diff --git a/amvb/besluit-gebruik-meststoffen/BWBR0009066/README.md b/amvb/besluit-gebruik-meststoffen/BWBR0009066/README.md index e7e67323fda..d4f2e2110aa 100644 --- a/amvb/besluit-gebruik-meststoffen/BWBR0009066/README.md +++ b/amvb/besluit-gebruik-meststoffen/BWBR0009066/README.md @@ -172,20 +172,22 @@ a. grasland, gelegen op kleigrond of veengrond: 1°. in de periode van 1 september tot en met 15 september; 2°. in de periode van 1 december tot en met 31 januari, indien het vaste strorijke mest betreft; b. bouwland, gelegen op kleigrond of veengrond; -c. bouwland, gelegen op zandgrond of lössgrond, indien op de desbetreffende grond bomen worden geteeld, voor zover het gebruik direct voorafgaand aan de aanplant van de bomen plaatsvindt. +c. bouwland, gelegen op zandgrond of lössgrond, indien op de desbetreffende grond bomen worden geteeld, voor zover het gebruik direct voorafgaand aan de aanplant van de bomen plaatsvindt; +d. grasland en bouwland, gelegen op zandgrond of lössgrond, in de periode van 1 januari tot en met 31 januari, indien het vaste strorijke mest betreft. -**3.** Het is verboden in de periode van 1 augustus tot en met 15 februari drijfmest of vloeibaar zuiveringsslib te gebruiken. +**3.** Het is verboden in de periode van 1 augustus tot en met 15 maart drijfmest of vloeibaar zuiveringsslib te gebruiken. **4.** Het in het derde lid gestelde verbod is niet van toepassing op: -a. grasland, in de periode van 1 augustus tot en met 31 augustus; +a. grasland, in de periode van 1 augustus tot en met 31 augustus en in de periode van 16 februari tot en met 15 maart; b. bouwland, in de periode van 1 augustus tot en met 15 september, indien: 1°. uiterlijk op 15 september op de desbetreffende grond winterkoolzaad voor zaadwinning in het daaropvolgende jaar wordt gezaaid, 2°. uiterlijk op 15 september op de desbetreffende grond een bij ministeriële regeling aangewezen gewas wordt ingezaaid of geplant dat niet eerder dan acht weken na de datum van inzaaien of planten wordt vernietigd, of -3°. in de desbetreffende grond in het daarop aansluitende najaar bloembollen worden geplant. +3°. in de desbetreffende grond in het daarop aansluitende najaar bloembollen worden geplant; +c. bouwland, in de periode van 16 februari tot en met 15 maart, indien op de desbetreffende grond in hetzelfde kalenderjaar een bij ministeriële regeling aangewezen gewas wordt ingezaaid, geplant of gepoot. **5.** @@ -195,22 +197,22 @@ a. het zuiveringsslib door de producent of namens hem door tussenkomst van ten h b. het zuiveringsslib wordt gebruikt op de dag waarop het aan de gebruiker is afgeleverd; en c. het zuiveringsslib, nadat overeenkomstig de krachtens artikel 21, eerste lid, onderdeel d, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet gestelde regels, de samenstelling ervan is bepaald, niet is gemengd met ander zuiveringsslib of andere stoffen. -**6.** De landbouwer meldt de voorgenomen teelt van maïs als hoofdteelt op het perceel gelegen op zandgrond of lössgrond, uiterlijk op 15 februari aan Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit met gebruikmaking van een door die minister beschikbaar gesteld middel. +**6.** De landbouwer meldt de grond, bedoeld in het vierde lid, onderdeel c, en de voorgenomen teelt van een gewas als bedoeld in dat onderdeel, uiterlijk de dag voorafgaand aan het gebruik van drijfmest of vloeibaar zuiveringsslib in de periode van 16 februari tot en met 15 maart aan Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit met gebruikmaking van een door die minister beschikbaar gesteld middel. -**7.** De landbouwer meldt een wijziging ten aanzien van de voorgenomen teelt van maïs als hoofdteelt op het perceel gelegen op zandgrond of lössgrond, uiterlijk op 14 maart aan Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit met gebruikmaking van een door die minister beschikbaar gesteld middel. +**7.** Vervallen. **8.** -De in het zesde en zevende lid bedoelde melding bevat: +Onverminderd het zesde lid bevat de daar bedoelde melding de volgende gegevens: -a. naam en adres van de gebruiker van het desbetreffende perceel; en -b. een kadastrale of topografische aanduiding van het desbetreffende perceel alsmede een opgave van de oppervlakte ervan. +a. naam en adres van de gebruiker van de grond; en +b. een kadastrale of topografische aanduiding van de grond alsmede een opgave van de oppervlakte ervan. -**9.** Onverminderd het derde lid is het verboden in de periode van 16 februari tot en met 14 maart drijfmest of vloeibaar zuiveringsslib te gebruiken op bouwland, gelegen op zandgrond of lössgrond, indien een voorgenomen teelt van maïs als hoofdteelt op het perceel is gemeld overeenkomstig het zesde lid. +**9.** Vervallen. -**10.** Het is verboden maïs te telen op een perceel gelegen op zandgrond of lössgrond dat niet uiterlijk op 15 februari is aangemeld met gebruikmaking van een door Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit beschikbaar gesteld middel. +**10.** Vervallen. -**11.** Het zesde tot en met tiende lid zijn niet van toepassing voor de teelt van maïs overeenkomstig de biologische productiemethode en de teelt van suikermaïs onder folie. +**11.** Vervallen. **12.**