2020-01-01 | BWBR0005806 | Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992
This commit is contained in:
parent
940401931f
commit
d3ec1121a4
1 changed files with 20 additions and 46 deletions
|
|
@ -150,29 +150,29 @@ In afwijking van artikel 6, tweede lid, onderdeel a, onder 1°, kan de inspecteu
|
|||
|
||||
De belasting voor een personenauto wordt bepaald aan de hand van de volgende tabel.
|
||||
|
||||
| Bij een CO_2-uitstoot van meer dan | maar niet meer dan | bedraagt de belasting voor een personenauto het in kolom III vermelde bedrag, vermeerderd met het bedrag dat wordt berekend door het in kolom IV vermelde bedrag te vermenigvuldigen met het aantal gram/km CO_2-uitstoot dat de in kolom I vermelde CO_2-uitstoot te boven gaat | |
|
||||
| Bij een CO_2-uitstoot vanaf | tot | bedraagt de belasting voor een personenauto het in kolom III vermelde bedrag, vermeerderd met het bedrag dat wordt berekend door het in kolom IV vermelde bedrag te vermenigvuldigen met het aantal gram/km CO_2-uitstoot dat de in kolom I vermelde CO_2-uitstoot te boven gaat | |
|
||||
| --- | --- | --- | --- |
|
||||
| I | II | III | IV |
|
||||
| 0 gram/km | 71 | € 360 | € 2 |
|
||||
| 71 gram/km | 95 | € 502 | € 60 |
|
||||
| 95 gram/km | 139 | € 1.942 | € 131 |
|
||||
| 139 gram/km | 156 | € 7.706 | € 215 |
|
||||
| 156 gram/km | - | € 11.361 | € 429 |
|
||||
| 0 gram/km | 68 | € 366 | € 2 |
|
||||
| 68 gram/km | 91 | € 502 | € 59 |
|
||||
| 91 gram/km | 133 | € 1.859 | € 129 |
|
||||
| 133 gram/km | 150 | € 7.277 | € 212 |
|
||||
| 150 gram/km | – | € 10.881 | € 424 |
|
||||
|
||||
Het bedrag van de belasting op grond van de tabel wordt in geval van een personenauto die wordt aangedreven door een motor met een compressieontsteking vermeerderd met een bedrag van € 88,43 per gram/km CO_2-uitstoot boven de 61 gram/km CO_2-uitstoot.
|
||||
Het bedrag van de belasting op grond van de tabel wordt in geval van een personenauto die wordt aangedreven door een motor met een compressieontsteking vermeerderd met een bedrag van € 89,85 per gram/km CO_2-uitstoot boven de 59 gram/km CO_2-uitstoot.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
In afwijking van het eerste lid wordt de belasting voor een personenauto met ten minste twee verschillende energie-omzetters en ten minste twee verschillende energie-opslagsystemen aan boord ten behoeve van de mechanische aandrijving van de auto, waarbij in ieder geval energie wordt geput uit een opslagvoorziening voor elektrische energie of -kracht, een voorziening die ook door middel van een externe bron oplaadbaar is, bepaald aan de hand van de volgende tabel.
|
||||
|
||||
| Bij een CO_2-uitstoot van meer dan | maar niet meer dan | bedraagt de belasting het in kolom III vermelde bedrag, vermeerderd met het bedrag dat wordt berekend door het in kolom IV vermelde bedrag te vermenigvuldigen met het aantal gram/km CO_2-uitstoot dat de in kolom I vermelde CO_2-uitstoot te boven gaat | |
|
||||
| Bij een CO_2-uitstoot vanaf | tot | bedraagt de belasting het in kolom III vermelde bedrag, vermeerderd met het bedrag dat wordt berekend door het in kolom IV vermelde bedrag te vermenigvuldigen met het aantal gram/km CO_2-uitstoot dat de in kolom I vermelde CO_2-uitstoot te boven gaat | |
|
||||
| --- | --- | --- | --- |
|
||||
| I | II | III | IV |
|
||||
| 0 gram/km | 30 | € 0 | € 27 |
|
||||
| 30 gram/km | 50 | € 810 | € 113 |
|
||||
| 50 gram/km | - | € 3.070 | € 271 |
|
||||
| 0 gram/km | 30 | € 0 | € 27 |
|
||||
| 30 gram/km | 50 | € 810 | € 111 |
|
||||
| 50 gram/km | - | € 3.030 | € 267 |
|
||||
|
||||
Het bedrag van de belasting op grond van de tabel wordt in geval van een personenauto die mede wordt aangedreven door een motor met een compressieontsteking vermeerderd met een bedrag van € 88,43 per gram/km CO_2-uitstoot boven de 61 gram/km CO_2-uitstoot.
|
||||
Het bedrag van de belasting op grond van de tabel wordt in geval van een personenauto die mede wordt aangedreven door een motor met een compressieontsteking vermeerderd met een bedrag van € 89,85 per gram/km CO_2-uitstoot boven de 59 gram/km CO_2-uitstoot.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -220,7 +220,7 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 9c
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel 9, eerste tot en met het derde lid, bedraagt de belasting tot 1 januari 2021 nihil voor een motorrijtuig met een CO_2-uitstoot van 0 gram per kilometer.
|
||||
In afwijking van artikel 9, eerste tot en met het derde lid, bedraagt de belasting tot 1 januari 2025 nihil voor een motorrijtuig met een CO_2-uitstoot van 0 gram per kilometer.
|
||||
|
||||
### Artikel 10
|
||||
|
||||
|
|
@ -321,7 +321,7 @@ Ingeval van constatering van het gebruik van de weg met een personenauto, een mo
|
|||
|
||||
**5.** Ingeval een bestelauto waarvoor vrijstelling is verleend op de voet van dit artikel in een zodanige staat wordt gebracht dat het een personenauto is, zijn, in afwijking van het derde lid, de artikelen 1, derde lid, en 12a van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**6.** Indien één of meer personen worden vervoerd in de laadruimte van een bestelauto, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur aan degene die de bestelauto feitelijk ter beschikking heeft, een bestuurlijke boete van € 527 kan opleggen. De bevoegdheid tot het opleggen van de bestuurlijke boete vervalt door het verloop van een jaar na het constateren van het verzuim, bedoeld in de vorige volzin.
|
||||
**6.** Indien één of meer personen worden vervoerd in de laadruimte van een bestelauto, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur aan degene die de bestelauto feitelijk ter beschikking heeft, een bestuurlijke boete van € 550 kan opleggen. De bevoegdheid tot het opleggen van de bestuurlijke boete vervalt door het verloop van een jaar na het constateren van het verzuim, bedoeld in de vorige volzin.
|
||||
|
||||
**7.** Artikel 67cb van de Algemene wet inzake rijksbelastingen is van overeenkomstige toepassing op het bedrag van de boete, genoemd in het zesde lid.
|
||||
|
||||
|
|
@ -435,7 +435,7 @@ i. zijn ingericht voor geldtransport en als zodanig uiterlijk kenbaar zijn.
|
|||
|
||||
**10.** In geval niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden en beperkingen voor de teruggaaf doordat de gehandicapte is overleden, wordt in afwijking van het achtste lid, het teruggegeven bedrag niet als belasting verschuldigd zolang de tenaamstelling van de bestelauto niet wordt gewijzigd en de bestelauto uitsluitend wordt gebruikt voor het persoonlijk gebruik van degene op wiens naam de bestelauto is gesteld, gebruik door inwonende gezinsleden daaronder begrepen. Indien de teruggaaf is verleend aan de gehandicapte en de bestelauto na diens overlijden op naam wordt gesteld van een inwonend gezinslid van het gezin waartoe de gehandicapte behoorde, is de vorige volzin op daartoe gedaan verzoek van degene op wiens naam de bestelauto wordt gesteld van overeenkomstige toepassing. De inspecteur beslist op het verzoek bij voor bezwaar vatbare beschikking. Bij inwilliging van het verzoek treedt vanaf de datum van de beschikking degene op wiens naam de bestelauto is gesteld voor de toepassing van dit artikel in de plaats van degene aan wie de teruggaaf is verleend. Ingeval gedurende de eerste vijf jaren na registratie in het kentekenregister, niet langer wordt voldaan aan de in dit lid gestelde voorwaarden en beperkingen, wordt het teruggegeven bedrag alsnog als belasting verschuldigd. Het achtste en negende lid zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**11.** Indien een of meer personen worden vervoerd in de laadruimte van een bestelauto, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur aan degene die het motorrijtuig feitelijk ter beschikking heeft een bestuurlijke boete van ten hoogste € 527 kan opleggen. De bevoegdheid tot het opleggen van de bestuurlijke boete vervalt door verloop van een jaar na het constateren van het in de vorige volzin bedoelde verzuim.
|
||||
**11.** Indien een of meer personen worden vervoerd in de laadruimte van een bestelauto, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur aan degene die het motorrijtuig feitelijk ter beschikking heeft een bestuurlijke boete van ten hoogste € 550 kan opleggen. De bevoegdheid tot het opleggen van de bestuurlijke boete vervalt door verloop van een jaar na het constateren van het in de vorige volzin bedoelde verzuim.
|
||||
|
||||
**12.** Artikel 67cb van de Algemene wet inzake rijksbelastingen is van overeenkomstige toepassing op het bedrag van de boete, genoemd in het elfde lid.
|
||||
|
||||
|
|
@ -453,27 +453,13 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 16
|
||||
|
||||
**1.** Teruggaaf van belasting wordt, onder bij algemene maatregel van bestuur te stellen voorwaarden en beperkingen, op aanvraag verleend voor personenauto’s die zijn bestemd om geheel of nagenoeg geheel te worden gebruikt voor het verrichten van openbaar vervoer of taxivervoer in de zin van de Wet personenvervoer 2000.
|
||||
|
||||
**2.** De teruggaaf wordt verleend aan degene op wiens naam de personenauto is gesteld.
|
||||
|
||||
**3.** De inspecteur beslist op de aanvraag bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
|
||||
**4.** De aanspraak op teruggaaf ontstaat op het tijdstip waarop aan de voorwaarden en beperkingen voor teruggaaf als bedoeld in het eerste lid wordt voldaan.
|
||||
|
||||
**5.** Indien het in het vierde lid bedoelde tijdstip is gelegen na het tijdstip waarop de personenauto is ingeschreven in het kentekenregister, bedraagt de teruggaaf het belastingbedrag nadat dit is verminderd overeenkomstig een bij ministeriële regeling vast te stellen tabel, met dien verstande dat ingeval voor een personenauto al eerder teruggaaf is verleend, de teruggaaf niet meer bedraagt dan dit belastingbedrag verminderd met de eerdere teruggaven, voor zover de eerder teruggegeven bedragen niet later alsnog als verschuldigde belasting zijn voldaan.
|
||||
|
||||
**6.** Indien in het eerste, tweede of derde jaar na het in het vierde lid bedoelde tijdstip niet langer aan de voorwaarden en beperkingen voor teruggaaf, bedoeld in het eerste lid wordt voldaan, wordt vanaf het moment dat hieraan niet langer wordt voldaan het teruggegeven bedrag voor de nog niet verstreken maanden van het desbetreffende jaar en de nog niet verstreken hele jaren van deze drie jaarsperiode naar tijdsevenredigheid als belasting verschuldigd. Indien voor de reeds verstreken periode van het desbetreffende jaar de personenauto niet geheel of nagenoeg geheel is gebruikt voor het in het eerste lid bedoelde vervoer wordt voor de tijdsevenredige berekening van de verschuldigde belasting ook dit jaar geheel in aanmerking genomen. De verschuldigd geworden belasting wordt op aangifte voldaan binnen een maand na het tijdstip waarop niet langer aan de voorwaarden en beperkingen voor teruggaaf, bedoeld in het eerste lid wordt voldaan.
|
||||
|
||||
**7.** Indien over het eerste, tweede of derde jaar na het in het vierde lid bedoelde tijdstip bezien uitsluitend niet is voldaan aan de voorwaarde dat de personenauto geheel of nagenoeg geheel wordt gebruikt voor het in het eerste lid bedoelde vervoer, wordt telkens een derde deel van het teruggegeven bedrag als belasting verschuldigd. De verschuldigd geworden belasting wordt op aangifte voldaan binnen een maand na afloop van het desbetreffende jaar.
|
||||
|
||||
**8.** Bij wijziging van de tenaamstelling van de personenauto blijven, op daartoe gedaan gezamenlijk verzoek van degene op wiens naam de personenauto wordt gesteld en degene op wiens naam de personenauto daarvoor was gesteld, het eerste en zesde lid buiten toepassing indien overigens voldaan blijft worden aan de voorwaarden en beperkingen waaronder de teruggaaf is verleend. Bij inwilliging van het verzoek treedt degene op wiens naam de personenauto wordt gesteld vanaf het moment van de wijziging van de tenaamstelling voor de toepassing van dit artikel in de plaats van degene op wiens naam de personenauto daarvoor was gesteld. De inspecteur beslist op het verzoek bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 16aa
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel 15, vierde lid, artikel 15a, achtste en tiende lid, en artikel 16, zesde lid, is het teruggegeven bedrag niet als belasting verschuldigd indien:
|
||||
In afwijking van artikel 15, vierde lid, en artikel 15a, achtste en tiende lid, is het teruggegeven bedrag niet als belasting verschuldigd indien:
|
||||
|
||||
a. de tenaamstelling van het motorrijtuig komt te vervallen omdat het motorrijtuig buiten Nederland wordt gebracht;
|
||||
b. de tenaamstelling van het motorrijtuig komt te vervallen omdat het motorrijtuig wordt gesloopt; of
|
||||
|
|
@ -489,9 +475,7 @@ c. op het moment van de verwijdering van de melding van diefstal uit het kenteke
|
|||
|
||||
**3.** Bij de toepassing van het tweede lid zijn de artikelen 5, 6, 10, derde, vierde, vijfde en negende lid, en 12b van overeenkomstige toepassing, met dien verstande, dat bij de toepassing van het tweede lid, onderdeel c, de belasting wordt voldaan binnen een maand na de verwijdering van de melding van diefstal uit het kentekenregister.
|
||||
|
||||
**4.** Voor personenauto’s waarvoor de belasting is teruggegeven ingevolge artikel 16, is het eerste lid, onderdeel a, slechts van toepassing, indien gedurende ten minste twaalf maanden is voldaan aan de voorwaarden en beperkingen, bedoeld in artikel 16, eerste lid. Voorts wordt het ingevolge het tweede lid verschuldigde bedrag met een derde deel verminderd voor ieder jaar, waarin voor de personenauto wordt voldaan aan de voorwaarden en beperkingen, bedoeld in artikel 16, eerste lid.
|
||||
|
||||
**5.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld ter uitvoering van dit artikel.
|
||||
**4.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld ter uitvoering van dit artikel.
|
||||
|
||||
### Afdeling 3. Tariefwijzigingen
|
||||
|
||||
|
|
@ -559,7 +543,7 @@ De in artikel 18 bedoelde ambtenaren zijn bevoegd een motorrijtuig te onderwerpe
|
|||
|
||||
### Artikel 21
|
||||
|
||||
Bevat wijzigingen in andere regelgeving.
|
||||
De artikelen 16 en 16aa, zoals die artikelen luidden op 31 december 2019, en de daarop berustende bepalingen blijven tot en met 31 december 2022 van toepassing op situaties waarbij aanspraken op teruggaaf van belasting uiterlijk op 31 december 2019 zijn ontstaan.
|
||||
|
||||
### Artikel 22
|
||||
|
||||
|
|
@ -599,17 +583,7 @@ Bevat wijzigingen in andere regelgeving.
|
|||
|
||||
### Artikel 31
|
||||
|
||||
**1.** Indien met betrekking tot personenauto’s en motorrijwielen die na 31 december 1992 worden geregistreerd vóór 1 januari 1993 bijzondere verbruiksbelasting van personenauto’s of bijzondere verbruiksbelasting van motorrijwielen op de voet van artikel 50 onderscheidenlijk van artikel 50a van de Wet op de omzetbelasting 1968 verschuldigd is geworden, wordt die belasting verrekend met de belasting van personenauto’s en motorrijwielen.
|
||||
|
||||
**2.** Met betrekking tot personenauto’s en motorrijwielen die vóór 1 januari 1993 zijn geregistreerd en die niet vóór die datum zijn ingevoerd of geleverd door de fabrikant in de zin van de artikelen 50, eerste lid, en 50a, eerste lid, van de Wet op de omzetbelasting 1968 zoals deze luidden op 31 december 1992, wordt de belasting verschuldigd ter zake van de aanvang van het gebruik na 31 december 1992 met dat motorrijtuig in Nederland van de weg in de zin van de Wegenverkeerswet 1994.
|
||||
|
||||
**3.** Vervallen.
|
||||
|
||||
**4.** Indien vóór 1 januari 1993 geregistreerde motorrijtuigen als bedoeld in artikel 50, tweede lid, onderdelen a, b, c en d, en artikel 50a, tweede lid, onderdelen a en b, van de Wet op de omzetbelasting 1968, zoals die luidden op 31 december 1992, in een zodanige staat worden gebracht dat zij een personenauto of een motorrijwiel worden in de zin van artikel 50, onderscheidenlijk artikel 50a van de Wet op de omzetbelasting 1968, zoals die luidden op 31 december 1992, is belasting van personenauto’s en motorrijwielen verschuldigd. De belasting is verschuldigd door degene op wiens naam het motorrijtuig is te naam gesteld.
|
||||
|
||||
**5.** Met betrekking tot personenauto’s en motorrijwielen waarvoor bijzondere verbruiksbelasting van personenauto’s of bijzondere verbruiksbelasting van motorrijwielen is verschuldigd geworden en die na 31 december 1992 worden uitgevoerd in de zin van artikel 50, elfde lid, van de Wet op de omzetbelasting 1968, zoals dat luidde op 31 december 1992, blijven in afwijking van artikel 25, onderdeel B, na 31 december 1992 de artikelen 50, elfde lid, onderscheidenlijk artikel 50a, vierde lid, van de Wet op de omzetbelasting 1968 van toepassing, zoals die luidde op 31 december 1992.
|
||||
|
||||
**6.** Met betrekking tot een personenauto die vóór 1 januari 1993 is geregistreerd en die blijkens een ingevolge de Wet personenvervoer 2000 geldige vergunning, dan wel vergunningbewijs, is bestemd om openbaar vervoer of taxivervoer te verrichten, wordt, in afwijking van artikel 25, onderdeel B, teruggaaf verleend van de betaalde bijzondere verbruiksbelasting van personenauto’s op de voet van artikel 50, twaalfde lid, van de Wet op de omzetbelasting 1968, zoals dat luidde op 31 december 1992.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 32
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue