2009-12-28 | BWBR0026759 | Dienstenwet

This commit is contained in:
Coornhert 2009-12-28 12:00:00 +00:00
parent 855f54a075
commit d6b2965eaa

View file

@ -3,7 +3,7 @@ titel: Dienstenwet
bwb_id: BWBR0026759
type: wet
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2009-12-07'
datum_inwerkingtreding: '2009-12-23'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0026759
citeertitel: Dienstenwet
---
@ -67,6 +67,21 @@ Het bij of krachtens deze wet bepaalde is mede van toepassing in de Nederlandse
### Paragraaf 1.2. Wederzijdse erkenning van gegevens en bescheiden
### Artikel 4
**1.**
Een bevoegde instantie waaraan een afnemer of dienstverrichter gegevens of bescheiden overlegt ten bewijze dat aan een eis is voldaan of een vergunning is verkregen aanvaardt ook:
a. gegevens en bescheiden uit een andere lidstaat die een gelijkwaardig doel dienen of waaruit blijkt dat aan de betrokken eis is voldaan of de vergunning is verkregen;
b. daartoe strekkende formulieren als bedoeld in artikel 5, tweede lid, van de richtlijn.
**2.** Bij de toepassing van het eerste lid kan een bevoegde instantie voor gegevens en bescheiden uit een andere lidstaat uitsluitend originelen, afschriften van originelen die als eensluidend met het origineel gewaarmerkt zijn, of een authentieke vertaling van originelen, verlangen, indien dit uit een verdrag van de Europese Unie of uit een voor lidstaten bindend besluit van één of meer instellingen van de Europese Unie volgt, of indien dit op grond van een dwingende reden van algemeen belang gerechtvaardigd is.
**3.** Onverminderd het tweede lid kan een bevoegde instantie bij de toepassing van het eerste lid voor gegevens en bescheiden uit een andere lidstaat in een vreemde taal een niet-gelegaliseerde vertaling verlangen in de Nederlandse of Friese taal.
**4.** Het eerste lid, onderdeel a, is niet van toepassing op gegevens en bescheiden als bedoeld in artikel 5, vierde lid, van de richtlijn.
## Hoofdstuk 2. Centrale elektronische voorzieningen voor dienstverrichters en afnemers
### Paragraaf 2.1. Het centraal loket
@ -81,7 +96,10 @@ a. ten behoeve van dienstverrichters:
1°. informatie toegankelijk wordt gemaakt die van belang is voor het verkrijgen van toegang tot of de uitoefening van diensten;
2°. berichtenverkeer dat betrekking heeft op procedures en formaliteiten wordt uitgewisseld tussen dienstverrichters en bevoegde instanties.
b. dit onderdeel is nog niet in werking getreden.
b. ten behoeve van zakelijke afnemers:
1°. informatie toegankelijk wordt gemaakt in verband met het afnemen van diensten in Nederland of een andere lidstaat;
2°. op verzoek informatie wordt verschaft in verband met het afnemen van diensten in een andere lidstaat dan Nederland.
**2.** Het centraal loket is gemakkelijk langs elektronische weg bereikbaar.
@ -89,6 +107,19 @@ b. dit onderdeel is nog niet in werking getreden.
### Paragraaf 2.2. Het informatiepunt
### Artikel 6
**1.**
De Consumentenautoriteit draagt zorg voor de inrichting, instandhouding, werking en beveiliging van een informatiepunt met behulp waarvan ten behoeve van consumenten:
a. informatie toegankelijk wordt gemaakt in verband met het afnemen van diensten in Nederland of een andere lidstaat;
b. op verzoek informatie wordt verschaft in verband met het afnemen van diensten in een andere lidstaat dan Nederland.
**2.** Het informatiepunt is gemakkelijk langs elektronische weg bereikbaar.
**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de inrichting, instandhouding, werking en beveiliging van het informatiepunt.
## Hoofdstuk 3. Informatie, bijstand en elektronische afwikkeling voor dienstverrichters
### Paragraaf 3.1. Toegankelijkheid van informatie voor dienstverrichters
@ -123,7 +154,12 @@ Bij ministeriële regeling kunnen ten behoeve van een goede uitvoering van artik
### Artikel 11
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Indien daarin niet op andere wijze is voorzien, draagt Onze Minister ten behoeve van dienstverrichters zorg voor het gemakkelijk langs elektronische weg toegankelijk maken van informatie over:
a. de betekenis van bepaalde keurmerken;
b. de criteria voor het aanvragen van keurmerken;
c. andere kwaliteitsaanduidingen voor diensten;
d. op communautair niveau vastgestelde gedragscodes die gericht zijn op de vergemakkelijking van de toegang tot of uitoefening van diensten.
### Paragraaf 3.2. Verlening van bijstand aan dienstverrichters
@ -165,6 +201,15 @@ c. draagt er zorg voor dat zij via het centraal loket voldoende bereikbaar is vo
**3.** Het eerste lid geldt, voor zover van toepassing, in afwijking van artikel 2:14, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
**4.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld ter uitvoering van door de Europese Commissie met inachtneming van artikel 8, derde lid, van de richtlijn vastgestelde gedetailleerde regels.
**5.**
Indien een via het centraal loket verzonden bericht dat op procedures en formaliteiten betrekking heeft, is ondertekend met een elektronische handtekening die afwijkt van een elektronische handtekening die bij of krachtens wettelijk voorschrift is voorgeschreven of door een bevoegde instantie wordt geëist, kan een bevoegde instantie dit bericht niet om die reden weigeren, indien de elektronische handtekening voldoet aan een van de in de ministeriële regeling, bedoeld in het vierde lid, genoemde elektronische handtekeningen, tenzij:
a. het een elektronische handtekening betreft waarvan het niveau van betrouwbaarheid lager is dan de elektronische handtekening die bij of krachtens wettelijk voorschrift is voorgeschreven of door een bevoegde instantie wordt geëist, of
b. de in de ministeriële regeling, bedoeld in het vierde lid, genoemde elektronische handtekening met het laagste niveau van betrouwbaarheid bij of krachtens wettelijk voorschrift is voorgeschreven of door een bevoegde instantie wordt geëist.
### Artikel 15
**1.** Artikel 2:15, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, is niet van toepassing op de verzending via het centraal loket van gegevens en bescheiden die op procedures en formaliteiten betrekking hebben.
@ -196,7 +241,14 @@ f. de namen en adresgegevens van verenigingen of organisaties zonder winstoogmer
### Artikel 18
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
De Consumentenautoriteit maakt via het informatiepunt voor consumenten toegankelijk:
a. de informatie, bedoeld in artikel 7, onderdelen a en c;
b. algemene informatie over in andere lidstaten geldende eisen inzake toegang tot en uitoefening van diensten, in het bijzonder informatie inzake consumentenbescherming;
c. de rechtsmiddelen die algemeen voorhanden zijn voor het beslechten van geschillen tussen bevoegde instanties en consumenten of tussen dienstverrichters en consumenten;
d. algemene informatie over in andere lidstaten beschikbare rechtsmiddelen voor het beslechten van geschillen tussen dienstverrichters en consumenten;
e. de namen en adresgegevens van verenigingen of organisaties zonder winstoogmerk, anders dan de bevoegde instanties, waarvan consumenten praktische bijstand kunnen krijgen.
f. de namen en adresgegevens van verenigingen of organisaties zonder winstoogmerk, die geen bevoegde instantie in enige lidstaat zijn, en waar consumenten praktische bijstand van kunnen krijgen in een andere lidstaat dan Nederland.
### Artikel 19
@ -215,17 +267,54 @@ Bij ministeriële regeling kunnen ten behoeve van een goede uitvoering van artik
### Artikel 22
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Indien daarin niet op andere wijze is voorzien, draagt Onze Minister ten behoeve van afnemers zorg voor het gemakkelijk langs elektronische weg toegankelijk maken van informatie over:
a. de betekenis van bepaalde keurmerken;
b. de criteria voor het aanvragen van keurmerken;
c. andere kwaliteitsaanduidingen voor diensten;
d. op communautair niveau vastgestelde gedragscodes die gericht zijn op de vergemakkelijking van de toegang tot of uitoefening van diensten.
### Paragraaf 4.2. Verlening van bijstand aan afnemers
### Artikel 23
Onze Minister verstrekt een zakelijke afnemer op diens verzoek:
a. algemene informatie over in de andere lidstaten geldende eisen inzake de toegang tot en de uitoefening van diensten.
b. algemene informatie over in andere lidstaten beschikbare rechtsmiddelen voor het beslechten van geschillen tussen een dienstverrichter en een zakelijke afnemer;
c. namen en adresgegevens van verenigingen en organisaties zonder winstoogmerk uit een andere lidstaat, die geen bevoegde instanties in die lidstaat zijn, en van welke een zakelijke afnemer praktische bijstand kan krijgen.
### Artikel 24
De Consumentenautoriteit verstrekt een consument op diens verzoek:
a. algemene informatie over in de andere lidstaten geldende eisen inzake de toegang tot en uitoefening van diensten, in het bijzonder die inzake consumentenbescherming;
b. algemene informatie over in andere lidstaten beschikbare rechtsmiddelen voor het beslechten van geschillen tussen een dienstverrichter en een consument;
c. namen en adresgegevens van verenigingen en organisaties zonder winstoogmerk uit een andere lidstaat, die geen bevoegde instanties in die lidstaat zijn, en van welke een consument praktische bijstand kan krijgen.
### Artikel 25
Een bevoegde instantie verstrekt een afnemer op diens verzoek algemene informatie over de gebruikelijke uitleg en toepassing van eisen of vergunningstelsels, bedoeld in artikel 2, waarbij die bevoegde instantie is betrokken.
### Artikel 26
Op een informatieverzoek als bedoeld in de artikelen 23 tot en met 25 is artikel 12, tweede tot en met zesde lid, van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de behandeling van een tot Onze Minister gericht verzoek geschiedt via het centraal loket en een tot de Consumentenautoriteit gericht verzoek via het informatiepunt.
### Artikel 27
**1.** Onze Minister verstrekt aan een relevante organisatie als bedoeld in artikel 21, derde lid, van de richtlijn op verzoek informatie als bedoeld in artikel 21, eerste lid, onderdelen a tot en met c, van de richtlijn, voor Nederland ten behoeve van zakelijke afnemers.
**2.** De Consumentenautoriteit verstrekt aan een relevante organisatie als bedoeld in artikel 21, derde lid, van de richtlijn op verzoek informatie als bedoeld in artikel 21, eerste lid, onderdelen a tot en met c, van de richtlijn, voor Nederland ten behoeve van consumenten.
**3.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld ter uitvoering van op grond van artikel 21, derde lid, laatste volzin en artikel 21, vierde lid, van de richtlijn vastgestelde praktische regelingen en uitvoeringsmaatregelen.
## Hoofdstuk 5. Vergunningstelsels
### Paragraaf 5.1. Vergunningen op aanvraag
### Artikel 28
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
In afwijking van artikel 4:20a, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht is paragraaf 4.1.3.3 van die wet van toepassing op een aanvraag om een vergunning, tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald.
### Artikel 29
@ -240,23 +329,59 @@ b. beschikbare rechtsmiddelen om tegen de beschikking op te komen.
### Artikel 30
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
**1.** Een dienstverrichter voldoet aan een eis die bij de voorbereiding van een beschikking op een aanvraag voor een vergunning geldt, indien de dienstverrichter reeds in Nederland of in een andere lidstaat aan een gelijkwaardige eis voldoet.
**2.** Een bevoegde instantie verricht bij de voorbereiding van een beschikking als bedoeld in het eerste lid geen onderzoek naar een eis als in dat lid bedoeld, indien reeds in Nederland of in een andere lidstaat onderzoek naar een gelijkwaardige eis is verricht en hieruit blijkt dat de dienstverrichter aan die eis voldoet.
### Artikel 31
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
**1.** Indien bij wettelijk voorschrift geen termijn is bepaald binnen welke een beschikking op een aanvraag om de desbetreffende vergunning dient te worden gegeven, wordt de beschikking zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag gegeven.
**2.** Artikel 4:14, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht vindt alleen toepassing indien een beslissing op een aanvraag om een vergunning vanwege de ingewikkeldheid van het onderwerp niet kan worden gegeven binnen de in het eerste lid bedoelde termijn. De termijn kan eenmaal worden verlengd.
**3.** De in artikel 4:14, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht bedoelde kennisgeving wordt bij toepassing van het tweede lid gedaan binnen de desbetreffende termijn, is met redenen omkleed, en geeft een zo kort mogelijke termijn waarbinnen de beslissing wel tegemoet kan worden gezien.
**4.** Indien afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht op een aanvraag van toepassing is, kan een bevoegde instantie de termijn voor het geven van de beschikking, in afwijking van artikel 3:18, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht ten hoogste eenmaal voor beperkte duur verlengen. De verlenging en de duur daarvan wordt, met inachtneming van de in artikel 3:18, tweede lid, bedoelde termijn van acht weken, gemotiveerd aan de aanvrager medegedeeld.
### Artikel 32
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
**1.** Indien een aanvrager van een vergunning met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid krijgt de aanvraag binnen de daarvoor door de bevoegde instantie gestelde termijn aan te vullen, vermeldt de bevoegde instantie tevens de gevolgen daarvan voor de termijn van het geven van de beschikking.
**2.** In afwijking van artikel 4:15, eerste lid, onderdeel b, van de Algemene wet bestuursrecht, wordt de termijn voor het geven van een beschikking op een aanvraag voor een vergunning niet opgeschort door een mededeling als bedoeld in dat onderdeel.
### Artikel 33
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
**1.**
Een bevoegde instantie beperkt een vergunning die zij al dan niet voor onbepaalde tijd kan verlenen niet in geldigheidsduur, tenzij:
a. die geldigheidsduur automatisch wordt verlengd,
b. het aantal beschikbare vergunningen beperkt is door een dwingende reden van algemeen belang, of
c. een beperkte duur gerechtvaardigd is om een dwingende reden van algemeen belang.
**2.** Een vergunning waarvan de geldigheidsduur uitsluitend afhankelijk is van de voortdurende vervulling van de vergunningsvoorwaarden wordt aangemerkt als een vergunning voor onbepaalde tijd.
**3.** Onder een vergunning met beperkte geldigheidsduur wordt niet verstaan een vergunning die op grond van wettelijke voorschriften of aan de vergunning verbonden voorwaarden zijn geldigheid verliest indien een dienstverrichter niet binnen de daartoe in de vergunning gestelde termijn zijn dienstverrichtingen aanvangt.
**4.**
Het eerste lid is niet van toepassing op:
a. vergunningen die naar hun aard beperkt zijn in de tijd;
b. vergunningen waarvan het aantal beperkt is door schaarste van de beschikbare natuurlijke hulpbronnen of de bruikbare technische mogelijkheden.
**5.** Een bevoegde instantie verleent een vergunning als bedoeld in het vierde lid, onderdeel b, voor een passende beperkte duur.
### Artikel 34
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
**1.**
Een dienstverrichter stelt de bevoegde instantie die een vergunning heeft verleend in kennis van:
a. de oprichting van dochterondernemingen waarvan de activiteiten onder de desbetreffende vergunning vallen;
b. wijzigingen in zijn situatie waardoor niet meer aan de voorwaarden van de desbetreffende vergunning wordt voldaan.
**2.** Een dienstverrichter die de aanvraag om de vergunning heeft gedaan via het centraal loket, verricht de mededeling, bedoeld in het eerste lid, door verzending via het centraal loket.
### Paragraaf 5.2. Meldingen
@ -269,25 +394,180 @@ Een bevoegde instantie bevestigt de ontvangst van een melding die een dienstverr
a. het doen van die melding en het verloop van een bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn na die melding een voorwaarde is tot vestiging en
b. de bevoegde instantie bevoegd is binnen de termijn, bedoeld in onderdeel a, een vergunning te verlenen.
**2.** Dit lid is nog niet in werking getreden.
**2.** Een dienstverrichter voldoet aan een eis die bij een melding als bedoeld in het eerste lid geldt, indien de dienstverrichter reeds in Nederland of in een andere lidstaat aan een gelijkwaardige eis voldoet. Artikel 30, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing op een bevoegde instantie die bevoegd is binnen de termijn, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, een vergunning te verlenen.
### Artikel 36
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
**1.**
Een dienstverrichter stelt de bevoegde instantie bij welke hij een melding heeft gedaan als bedoeld in artikel 35, eerste lid, in kennis van:
a. de oprichting van dochterondernemingen waarvan de activiteiten onder de desbetreffende melding vallen;
b. wijzigingen in de gegevens die hij bij de melding heeft verstrekt.
**2.** Een dienstverrichter die reeds gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid, bedoeld in artikel 13, eerste lid, verricht de mededeling, bedoeld in het eerste lid, door verzending via het centraal loket.
## Hoofdstuk 6. Administratieve samenwerking
### Paragraaf 6.1. Wederzijdse bijstand
### Artikel 37
**1.**
Een bevoegde instantie die is betrokken bij een of meer eisen of vergunningstelsels als bedoeld in artikel 2:
a. verstrekt op verzoek van een bevoegde instantie uit een andere lidstaat informatie over een dienstverrichter en zijn dienstverrichtingen,
b. verricht op verzoek van een bevoegde instantie uit een andere lidstaat verificaties, inspecties en onderzoeken naar een dienstverrichter en zijn dienstverrichtingen, indien het verzoek deugdelijk is gemotiveerd en de desbetreffende instantie bevoegd is om aan het verzoek te voldoen.
**2.** Een bevoegde instantie verstrekt de in het eerste lid, onderdelen a en b, bedoelde informatie en resultaten van verificaties, inspecties en onderzoeken, alsmede informatie over genomen maatregelen jegens de desbetreffende dienstverrichter, binnen de kortst mogelijke termijn en langs elektronische weg.
