2005-12-29 | BWBR0018842 | Besluit dagloonregels werknemersverzekeringen

This commit is contained in:
Coornhert 2005-12-29 12:00:00 +00:00
parent fd554450f4
commit d34221fa45

View file

@ -27,7 +27,7 @@ f. *ZW-dagloon*: het dagloon, bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de ZW;
g. *WAO*-dagloon: het dagloon, bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de WAO;
h. *WIA*-dagloon: het dagloon, bedoeld in artikel 13, eerste lid, van de Wet WIA;
i. *WW-dagloon*: het dagloon, bedoeld in artikel 45, eerste lid, van de WW;
j. *loon*: het loon, bedoeld in hoofdstuk 3, afdeling 1, paragraaf 1, van de Wet financiering sociale verzekeringen, met uitzondering van het eindheffingsbestanddeel, bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op de loonbelasting 1964 ten aanzien waarvan de werkgever met toestemming van de inspecteur van de rijksbelastingdienst geen correctiebericht als bedoeld in artikel 28a van die wet heeft ingediend en met uitzondering van een uitkering die de werknemer heeft genoten op grond van de aanspraak, bedoeld in artikel 39d, tweede lid of derde lid, van de Wet op de loonbelasting 1964, zonder dat er sprake is van onbetaald extra verlof;
j. *loon*: het loon, bedoeld in hoofdstuk 3, afdeling 1, paragraaf 1, van de Wet financiering sociale verzekeringen;
k. *dagloondagen*: maandag tot en met vrijdag;
l. *aanvullingen*: de aanvullingen, bedoeld in artikel 16, tweede lid, onderdeel a, onder 1°, van de Wet financiering sociale verzekeringen;
m. *arbeidsongeschikt(heid)*: ongeschikt(heid) tot het verrichten van zijn of haar arbeid, bedoeld in artikel 19, eerste en tweede lid, van de ZW, arbeidsongeschikt(heid), bedoeld in artikel 18, eerste lid, van de WAO of volledige en gedeeltelijke arbeidsgeschikt(heid), bedoeld in artikel 46 van de Wet WIA;
@ -35,17 +35,13 @@ n. *arbeidsurenverlies*: het arbeidsurenverlies, bedoeld in artikel 16, eerste l
o. *aangiftetijdvak*: het tijdvak van vier weken dan wel één maand waarop de aangifte waarop de ingehouden loonbelasting wordt afgedragen, betrekking heeft;
p. *gebroken aangiftetijdvak*: een aangiftetijdvak dat deels binnen en deels buiten het refertejaar valt;
q. *refertejaar*: de periode van één jaar die eindigt op de laatste dag van het aangiftetijdvak voorafgaande aan het aangiftetijdvak waarin de arbeidsongeschiktheid dan wel het arbeidsurenverlies is ingetreden, of die eindigt, in geval de arbeidsongeschiktheid als bedoeld in de WAO of de Wet WIA is ingetreden in gelijktijdige dienstbetrekkingen, op de laatste dag van het aangiftetijdvak dat het eerst voor het intreden van de arbeidsongeschiktheid is geëindigd;
r. minimumloon: het minimumloon per maand, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel a, van de WML, gedeeld door 21,75;
r. *minimumloon*: het minimumloon, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel c, van de WML;
s. *minimumjeugdloonpercentage*: een percentage als bedoeld in artikel 8, derde lid, van de WML;
t. *verlof*: een tussen de werkgever en werknemer voor een gedeelte of het geheel van de arbeidstijd overeengekomen periode van verlof, waarin de werknemer geen arbeid jegens de werkgever verricht;
u. *WAO-vervolgdagloon*: het vervolgdagloon, bedoeld in artikel 21b van de WAO.
**2.** In dit besluit wordt onder vakantiebijslag niet verstaan vakantiebijslag voldaan overeenkomstig artikel 18, eerste lid, van de WML.
**3.** Artikel 40, tweede lid, van de WAO is voor de bepaling van het refertejaar, bedoeld in het eerste lid, onderdeel q, van overeenkomstige toepassing.
**4.** Indien op de dag, bedoeld in artikel 54, tweede lid, van de Wet WIA geen recht op een werkhervattingsuitkering gedeeltelijk arbeidsgeschikten als bedoeld in hoofdstuk 7 van de Wet WIA, is ontstaan omdat de werknemer op die dag niet gedeeltelijk arbeidsgeschikt is, en op die dag, of op een eerdere dag als gevolg van het eindigen van de dienstbetrekking, een arbeidsurenverlies is ingetreden, wordt voor de bepaling van het refertejaar in aanmerking genomen: de periode van één jaar die eindigt op de laatste dag van het aangiftetijdvak voorafgaande aan het aangiftetijdvak waarin de arbeidsongeschiktheid is ingetreden. De in de eerste zin bedoelde periode van één jaar eindigt, in geval de arbeidsongeschiktheid als bedoeld in de WAO of de Wet WIA is ingetreden in gelijktijdige dienstbetrekkingen, op de laatste dag van het aangiftetijdvak dat het eerst voor het intreden van de arbeidsongeschiktheid is geëindigd.
### Artikel 2
**1.** Voor de toepassing van dit besluit wordt de werknemer geacht zijn loon te hebben genoten in het aangiftetijdvak waarover de werkgever van dat loon opgave heeft gedaan.
@ -63,7 +59,7 @@ A staat voor de uitkering op grond van de ZW, de WW, de WAO, de Wet WIA of hoofd
B staat voor:
a. 70, dan wel
b. indien het uitkeringspercentage van de uitkeringen op grond van de ZW, de WAO, hoofdstuk 6 van de Wet WIA, hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg of hoofdstuk IV van de WW hoger is dan 70%, het uitkeringspercentage waarnaar de uitkering is berekend; of
b. indien het uitkeringspercentage hoger is dan 70%, het uitkeringspercentage waarnaar de uitkering is berekend; of
c. 100, indien de artikelen 53 of 63 van de Wet WIA van toepassing zijn, dan wel
d. indien de teller van de factor, bedoeld in artikel 53 of 63 van de wet WIA lager is, de waarde van die teller;
@ -143,8 +139,6 @@ E staat voor het bedrag dat de werknemer in het refertejaar heeft opgebouwd aan
**3.** Indien noch een laatste aan het verlof of aan de arbeidsongeschiktheid voorafgaand aangiftetijdvak als bedoeld in het eerste lid noch een direct na afloop van dat verlof of die arbeidsongeschiktheid gelegen aangiftetijdvak als bedoeld in het tweede lid wordt gevonden, wordt voor ieder in het refertejaar gelegen aangiftetijdvak waarin door de werknemer geen of minder loon is genoten in verband met de in het eerste lid genoemde omstandigheden, het voor dat aangiftetijdvak geldende overeengekomen loon in aanmerking genomen.
**4.** Dit artikel blijft buiten toepassing, indien de vaststelling van het loon met toepassing van dit artikel leidt tot een lager loon dan de vaststelling van het loon zonder toepassing van dit artikel.
### Paragraaf 3. Bijzondere bepalingen bij het vaststellen van het dagloon van bepaalde categorieën werknemers
### Artikel 5
@ -189,7 +183,7 @@ E staat voor het bedrag dat de werknemer in het aangiftetijdvak waarin de arbeid
F staat voor het in dat aangiftetijdvak gelegen aantal dagloondagen waarover de werknemer loon heeft genoten, voordat de arbeidsongeschiktheid of het arbeidsurenverlies is ingetreden.
**3.** Indien F nul is wordt de uitkomst van de berekening van het tweede lid op nihil gesteld.
**3.** Indien F nul is wordt de uitkomst van de berekening van het derde lid op nihil gesteld.
**4.** Dit artikel is niet van toepassing, indien de werknemer in verband met verlof geen loon heeft ontvangen.
@ -207,9 +201,9 @@ Indien een werknemer, die recht heeft op een uitkering op grond van de WAO of de
### Artikel 9
**1.** Bij het vaststellen van het ZW- of WW-dagloon van de werknemer die tijdens het refertejaar in twee of meer dienstbetrekkingen stond, wordt slechts in aanmerking genomen het loon uit de dienstbetrekking uit hoofde waarvan de werknemer arbeidsongeschikt of werkloos is geworden, alsmede uit de overige dienstbetrekkingen naar de mate waarin die dienstbetrekking daarvoor in de plaats is gekomen.
**1.** Bij het vaststellen van het ZW- of WW-dagloon van de werknemer die tijdens het refertejaar in twee of meer dienstbetrekkingen stond, wordt slechts in aanmerking genomen het loon uit de dienstbetrekking uit hoofde waarvan de werknemer arbeidsongeschikt of werkloos is geworden, alsmede uit de overige dienstbetrekkingen naar de mate waarin de die dienstbetrekking daarvoor in de plaats is gekomen.
**2.** Bij het vaststellen van het ZW- of WW-dagloon van de werknemer die tijdens het refertejaar een uitkering op grond van de ZW, de WW, de WAO, de Wet WIA of de Wet arbeid en zorg genoot worden het op grond van artikel 2, tweede en derde lid, vastgestelde loon en de vakantiebijslag in aanmerking genomen naar de mate waarin de uitkering, waarvoor het dagloon wordt vastgesteld, in de plaats is gekomen van de in het in aanmerking te nemen tijdvak genoten uitkering.
**2.** Bij het vaststellen van het ZW- of WW-dagloon van de werknemer die tijdens het refertejaar een uitkering op grond van de ZW, de WW, de WAO, de Wet WIA of de Wet arbeid en zorg genoot worden de op grond van artikel 2, tweede en derde lid, vastgestelde loon en vakantiebijslag in aanmerking genomen naar de mate waarin de uitkering, waarvoor het dagloon wordt vastgesteld, in de plaats is gekomen van de in het in aanmerking te nemen tijdvak genoten uitkering.
### Artikel 10
@ -225,7 +219,7 @@ Indien een werknemer, die recht heeft op een uitkering op grond van de WAO of de
**1.**
Het ZW-dagloon van de werknemer, bedoeld in de artikelen 29b en 29d van de ZW, is, in afwijking van artikel 3, eerste lid, de uitkomst van de volgende berekening:
Het ZW-dagloon van de werknemer, bedoeld in artikel 29b van de ZW, is, in afwijking van artikel 3, eerste lid, de uitkomst van de volgende berekening:
((A B C) + D + E) / F
@ -279,24 +273,34 @@ B staat voor het aantal dagloondagen in het aangiftetijdvak waarin de arbeidsong
**1.** Het ZW-dagloon van de persoon, die op de dag van het ontstaan van zijn ongeschiktheid tot werken op grond van artikel 7 van de ZW als werknemer wordt aangemerkt, wordt vastgesteld op het WW-dagloon.
**2.** Indien de uitkering op grond van de WW in verband met niet volledig arbeidsurenverlies is vastgesteld of op die uitkering inkomsten uit arbeid worden verrekend met toepassing van artikel 35aa WW, wordt het ZW-dagloon, bedoeld in het eerste lid, vastgesteld op 100/70 van het bedrag van de WW-uitkering per dag over de vier kalenderweken voorafgaande aan de dag van het ontstaan van de arbeidsongeschiktheid.
**2.**
**3.** Voor de toepassing van dit besluit is de maandag de eerste dag van de kalenderweek.
In afwijking van het eerste lid, wordt het ZW-dagloon van de persoon, die op de dag voor het ontstaan van zijn ongeschiktheid tot werken een kortdurende uitkering of een vervolguitkering op grond van de WW ontvangt bepaald op:
a. het minimumloon per maand, vermeerderd met de berekende vakantiebijslag, bedoeld in artikel 15 van de WML, gedeeld door 21,75;
b. het bedrag, bedoeld in onderdeel a, vermenigvuldigd met een breuk waarvan de teller wordt gevormd door het verschil tussen 100 en het midden van de arbeidsongeschiktheidsklasse waarin de uitkeringsgerechtigde is ingedeeld en de noemer door het getal 100, indien hij tevens een uitkering op grond van de WAO naar een arbeidsongeschiktheid van minder dan 80% ontvangt of zou ontvangen indien artikel 25, 28, 30 of 33 van die wet niet op hem van toepassing zou zijn;
c. het WW-dagloon, waarnaar zijn loondervingsuitkering op grond van de WW is of zou zijn berekend, ingeval dat dagloon lager is dan het bedrag berekend op grond van de onderdelen a en b.
**3.** Indien de uitkering van de werknemer op grond van de WW met toepassing van artikel 35c van die wet is berekend wordt het dagloon, bedoeld in het tweede lid, in aanmerking genomen naar de mate waarin de uitkering, waarvoor het dagloon wordt vastgesteld, in de plaats is gekomen voor de uitkering op grond van de WW.
**4.** Indien op de dag voor het ontstaan van de ongeschiktheid tot werken artikel 35 van de WW op de werknemer van toepassing was dan wel de uitkering op grond van de WW in verband met niet volledig arbeidsurenverlies is vastgesteld, wordt het ZW-dagloon, bedoeld in het eerste tot en met derde lid, vastgesteld op 100/70 van het bedrag van de WW-uitkering per dag over de vier weken voorafgaande aan de dag van het ontstaan van de arbeidsongeschiktheid.
**5.** Indien bij de berekening van het ZW-dagloon, bedoeld in het eerste tot en met vierde lid, een vakantiebon in aanmerking is genomen, wordt, voor zolang op grond van het uitkeringsreglement werkloosheidsverzekeringen, bedoeld in artikel 101 van de WW, een deel van de uitkering wordt betaald in de vorm van bijdragen aan sociale fondsen, waaronder begrepen bonnen, zegels en certificaten die door het desbetreffende fonds worden uitgegeven of voorgeschreven, het ZW-dagloon verminderd met 100/70 maal de waarde van dat deel van de uitkering op grond van de WW.
### Paragraaf 6. Het vaststellen en herzien van het WW-dagloon in specifieke situaties
### Artikel 13
**1.** Het WW-dagloon van de werknemer die op de dag voorafgaande aan de eerste werkloosheidsdag een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de WAO heeft ontvangen, is, indien die uitkering met ingang van de eerste werkloosheidsdag wordt ingetrokken op grond van artikel 43, eerste lid, van de WAO, gelijk aan het laatstelijk geldende WAO-dagloon. Het WAO-dagloon van de werknemer die een uitkering op grond van de WAO naar een arbeidsongeschiktheid van minder dan 80% heeft ontvangen, wordt in aanmerking genomen naar de mate waarin de uitkering, waarvoor het dagloon wordt vastgesteld, in de plaats is gekomen voor de uitkering op grond van de WAO.
**1.** Het WW-dagloon van de werknemer die op de dag voorafgaande aan de eerste werkloosheidsdag een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de WAO heeft ontvangen naar een arbeidsongeschiktheid van 80% of meer, is, indien die uitkering met ingang van de eerste werkloosheidsdag wordt ingetrokken dan wel niet meer wordt uitbetaald op grond van artikel 43, eerste lid, of artikel 44, eerste lid, onderdeel a, van de WAO, gelijk aan het laatstelijk geldende WAO-dagloon.
**2.** Het WW-dagloon van de werknemer die op de eerste werkloosheidsdag, of op de eerste dag van herleving van het recht op werkloosheidsuitkering, een uitkering op grond van de WAO naar een arbeidsongeschiktheid van minder dan 80% ontvangt, wordt vastgesteld door evenredige verlaging van het laatstelijk geldende WAO-dagloon. Dit WAO-dagloon wordt in aanmerking genomen naar de mate waarin de uitkering, waarvoor het dagloon wordt vastgesteld, in de plaats is gekomen voor de uitkering op grond van de WAO.
**2.** Het WW-dagloon van de werknemer die op de eerste werkloosheidsdag, of op de eerste dag van herleving van het recht op werkloosheidsuitkering, een uitkering op grond van de WAO naar een arbeidsongeschiktheid van minder dan 80% ontvangt, wordt vastgesteld door evenredige verlaging van het laatstelijk geldende WAO-dagloon. Het WW-dagloon wordt in aanmerking genomen naar de mate waarin de uitkering, waarvoor het dagloon wordt vastgesteld, in de plaats is gekomen voor de uitkering op grond van de WAO.
**3.**
Indien op een tijdstip na de in het tweede lid bedoelde dagloonvaststelling
a. de werknemer wordt ingedeeld in een andere arbeidsongeschiktheidsklasse, of
b. diens arbeidsongeschiktheidsuitkering niet meer volledig wordt uitbetaald op grond van artikel 44, eerste lid, onderdeel b, van de WAO, wordt het WW-dagloon opnieuw vastgesteld. Het WAO-dagloon wordt in aanmerking genomen naar de mate waarin de uitkering, waarvoor het dagloon wordt vastgesteld, in de plaats is gekomen voor de uitkering op grond van de WAO.
b. diens arbeidsongeschiktheidsuitkering niet meer volledig wordt uitbetaald op grond van artikel 44, eerste lid, onderdeel b, van de WAO, wordt het WW-dagloon opnieuw vastgesteld. Het WW-dagloon wordt in aanmerking genomen naar de mate waarin de uitkering, waarvoor het dagloon wordt vastgesteld, in de plaats is gekomen voor de uitkering op grond van de WAO.
**4.**
@ -310,7 +314,7 @@ A staat voor het WAO-dagloon, bedoeld in het tweede lid; en
B staat voor het midden van de arbeidsongeschiktheidsklasse die bij de vaststelling of hernieuwde vaststelling in acht wordt genomen.
**5.** Voor de werknemer, bedoeld in het tweede lid, wiens arbeidsongeschiktheidsuitkering op een tijdstip na de in dat lid bedoelde dagloonberekening wordt ingetrokken op grond van artikel 43, eerste lid van de WAO, is het WW-dagloon het in de eerste zin van het tweede lid bedoelde WAO-dagloon respectievelijk het zesde lid bedoelde WAO-vervolgdagloon.
**5.** Voor de werknemer, bedoeld in het tweede lid, wiens arbeidsongeschiktheidsuitkering op een tijdstip na de in dat lid bedoelde dagloonberekening wordt ingetrokken dan wel niet meer wordt uitbetaald op grond van artikel 43, eerste lid, of artikel 44, eerste lid, onderdeel a, van de WAO, is het WW-dagloon het in de eerste zin van het tweede lid bedoelde WAO-dagloon respectievelijk het zesde lid bedoelde WAO-vervolgdagloon.
**6.** Indien de arbeidsongeschiktheidsuitkering laatstelijk was gebaseerd op een WAO-vervolgdagloon wordt bij de toepassing van het eerste, tweede, vierde en vijfde lid voor «WAO-dagloon» gelezen: WAO-vervolgdagloon.
@ -378,13 +382,13 @@ wordt vastgesteld overeenkomstig artikel 11, waarbij het arbeidsongeschikt worde
### Artikel 17
**1.** Het WW-dagloon van de werknemer die binnen 24 maanden na de dag van beëindiging van een eerdere dienstbetrekking een andere dienstbetrekking is aangegaan, wordt, bij beëindiging van deze nieuwe dienstbetrekking binnen 36 maanden na die eerdere beëindiging, niet lager vastgesteld dan op het WW-dagloon dat gold of zou hebben gegolden vanwege die eerdere dienstbetrekking. Het dagloon wordt in aanmerking genomen naar de mate waarin de nieuwe dienstbetrekking in de plaats is gekomen van de eerdere dienstbetrekking.
**1.** Het WW-dagloon van de werknemer die uiterlijk binnen 12 maanden na de dag van beëindiging van een eerdere dienstbetrekking een andere dienstbetrekking is aangegaan, wordt, bij beëindiging van deze nieuwe dienstbetrekking binnen 36 maanden na die eerdere beëindiging, niet lager vastgesteld dan op het WW-dagloon dat gold of zou hebben gegolden vanwege die eerdere dienstbetrekking. Het dagloon wordt in aanmerking genomen naar de mate waarin de nieuwe dienstbetrekking in de plaats is gekomen van de eerdere dienstbetrekking.
**2.** De in het eerste lid genoemde termijn van 24 maanden wordt verlengd met in deze periode gelegen perioden van arbeidsongeschiktheid.
**2.** De in het eerste lid genoemde termijn van 12 maanden wordt verlengd met in deze periode gelegen perioden van arbeidsongeschiktheid.
**3.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op het vast te stellen WW-dagloon vanwege alle doch binnen de termijn van 36 maanden na de dag van beëindiging van de in het eerste lid bedoelde eerdere dienstbetrekking aangegane en beëindigde nieuwe dienstbetrekkingen.
**4.** Indien de werknemer op de dag van het beëindigen van de eerste dienstbetrekking de leeftijd van 55 jaar had bereikt, is de in het eerste en derde lid genoemde termijn van 36 maanden niet van toepassing.
**4.** Indien de werknemer op de dag van het beëindigen van de eerste dienstbetrekking de leeftijd van 55 jaar had bereikt is het eerste lid van toepassing op het vast te stellen WW-dagloon vanwege alle aangegane en beëindigde nieuwe dienstbetrekkingen.
**5.**
@ -423,7 +427,7 @@ In de gevallen waarin de artikelen 48, eerste lid, onderdelen b en c, en 55, eer
**1.** Het dagloon bedraagt ten hoogste het op grond van artikel 17, eerste lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen geldende bedrag met betrekking tot een loontijdvak van een dag.
**2.** Indien een werknemer gelijktijdig aanspraak heeft op meerdere uitkeringen op grond van de ZW, de WW, de Wet arbeid en zorg, de WAO of de Wet WIA en de som van de uitkeringen op grond van die wetten per dag meer bedraagt dan 70% van het bedrag, bedoeld in het eerste lid, worden de aan die uitkeringen ten grondslag liggende daglonen zodanig evenredig verminderd dat de som van de uitkeringen per dag niet langer meer bedraagt dan 70% van het bedrag, bedoeld in het eerste lid.
**2.** Indien een werknemer gelijktijdig aanspraak heeft op meerdere uitkeringen op grond van de ZW, de WW, de Wet arbeid en zorg, de WAO of de Wet WIA en de som van de uitkeringen op grond van die wetten meer bedraagt dan 70% van het bedrag, bedoeld in het eerste lid, worden de aan die uitkeringen ten grondslag liggende daglonen zodanig evenredig verminderd dat de som het in het eerste lid bedoelde bedrag niet langer overschrijdt.
**3.**
@ -451,8 +455,6 @@ Indien aan een wijziging van de Wet op de loonbelasting 1964 of een daarop gebas
**3.** Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing voor de dagloonberekening, bedoeld in artikel 2, zesde lid, 6, tweede lid, en 11, eerste en tweede lid, met dien verstande, dat daarbij alleen het loon, dat de werknemer heeft genoten in aanmerking wordt genomen.
**4.** Artikel 12 zoals dat luidde op de dag voor inwerkingtreding van artikel I, onderdeel B, onder 1, 2, 3 of 4, van het besluit van 28 september 2006 tot wijziging van enige algemene maatregelen van bestuur in verband met de inwerkingtreding van de Wet wijziging WW-stelsel en in verband met enige technische verbeteringen (Stb. 435) blijft van toepassing met betrekking tot een recht op uitkering waarvan de eerste werkloosheidsdag is gelegen voor de dag van inwerkingtreding van het desbetreffende subonderdeel alsmede op een recht op vervolguitkering dat is ontstaan op grond van artikel 130h, eerste lid, aanhef en onderdelen b of c, of tweede lid, van de WW.
### Artikel 25
Dit besluit treedt in werking met ingang van 29 december 2005.