2024-01-01 | BWBR0048364 | Staffelbesluit pensioenen
This commit is contained in:
parent
72d89e9660
commit
d249875155
1 changed files with 27 additions and 5 deletions
|
|
@ -3,7 +3,7 @@ titel: Staffelbesluit pensioenen
|
|||
bwb_id: BWBR0048364
|
||||
type: beleidsregel
|
||||
status: geldend
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2023-07-07'
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2024-01-01'
|
||||
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0048364
|
||||
citeertitel: Staffelbesluit pensioenen
|
||||
---
|
||||
|
|
@ -26,9 +26,11 @@ Afgezien van enkele redactionele verbeteringen, zijn de volgende wijzigingen aan
|
|||
– Aan bijlage IV, voorwaarde e, en bijlage V, voorwaarde d, is toegevoegd dat de eventtoets achterwege kan blijven, wanneer opgebouwde pensioenaanspraken worden omgezet in aanspraken ingevolge een premieovereenkomst als bedoeld in artikel 10 van de Pensioenwet of artikel 28 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling bedoeld in artikel 38b, tweede lid, van de Wet op de loonbelasting 1964.
|
||||
– De premiestaffels in de bijlagen I en IV en de nettopremiestaffels in bijlage VII zijn berekend op basis van de meest actuele overlevingstafel.
|
||||
|
||||
Dit besluit is vervolgens gewijzigd bij besluit van 13 september 2023 nr. 2023-20266 (Stcrt. 2023, 25923) De wijzigingen betreffen de toevoeging van een nieuw onderdeel 9. Daarnaast zijn enkele redactionele wijzigingen aangebracht. De invoering van de maatregelen van de Wet toekomst pensioenen leidt ertoe dat de minimale leeftijd voor het verwerven van pensioenaanspraken wordt verlaagd van 21 jaar naar 18 jaar. Deze bepaling treedt in werking per 1 januari 2024. In verband met de korte invoeringstermijn wijs ik onder voorwaarden in onderdeel 9. (nieuw) regelingen die bij de toepassing van bijlagen I, IV en V, voor de werknemers met een leeftijd van 18 of 19 jaar steeds uitgaan van het percentage van de leeftijdsklasse 20 tot en met 24 aan als pensioenregeling.
|
||||
|
||||
### 1.2. Indeling
|
||||
|
||||
Onderdeel 2. van dit besluit bevat een beschrijving van de soorten premieovereenkomsten die bij de behandeling van de Pensioenwet aan de orde zijn geweest en die met toepassing van artikel 220i van de Pensioenwet, artikel 214g van de Wet verplichte beroepspensioenregeling en artikel 38q van de Wet op de loonbelasting 1964 tijdelijk kunnen worden voortgezet. De onderdelen 3. en 5. behandelen de fiscale kwalificatie van die soorten premieovereenkomsten. Onderdeel 4. gaat over de kapitaalovereenkomsten. Voorts wijs ik in onderdeel 6. twee soorten afwijkende premieovereenkomsten aan als pensioenregeling. In onderdeel 7. is het overgangsrecht opgenomen voor pensioenregelingen met uitkeringen in beleggingseenheden. Onderdeel 8. van dit besluit bevat de beschrijving van nettopensioen als bedoeld in artikel 10a.27 van de Wet inkomstenbelasting 2001 en afdeling 5.3B van de Wet inkomstenbelasting 2001 (tekst 30 juni 2023). Onderdeel 9. voorziet in de intrekking van het voorgaande besluit. Onderdeel 10. bevat de inwerkingtreding van dit besluit. De voorwaarden en bijzonderheden die bij de aanwijzingen gelden zijn te vinden in de bijlagen bij dit besluit.
|
||||
Onderdeel 2. van dit besluit bevat een beschrijving van de soorten premieovereenkomsten die bij de behandeling van de Pensioenwet aan de orde zijn geweest en die met toepassing van artikel 220i van de Pensioenwet, artikel 214g van de Wet verplichte beroepspensioenregeling en artikel 38q van de Wet op de loonbelasting 1964 tijdelijk kunnen worden voortgezet. De onderdelen 3. en 5. behandelen de fiscale kwalificatie van die soorten premieovereenkomsten. Onderdeel 4. gaat over de kapitaalovereenkomsten. Voorts wijs ik in onderdeel 6. twee soorten afwijkende premieovereenkomsten aan als pensioenregeling. In onderdeel 7. is het overgangsrecht opgenomen voor pensioenregelingen met uitkeringen in beleggingseenheden. Onderdeel 8. van dit besluit bevat de beschrijving van nettopensioen als bedoeld in artikel 10a.27 van de Wet inkomstenbelasting 2001 en afdeling 5.3B van de Wet inkomstenbelasting 2001 (tekst 30 juni 2023). Onderdeel 9. bevat een aanwijzing in verband met de verlaging van de minimale leeftijd voor het verwerven van pensioenaanspraken van 21 jaar naar 18 jaar. Onderdeel 10. voorziet in de intrekking van het voorgaande besluit. Onderdeel 11. bevat de inwerkingtreding van dit besluit. De voorwaarden en bijzonderheden die bij de aanwijzingen gelden zijn te vinden in de bijlagen bij dit besluit.