**3.** De in het tweede lid bedoelde verstrekking geschiedt via het interne markt informatiesysteem, tenzij naar het oordeel van de bevoegde instantie ter uitvoering van regelgeving van de Europese Gemeenschap een ander elektronisch communicatiesysteem is aangewezen.
### Artikel 38
**1.** Indien een bevoegde instantie niet kan voldoen aan een verzoek als bedoeld in artikel 37, eerste lid, onderdeel a of b, stelt zij de instantie die het verzoek heeft gedaan daarvan snel in kennis, teneinde een oplossing te vinden.
**2.**
Een bevoegde instantie informeert het in artikel 55 bedoelde contactpunt:
a. indien zij niet bevoegd is om aan een verzoek als bedoeld in artikel 37, eerste lid, onderdeel a of b, te voldoen;
b. indien de toepassing van het eerste lid niet leidt tot een oplossing met de instantie die het verzoek heeft gedaan.
### Artikel 39
**1.**
Een bevoegde instantie die is betrokken bij een of meer eisen of vergunningstelsels als bedoeld in artikel 2, motiveert op een deugdelijke wijze een verzoek aan een bevoegde instantie uit een andere lidstaat:
a. om informatie over een dienstverrichter en zijn dienstverrichtingen;
b. tot het verrichten van verificaties, inspecties en onderzoeken naar een dienstverrichter en zijn dienstverrichtingen.
**2.** Indien een bevoegde instantie uit een andere lidstaat niet voldoet aan een verzoek als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a of b, informeert de desbetreffende bevoegde instantie het in artikel 55 bedoelde contactpunt hierover.
### Paragraaf 6.2. Informatie over de betrouwbaarheid van dienstverrichters
### Artikel 40
**1.** Een bevoegde instantie die is betrokken bij een of meer eisen of vergunningstelsels als bedoeld in artikel 2, verstrekt op verzoek van een bevoegde instantie van een andere lidstaat informatie over onherroepelijke bestuursrechtelijke sancties of onherroepelijke tuchtrechtelijke maatregelen die door de eerstbedoelde bevoegde instantie jegens een dienstverrichter zijn getroffen, indien het desbetreffende verzoek deugdelijk is gemotiveerd en de desbetreffende instantie bevoegd is om aan het verzoek te voldoen.
**2.** Een bevoegde instantie verstrekt de in het eerste lid bedoelde informatie, onder vermelding van de bepalingen die zijn overtreden, binnen de kortst mogelijke termijn en langs elektronische weg, met inachtneming van artikel 36, derde lid. De dienstverrichter wordt daarvan onverwijld schriftelijk in kennis gesteld.
### Artikel 41
**1.** Voor de toepassing van artikel 33, eerste lid, van de richtlijn wordt een verklaring omtrent het gedrag als bedoeld in artikel 28 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens aangemerkt als informatie omtrent strafrechtelijke sancties.
**2.** In afwijking van artikel 33 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens wordt een aanvraag tot het afgeven van een verklaring als bedoeld in het eerste lid met betrekking tot een dienstverrichter ingediend door een bevoegde instantie uit een andere lidstaat.
**3.** Een aanvraag als bedoeld in het tweede lid wordt, in afwijking van artikel 30, eerste lid, eerste volzin, van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens ingediend bij Onze Minister van Justitie.
**4.** Artikel 37, derde lid, is van overeenkomstige toepassing op de in het tweede lid bedoelde aanvraag.
### Artikel 42
**1.** Voor de toepassing van de artikelen 32, eerste lid, 34, 35 en 36 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens wordt als aanvrager aangemerkt de dienstverrichter ten aanzien van wie de verklaring wordt gevraagd.
**2.** Onze Minister van Justitie stelt de dienstverrichter ten aanzien van wie de verklaring wordt gevraagd in kennis van de in artikel 41, tweede lid, bedoelde aanvraag en vraagt zijn instemming met het in behandeling nemen van de aanvraag.
**3.** Indien de dienstverrichter geen instemming verleent, bericht Onze Minister van Justitie dit aan de bevoegde instantie die de verklaring heeft aangevraagd.
**4.** Artikel 37, tweede en derde lid, zijn van overeenkomstige toepassing op de in het derde lid bedoelde berichten.
**5.** Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot afgifte van een verklaring omtrent het gedrag kan Onze minister van Justitie van de aanvrager, bedoeld in het eerste lid, een vergoeding van kosten verlangen. Artikel 39, tweede en vierde lid, van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens is van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 43
**1.** Onze Minister van Justitie informeert de dienstverrichter ten aanzien van wie de verklaring wordt gevraagd indien hij voornemens is de afgifte van de verklaring omtrent het gedrag te weigeren.
**2.** Onze Minister van Justitie verstrekt de verklaring omtrent het gedrag dan wel de weigering tot afgifte daarvan aan de in het eerste lid bedoelde dienstverrichter.
**3.** Onze Minister van Justitie stelt de bevoegde instantie uit een andere lidstaat zo spoedig mogelijk op de hoogte van de afgifte dan wel weigering van de verklaring omtrent het gedrag. Bij de kennisgeving over de afgifte van de verklaring wordt de strekking van de afgegeven verklaring medegedeeld.
**4.** Indien de weigering van de verklaring omtrent het gedrag nog niet onherroepelijk is informeert Onze Minister van Justitie de bevoegde instantie uit een andere lidstaat daarover.
**5.** Artikel 37, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing op de informatieverschaffing, bedoeld in het derde en vierde lid.
### Artikel 44
**1.** Een bevoegde instantie die is betrokken bij een of meer eisen of vergunningstelsels als bedoeld in artikel 2, motiveert op deugdelijke wijze een verzoek aan een bevoegde instantie uit een andere lidstaat om informatie over aan een dienstverrichter opgelegde bestuursrechtelijke sancties, tuchtrechtelijke maatregelen of strafrechtelijke sancties of met betrekking tot een dienstverrichter genomen beslissingen betreffende insolventie of faillissement waarbij sprake is van frauduleuze praktijken.
**2.** Artikel 39, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
### Paragraaf 6.3. Veiligheidsmaatregelen jegens dienstverrichters in individuele gevallen
### Artikel 45
Deze paragraaf is niet van toepassing:
a. indien de wettelijke voorschriften op grond waarvan de maatregel wordt genomen, vallen onder een communautaire harmonisatiemaatregel op het gebied van de veiligheid van diensten;
b. op opsporingsonderzoeken als bedoeld in artikel 132a van het Wetboek van Strafvordering.
### Artikel 46
Voor de toepassing van de artikelen 47 tot en met 49 beschikken de bevoegde instanties over de toezichts- en handhavingsbevoegdheden die hen bij wettelijk voorschrift zijn toegekend, voor zover die bevoegdheden uitsluitend kunnen worden uitgeoefend ten aanzien van in Nederland gevestigde dienstverrichters.
### Artikel 47
Een bevoegde instantie die is betrokken bij een of meer eisen of vergunningstelsels als bedoeld in artikel 2, kan uitsluitend in buitengewone omstandigheden ten behoeve van de veiligheid van dienstverrichtingen maatregelen treffen jegens een dienstverrichter die is gevestigd in een andere lidstaat en die diensten verricht in het gebied waarop deze wet van toepassing is.
### Artikel 48
**1.** Voordat een bevoegde instantie een maatregel treft als bedoeld in artikel 47, verzoekt zij de bevoegde instantie uit de lidstaat van vestiging van de dienstverrichter jegens hem maatregelen te nemen. Daarbij verstrekt de bevoegde instantie alle relevante informatie over de betrokken dienstverrichter, zijn dienstverrichtingen en de omstandigheden ter zake.
**2.**
De bevoegde instantie stelt de Europese Commissie, de bevoegde instantie uit de lidstaat van vestiging en het in artikel 55 bedoelde contactpunt in kennis van het voornemen tot het treffen van maatregelen, indien:
a. naar haar oordeel de bevoegde instantie uit de lidstaat van vestiging het krachtens het eerste lid gedane verzoek om maatregelen te treffen niet of onvoldoende heeft ingewilligd en
b. zij haar voornemen tot het treffen van een maatregel jegens de dienstverrichter handhaaft.
**3.**
De kennisgeving, bedoeld in het tweede lid, geschiedt voor zover het de Europese Commissie en de bevoegde instantie uit de lidstaat van vestiging betreft, via het interne markt informatiesysteem en bevat de volgende informatie:
a. de redenen waarom de door de bevoegde instantie van de lidstaat van vestiging van de dienstverrichter genomen of voorgenomen maatregelen onvoldoende zijn,
b. de redenen waarom de voorgenomen maatregel de afnemer van de dienst meer bescherming biedt dan de maatregel die de bevoegde instantie van de lidstaat van vestiging zou nemen en
c. een toelichting op de evenredigheid van de voorgenomen maatregel.
**4.** De bevoegde instantie treft de maatregel niet eerder dan nadat de bij of krachtens de richtlijn daarvoor gestelde termijn is verstreken.
**5.** De bevoegde instantie geeft terstond uitvoering aan een verzoek van de Europese Commissie om, vanwege de strijdigheid van die maatregel met het Gemeenschapsrecht, de maatregel niet te treffen of de uitvoering ervan te staken.
### Artikel 49
**1.** Indien een bevoegde instantie op grond van artikel 47 een maatregel treft, kan zij in spoedeisende gevallen de toepassing van artikel 48, eerste tot en met vierde lid, achterwege laten. In dat geval stelt zij de Europese Commissie, de bevoegde instantie uit de lidstaat van vestiging van de dienstverrichter en het in artikel 55 bedoelde contactpunt onverwijld in kennis van de genomen maatregel met opgave van de redenen waarom er sprake is van een spoedeisend karakter.
**2.** Artikel 48, vijfde lid, is van toepassing.
### Artikel 50
**1.**
Een bevoegde instantie die is betrokken bij een of meer eisen of vergunningstelsels als bedoeld in artikel 2, treft op verzoek van een bevoegde instantie uit een andere lidstaat maatregelen jegens een in Nederland gevestigde dienstverrichter indien:
a. het desbetreffende verzoek alle relevante informatie bevat over de betrokken dienstverrichter, zijn dienstverrichtingen en de omstandigheden ter zake;
b. de desbetreffende instantie bevoegd is om aan het verzoek te voldoen;
c. de verzochte maatregelen verband houden met de veiligheid van dienstverrichtingen in een andere lidstaat;
d. zij er voldoende van overtuigd is dat de aan het verzoek ten grondslag liggende feiten juist zijn.
**2.** De bevoegde instantie stelt de instantie die het verzoek heeft gedaan en het in artikel 55 bedoelde contactpunt onverwijld in kennis van de genomen of voorgenomen maatregelen dan wel van de redenen waarom zij geen maatregelen treft.
**3.** Op een kennisgeving aan de bevoegde instantie als bedoeld in het tweede lid is artikel 37, derde lid, van toepassing.
### Paragraaf 6.4. Het waarschuwingsmechanisme
### Artikel 51
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
**1.** Zodra een bevoegde instantie die is betrokken bij een of meer eisen of vergunningstelsels als bedoeld in artikel 2, kennis neemt van gedragingen, ernstige specifieke handelingen of omstandigheden met betrekking tot een dienstverrichter of een dienstverrichting die ernstige schade aan de gezondheid, veiligheid van personen of het milieu kan veroorzaken, stelt deze instantie alle andere lidstaten, de Europese Commissie en het in artikel 55 bedoelde contactpunt daarvan onverwijld in kennis.
**2.** De in het eerste lid bedoelde kennisgeving geschiedt via het interne markt informatiesysteem, tenzij naar het oordeel van de bevoegde instantie ter uitvoering van regelgeving van de Europese Gemeenschap een ander elektronisch communicatiesysteem is aangewezen.
**3.** De kennisgeving wordt gelijkgesteld met een besluit.
**4.** Tegelijkertijd met of zo spoedig mogelijk na de bekendmaking wordt van het besluit mededeling gedaan aan de dienstverrichter.
**5.** Het eerste lid is niet van toepassing op opsporingsonderzoeken als bedoeld in artikel 132a van het Wetboek van Strafvordering.
### Artikel 52
@ -295,6 +575,14 @@ Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld ter uitvoering van de do
### Paragraaf 6.5. Toezicht en handhaving
### Artikel 53
Een bevoegde instantie die is betrokken bij een of meer eisen of vergunningstelsels als bedoeld in artikel 2, ziet niet af van de toepassing van toezichts- of handhavingsmaatregelen jegens een dienstverrichter die in Nederland is gevestigd vanwege het feit dat de door die dienstverrichter verrichte dienst in een andere lidstaat is verricht of daar schade heeft veroorzaakt.
### Artikel 54
Artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing indien een bevoegde instantie medewerking vordert naar aanleiding van een verzoek van een bevoegde instantie uit een andere lidstaat als bedoeld in de paragrafen 6.1, 6.2 en 6.3.
### Paragraaf 6.6. Het contactpunt
### Artikel 55
@ -321,11 +609,11 @@ Een bevoegde instantie die is betrokken bij een of meer eisen of vergunningstels
### Artikel 57
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot technische eisen waaraan de bevoegde instanties moeten voldoen met het oog op aansluiting op het interne markt informatiesysteem en met betrekking tot de beveiliging van persoonsgegevens bij gebruik van het interne markt informatiesysteem.
### Artikel 58
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Een bevoegde instantie die is betrokken bij een of meer eisen of vergunningstelsels als bedoeld in artikel 2, kan het interne markt informatiesysteem benutten voor de uitwisseling van gegevens binnen Nederland met betrekking tot dienstverrichters en dienstverrichtingen.
### Artikel 59
@ -337,17 +625,72 @@ Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld ter uitvoering van door de Commissie krachtens artikel 36 van de richtlijn vastgestelde uitvoeringsmaatregelen en praktische regels voor de elektronische uitwisseling van informatie tussen de lidstaten.
## Hoofdstuk 6a. Naleving verplichtingen door bevoegde instanties
### Artikel 59a
**1.**
Indien een bevoegde instantie niet of niet naar behoren voldoet aan een voor hem geldende rechtsplicht voortvloeiende uit de artikelen 8, 14, 19, 34, 36, 37, 39, 46 tot en met 50 of 55 dan wel voortvloeiende uit de artikelen 15, zevende lid, of 39, vijfde lid, tweede alinea, van de richtlijn, kan Onze Minister:
a. in overeenstemming met Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ten aanzien van provincies, gemeenten en gemeenschappelijke regelingen waaraan zijn deelnemen, of
b. in overeenstemming met Onze Minister van Verkeer en Waterstaat ten aanzien van waterschappen en gemeenschappelijke regelingen waaraan uitsluitend waterschappen deelnemen,
de desbetreffende bevoegde instantie een aanwijzing geven om binnen een in die aanwijzing vermelde termijn, alsnog aan die rechtsplicht te voldoen.
**2.** Het eerste lid is niet van toepassing op bestuursorganen van provincies, gemeenten en gemeenschappelijke regelingen waaraan zij deelnemen, indien de bevoegdheden van artikel 121 en hoofdstuk XVIII van de Provinciewet en van artikel 124 en hoofdstuk XVII van de Gemeentewet toereikend zijn om het niet of niet naar behoren voldoen als bedoeld in het eerste lid te herstellen.
### Artikel 59b
**1.** Een aanwijzing wordt niet gegeven dan nadat aan de bevoegde instantie gelegenheid tot overleg is geboden.
**2.** Een aanwijzing wordt, behoudens in spoedeisende gevallen, niet eerder gegeven dan nadat de bevoegde instantie in de gelegenheid is gesteld om binnen een door Onze Minister in overeenstemming met Onze andere betrokken Minister gestelde termijn alsnog aan de rechtsplicht, bedoeld in artikel 59a, te voldoen.
**3.** De motivering van de aanwijzing verwijst naar hetgeen in het overleg aan de orde is gekomen.
**4.** Van de aanwijzing wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.
### Artikel 59c
Indien de in de aanwijzing vermelde termijn verstrijkt zonder dat de aanwijzing is opgevolgd, kan Onze Minister er, namens en op kosten van de bevoegde instantie, zowel door het verrichten van publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtshandelingen als door het verrichten van feitelijke handelingen in voorzien dat alsnog wordt voldaan aan de rechtsplicht in verband waarmee de aanwijzing, bedoeld in artikel 59a, is gegeven.
### Artikel 59d
**1.** Tegen een aanwijzing of een besluit op grond van artikel 59c kan beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing.
**2.** In afwijking van artikel 6:2 van de Algemene wet bestuursrecht kan geen beroep worden ingesteld tegen de weigering om een aanwijzing te geven of een besluit op grond van artikel 59c te nemen.
## Hoofdstuk 7. Wijziging van andere wetten
### Artikel 61
Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht.
### Artikel 62
Wijzigt het Burgerlijk Wetboek Boek 6.
### Artikel 63
Wijzigt de Wet handhaving consumentenbescherming.
### Artikel 64
Wijzigt het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering.
## Hoofdstuk 8. Slotbepalingen
### Artikel 65
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Artikel 28 is tot 1 januari 2012 niet van toepassing op vergunningen, verleend krachtens de Provinciewet, de Gemeentewet, de Waterschapswet, de Wet gemeenschappelijke regelingen en de Wet op de bedrijfsorganisatie.
### Artikel 66
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
**1.** Bij algemene maatregel van bestuur worden tot 1 januari 2012 de vergunningen aangewezen waarvan de aanvraag op grond van artikel 28 is uitgezonderd van de toepassing van paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht.
**2.** Het eerste lid is niet van toepassing op vergunningen, verleend krachtens de Provinciewet, de Gemeentewet, de Waterschapswet, de Wet gemeenschappelijke regelingen en de Wet op de bedrijfsorganisatie.
**3.** De voordracht voor een krachtens het eerste lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt voor de eerste maal niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
### Artikel 67