From d368f9f265d9487d89767ee2648b7b4e8b8b2db0 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Fri, 6 Feb 2004 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2004-02-06 | BWBR0009542 | Wet herstructurering varkenshouderij --- .../BWBR0009542/README.md | 56 ++++++------------- 1 file changed, 16 insertions(+), 40 deletions(-) diff --git a/wet/wet-herstructurering-varkenshouderij/BWBR0009542/README.md b/wet/wet-herstructurering-varkenshouderij/BWBR0009542/README.md index b509f023ca2..8fd55c3b9f4 100644 --- a/wet/wet-herstructurering-varkenshouderij/BWBR0009542/README.md +++ b/wet/wet-herstructurering-varkenshouderij/BWBR0009542/README.md @@ -30,8 +30,8 @@ k. mestproductierecht: mestproductierecht als bedoeld in artikel 1, eerste lid, l. niet-gebonden mestproductierecht: niet-gebonden mestproductierecht als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel ab, van de Meststoffenwet; m. concentratiegebied: concentratiegebied Zuid of concentratiegebied Oost als aangegeven in bijlage B bij deze wet; n. tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond: in Nederland gelegen oppervlakte landbouwgrond, daaronder niet begrepen de oppervlakte waarop zich de bedrijfsgebouwen en daarbij behorende voorzieningen bevinden, die tot het bedrijf behoort op grond van eigendom, een zakelijk gebruiksrecht of een door de grondkamer goedgekeurde pachtovereenkomst als bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de Pachtwet, en die in het kader van een normale bedrijfsvoering bij dat bedrijf in gebruik is; -o. grondgebonden deel van het varkensrecht: deel van het varkensrecht overeenkomend met het op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet geldende varkensrecht, verminderd met 90% van het aantal varkenseenheden dat wordt bepaald door het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen geldend met betrekking tot 1996 te delen door 7,4 kilogram fosfaat. Ingeval het varkensrecht wordt bepaald op grond van artikel 7, wordt in de eerste volzin in plaats van «1996» gelezen: 1995; -p. grondgebonden deel van het fokzeugenrecht: deel van het fokzeugenrecht overeenkomend met het op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet geldende fokzeugenrecht, verminderd met 90% van het aantal varkenseenheden dat wordt bepaald door het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen geldend met betrekking tot 1996 te delen door 7,4 kilogram fosfaat. Ingeval het fokzeugenrecht wordt bepaald op grond van artikel 7, wordt in de eerste volzin in plaats van «1996» gelezen: 1995; +o. grondgebonden deel van het varkensrecht: deel van het varkensrecht, bepaald overeenkomstig artikel 14a, eerste en derde lid, zoals dit deel in voorkomend geval is gewijzigd door toepassing van de artikelen 16 tot en met 19; +p. grondgebonden deel van het fokzeugenrecht: deel van het fokzeugenrecht, bepaald overeenkomstig artikel 14a, eerste en tweede lid, zoals dit deel in voorkomend geval is gewijzigd door toepassing van de artikelen 16 tot en met 19; q. groen-labelstal: voor de huisvesting van varkens bestemde stal met een stalsysteem waarvoor een Groen Label als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, van het Convenant Groen Label (Stcrt. 1993, 21) is afgegeven. ### Artikel 2 @@ -177,19 +177,15 @@ Met betrekking tot een bedrijf geldt in plaats van het varkensrecht of het fokze ### Artikel 16 -**1.** Een varkensrecht kan, onder welke titel dan ook, met inachtneming van artikel 17 geheel of gedeeltelijk overgaan naar een ander bedrijf overeenkomstig de artikelen 18 en 19. - -**2.** In afwijking van het eerste lid kan het grondgebonden deel van het varkensrecht, onderscheidenlijk fokzeugenrecht, niet naar een ander bedrijf overgaan. +Een varkensrecht kan, onder welke titel dan ook, met inachtneming van artikel 17 geheel of gedeeltelijk overgaan naar een ander bedrijf overeenkomstig de artikelen 18 en 19. ### Artikel 17 -**1.** Een varkensrecht, of een gedeelte daarvan, afkomstig van een bedrijf gelegen in een concentratiegebied kan uitsluitend overgaan naar een in hetzelfde gebied gelegen bedrijf. +**1.** Een varkensrecht, of een gedeelte daarvan, afkomstig van een bedrijf gelegen in een concentratiegebied kan overgaan naar een in hetzelfde gebied gelegen bedrijf of naar een buiten de concentratiegebieden gelegen bedrijf. **2.** Een varkensrecht, of een gedeelte daarvan, afkomstig van een bedrijf gelegen buiten de concentratiegebieden kan uitsluitend overgaan naar een buiten de concentratiegebieden gelegen bedrijf. -**3.** Het eerste lid is niet van toepassing in geval van een overgang van het varkensrecht, of een gedeelte daarvan, naar een buiten de concentratiegebieden gelegen bedrijf, indien het varkensrecht van dat bedrijf niet groter is of daarmee groter wordt dan 15 varkenseenheden per hectare van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond en indien op het bedrijf, blijkens de registratie van het Bureau Heffingen, geen niet-gebonden mestproductierecht rust. Het desbetreffende varkensrecht, of gedeelte daarvan, kan na deze overgang niet overgaan naar andere bedrijven, tenzij ten aanzien van deze bedrijven de voorwaarden voor overgang naar het oorspronkelijke bedrijf, bedoeld in de eerste volzin, zijn vervuld. - -**4.** Een bedrijf is gelegen binnen een concentratiegebied, onderscheidenlijk buiten de concentratiegebieden, indien de huisvesting waarin de varkens worden of zullen worden gehouden hoofdzakelijk is gelegen binnen het desbetreffende concentratiegebied, onderscheidenlijk buiten de concentratiegebieden. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de wijze waarop wordt bepaald of de huisvesting hoofdzakelijk is gelegen binnen een van de concentratiegebieden, dan wel buiten de concentratiegebieden. +**3.** Een bedrijf is gelegen binnen een concentratiegebied, onderscheidenlijk buiten de concentratiegebieden, indien de huisvesting waarin de varkens worden of zullen worden gehouden hoofdzakelijk is gelegen binnen het desbetreffende concentratiegebied, onderscheidenlijk buiten de concentratiegebieden. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de wijze waarop wordt bepaald of de huisvesting hoofdzakelijk is gelegen binnen een van de concentratiegebieden, dan wel buiten de concentratiegebieden. ### Artikel 18 @@ -207,7 +203,9 @@ Op het tijdstip van registratie van de kennisgeving vindt een verkleining plaats **4.** De verkleining, onderscheidenlijk vergroting, betreft het fokzeugenrecht voor zover zulks door de betrokken partijen bij de kennisgeving is aangegeven. -**5.** Voor het lopende jaar is de verkleining, onderscheidenlijk vergroting, van het varkensrecht en het fokzeugenrecht beperkt tot het aantal varkenseenheden waarvan de betrokken partijen op het formulier van de kennisgeving hebben aangegeven dat deze op het bedrijf waarvan zij afkomstig zijn in dat jaar niet zijn benut voor het houden van varkens, onderscheidenlijk fokzeugen. +**5.** De verkleining, onderscheidenlijk vergroting, betreft het grondgebonden deel van het varkensrecht of het grondgebonden deel van het fokzeugenrecht, voorzover zulks door de betrokken partijen bij de kennisgeving is aangegeven. Ingeval sprake is van de overgang van een varkensrecht, onderscheidenlijk fokzeugenrecht, afkomstig van een bedrijf dat is gelegen in een concentratiegebied naar een bedrijf dat is gelegen buiten de concentratiegebieden, betreft de vergroting te allen tijde het grondgebonden deel van het varkensrecht, onderscheidenlijk fokzeugenrecht. + +**6.** Voor het lopende jaar is de verkleining, onderscheidenlijk vergroting, van het varkensrecht en het fokzeugenrecht beperkt tot het aantal varkenseenheden waarvan de betrokken partijen op het formulier van de kennisgeving hebben aangegeven dat deze op het bedrijf waarvan zij afkomstig zijn in dat jaar niet zijn benut voor het houden van varkens, onderscheidenlijk fokzeugen. ### Artikel 19 @@ -217,11 +215,12 @@ De registratie, bedoeld in artikel 18, vindt niet plaats indien: a. de kennisgeving betrekking heeft op een groter aantal varkenseenheden dan overeenkomt met het varkensrecht, onderscheidenlijk fokzeugenrecht, van het bedrijf waarvan de varkenseenheden afkomstig zijn; b. niet is voldaan aan het bepaalde in artikel 17; -c. de kennisgeving betrekking heeft op een varkensrecht, of gedeelte daarvan, dat ingevolge artikel 16, tweede lid, of artikel 17, derde lid, tweede volzin niet kan overgaan; -d. het formulier, bedoeld in artikel 18, eerste lid, niet volledig en naar waarheid is ingevuld en ondertekend. +c. het formulier, bedoeld in artikel 18, eerste lid, niet volledig en naar waarheid is ingevuld en ondertekend. **2.** Indien eerst na de registratie blijkt dat niet aan de in het eerste lid bedoelde voorwaarden voor registratie is voldaan, wordt de registratie door het Bureau Heffingen doorgehaald. Met terugwerkende kracht tot het tijdstip van de registratie vindt een verkleining plaats van het varkensrecht, onderscheidenlijk fokzeugenrecht, van het bedrijf waarheen het varkensrecht, of een gedeelte daarvan, is overgegaan met het aantal varkenseenheden waarop de kennisgeving betrekking had, en vindt een vergroting plaats van het varkensrecht, onderscheidenlijk fokzeugenrecht, van het bedrijf waarvan het varkensrecht, of een gedeelte daarvan, afkomstig was met eenzelfde aantal varkenseenheden, althans voor zover de kennisgeving niet betrekking had op een groter aantal varkenseenheden dan overeenkwam met het varkensrecht, onderscheidenlijk fokzeugenrecht, van dat bedrijf. +**3.** De in het tweede lid bedoelde verkleining, onderscheidenlijk vergroting, betreft het grondgebonden deel van het varkensrecht, onderscheidenlijk fokzeugenrecht, voorzover de kennisgeving daarop betrekking had. Ingeval de kennisgeving betrekking had op een overgang als bedoeld in artikel 18, vijfde lid, tweede volzin, betreft de verkleining het grondgebonden deel van het varkensrecht, onderscheidenlijk fokzeugenrecht, van het bedrijf waarheen het varkensrecht, of een gedeelte daarvan, is overgegaan. + ### Artikel 20 **1.** In geval van overdracht van een bedrijf kan een verkrijger van het bedrijf eerst aanspraak maken op het varkensrecht van dat bedrijf, vanaf het tijdstip van registratie door het Bureau Heffingen van de door de vervreemder en de verkrijger van het bedrijf gezamenlijk gedane kennisgeving van overgang van het varkensrecht. @@ -234,7 +233,7 @@ Op het tijdstip van registratie van de kennisgeving worden het varkensrecht en h – 60%, indien de kennisgeving in 1999 wordt gedaan; – 25%, indien de kennisgeving na 1999 wordt gedaan. -**3.** De artikelen 18, eerste lid, en 19, eerste lid, onderdeel d, zijn op de kennisgeving en registratie, bedoeld in het eerste lid, van overeenkomstige toepassing. Indien de kennisgeving niet binnen drie maanden na de overdracht is gedaan, komt het varkensrecht te vervallen. +**3.** De artikelen 18, eerste lid, en 19, eerste lid, onderdeel c, zijn op de kennisgeving en registratie, bedoeld in het eerste lid, van overeenkomstige toepassing. Indien de kennisgeving niet binnen drie maanden na de overdracht is gedaan, komt het varkensrecht te vervallen. **4.** Dit artikel is niet van toepassing op een overdracht aan een persoon waarmee bloed- of aanverwantschap in de eerste graad bestaat en evenmin op een overdracht krachtens erfrecht of huwelijksvermogensrecht. @@ -266,7 +265,7 @@ Op het tijdstip van registratie van de kennisgeving worden het varkensrecht en h **1.** -In plaats van het in de artikelen 6, 7 en 11 genoemde percentage van 10 geldt een lager percentage en in plaats van het in de artikelen 1 en 8 tot en met 13 genoemde percentage van 90 geldt een hoger percentage voor bedrijven die vanaf 9 juli 1997 tot het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet aan een of meer van de volgende voorwaarden voldeden: +In plaats van het in de artikelen 6, 7 en 11 genoemde percentage van 10 geldt een lager percentage en in plaats van het in de artikelen 8 tot en met 13 en 14a genoemde percentage van 90 geldt een hoger percentage voor bedrijven die vanaf 9 juli 1997 tot het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet aan een of meer van de volgende voorwaarden voldeden: a. op het bedrijf werden fokzeugen in groepshuisvesting gehouden; b. het bedrijf was bij het Productschap voor Vee en Vlees te Rijswijk als houder van scharrelvarkens geregistreerd en voldeed aan de in dat verband door het productschap gestelde voorwaarden; @@ -324,7 +323,7 @@ Onze Minister is bevoegd tot toepassing van bestuursdwang ter handhaving van de **2.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld omtrent de berekening van het aantal varkens dat gedurende een jaar gemiddeld op het bedrijf is gehouden, alsmede omtrent de daartoe op te maken, te bewaren, over te leggen of af te dragen gegevens. -**3.** Bij ministeriële regeling kunnen voor de toepassing van hoofdstuk III, artikel 27 en artikel 32 van deze wet regels worden gesteld omtrent het opmaken, bewaren, overleggen of afdragen van gegevens. +**3.** Bij ministeriële regeling kunnen voor de toepassing van hoofdstuk III en artikel 27 van deze wet regels worden gesteld omtrent het opmaken, bewaren, overleggen of afdragen van gegevens. **4.** Handelen in strijd met krachtens dit artikel gestelde regels is een strafbaar feit. @@ -334,34 +333,11 @@ De belanghebbende, bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdeel j, kan met gebrui ### Artikel 31 -**1.** Op 1 januari 2000 worden het varkensrecht en het fokzeugenrecht verminderd met 15%. - -**2.** - -Bij ministeriële regeling wordt het percentage van 15 verlaagd met het aantal procentpunten dat overeenkomt met het percentage waarmee blijkens de registratie van het Bureau Heffingen in de periode tot en met 30 november 1999 het totaal aan varkensrechten in Nederland gerekend vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet is verminderd. Deze vermindering komt overeen met de som van: - -– het aantal varkenseenheden dat wordt bepaald door de niet-gebonden mestproductierechten voor varkens en kippen die overeenkomstig de krachtens artikel 7, derde lid, van de Meststoffenwet gestelde regels na 1 december 1997 zijn doorgehaald te delen door 7,4 kilogram fosfaat: -– het aantal varkenseenheden dat is vervallen na registratie van een kennisgeving als bedoeld in artikel 30, behoudens de varkenseenheden die ook reeds in aanmerking zijn genomen ingevolge het eerste gedachtenstreepje; -– het aantal varkenseenheden overeenkomend met de verminderingen bedoeld in de artikelen 18, derde lid, en 20, tweede lid. - -**3.** Het na toepassing van het tweede lid resterende percentage is ten minste 5. +Vervallen ### Artikel 32 -**1.** In zoverre in afwijking van artikel 15, eerste en tweede lid, kan met ingang van 1 januari 2000 op een bedrijf gemiddeld gedurende het jaar een aantal varkens, onderscheidenlijk fokzeugen, worden gehouden dat overeenkomt met 100/95 van het varkensrecht, onderscheidenlijk fokzeugenrecht, indien het bedrijf aantoonbaar maatregelen heeft genomen die betrekking hebben op veevoeding, waarmee de gemiddelde hoeveelheid fosfaat en stikstof in de door de varkens, onderscheidenlijk fokzeugen, geproduceerde dierlijke meststoffen terug is gebracht ten opzichte van nader bij algemene maatregel van bestuur bepaalde waarden. - -**2.** - -Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent de gevallen waarin en de voorwaarden waaronder het eerste lid toepassing vindt. Deze regels kunnen onder meer betreffen: - -a. de aard van de veevoedingsmaatregelen; -b. de periode waarin de veevoedingsmaatregelen moeten zijn genomen; -c. de wijze waarop wordt bepaald in welke mate de gemiddelde hoeveelheid fosfaat en stikstof in de door de varkens, onderscheidenlijk fokzeugen, geproduceerde dierlijke meststoffen terug is gebracht; -d. de verplichting het veevoer van een veevoerleverancier af te nemen op basis van een meerjarige overeenkomst; -e. de verplichting ter zake van de genomen veevoedingsmaatregelen een verklaring van een registeraccountant of accountant-administratieconsulent over te leggen; -f. de verplichting uitsluitend veevoer af te nemen van een door Onze Minister overeenkomstig bij ministeriële regeling gestelde erkenningsvoorwaarden erkende veevoerleverancier. - -**3.** Een krachtens het eerste of tweede lid vastgestelde algemene maatregel van bestuur wordt aan beide kamers der Staten-Generaal overgelegd. Hij treedt in werking op een tijdstip dat nadat vier weken na de overlegging zijn verstreken bij koninklijk besluit wordt vastgesteld, tenzij binnen die termijn door of namens een der kamers of door ten minste een vijfde van het grondwettelijk aantal leden van een der kamers de wens te kennen wordt gegeven dat het onderwerp of de inwerkingtreding van de algemene maatregel van bestuur bij wet wordt geregeld. In dat geval wordt een daartoe strekkend voorstel van wet zo spoedig mogelijk ingediend. Indien het voorstel van wet wordt ingetrokken of indien een van de beide kamers van de Staten-Generaal besluit het voorstel niet aan te nemen, wordt de algemene maatregel van bestuur ingetrokken. Zolang het wetsvoorstel geen kracht van wet heeft verkregen en in werking is getreden, vindt het eerste lid geen toepassing. +Vervallen ### Artikel 33