|
||||
|
||||
### 1.3. Gebruikte begrippen en afkortingen
|
||||
|
||||
|
|
@ -158,17 +160,37 @@ Ik wijs regelingen die gebruikmaken van de premiestaffel voor de nettopensioenre
|
|||
|
||||
Ik wijs regelingen die gebruikmaken van de premiestaffel voor de nettopensioenregeling op basis van 3% rekenrente in bijlage VII (tabel 2), aan als pensioenregeling in de zin van afdeling 5.3B Wet IB 2001. Het moet gaan om beschikbare-premieregelingen die in overeenstemming zijn met de in die bijlage genoemde voorwaarden en bijzonderheden. De regelingen moeten overigens verder ook voldoen aan de voorwaarden van afdeling 5.3B Wet IB 2001.
|
||||
|
||||
## 9. Ingetrokken regeling
|
||||
## 9. Verlaging van de minimale leeftijd voor het verwerven van pensioenaanspraken van 21 jaar naar 18 jaar
|
||||
|
||||
Per 1 juli 2023 is de WTP inwerking getreden. Onderdeel van deze wet is dat per 1 januari 2024 er een lagere minimale leeftijd voor het verwerven van pensioenaanspraken geldt.
|
||||
|
||||
Als gevolg van de verlaging van de minimale leeftijd voor het verwerven van pensioenaanspraken van 21 jaar naar 18 jaar, moeten veel beschikbare premieregelingen worden aangepast in een relatief korte periode. Een eenvoudige wijze, waarop deze aanpassing kan plaatsvinden, is door het premiepercentage voor de leeftijdsklasse 20 jaar tot en met 24 jaar ook te gebruiken voor werknemers van 18 en 19 jaar.
|
||||
|
||||
### 9.1. Aanwijzing regelingen die voor werknemers van 18 of 19 jaar uitgaan van het premiepercentage van de leeftijdsklasse van 20 jaar tot en met 24 jaar
|
||||
|
||||
Onder de hierna gestelde voorwaarden wijs ik regelingen met een premieovereenkomst waarin voor werknemers van 18 of 19 jaar wordt uitgegaan van het premiepercentage voor de leeftijdsklasse van 20 jaar tot en met 24 jaar aan als pensioenregeling in de zin van de Wet LB.
|
||||
|
||||
### 9.2. Voorwaarden
|
||||
|
||||
Bij deze aanwijzing gelden de volgende voorwaarden:
|
||||
|
||||
a. de beschikbare-premieregeling bestond reeds op 30 juni 2023;
|
||||
b. ten aanzien van de beschikbare-premieregeling wordt het overgangsrecht van artikel 38q Wet LB toegepast;
|
||||
c. voor werknemers van 18 of 19 jaar wordt het premiepercentage van de leeftijdsklasse van 20 jaar tot en met 24 jaar toegepast, zoals dat in die beschikbare-premieregeling op 30 juni 2023 gold, met dien verstande dat dit percentage niet hoger mag zijn dan het premiepercentage voor de leeftijdsklasse van 15 jaar tot 20 jaar als genoemd in artikel 38r Wet LB (actuele tekst). Het bepaalde in artikel 10 UBLB 1965 (actuele tekst) is hierbij van overeenkomstige toepassing;
|
||||
d. indien in de beschikbare-premieregeling een staffel wordt gehanteerd die is gebaseerd op artikel 10aa UBLB 1965, dan mag het premiepercentage voor werknemers van 18 of 19 jaar niet hoger zijn dan het premiepercentage voor de leeftijdsklasse van 15 jaar tot 20 jaar als genoemd in artikel 10aa, tweede respectievelijk derde lid, UBLB 1965 (actuele tekst). Het bepaalde in artikel 10 UBLB 1965 (actuele tekst) is hierbij van overeenkomstige toepassing;
|
||||
e. de beschikbare-premieregeling voldoet ook overigens aan de voorwaarden die in het Staffelbesluit pensioenen zijn opgenomen voor de aanwijzing van de betreffende regeling als pensioenregeling.
|
||||
|
||||
## 10. Ingetrokken regeling
|
||||
|
||||
Het volgende besluit is ingetrokken met ingang van de inwerkingtreding van dit besluit:
|
||||
|
||||
– Het besluit van 20 december 2019, nr. 2019-21333 (Stcrt. 2019, nr. 66203).
|
||||
|
||||
## 10. Inwerkingtreding
|
||||
## 11. Inwerkingtreding
|
||||
|
||||
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 juli 2023.
|
||||
|
||||
## 11. Citeertitel
|
||||
## 12. Citeertitel
|
||||
|
||||
Dit besluit wordt aangehaald als: Staffelbesluit pensioenen.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue