2002-01-01 | BWBR0007534 | Besluit ex artikel 810a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

This commit is contained in:
Coornhert 2002-01-01 12:00:00 +00:00
parent 0cb20c65ad
commit d67d872cdc

View file

@ -0,0 +1,31 @@
---
titel: Besluit ex artikel 810a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
bwb_id: BWBR0007534
type: AMvB
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '1995-09-15'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0007534
citeertitel: Besluit ex artikel 810a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
---
# Besluit ex artikel 810a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
### Artikel 1
Voor het bepalen van de vergoedingen voor werkzaamheden, wegens tijdverzuim en daarmede verband houdende noodzakelijke kosten voor reis- en verblijfkosten, toekomende aan de deskundigen, bedoeld in artikel 810*a*, tweede lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, is artikel 2 van het Besluit tarieven in burgerlijke zaken van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 2
**1.** De ouder, die op grond van artikel 810*a*, tweede lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering de rechter verzoekt een deskundige te benoemen, is aan de griffier een eigen bijdrage verschuldigd met betrekking tot de vergoedingen en kosten, bedoeld in artikel 1.
**2.** De eigen bijdrage bedraagt € 45,38, indien het inkomen van de ouder blijkens de door deze over te leggen verklaring of de bescheiden, bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de Wet op de rechtsbijstand niet meer bedraagt dan in artikel 35, derde lid, onderdeel *h*, van die wet is bedoeld.
**3.** De eigen bijdrage bedraagt € 181,51, indien het inkomen van de ouder blijkens de door deze over te leggen verklaring of de bescheiden, bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de Wet op de rechtsbijstand meer bedraagt dan in artikel 35, derde lid, onderdeel *h*, en niet meer bedraagt dan in artikel 35, derde lid, onderdeel *l*, van die wet is bedoeld.
**4.** De eigen bijdrage bedraagt € 453,78, indien geen verklaring of de bescheiden, bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de Wet op de rechtsbijstand worden overgelegd, of indien uit deze verklaring of bescheiden blijkt dat het inkomen van de ouder meer bedraagt dan in artikel 35, derde lid, onderdeel *l*, van die wet is bedoeld.
**5.** Artikel 22 van de Wet tarieven in burgerlijke zaken is van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 3
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het *Staatsblad* waarin het wordt geplaatst.