2009-12-22 | BWBR0023025 | Waterschapsbesluit
This commit is contained in:
parent
4b2c1fc4fc
commit
d2f3aea29a
1 changed files with 12 additions and 10 deletions
|
|
@ -84,7 +84,7 @@ De kandidaatstelling voor de verkiezing vindt plaats op de dinsdag in de periode
|
|||
|
||||
### Artikel 2.9
|
||||
|
||||
**1.** Een belangengroepering verzoekt het stembureau schriftelijk de aanduiding waarmee zij voor die verkiezing op de kandidatenlijst wenst te worden vermeld, in te schrijven in een register dat door het stembureau wordt bijgehouden. Verzoeken ingediend na de drieënveertigste dag voor de kandidaatstelling, blijven voor de daaropvolgende verkiezing buiten behandeling.
|
||||
**1.** Een belangengroepering verzoekt het stembureau schriftelijk de aanduiding waarmee zij voor die verkiezing op de kandidatenlijst wenst te worden vermeld, in te schrijven in een register dat door het stembureau wordt bijgehouden. Verzoeken ontvangen na de drieënveertigste dag voor de kandidaatstelling, blijven voor de daaropvolgende verkiezing buiten behandeling.
|
||||
|
||||
**2.** Vóór het indienen van het in het eerste lid bedoelde verzoek om registratie wordt een waarborgsom van € 225,– betaald aan het waterschap. Deze waarborgsom dient te worden overgemaakt naar de door het dagelijks bestuur aangewezen rekening van het waterschap bij een kredietinstelling, onder vermelding van de woorden «waarborgsom registratie» en met vermelding van de naam van de belangengroepering. Na inlevering van een geldige kandidatenlijst voor de eerstkomende verkiezing na de beslissing op het verzoek wordt hem de waarborgsom zo spoedig mogelijk teruggegeven. Over de terug te betalen waarborgsommen wordt geen rente vergoed.
|
||||
|
||||
|
|
@ -818,9 +818,11 @@ De beslissing betreffende de toelating van de tot lid van het algemeen bestuur b
|
|||
|
||||
### Artikel 2.107
|
||||
|
||||
**1.** Indien op het tijdstip van periodieke aftreding van de leden de goedkeuring van de geloofsbrieven van meer dan de helft van het bij reglement voorgeschreven aantal leden niet onherroepelijk is geworden, houden de leden zitting, totdat zulks is geschied. Gedurende deze tijd oefenen de bij de verkiezing gekozen leden hun functie niet uit.
|
||||
**1.** Indien op het tijdstip van aftreding van de leden de goedkeuring van de geloofsbrieven van meer dan de helft van het bij reglement voorgeschreven aantal leden niet onherroepelijk is geworden, houden de leden zitting, totdat zulks is geschied. Gedurende deze tijd oefenen de bij de verkiezing gekozen leden hun functie niet uit.
|
||||
|
||||
**2.** Een plaats die openvalt na het tijdstip van periodieke aftreding, wordt vervuld op dezelfde wijze, als zou zijn geschied, indien zij voor dat tijdstip zou zijn opengevallen.
|
||||
**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op het tijdstip van instelling van een waterschap, met dien verstande dat gedurende deze tijd de leden van het ingevolge artikel 28, eerste lid, van de wet aangewezen waterschap zitting houden. Het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur nemen gedurende deze tijd slechts besluiten die geen uitstel kunnen lijden.
|
||||
|
||||
**3.** Een plaats die openvalt na het tijdstip van aftreding, wordt vervuld op dezelfde wijze, als zou zijn geschied, indien zij voor dat tijdstip zou zijn opengevallen.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 18. De opvolging
|
||||
|
||||
|
|
@ -972,7 +974,7 @@ In dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
|||
|
||||
### Artikel 3.2
|
||||
|
||||
**1.** Aan een lid van het algemeen bestuur wordt een vergoeding toegekend van € 402,53.
|
||||
**1.** Aan een lid van het algemeen bestuur wordt een vergoeding toegekend van € 425,07.
|
||||
|
||||
**2.** Het bedrag van de vergoeding wordt per 1 januari van elk jaar door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties herzien aan de hand van het door het Centraal Bureau voor de Statistiek voor de maand september van het voorafgaande kalenderjaar vastgestelde indexcijfer CAO lonen overheid, inclusief bijzondere beloningen, en bekend gemaakt in de Staatscourant.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2195,10 +2197,10 @@ In deze paragraaf wordt verstaan onder:
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Administratieplichtig voor de toepassing van de zuiveringsheffing, bedoeld in artikel 122d, eerste lid, van de wet en de verontreinigingsheffing, bedoeld in artikel 18, eerste lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren is:
|
||||
Administratieplichtig voor de toepassing van de zuiveringsheffing, bedoeld in artikel 122d, eerste lid, van de wet en de verontreinigingsheffing, bedoeld in artikel 7.2, tweede lid, van de Waterwet is:
|
||||
|
||||
a. de heffingplichtige op wie artikel 122k van de wet of artikel 22 van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren van toepassing is.
|
||||
b. de heffingplichtige op wie artikel 6.12, tweede lid, van dit besluit of artikel 20, vierde lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren van toepassing is.
|
||||
a. de heffingplichtige op wie artikel 122k van de wet of artikel 7.5, vijfde lid, van de Waterwet in samenhang met dat artikel van toepassing is.
|
||||
b. de heffingplichtige op wie artikel 6.12, tweede lid, van dit besluit of 7.5, tweede lid, van de Waterwet van toepassing is.
|
||||
|
||||
**2.** De in het eerste lid bedoelde administratieplichtige is verplicht de gegevensdragers, die op basis van het eerste lid tot zijn administratie dienen te behoren, gedurende zeven jaren te bewaren.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2214,9 +2216,9 @@ De in artikel 6.14, eerste lid, bedoelde administratieplichtige die niet of niet
|
|||
|
||||
Informatieplichtig is:
|
||||
|
||||
a. de eigenaar, de bezitter en de beperkt gerechtigde van een woonruimte of een bedrijfsruimte, voor zover dat voor de heffing van de waterschapbelastingen, bedoeld in de artikelen 117, aanhef en onderdeel a,122d, eerste lid, van de wet, of in artikel 18, eerste lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren, van belang kan zijn, ter zake van de naam-, adres- en woonplaatsgegevens van degene die het gebruik heeft van de woonruimte of bedrijfsruimte;
|
||||
b. de eigenaar of beheerder van een energiebedrijf en het administratiekantoor dat voor die persoon werkzaam is voor zover dat voor de heffing van de waterschapsbelasting, bedoeld in artikel 117, aanhef en onderdeel a, 122d, eerste lid, van de wet of in artikel 18, eerste lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren, van belang kan zijn, ter zake van de naam-, adres- en woonplaatsgegevens van degene die het gebruik heeft van een woonruimte of een bedrijfsruimte, die is aangesloten op voorzieningen van het energiebedrijf;
|
||||
c. de eigenaar of beheerder van een waterleidingbedrijf en het administratiekantoor dat voor die persoon werkzaam is voor zover dat voor de heffing van de waterschapsbelasting, bedoeld in artikel 117, aanhef en onderdeel a, artikel 122d, eerste lid, van de wet of in artikel 18, eerste lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren, van belang kan zijn, ter zake van naam-, adres- en woonplaatsgegevens en van de gegevens met betrekking tot de omvang van de geleverde hoeveelheid water, van degene die het gebruik heeft van een woonruimte of een bedrijfsruimte, die is aangesloten op voorzieningen van het waterleidingbedrijf;
|
||||
a. de eigenaar, de bezitter en de beperkt gerechtigde van een woonruimte of een bedrijfsruimte, voor zover dat voor de heffing van de waterschapbelastingen, bedoeld in de artikelen 117, aanhef en onderdeel a,122d, eerste lid, van de wet, of in artikel 7.2, tweede lid, van de Waterwet, van belang kan zijn, ter zake van de naam-, adres- en woonplaatsgegevens van degene die het gebruik heeft van de woonruimte of bedrijfsruimte;
|
||||
b. de eigenaar of beheerder van een energiebedrijf en het administratiekantoor dat voor die persoon werkzaam is voor zover dat voor de heffing van de waterschapsbelasting, bedoeld in artikel 117, aanhef en onderdeel a, 122d, eerste lid, van de wet of in artikel 7.2, tweede lid, van de Waterwet, van belang kan zijn, ter zake van de naam-, adres- en woonplaatsgegevens van degene die het gebruik heeft van een woonruimte of een bedrijfsruimte, die is aangesloten op voorzieningen van het energiebedrijf;
|
||||
c. de eigenaar of beheerder van een waterleidingbedrijf en het administratiekantoor dat voor die persoon werkzaam is voor zover dat voor de heffing van de waterschapsbelasting, bedoeld in artikel 117, aanhef en onderdeel a, artikel 122d, eerste lid, van de wet of in artikel 7.2, tweede lid, van de Waterwet, van belang kan zijn, ter zake van naam-, adres- en woonplaatsgegevens en van de gegevens met betrekking tot de omvang van de geleverde hoeveelheid water, van degene die het gebruik heeft van een woonruimte of een bedrijfsruimte, die is aangesloten op voorzieningen van het waterleidingbedrijf;
|
||||
d. de aannemer, bedoeld in artikel 750, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, die een onroerende zaak tot stand heeft gebracht en heeft opgeleverd, voor zover dat voor de heffing van de waterschapsbelasting, bedoeld in artikel 115, eerste lid, onderdeel c, van de wet, van belang kan zijn, ter zake van de vervaardigingskosten van de tot stand gebrachte onroerende zaak.
|
||||
|
||||
**2.** Voor zover dit redelijkerwijs van belang is voor de uitvoering van dit besluit, gelden de in het eerste lid bedoelde verplichtingen ook buiten het gebied van het waterschap.
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue