From d25840326445912243b1cf2b140ba55b68728385 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Fri, 30 Dec 2011 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2011-12-30 | BWBR0020368 | Wet op het financieel toezicht --- .../BWBR0020368/README.md | 73 +++++++------------ 1 file changed, 25 insertions(+), 48 deletions(-) diff --git a/wet/wet-op-het-financieel-toezicht/BWBR0020368/README.md b/wet/wet-op-het-financieel-toezicht/BWBR0020368/README.md index dc1c14b1e04..7c7efc0c340 100644 --- a/wet/wet-op-het-financieel-toezicht/BWBR0020368/README.md +++ b/wet/wet-op-het-financieel-toezicht/BWBR0020368/README.md @@ -1309,9 +1309,11 @@ c. een persoon is die zeggenschap heeft over een beheerder van een instelling vo **1.** De toezichthouder werkt samen met toezichthoudende instanties van andere lidstaten, indien dat voor het vervullen van zijn taak op grond van deze wet of voor de vervulling van de taak van die toezichthoudende instanties nodig is. -**2.** De toezichthouder verstrekt op verzoek aan een toezichthoudende instantie van een andere lidstaat, met inachtneming van het derde lid en artikel 1:90, eerste tot en met derde lid, alle gegevens en inlichtingen die voor de vervulling van de taak van die toezichthoudende instantie nodig zijn. +**2.** De toezichthouder neemt bij de uitoefening van zijn taak de gevolgen in overweging die zijn besluiten, met name in noodsituaties, kunnen hebben voor de stabiliteit van het financiële stelsel van alle andere betrokken lidstaten, uitgaande van de op het desbetreffende tijdstip beschikbare informatie. -**3.** +**3.** De toezichthouder verstrekt op verzoek aan een toezichthoudende instantie van een andere lidstaat, met inachtneming van het derde lid en artikel 1:90, eerste tot en met derde lid, alle gegevens en inlichtingen die voor de vervulling van de taak van die toezichthoudende instantie nodig zijn. + +**4.** Indien het verzoek betrekking heeft op een beheerder van een instelling voor collectieve belegging in effecten, een beleggingsonderneming of een instelling voor collectieve belegging in effecten, kan de Autoriteit Financiële Markten slechts besluiten de verstrekking van gegevens of inlichtingen achterwege te laten, indien: @@ -1319,9 +1321,9 @@ a. de verstrekking van de gegevens of inlichtingen zich niet zou verdragen met d b. voor hetzelfde feit en tegen dezelfde persoon in Nederland reeds een gerechtelijke procedure aanhangig is gemaakt; c. tegen dezelfde persoon en voor hetzelfde feit in Nederland reeds een onherroepelijke vonnis is gewezen. -**4.** De Autoriteit Financiële Markten stelt de toezichthoudende instantie van de andere lidstaat van haar met redenen omklede beslissing, bedoeld in het derde lid, in kennis. +**5.** De Autoriteit Financiële Markten stelt de toezichthoudende instantie van de andere lidstaat van haar met redenen omklede beslissing, bedoeld in het derde lid, in kennis. -**5.** De Autoriteit Financiële Markten verstrekt op verzoek aan een toezichthoudende instantie van een andere lidstaat waar een marktexploitant waaraan een vergunning als bedoeld in artikel 5:26, eerste lid, is verleend, passende voorzieningen treft om de toegang tot de handel in zijn systeem voor in die lidstaat gevestigde leden of deelnemers op afstand te faciliteren, binnen een redelijke termijn de namen van de leden van of deelnemers aan de desbetreffende gereglementeerde markt. +**6.** De Autoriteit Financiële Markten verstrekt op verzoek aan een toezichthoudende instantie van een andere lidstaat waar een marktexploitant waaraan een vergunning als bedoeld in artikel 5:26, eerste lid, is verleend, passende voorzieningen treft om de toegang tot de handel in zijn systeem voor in die lidstaat gevestigde leden of deelnemers op afstand te faciliteren, binnen een redelijke termijn de namen van de leden van of deelnemers aan de desbetreffende gereglementeerde markt. ### Artikel 1:51a @@ -1351,6 +1353,8 @@ b. belangrijke sancties of bijzondere maatregelen. **7.** De Nederlandsche Bank kan het inwinnen van advies als bedoeld in het zesde lid in spoedeisende gevallen achterwege laten. In dat geval deelt zij de toezichthoudende instanties van andere lidstaten haar besluit onverwijld mede. +**8.** Indien de Nederlandsche Bank in haar hoedanigheid van centrale bank kennis krijgt van een situatie als bedoeld in artikel 1:93a waarschuwt zij onverwijld de toezichthoudende instantie van de lidstaat die belast is met het toezicht op geconsolideerde basis en deelt zij alle informatie mede die voor de uitoefening van diens taken noodzakelijk is. + ### Artikel 1:51b **1.** De toezichthouder verstrekt eigener beweging aan de betrokken toezichthoudende instanties van andere lidstaten onverwijld alle informatie die voor de vervulling van de taak van die toezichthoudende instanties op grond van de herziene richtlijn beleggingsinstellingen nodig is. @@ -2025,7 +2029,7 @@ b. indien de vertrouwelijke gegevens of inlichtingen zijn verkregen van de ander De toezichthouder kan, in afwijking van artikel 1:89, eerste lid, vertrouwelijke gegevens of inlichtingen verkregen bij de vervulling van de hem ingevolge deze wet opgedragen taak, verstrekken aan: -a. de Europese Centrale Bank, een buitenlandse nationale centrale bank of een andere buitenlandse instantie die is belast met een soortgelijke taak, handelend in haar hoedanigheid van monetaire autoriteit, voorzover de gegevens of inlichtingen dienstig zijn voor de uitoefening van haar monetaire taak; +a. de Europese Centrale Bank, een buitenlandse nationale centrale bank of een andere buitenlandse instantie die is belast met een soortgelijke taak, handelend in haar hoedanigheid van monetaire autoriteit, voorzover de gegevens of inlichtingen dienstig zijn voor de uitoefening van haar wettelijke taken en de uitoefening van toezicht op betalings-, clearing- en afwikkelingssystemen en de waarborging van de stabiliteit van het financiële stelsel; b. een accountant die is belast met de wettelijke controle van de jaarrekening van een financiële onderneming, voorzover de vertrouwelijke gegevens of inlichtingen betrekking hebben op die financiële onderneming en noodzakelijk zijn voor de controle; c. een actuaris die is belast met de wettelijke controle van een financiële onderneming, voorzover de vertrouwelijke gegevens of inlichtingen betrekking hebben op die financiële onderneming en noodzakelijk zijn voor de controle; d. de marktexploitant, de beleggingsonderneming die een multilaterale handelsfaciliteit exploiteert of de houder van een met een gereglementeerde markt of een multilaterale handelsfaciliteit vergelijkbaar systeem uit een staat die geen lidstaat is met het oog op de controle op de naleving van de voor die markt te hanteren regels; of @@ -2054,7 +2058,7 @@ c. na overleg met Onze Minister van Justitie indien het in de aanhef bedoelde ve ### Artikel 1:93a -Indien de Nederlandsche Bank ingevolge afdeling 3.6.2 toezicht houdt op geconsolideerde basis op een Nederlandse beleggingsonderneming of Nederlandse kredietinstelling brengt zij Onze Minister en de instanties, bedoeld in artikel 1:93, eerste lid, onderdeel a, voor zover betrokken, onverwijld op de hoogte van noodsituaties met betrekking tot financiële ondernemingen die in het geconsolideerde toezicht zijn betrokken die de stabiliteit van het financiële stelsel in de lidstaat waar deze laatste ondernemingen hun zetel hebben, kunnen aantasten. +Indien de Nederlandsche Bank ingevolge afdeling 3.6.2. toezicht houdt op geconsolideerde basis op een Nederlandse beleggingsonderneming of Nederlandse kredietinstelling dan wel toezicht houdt op een financiële onderneming binnen een groep waarop geconsolideerd toezicht wordt gehouden, brengt zij Onze Minister en de instanties, bedoeld in artikel 1:93, eerste lid, onderdeel a, onverwijld op de hoogte van noodsituaties, waaronder ongunstige ontwikkelingen op de financiële markten, die de liquiditeit van de markt en de stabiliteit van het financiële stelsel in de lidstaat waar financiële ondernemingen binnen de groep die in het geconsolideerd toezicht betrokken zijn hun zetel hebben, kunnen aantasten en deelt zij alle informatie mede die voor de uitoefening van hun taken noodzakelijk is. ### Artikel 1:93b @@ -2349,38 +2353,6 @@ b. alle actuele regelgeving, administratieve procedures en overige informatie di **3.** In afwijking van het eerste lid is voor beroepen tegen besluiten als bedoeld in het tweede lid, met uitzondering van besluiten tot het opleggen van een bestuurlijke boete, het College van Beroep voor het bedrijfsleven bevoegd. -### Hoofdstuk 1.8. Beloningen van dagelijks beleidsbepalers bij steunmaatregelen - -### Artikel 1:112 - -**1.** - -Indien een financiële onderneming in verband met de stabiliteit van het financiële stelsel steun geniet of heeft genoten in de zin van artikel 107, eerste lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, worden de door die onderneming aan haar dagelijks beleidsbepalers over de periode, waarin steun wordt of is genoten, toe te kennen of uit te keren beloningen, alsmede de door die onderneming aan haar dagelijks beleidsbepalers over de periode, voorafgaande aan de steunverlening, toe te kennen of uit te keren beloningen, voor zover die beloningen op het tijdstip dat de steunverlening aanving, nog niet waren toegekend of uitgekeerd, van rechtswege: - -a. op een waarde van € 0 gesteld, voor zover het betreft het niet vaste deel van de beloning, waarvan de toekenning geheel of gedeeltelijk afhankelijk is gesteld van het bereiken van bepaalde doelen of van het zich voordoen van bepaalde omstandigheden; -b. op de waarde gesteld die zij hadden op het moment, onmiddellijk voorafgaand aan het van kracht worden van de steunmaatregel, voor zover het betreft de overige delen van de beloning, met dien verstande dat procentuele stijgingen van die overige delen van de beloning toegestaan blijven, voor zover die stijgingen eveneens gelden voor alle werknemers van de betrokken onderneming. - -**2.** Een financiële onderneming kent geen beloningen toe en keert geen beloningen uit in strijd met het eerste lid. - -**3.** Het orgaan dat belast is met het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken van de onderneming, ziet toe op de naleving van het tweede lid. - -**4.** Bedingen tussen een financiële onderneming en haar dagelijks beleidsbepalers, die in strijd zijn met de strekking van het eerste lid, zijn nietig. - -**5.** Indien de steun is verleend aan een groep in de zin van artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek of een tot zodanige groep behorende rechtspersoon of vennootschap, wordt de aan het hoofd van die groep staande groepsmaatschappij voor de toepassing van het eerste tot en met vierde lid aangemerkt als de in die leden bedoelde financiële onderneming. - -**6.** Indien de aan het hoofd van een groep als bedoeld in het vijfde lid staande groepsmaatschappij haar zetel buiten Nederland heeft, wordt in afwijking van het vijfde lid de binnen de groep hiërarchisch hoogste groepsmaatschappij met zetel in Nederland aangemerkt als de in het eerste tot en met vierde lid bedoelde financiële onderneming. - -### Artikel 1:113 - -**1.** - -Met steun aan een financiële onderneming wordt voor de toepassing van artikel 1:112, eerste lid, gelijkgesteld: - -a. een deelneming van de Staat der Nederlanden in verband met de stabiliteit van het financiële stelsel in die onderneming, of: -b. indien de financiële onderneming deel uitmaakt van een groep als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek: een deelneming van de Staat der Nederlanden in verband met de stabiliteit van het financiële stelsel in een andere tot die groep behorende groepsmaatschappij. - -**2.** De gelijkstelling, bedoeld in het eerste lid, eindigt zodra met de afbouw van de deelneming van de Staat der Nederlanden een aanvang is gemaakt en de eerste vervreemding van door de Staat der Nederlanden gehouden aandelen daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. - ## Titel 2. Deel Markttoegang Financiële Ondernemingen ### Hoofdstuk 2.1. Inleidende bepalingen @@ -4762,9 +4734,9 @@ c. worden regels gesteld met betrekking tot de tussen een betaalinstelling, clea ### Artikel 3:18a -**1.** De Nederlandsche Bank evalueert periodiek volgens bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels de strategieën, procedures en maatregelen ingevolge artikel 3:17 en het toetsingsvermogen van een bank of beleggingsonderneming met zetel in Nederland gelet op de omvang en de aard van haar huidige en mogelijk toekomstige risico’s. +**1.** De Nederlandsche Bank evalueert periodiek volgens bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels de strategieën, procedures en maatregelen ingevolge artikel 3:17, de liquiditeit en het toetsingsvermogen van een bank of beleggingsonderneming met zetel in Nederland gelet op de omvang en de aard van haar huidige en mogelijk toekomstige risico’s. -**2.** Op grond van de evaluatie, bedoeld in het eerste lid, bepaalt de Nederlandsche Bank of de strategieën, procedures en maatregelen en het door de bank of beleggingsonderneming aangehouden toetsingsvermogen een degelijk beheer en een solide dekking van de risico’s waarborgen. +**2.** Op grond van de evaluatie, bedoeld in het eerste lid, bepaalt de Nederlandsche Bank of de strategieën, procedures en maatregelen en de door de bank of beleggingsonderneming aangehouden liquiditeit of het toetsingsvermogen een degelijk beheer en een solide dekking van de risico’s waarborgen. **3.** De Nederlandsche Bank stemt de frequentie en de omvang van de evaluatie af op de aard, omvang en complexiteit van de bank of beleggingsonderneming en het belang van de werkzaamheden van de desbetreffende financiële onderneming voor het financiële stelsel. @@ -5697,7 +5669,7 @@ h. artikel 4:91a met betrekking tot de regels die gelden voor het handelsproces **1.** -Bij ministeriële regeling kan een groep banken die op 15 december 1977 blijvend was aangesloten bij een centrale kredietinstelling die controle uitoefent op de bedrijfsvoering, uitbesteding, solvabiliteit en liquiditeit van die banken, worden vrijgesteld van het toezicht door de Nederlandsche Bank op de naleving van het ingevolge de artikelen 3:10, 3:17, 3:18, 3:57 en 3:63 bepaalde, indien: +Bij ministeriële regeling kan een groep banken die blijvend is aangesloten bij een centrale kredietinstelling die controle uitoefent op de bedrijfsvoering, uitbesteding, solvabiliteit en liquiditeit van die banken, worden vrijgesteld van het toezicht door de Nederlandsche Bank op de naleving van het ingevolge de artikelen 3:10, 3:17, 3:18, 3:57 en 3:63 bepaalde, indien: a. de centrale kredietinstelling en de aangesloten banken hoofdelijk instaan voor elkaars verplichtingen dan wel de verplichtingen van de aangesloten banken door de centrale kredietinstelling worden gegarandeerd; b. de centrale kredietinstelling in voldoende mate bevoegd is voor de naleving van deze wet noodzakelijke instructies te geven aan de aangesloten banken; en @@ -5723,15 +5695,19 @@ e. het inwinnen van inlichtingen bij de aangesloten banken ten behoeve van de co **1.** -De Nederlandsche Bank kan, indien een bank of beleggingsonderneming niet voldoet aan de bij of krachtens deze wet gestelde eisen met betrekking tot de bedrijfsvoering en het toetsingsvermogen de onderstaande maatregelen treffen ten aanzien van die bank onderscheidenlijk beleggingsonderneming: +De Nederlandsche Bank kan, indien een bank of beleggingsonderneming niet voldoet aan de bij of krachtens deze wet gestelde eisen met betrekking tot de bedrijfsvoering, de liquiditeit of het toetsingsvermogen de onderstaande maatregelen treffen ten aanzien van die bank of beleggingsonderneming: -a. voorschrijven dat zij over een hoger toetsingsvermogen beschikt dan ingevolge artikel 3:57 is voorgeschreven; -b. voorschrijven dat in verband met de solvabiliteitsvereisten een specifiek voorzieningenbeleid wordt gevoerd of de activa op een specifieke wijze worden behandeld; of -c. voorschrijven dat het door de bank of beleggingsonderneming gelopen risico wordt beperkt. +a. voorschrijven dat zij over een hogere liquiditeit of een hoger toetsingsvermogen beschikt dan ingevolge artikel 3:63 onderscheidenlijk artikel 3:57 is voorgeschreven; +b. voorschrijven dat in verband met de liquiditeitseisen of de solvabiliteitseisen een specifiek voorzieningenbeleid wordt gevoerd of de liquiditeitsposten of de activa op een specifieke wijze worden behandeld; +c. voorschrijven dat de door de bank of beleggingsonderneming gelopen risico’s worden beperkt; +d. voorschrijven dat de met het oog op de artikelen 3:17 en 3:18a ingevoerde strategieën, maatregelen en procedures worden aangescherpt; +e. beperkingen opleggen aan bedrijfsactiviteiten en transacties van of netwerkrelaties tussen banken of beleggingsondernemingen; +f. voorschrijven dat de bank of beleggingsonderneming de variabele beloning tot een bepaald percentage van de totale netto inkomsten beperkt, indien deze inkomsten niet met het in stand houden van een solide toetsingsvermogen te verenigen zijn; of +g. voorschrijven dat de bank of beleggingsonderneming haar nettowinsten gebruikt om het toetsingsvermogen te versterken. -**2.** Indien de Nederlandsche Bank op grond van de evaluatie, bedoeld in artikel 3:18a, van oordeel is dat de strategieën, procedures en maatregelen ingevolge artikel 3:17 of het toetsingsvermogen van die financiële onderneming niet een beheerste en duurzame dekking van zijn risico’s waarborgen, schrijft de Nederlandsche Bank aan de bank of beleggingsonderneming een hoger toetsingsvermogen voor indien andere maatregelen er redelijkerwijs niet toe kunnen leiden dat binnen een redelijke termijn wordt voldaan aan het ingevolge artikel 3:17 bepaalde. +**2.** Indien de Nederlandsche Bank op grond van de evaluatie, bedoeld in artikel 3:18a, van oordeel is dat de strategieën, procedures en maatregelen ingevolge artikel 3:17, de liquiditeit of het toetsingsvermogen van die financiële onderneming niet een beheerste en duurzame dekking van haar risico’s waarborgen, schrijft de Nederlandsche Bank aan de bank of beleggingsonderneming een hogere liquiditeit of een hoger toetsingsvermogen voor indien andere maatregelen er redelijkerwijs niet toe kunnen leiden dat binnen een redelijke termijn wordt voldaan aan het ingevolge artikel 3:17 bepaalde. -**3.** De Nederlandsche Bank heft de maatregelen, bedoeld in het eerste en tweede lid, op zodra de bank of beleggingsonderneming weer voldoet aan de bij of krachtens deze wet gestelde eisen met betrekking tot de bedrijfsvoering en het toetsingsvermogen. +**3.** De Nederlandsche Bank heft de maatregelen, bedoeld in het eerste en tweede lid, op zodra de bank of beleggingsonderneming weer voldoet aan de bij of krachtens deze wet gestelde eisen met betrekking tot de bedrijfsvoering, de liquiditeit of het toetsingsvermogen. ### Artikel 3:111b @@ -7513,7 +7489,8 @@ c. indien het eerste lid van toepassing is, de geaggregeerde gegevens voor Neder Indien de Nederlandsche Bank toezicht houdt op geconsolideerde basis op een Nederlandse EU-moederbeleggingsonderneming, Nederlandse EU-moederkredietinstelling, Nederlandse beleggingsonderneming of Nederlandse kredietinstelling die dochteronderneming is van een Nederlandse financiële EU-moederholding: a. coördineert zij de vergaring en verspreiding van informatie aan de betrokken toezichthoudende instanties van andere lidstaten die relevant of essentieel is in normale omstandigheden en in noodsituaties; -b. plant en coördineert zij de toezichtactiviteiten in normale omstandigheden en in noodsituaties, en de samenwerking met de betrokken toezichthoudende instanties van andere lidstaten in het kader van artikel 3:18a. +b. plant en coördineert zij de toezichtactiviteiten in normale omstandigheden en de samenwerking met de betrokken toezichthoudende instanties van andere lidstaten in het kader van de artikelen 3:18a, 3:74a en 3:111a; en +c. plant en coördineert zij de toezichtactiviteiten bij de voorbereiding op en in noodsituaties. **2.** Indien de Nederlandsche Bank toezicht houdt op geconsolideerde basis op een Nederlandse EU-moederbeleggingsonderneming, Nederlandse EU-moederkredietinstelling, Nederlandse beleggingsonderneming of Nederlandse kredietinstelling die dochteronderneming is van een Nederlandse financiële EU-moederholding wordt een aanvraag tot instemming met het gebruik van de interne modellen en benaderingen bij de Nederlandsche Bank ingediend.