2006-01-01 | BWBR0016555 | Tijdelijk besluit tegemoetkoming buitengewone uitgaven

This commit is contained in:
Coornhert 2006-01-01 12:00:00 +00:00
parent 1a15a64063
commit d2de1020a0

View file

@ -35,13 +35,15 @@ c. C: de gecombineerde inkomensheffing over het voorgaande kalenderjaar, indien
**3.** Indien C kleiner is dan B, is de tegemoetkoming gelijk aan het verschil tussen C en A. In andere gevallen is de tegemoetkoming gelijk aan het verschil tussen B en A.
**4.** De tegemoetkoming wordt vastgesteld bij beschikking van de inspecteur. Indien binnen vijf jaren na het kalenderjaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft, blijkt dat de beschikking ten onrechte of tot een onjuist bedrag is vastgesteld, kan de inspecteur de beschikking herzien.
**4.** Indien de belastingplichtige gedurende het gehele voorgaande kalenderjaar een partner heeft als bedoeld in artikel 1.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001, geldt voor de toepassing van het eerste, tweede en derde lid in plaats van de gecombineerde inkomensheffing en de gecombineerde heffingskorting het gezamenlijke bedrag van de gecombineerde inkomensheffing en de gecombineerde heffingskorting van de belastingplichtige en zijn partner.
**5.** De ontvanger is belast met het uitbetalen van de tegemoetkoming en met het invorderen van de geldschuld aan het Rijk die voortvloeit uit een herziening als bedoeld in het vierde lid.
**5.** De tegemoetkoming wordt vastgesteld bij beschikking van de inspecteur. Indien binnen vijf jaren na het kalenderjaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft, blijkt dat de beschikking ten onrechte of tot een onjuist bedrag is vastgesteld, kan de inspecteur de beschikking herzien.
**6.** Bij regeling van Onze Minister en Onze Minister van Financiën kunnen nadere regels inzake de uitbetaling en invordering worden gesteld.
**6.** De ontvanger is belast met het uitbetalen van de tegemoetkoming en met het invorderen van de geldschuld aan het Rijk die voortvloeit uit een herziening als bedoeld in het vierde lid.
**7.** Bij regeling van Onze Minister van Financiën worden de functionarissen van de rijksbelastingdienst aangewezen die voor de uitvoering van dit besluit als inspecteur en ontvanger fungeren.
**7.** Bij regeling van Onze Minister en Onze Minister van Financiën kunnen nadere regels inzake de uitbetaling en invordering worden gesteld.
**8.** Bij regeling van Onze Minister van Financiën worden de functionarissen van de rijksbelastingdienst aangewezen die voor de uitvoering van dit besluit als inspecteur en ontvanger fungeren.
### Artikel 3
@ -55,13 +57,7 @@ Wijzigt het Besluit gebruik sofi-nummer Wbp.
### Artikel 5
**1.** Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.
**2.** Het besluit vervalt met ingang van 1 januari 2006, tenzij op dat tijdstip een voorstel van wet tot regeling van een met de regeling in dit besluit overeenkomende tegemoetkoming bij de Staten-Generaal is ingediend. Indien het voorstel wordt ingetrokken of indien een van beide kamers der Staten-Generaal besluit het voorstel niet aan te nemen, wordt het besluit ingetrokken met ingang van 1 januari daaropvolgend. Wordt het voorstel van wet tot wet verheven, dan wordt het besluit ingetrokken op het tijdstip van inwerkingtreding van die wet.
**3.** Na het vervallen van dit besluit blijven de in dit besluit gestelde regels van toepassing ten aanzien van reeds verstreken kalenderjaren waarop de tegemoetkoming betrekking heeft.
**4.** Wijzigt het Besluit gebruik sofi-nummer Wbp.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.
### Artikel 6