband met het verlenen van beleggingsdiensten. **2.** Vorderingen van derden als bedoeld in artikel 9, onderdeel c, komen slechts voor voldoening in aanmerking indien de identiteit van de derde is of kan worden vastgesteld voordat de Nederlandsche Bank heeft geconstateerd dat de financiële onderneming als bedoeld in artikel 8, eerste lid, betalingsonmachtig is als bedoeld in artikel 3:260, tweede lid, van de wet. @@ -153,13 +153,15 @@ b. financiële instrumenten terug te geven die door haar voor personen als bedoe **6.** De Nederlandsche Bank kan maandelijks de verschuldigde bijdragen van de banken met betrekking tot de op dat moment ingevolge artikel 27, tweede lid, betaalde vergoeding, bij de banken in rekening brengen. -**7.** De Nederlandsche Bank kan bepalen dat bijdragen beneden een door haar, na overleg met representatieve vertegenwoordigingen vast te stellen bedrag, niet behoeven te worden voldaan. Het totaalbedrag van deze bijdragen wordt over de banken die niet onder deze grens komen, omgeslagen volgens het omslagpercentage, bedoeld in artikel 12. +**7.** De Nederlandsche Bank kan bepalen dat bijdragen beneden een door haar, na overleg met representatieve vertegenwoordigingen vast te stellen bedrag, niet behoeven te worden voldaan. ### Artikel 12 **1.** De Nederlandsche Bank stelt, ambtshalve of op verzoek van representatieve vertegenwoordigingen en na overleg met deze vertegenwoordigingen, het voor elke bank geldende omslagpercentage vast aan de hand van de door deze bank aan de Nederlandsche Bank overgelegde geconsolideerde balans voorafgaand aan het tijdstip waarop betalingsonmacht als bedoeld in artikel 2:295, tweede lid, van de wet door de Nederlandsche Bank is geconstateerd. Na overleg met representatieve vertegenwoordigingen bepaalt de Nederlandsche Bank nader welke bedrijfseconomische balansen gebruikt worden en welke posten uit deze balansen voor deze berekening in aanmerking worden genomen. Daarbij wordt het totaalbedrag van deze posten van elke bank gedeeld door het totaalbedrag van deze posten van alle banken gezamenlijk en het verkregen getal vermenigvuldigd met 100 procent. Hierbij worden de posten van de betalingsonmachtige bank niet meegeteld. -**2.** De Nederlandsche Bank kan een voorlopige bijdrage vaststellen. Daarvan wordt 70 procent bij wijze van voorschot aan de Nederlandsche Bank betaald. Betaalde voorschotten worden met de definitieve bijdragen verrekend. Artikel 3:262, tweede volzin, van de wet is van overeenkomstige toepassing. +**2.** Indien de Nederlandsche Bank ingevolge artikel 11, zevende lid, heeft bepaald dat bijdragen beneden een door haar vast te stellen bedrag niet behoeven te worden voldaan, stelt zij vast, op basis van het omslagpercentage, bedoeld in het eerste lid, welke banken op grond van artikel 11, zevende lid, geen bijdrage behoeven te voldoen. Indien de Nederlandsche Bank vaststelt dat een of meer banken geen bijdrage behoeven te voldoen, en stelt zij een nieuw omslagpercentage vast, dat het omslagpercentage, bedoeld in het eerste lid, vervangt. Hiervoor herhaalt de Nederlandsche Bank de berekening, bedoeld in het eerste lid, met dien verstande dat de gegevens van de betalingsonmachtige bank en van de banken die op grond van artikel 11, zevende lid, geen bijdrage behoeven te voldoen, niet worden meegeteld. + +**3.** De Nederlandsche Bank kan een voorlopige bijdrage vaststellen. Daarvan wordt 70 procent bij wijze van voorschot aan de Nederlandsche Bank betaald. Betaalde voorschotten worden met de definitieve bijdragen verrekend. Artikel 3:262, tweede volzin, van de wet is van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 13 @@ -168,11 +170,11 @@ b. financiële instrumenten terug te geven die door haar voor personen als bedoe Het bedrag dat ingevolge het beleggerscompensatiestelsel wordt uitgekeerd als gevolg van betalingsonmacht van een financiële onderneming die geen bank is, wordt als volgt aan de Nederlandsche Bank vergoed: a. ten laste van het compensatiefonds, bedoeld in artikel 16, eerste lid, tot een bedrag dat gelijk is aan de in het fonds aanwezige middelen; -b. door de financiële ondernemingen, bedoeld in artikel 8, die geen bank zijn: het meerdere, met inachtneming van artikel 14, tot een maximum van € 11,3 miljoen. +b. door de financiële ondernemingen, bedoeld in artikel 8, die geen bank zijn: het meerdere, met inachtneming van artikel 14, tot een maximum van € 11,3 miljoen. -**2.** Het na de toepassing van het eerste lid, onderdelen a en b, eventueel resterende bedrag wordt met inachtneming van artikel 15 vergoed door de financiële ondernemingen, bedoeld in artikel 8, eerste lid. +**2.** Het na de toepassing van het eerste lid, eventueel resterende bedrag wordt met inachtneming van artikel 15 vergoed door de financiële ondernemingen, bedoeld in artikel 8, eerste lid. -**3.** De bijdrageverplichtingen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en c, ontstaan op het tijdstip waarop de Nederlandsche Bank de betalingsonmacht van de financiële onderneming constateert als bedoeld in artikel 3:260, tweede lid, van de wet. Financiële ondernemingen die na dat tijdstip niet langer voldoen aan de in artikel 8 genoemde criteria, blijven de bijdrage verschuldigd. +**3.** De bijdrageverplichtingen, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel b, en het tweede lid, ontstaan op het tijdstip waarop de Nederlandsche Bank de betalingsonmacht van de financiële onderneming constateert als bedoeld in artikel 3:260, tweede lid, van de wet. Financiële ondernemingen die na dat tijdstip niet langer voldoen aan de in artikel 8 genoemde criteria, blijven de bijdrage verschuldigd. **4.** De Nederlandsche Bank kan op verzoek van een groep financiële ondernemingen die geen bank zijn, na overleg met representatieve vertegenwoordigingen, bepalen dat een tot deze groep behorende financiële onderneming die in het verzoek dient te worden aangewezen, alle door de tot deze groep behorende financiële ondernemingen in totaal verschuldigde bijdragen betaalt. De Nederlandsche Bank voldoet in elk geval aan het verzoek indien de tot de groep behorende financiële ondernemingen zijn geconsolideerd in de balans van de aangewezen financiële onderneming. @@ -180,7 +182,7 @@ b. door de financiële ondernemingen, bedoeld in artikel 8, die geen bank zijn: **6.** De Nederlandsche Bank kan maandelijks de verschuldigde bijdragen met betrekking tot de op dat moment ingevolge artikel 27, tweede lid, betaalde vergoeding in rekening brengen. -**7.** De Nederlandsche Bank kan bepalen dat bijdragen beneden een door haar, in overleg met representatieve vertegenwoordigingen, vast te stellen bedrag, niet behoeven te worden voldaan. Het totaalbedrag van deze bijdragen wordt over de financiële ondernemingen die geen bank zijn, omgeslagen volgens de omslagpercentages bedoeld in de artikelen 14 en 15. +**7.** De Nederlandsche Bank kan bepalen dat bijdragen beneden een door haar, in overleg met representatieve vertegenwoordigingen, vast te stellen bedrag, niet behoeven te worden voldaan. ### Artikel 14 @@ -189,19 +191,23 @@ b. door de financiële ondernemingen, bedoeld in artikel 8, die geen bank zijn: De Nederlandsche Bank stelt, ambtshalve of op verzoek van representatieve vertegenwoordigingen, en na overleg met deze vertegenwoordigingen, het bedrag vast van de bijdrage van iedere financiële onderneming als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel b. Dat bedrag is gelijk aan de som van: a. een vast bedrag dat gelijk is voor alle financiële ondernemingen; en -b. een variabel bedrag dat wordt verkregen door het omslagpercentage, bedoeld in het tweede lid, te vermenigvuldigen met het bedrag bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel b, en verminderd met de som van de onder a bedoelde vaste bedragen. +b. een variabel bedrag dat wordt verkregen door het omslagpercentage, bedoeld in het tweede lid of, indien van toepassing, het derde lid, te vermenigvuldigen met het bedrag bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel b, en verminderd met de som van de onder a bedoelde vaste bedragen. **2.** De Nederlandsche Bank stelt, ambtshalve of op verzoek van de representatieve vertegenwoordigingen, na overleg met deze vertegenwoordigingen, ten behoeve van de berekening van het in het eerste lid bedoelde bedrag een omslagpercentage vast aan de hand van de door de in dat lid bedoelde financiële ondernemingen aan de Nederlandsche Bank overgelegde gegevens over een door de Nederlandsche Bank nader vast te stellen periode betreffende het aantal personen wier vorderingen ingevolge artikel 9 voor voldoening in aanmerking komen. Daarbij wordt het aantal van deze personen per financiële onderneming gedeeld door het totale aantal van deze personen bij alle financiële ondernemingen als bedoeld in het eerste lid gezamenlijk en het verkregen getal vermenigvuldigd met 100 procent. Hierbij worden de gegevens van de betalingsonmachtige financiële ondernemingniet meegeteld. -**3.** De Nederlandsche Bank kan een voorlopige bijdrage vaststellen. Van de voorlopig vastgestelde bijdrage betalen financiële ondernemingen als bedoeld in het eerste lid 70 procent bij wijze van voorschot aan de Nederlandsche Bank. Betaalde voorschotten worden met de definitieve bijdragen verrekend. Financiële ondernemingen als bedoeld in het eerste lid voldoen de voorschotten binnen een door de Nederlandsche Bank vastgestelde termijn. +**3.** Indien de Nederlandsche Bank ingevolge artikel 13, zevende lid, heeft bepaald dat bijdragen beneden een door haar vast te stellen bedrag niet behoeven te worden voldaan, stelt de Nederlandsche Bank vast, op basis van het omslagpercentage, bedoeld in het tweede lid, welke financiële ondernemingen op grond van artikel 13, zevende lid, geen bijdrage behoeven te voldoen. Indien de Nederlandsche Bank vaststelt dat een of meer financiële ondernemingen geen bijdrage behoeven te voldoen, stelt de Nederlandsche Bank een nieuw omslagpercentage vast, dat het omslagpercentage, bedoeld in het tweede lid, vervangt. Hiervoor herhaalt de Nederlandsche Bank de berekening, bedoeld in het tweede lid, met dien verstande dat de gegevens van de betalingsonmachtige financiële onderneming en van de financiële ondernemingen die op grond van artikel 13, zevende lid, geen bijdrage behoeven te voldoen, niet worden meegeteld. + +**4.** De Nederlandsche Bank kan een voorlopige bijdrage vaststellen. Van de voorlopig vastgestelde bijdrage betalen financiële ondernemingen als bedoeld in het eerste lid 70 procent bij wijze van voorschot aan de Nederlandsche Bank. Betaalde voorschotten worden met de definitieve bijdragen verrekend. Financiële ondernemingen als bedoeld in het eerste lid voldoen de voorschotten binnen een door de Nederlandsche Bank vastgestelde termijn. ### Artikel 15 -**1.** De Nederlandsche Bank stelt, ambtshalve of op verzoek van representatieve vertegenwoordigingen, na overleg met deze vertegenwoordigingen, het bedrag vast van de bijdrage van iedere in artikel 13, eerste lid, onderdeel c, bedoelde financiële onderneming. Dat bedrag wordt verkregen door het omslagpercentage, bedoeld in het tweede lid te vermenigvuldigen met het bedrag, bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel c. +**1.** De Nederlandsche Bank stelt, ambtshalve of op verzoek van representatieve vertegenwoordigingen, na overleg met deze vertegenwoordigingen, het bedrag vast van de bijdrage van iedere in artikel 13, tweede lid, bedoelde financiële onderneming. Dat bedrag wordt verkregen door het omslagpercentage, bedoeld in het tweede lid of, indien van toepassing, het derde lid te vermenigvuldigen met het bedrag, bedoeld in artikel 13, tweede lid. **2.** De Nederlandsche Bank stelt, ambtshalve of op verzoek van representatieve vertegenwoordigingen, na overleg met deze vertegenwoordigingen, het voor iedere financiële onderneming, bedoeld in artikel 8, eerste lid, geldende omslagpercentage vast aan de hand van de door deze financiële onderneming aan de Nederlandsche Bank overgelegde geconsolideerde balans voorafgaand aan het tijdstip waarop betalingsonmacht als bedoeld in artikel 3:260, tweede lid, van de wet door de Nederlandsche Bank is geconstateerd. Na overleg met representatieve vertegenwoordigingen bepaalt de Nederlandsche Bank nader welke bedrijfseconomische balansen gebruikt worden en welke posten uit deze balansen voor deze berekening in aanmerking worden genomen. Daarbij wordt het totaalbedrag van deze posten van elke financiële onderneming gedeeld door het totaalbedrag van deze posten van alle financiële ondernemingen gezamenlijk en het verkregen getal vermenigvuldigd met 100 procent. Hierbij worden de gegevens van de betalingsonmachtige financiële onderneming, bedoeld in artikel 3:260, tweede lid, van de wet, niet meegeteld. -**3.** De Nederlandsche Bank kan een voorlopige bijdrage vaststellen. Van de voorlopig vastgestelde bijdrage betalen financiële ondernemingen als bedoeld in het eerste lid 70 procent bij wijze van voorschot aan de Nederlandsche Bank. Betaalde voorschotten worden met de definitieve bijdragen verrekend. Financiële ondernemingen als bedoeld in het eerste lid voldoen de voorschotten binnen een door de Nederlandsche Bank vastgestelde termijn. +**3.** Indien de Nederlandsche Bank ingevolge artikel 13, zevende lid, heeft bepaald dat bijdragen beneden een door haar vast te stellen bedrag niet behoeven te worden voldaan, stelt de Nederlandsche Bank vast, op basis van het omslagpercentage, bedoeld in het tweede lid, welke financiële ondernemingen op grond van artikel 13, zevende lid, geen bijdrage behoeven te voldoen. Indien de Nederlandsche Bank vaststelt dat een of meer financiële ondernemingen geen bijdrage behoeven te voldoen, stelt de Nederlandsche Bank een nieuw omslagpercentage vast, dat het omslagpercentage, bedoeld in het tweede lid, vervangt. Hiervoor herhaalt de Nederlandsche Bank de berekening, bedoeld in het tweede lid, met dien verstande dat de gegevens van de betalingsonmachtige financiële onderneming en van de financiële ondernemingen die op grond van artikel 13, zevende lid, geen bijdrage behoeven te voldoen, niet worden meegeteld. + +**4.** De Nederlandsche Bank kan een voorlopige bijdrage vaststellen. Van de voorlopig vastgestelde bijdrage betalen financiële ondernemingen als bedoeld in het eerste lid 70 procent bij wijze van voorschot aan de Nederlandsche Bank. Betaalde voorschotten worden met de definitieve bijdragen verrekend. Financiële ondernemingen als bedoeld in het eerste lid voldoen de voorschotten binnen een door de Nederlandsche Bank vastgestelde termijn. ### Artikel 16 @@ -211,9 +217,9 @@ b. een variabel bedrag dat wordt verkregen door het omslagpercentage, bedoeld in **3.** Wijziging van de statuten behoeft de goedkeuring van Onze Minister. Onze Minister kan goedkeuring weigeren in het belang van een goede uitvoering van het beleggerscompensatiestelsel of wegens onverenigbaarheid van de gewijzigde statuten met de wet of dit besluit. -**4.** Het compensatiefonds wordt gevormd door bijdragen van de financiële ondernemingen, bedoeld in artikel 8, eerste lid, die geen bank zijn en heeft een doelvermogen van € 11,3 miljoen. +**4.** Het compensatiefonds wordt gevormd door bijdragen van de financiële ondernemingen, bedoeld in artikel 8, eerste lid, die geen bank zijn en heeft een doelvermogen van € 11,3 miljoen. -**5.** De Nederlandsche Bank stelt periodiek, na overleg met representatieve vertegenwoordigingen, de omvang van de noodzakelijk geachte totale bijdrage aan het compensatiefonds vast. Indien het doelvermogen van het compensatiefonds niet is bereikt, bedraagt de omvang van de totale bijdrage aan het compensatiefonds jaarlijks ten minste € 750.000. Wanneer de Nederlandsche Bank, na overleg met representatieve vertegenwoordigingen, besluit tot een verhoging van de bijdrage, wordt deze verhoging ineens opgelegd of over een door haar te bepalen periode gespreid. De door de Nederlandsche Bank vastgestelde totale bijdrage wordt over de in het vierde lid bedoelde financiële ondernemingen omgeslagen. +**5.** De Nederlandsche Bank stelt periodiek, na overleg met representatieve vertegenwoordigingen, de omvang van de noodzakelijk geachte totale bijdrage aan het compensatiefonds vast. Indien het doelvermogen van het compensatiefonds niet is bereikt, bedraagt de omvang van de totale bijdrage aan het compensatiefonds jaarlijks ten minste € 750.000. Wanneer de Nederlandsche Bank, na overleg met representatieve vertegenwoordigingen, besluit tot een verhoging van de bijdrage, wordt deze verhoging ineens opgelegd of over een door haar te bepalen periode gespreid. De door de Nederlandsche Bank vastgestelde totale bijdrage wordt over de in het vierde lid bedoelde financiële ondernemingen omgeslagen. **6.** Onverminderd het hiervoor bepaalde, wordt bij het bepalen van de omvang van de totale bijdrage een voor alle in het vierde lid bedoelde financiële ondernemingen gelijke heffing vastgesteld, vermeerderd met een variabel bedrag dat voor de afzonderlijke financiële ondernemingen wordt berekend naar rato van het aantal personen wier vorderingen ingevolge artikel 9 voor voldoening in aanmerking komen per financiële onderneming. Artikel 14, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing. @@ -223,9 +229,9 @@ b. een variabel bedrag dat wordt verkregen door het omslagpercentage, bedoeld in ### Artikel 17 -**1.** Het in enig kalenderjaar door een bank ingevolge artikel 11, eerste lid en 13, eerste lid, onderdeel c, te betalen bedrag, vermeerderd met het op grond van paragraaf 6.2 te betalen bedrag, is niet groter dan vijf procent van haar eigen vermogen. Een eventueel excedent wordt door de Nederlandsche Bank renteloos voorgeschoten. +**1.** Het in enig kalenderjaar door een bank ingevolge artikel 11, eerste lid en 13, tweede lid, te betalen bedrag, vermeerderd met het op grond van paragraaf 6.2 te betalen bedrag, is niet groter dan vijf procent van haar eigen vermogen. Een eventueel excedent wordt door de Nederlandsche Bank renteloos voorgeschoten. -**2.** Het in enig kalenderjaar door een financiële onderneming die geen bank is, ingevolge artikel 13, eerste lid en artikel 16, vijfde lid, te betalen bedrag is niet groter dan drie procent van haar eigen vermogen. Een eventueel excedent wordt door de Nederlandsche Bank renteloos voorgeschoten. +**2.** Het in enig kalenderjaar door een financiële onderneming die geen bank is, ingevolge artikel 13, eerste en tweede lid en artikel 16, vijfde lid, te betalen bedrag is niet groter dan drie procent van haar eigen vermogen. Een eventueel excedent wordt door de Nederlandsche Bank renteloos voorgeschoten. **3.** Indien de solvabiliteits- of liquiditeitspositie van een bank, of de solvabiliteitspositie van een beleggingsonderneming daartoe aanleiding geeft, kan de Nederlandsche Bank voor die bank, onderscheidenlijk beleggingsonderneming, een lager percentage vaststellen. @@ -267,13 +273,15 @@ c. derden ten behoeve van wie een persoon als bedoeld in onderdeel a of b kracht **6.** De Nederlandsche Bank kan maandelijks de verschuldigde bijdragen van de banken met betrekking tot de op dat moment ingevolge artikel 27, tweede lid, betaalde vergoeding, bij de banken in rekening brengen. -**7.** De Nederlandsche Bank kan bepalen dat bijdragen beneden een door haar, na overleg met representatieve vertegenwoordigingen, vast te stellen bedrag, niet behoeven te worden voldaan. Het totaalbedrag van deze bijdragen wordt over de banken die niet onder deze grens komen omgeslagen volgens het omslagpercentage, bedoeld in artikel 22. +**7.** De Nederlandsche Bank kan bepalen dat bijdragen beneden een door haar, na overleg met representatieve vertegenwoordigingen, vast te stellen bedrag, niet behoeven te worden voldaan. ### Artikel 22 -**1.** De Nederlandsche Bank stelt, ambtshalve of op verzoek van representatieve vertegenwoordigingen, na overleg met deze vertegenwoordigingen het voor elke bank geldende omslagpercentage vast aan de hand van de door deze bank aan de Nederlandsche Bank overgelegde geconsolideerde bedrijfseconomische balans voorafgaand aan het tijdstip waarop betalingsonmacht als bedoeld in artikel 3:260, tweede lid, van de wet door de Nederlandsche Bank is geconstateerd. Na overleg met representatieve vertegenwoordigingen, bepaalt de Nederlandsche Bank nader welke bedrijfseconomische balansen gebruikt worden en welke posten uit deze balansen voor deze berekening in aanmerking worden genomen. Daarbij wordt het totaalbedrag van deze posten van elke bank gedeeld door het totaalbedrag van deze posten van alle banken gezamenlijk en het verkregen getal vermenigvuldigd met 100 procent. Hierbij worden de gegevens van de betalingsonmachtige bank niet meegeteld. +**1.** De Nederlandsche Bank stelt, ambtshalve of op verzoek van representatieve vertegenwoordigingen, na overleg met deze vertegenwoordigingen het voor elke bank geldende omslagpercentage vast aan de hand van de door elke bank aangehouden deposito’s voor zover zij voor voldoening ingevolge het depositogarantiestelsel in aanmerking zouden komen. In aanmerking worden genomen de deposito’s die worden aangehouden op de datum van de laatste door die bank aan de Nederlandsche Bank overgelegde balans voorafgaand aan het tijdstip waarop de Nederlandsche Bank tot de toepassing van het depositogarantiestelsel met betrekking tot de betalingsonmachtige bank heeft besloten. Na overleg met representatieve vertegenwoordigingen bepaalt de Nederlandsche Bank welke posten op deze overgelegde balans voor deze berekening in aanmerking worden genomen. Daarbij wordt het totaalbedrag van deze posten van elke bank gedeeld door het totaalbedrag van deze posten van alle banken gezamenlijk en het verkregen getal vermenigvuldigd met 100 procent. Hierbij worden de gegevens van de betalingsonmachtige bank niet meegeteld. -**2.** De Nederlandsche Bank kan een voorlopige bijdrage vaststellen. Daarvan dient 70 procent bij wijze van voorschot aan de Nederlandsche Bank te worden betaald. Betaalde voorschotten worden met de definitieve bijdragen verrekend. Artikel 3:262, tweede volzin, van de wet is van overeenkomstige toepassing. +**2.** Indien de Nederlandsche Bank ingevolge artikel 21, zevende lid, heeft bepaald dat bijdragen beneden een door haar vast te stellen bedrag niet behoeven te worden voldaan, stelt de Nederlandsche Bank bepaalt op basis van het omslagpercentage, bedoeld in het eerste lid, welke banken op grond van artikel 21, zevende lid, geen bijdrage behoeven te voldoen. Indien de Nederlandsche Bank vaststelt dat een of meer banken geen bijdrage behoeven te voldoen, stelt de Nederlandsche Bank een nieuw omslagpercentage vast, dat het omslagpercentage, bedoeld in het eerste lid, vervangt. Hiervoor herhaalt de Nederlandsche Bank de berekening, bedoeld in het eerste lid, met dien verstande dat de gegevens van de betalingsonmachtige bank en van de banken die op grond van artikel 21, zevende lid, geen bijdrage behoeven te voldoen, niet worden meegeteld. + +**3.** De Nederlandsche Bank kan een voorlopige bijdrage vaststellen. Daarvan dient 70 procent bij wijze van voorschot aan de Nederlandsche Bank te worden betaald. Betaalde voorschotten worden met de definitieve bijdragen verrekend. Artikel 3:262, tweede volzin, van de wet is van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 23 @@ -308,9 +316,9 @@ b. de personen, bedoeld in artikel 9 onderscheidenlijk artikel 19, binnen vijf m **2.** Vorderingen als bedoeld in artikel 10, eerste lid, onderdeel b, die door de Nederlandsche Bank zijn vastgesteld, worden voorzover mogelijk voldaan door het teruggeven van de in artikel 10, eerste lid, onderdeel b, genoemde financiële instrumenten. Indien dit niet mogelijk is, wordt de vordering in geld voldaan tot het in het vierde lid genoemde maximum. In het laatste geval wordt de waarde van de vordering, tenzij wettelijk of contractueel anders is bepaald, vastgesteld op de marktwaarde van de financiële instrumenten op het tijdstip waarop de Nederlandsche Bank de betalingsonmacht bij de financiële onderneming constateerde. -**3.** Bij het vaststellen van de waarde van de vastgestelde vorderingen verrekent de Nederlandsche Bank de vorderingen met mogelijke vorderingen van de betalingsonmachtige financiële onderneming op de aanvrager. +**3.** Bij het vaststellen van de waarde van een vastgestelde vordering houdt de Nederlandsche Bank rekening met mogelijke bevoegdheden om die vordering en andere vorderingen onderling op grond van de wet of overeenkomst te verrekenen. -**4.** Voor voldoening komen in aanmerkingen vorderingen tot maximaal € 20.000 per persoon als bedoeld in artikel 9 per betalingsonmachtige financiële onderneming en vorderingen tot maximaal € 40.000 per persoon als bedoeld in artikel 19 per betalingsonmachtige financiële onderneming, met dien verstande dat de vorderingen van personen als bedoeld in artikel 19 voor het gedeelte boven € 20.000 tot 90 procent worden voldaan. +**4.** Voor voldoening komen in aanmerking vorderingen tot maximaal € 20.000 per persoon als bedoeld in artikel 9 per betalingsonmachtige financiële onderneming en vorderingen tot maximaal € 40.000 per persoon als bedoeld in artikel 19 per betalingsonmachtige financiële onderneming, met dien verstande dat de vorderingen van personen als bedoeld in artikel 19 voor het gedeelte boven € 20.000 tot 90 procent worden voldaan. **5.** Tenzij contractueel is bepaald dat de personen, bedoeld in artikel 9, onderdeel b, of 19, onderdeel b, in een andere verhouding gerechtigd zijn tot de vorderingen, ontvangen zij ieder een vergoeding ter grootte van een evenredig deel van het totaal van de vastgestelde vorderingen met inachtneming van hetgeen in het tweede lid is bepaald. @@ -324,13 +332,7 @@ b. de personen, bedoeld in artikel 9 onderscheidenlijk artikel 19, binnen vijf m **2.** De betaling vindt plaats op een door de aanvrager aangewezen rekening bij een bank met zetel in een lidstaat of bij een in een lidstaat gelegen bijkantoor van een bank met zetel in een staat die geen lidstaat is. -**3.** - -De betaling vindt slechts plaats indien: - -a. de aanvrager heeft verklaard kennis te hebben genomen van de subrogatie ingevolge artikel 150, onderdeel d, van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek. -b. de Nederlandsche Bank door de aanvrager onvoorwaardelijk en onherroepelijk tot de hoogte van het uitbetaalde bedrag de rechten van de aanvrager jegens de betrokken betalingsonmachtige financiële onderneming krijgt overgedragen; en -c. de aanvrager tevens eventuele rechten tot teruggave of terugbetaling van financiële instrumenten jegens derden tot de hoogte van het uitbetaalde bedrag overdraagt aan de Nederlandsche Bank. +**3.** De betaling vindt slechts plaats indien de aanvrager eventuele rechten tot teruggave of terugbetaling van financiële instrumenten jegens derden tot de hoogte van het uitbetaalde bedrag overdraagt aan de Nederlandsche Bank. ### Artikel 28 @@ -338,7 +340,7 @@ Indien een aanvrager strafrechtelijk wordt vervolgd ter zake van een misdrijf da ### Artikel 29 -**1.** De Nederlandsche Bank verhaalt, voorzover mogelijk, de aan haar ingevolge artikel 27, vierde lid, onderdeel b, overgedragen vorderingen of de rechten waarin zij overeenkomstig artikel 150, aanhef en sub d, van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek is gesubrogeerd, op de betalingsonmachtige financiële onderneming. +**1.** De Nederlandsche Bank verhaalt, voorzover mogelijk, de aan haar ingevolge artikel 27, vierde lid, onderdeel b, overgedragen vorderingen of de rechten waarin zij overeenkomstig artikel 3:261, derde lid, van de wet is getreden, op de betalingsonmachtige financiële onderneming. **2.** De baten die door de Nederlandsche Bank worden ontvangen ingevolge het in het eerste lid bedoelde verhaal, worden door haar uitgekeerd aan de financiële ondernemingen die op grond van de artikelen 11, 13 of 21 een bijdrage hebben gedaan. Bij de uitkering zal het vastgestelde omslagpercentage worden gebruikt. @@ -346,9 +348,9 @@ Indien een aanvrager strafrechtelijk wordt vervolgd ter zake van een misdrijf da ### Artikel 30 -**1.** Onverminderd artikel 16 voorziet de Nederlandsche Bank gedurende de periode dat het doelvermogen van het compensatiefonds niet bereikt is, doch uiterlijk tot en met 31 december 2008, in een renteloos voorschot ten behoeve van uitkeringen die ten laste van het compensatiefonds komen op grond van artikel 13, eerste lid, onder a. +**1.** Onverminderd artikel 16 voorziet de Nederlandsche Bank gedurende de periode dat het doelvermogen van het compensatiefonds niet bereikt is, doch uiterlijk tot en met 31 december 2008, in een renteloos voorschot ten behoeve van uitkeringen die ten laste van het compensatiefonds komen op grond van artikel 13, eerste lid, onder a. -**2.** Het in het eerste lid bedoelde voorschot betreft een bedrag dat door de Nederlandsche Bank wordt vastgesteld en maximaal € 1 miljoen bedraagt. Dit voorschot wordt, voorafgaand aan een omslag als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel b, beschikbaar gesteld indien het compensatiefonds door een uitkering in de zin van artikel 13, eerste lid, onderdeel a, uitgeput is geraakt. +**2.** Het in het eerste lid bedoelde voorschot betreft een bedrag dat door de Nederlandsche Bank wordt vastgesteld en maximaal € 1 miljoen bedraagt. Dit voorschot wordt, voorafgaand aan een omslag als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel b, beschikbaar gesteld indien het compensatiefonds door een uitkering in de zin van artikel 13, eerste lid, onderdeel a, uitgeput is geraakt. **3.** Een uitgekeerd renteloos voorschot als bedoeld in het eerste lid wordt aan de Nederlandsche Bank terugbetaald door de financiële ondernemingen, bedoeld in artikel 16, vierde lid, na 1 januari 2009. De Nederlandsche Bank stelt, na overleg met representatieve vertegenwoordigingen, de modaliteiten omtrent de terugbetaling van dit renteloos voorschot vast, waarbij zij er voor zorgt dat de in artikel 17 beschreven maximumbijdrage per kalenderjaar voor een financiële onderneming als bedoeld in artikel 8 niet wordt overschreden. @@ -358,7 +360,7 @@ De Nederlandsche Bank stelt de toezichthoudende instanties die in andere lidstat ### Artikel 32 -Het koninklijk besluit van 17 december 1998 ter uitvoering van artikel 9, onder c, van de Bankwet 1998 (Stbl. 719) wordt ingetrokken. +Het koninklijk besluit van 17 december 1998 ter uitvoering van artikel 9, onder c, van de Bankwet 1998 (Stbl. 719) wordt ingetrokken. ### Artikel 33 @@ -368,6 +370,6 @@ De artikelen van dit besluit treden in werking op een bij koninklijk besluit te Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit bijzondere prudentiële maatregelen, beleggerscompensatie en depositogarantie Wft. -## Bijlage A. , behorende bij +## Bijlage A. behorende bij ## Bijlage B. , behorende bij