diff --git a/ministeriele-regeling/regeling-aanwijzing-categorieën-duurzame-energieproductie-en-klimaattransitie-20/BWBR0048477/README.md b/ministeriele-regeling/regeling-aanwijzing-categorieën-duurzame-energieproductie-en-klimaattransitie-20/BWBR0048477/README.md index c197cf14d4f..3f8b2ff2fbc 100644 --- a/ministeriele-regeling/regeling-aanwijzing-categorieën-duurzame-energieproductie-en-klimaattransitie-20/BWBR0048477/README.md +++ b/ministeriele-regeling/regeling-aanwijzing-categorieën-duurzame-energieproductie-en-klimaattransitie-20/BWBR0048477/README.md @@ -405,13 +405,13 @@ d. waarbij de zonnepanelen automatisch met de stand van de zon meebewegen door m **1.** De subsidie, bedoeld in artikel 23, eerste lid, wordt voor een periode van vijftien jaar verstrekt. -**2.** De subsidieontvanger neemt een productie-installatie als bedoeld in artikel 23, eerste lid, onderdeel a, subonderdeel 1°, onderdeel b, subonderdeel 1°, en onderdeel c, subonderdeel 1°, binnen twee jaar na de datum van inwerkingtreding van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik. +**2.** De subsidieontvanger neemt een productie-installatie als bedoeld in artikel 25, eerste lid, onderdeel a, subonderdeel 1°, onderdeel b, subonderdeel 1°, en onderdeel c, subonderdeel 1°, binnen twee jaar na de datum van inwerkingtreding van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik. -**3.** De subsidieontvanger neemt een productie-installatie als bedoeld in artikel 23, eerste lid, onderdeel a, subonderdeel 2°, binnen drie jaar na de datum van inwerkingtreding van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik. +**3.** De subsidieontvanger neemt een productie-installatie als bedoeld in artikel 25, eerste lid, onderdeel a, subonderdeel 2°, binnen drie jaar na de datum van inwerkingtreding van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik. -**4.** De subsidieontvanger neemt een productie-installatie als bedoeld in artikel 23, eerste lid, onderdeel b, subonderdeel 2°, onderdeel c, subonderdelen 2° en 3°, en onderdeel d, subonderdelen 1°, 2° en 3°, binnen vier jaar na de datum van inwerkingtreding van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik. +**4.** De subsidieontvanger neemt een productie-installatie als bedoeld in artikel 25, eerste lid, onderdeel b, subonderdeel 2°, onderdeel c, subonderdelen 2° en 3°, en onderdeel d, subonderdelen 1°, 2° en 3°, binnen vier jaar na de datum van inwerkingtreding van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik. -**5.** Artikel 3, eerste lid, van de Algemene uitvoeringsregeling is niet van toepassing op een productie-installatie als bedoeld in artikel 23, eerste lid, onderdeel a, subonderdeel 1°, onderdeel b, subonderdeel 1°, en onderdeel c, subonderdeel 1°. +**5.** Artikel 3, eerste lid, van de Algemene uitvoeringsregeling is niet van toepassing op een productie-installatie als bedoeld in artikel 25, eerste lid, onderdeel a, subonderdeel 1°, onderdeel b, subonderdeel 1°, en onderdeel c, subonderdeel 1°. #### Paragraaf 3.2. Hernieuwbaar gas @@ -779,8 +779,8 @@ a. een productie-installatie bestaande uit één of meer doubletten, waarmee her 1°. kleiner dan of gelijk aan 12 MWth; 2°. van ten minste 12 MWth tot ten hoogste 20 MWth; of 3°. groter dan 20 MWth; -b. een productie-installatie, bestaande uit één of meer doubletten, waarmee uitsluitend door middel van één of meer geothermische bronnen met een diepte van ten minste 1.500 meter hernieuwbare warmte wordt geproduceerd die wordt aangewend voor de verwarming van gebouwde omgeving, waarbij het aantal vollasturen ten hoogste 5.000 uur bedraagt; -c. een productie-installatie, bestaande uit één of meer doubletten, waarmee uitsluitend door middel van één of meer geothermische bronnen met een diepte van ten minste 1.500 meter hernieuwbare warmte wordt geproduceerd die wordt aangewend voor de verwarming van gebouwde omgeving, waarbij het aantal vollasturen ten hoogste 3.500 uur bedraagt; +b. een productie-installatie, bestaande uit één of meer doubletten, waarmee uitsluitend door middel van één of meer geothermische bronnen met een diepte van ten minste 1.500 meter hernieuwbare warmte wordt geproduceerd die wordt aangewend voor de verwarming van gebouwde omgeving, waarbij het aantal vollasturen ten hoogste 3.500 uur bedraagt; +c. een productie-installatie, bestaande uit één of meer doubletten, waarmee uitsluitend door middel van één of meer geothermische bronnen met een diepte van ten minste 1.500 meter hernieuwbare warmte wordt geproduceerd die wordt aangewend voor de verwarming van gebouwde omgeving, waarbij het aantal vollasturen ten hoogste 5.000 uur bedraagt; d. een productie-installatie bestaande uit één of meer doubletten, waarmee hernieuwbare warmte wordt geproduceerd, gebruikmakend van ten minste één olie- of gasput met een diepte van ten minste 1.500 meter, waarbij het thermische vermogen: 1°. kleiner is dan of gelijk is aan 12 MWth; @@ -807,7 +807,7 @@ f. een productie-installatie, bestaande uit één of meer doubletten, waarmee he De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent die broeikasgas vermindert door: -a. een productie-installatie, bestaande uit één of meer doubletten, waarmee koolstofdioxide-arme warmte wordt geproduceerd uitsluitend door middel van één of meer geothermische bronnen met een diepte van ten minste 500 meter en kleiner dan 1.500 meter, waarbij de warmte wordt opgewaardeerd met een compressiewarmtepomp op basis van een halogeenvrij koudemiddel met een COP-waarde van ten minste 3,0 en het nominale thermische vermogen ten minste 500 kWth is; +a. een productie-installatie, bestaande uit één of meer doubletten, waarmee koolstofdioxide-arme warmte wordt geproduceerd uitsluitend door middel van één of meer geothermische bronnen met een diepte van ten minste 500 meter en kleiner dan 1.500 meter, waarbij de warmte wordt opgewaardeerd met een compressiewarmtepomp op basis van een halogeenvrij koudemiddel met een COP-waarde van ten minste 3,0 en een nominalel thermische vermogen ten minste 500 kWth is; b. een productie-installatie, bestaande uit één of meer doubletten, waarmee koolstofdioxide-arme warmte wordt geproduceerd uitsluitend door middel van één of meer geothermische bronnen met een diepte van ten minste 500 meter en kleiner dan 1.500 meter, waarbij de warmte wordt opgewaardeerd met een compressiewarmtepomp op basis van een halogeenvrij koudemiddel met een COP-waarde van ten minste 3,0 en het nominale thermische vermogen ten minste 500 kWth is en de warmte wordt aangewend voor de verwarming van gebouwde omgeving; of c. een productie-installatie, bestaande uit één of meer doubletten, waarmee koolstofdioxide-arme warmte wordt geproduceerd uitsluitend door middel van één of meer geothermische bronnen met een diepte van ten minste 1.500 meter, waarbij de warmte wordt opgewaardeerd met een compressiewarmtepomp op basis van een halogeenvrij koudemiddel met een COP-waarde van ten minste 3,0, het nominale thermische vermogen ten minste 500 kWth is en alle geproduceerde warmte wordt toegepast in een verwarmingssysteem met een aanvoertemperatuur aan de gebruikerszijde van ten minste 90°C in het stookseizoen en de warmte wordt aangewend voor de verwarming van gebouwde omgeving. @@ -948,8 +948,8 @@ De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van koolstofdioxide a. een elektrisch aangedreven gesloten warmtepomp op basis van een halogeenvrij koudemiddel met een COP-waarde van ten minste 2,3 en een nominaal thermisch vermogen van ten minste 500 kWth, waarbij het aantal subsidiabele vollasturen ten hoogste 8.000 vollasturen per jaar bedraagt; b. een elektrisch aangedreven gesloten warmtepomp op basis van een halogeenvrij koudemiddel met een COP-waarde van ten minste 2,3 en een nominaal thermisch vermogen van ten minste 500 kWth, waarbij het aantal subsidiabele vollasturen ten hoogste 3.000 vollasturen per jaar bedraagt; -c. een elektrisch aangedreven open warmtepomp met een COP-waarde van ten minste 2,3 en ten hoogste 12,0 en een nominaal thermisch vermogen van ten minste 500 kWth, waarbij het aantal subsidiabele vollasturen ten hoogste 8.000 vollasturen per jaar bedraagt; of -d. een elektrisch aangedreven open warmtepomp met een COP-waarde van ten minste 2,3 en ten hoogste 12,0 en een nominaal thermisch vermogen van ten minste 500 kWth, waarbij het aantal subsidiabele vollasturen ten hoogste 3.000 vollasturen per jaar bedraagt. +c. een elektrisch aangedreven open warmtepomp op basis van een halogeenvrij koudemiddel met een COP-waarde van ten minste 2,3 en ten hoogste 12,0 en een nominaal thermisch vermogen van ten minste 500 kWth, waarbij het aantal subsidiabele vollasturen ten hoogste 8.000 vollasturen per jaar bedraagt; of +d. een elektrisch aangedreven open warmtepomp op basis van een halogeenvrij koudemiddel met een COP-waarde van ten minste 2,3 en ten hoogste 12,0 en een nominaal thermisch vermogen van ten minste 500 kWth, waarbij het aantal subsidiabele vollasturen ten hoogste 3.000 vollasturen per jaar bedraagt. **2.** De productie-installatie produceert warmte die op dezelfde locatie wordt gebruikt voor een industriële toepassing, niet zijnde tuinbouw, en levert geen koude. @@ -1299,12 +1299,12 @@ Voor de fase 1 tot en met 5, bedoeld in het eerste lid, wordt in afwijking van h | Artikel 23, eerste lid, onderdeel d, subonderdeel 2° | Zon-PV ≥ 20 MWp, zonvolgend op land | **0,0602** | **0,0602** | **0,0602** | **0,0602** | **0,0602** | | Artikel 23, eerste lid, onderdeel d, subonderdeel 3° | Zon-PV ≥ 1 MWp, zonvolgend op water | **0,0734** | **0,0734** | **0,0734** | **0,0734** | **0,0734** | | Artikel 25, onderdeel a | Allesvergisting, gas | **0,0615** | **0,0779** | **0,0889** | **0,0893** | **0,0893** | -| Artikel 25, onderdeel b | Monomestvergisting > 450 kW, gas | **0,0754** | **0,1057** | **0,1066** | **0,1066** | **0,1066** | -| Artikel 25, onderdeel c | Monomestvergisting ≤ 450 kW, gas | **0,0925** | **0,1400** | **0,1523** | **0,1523** | **0,1523** | +| Artikel 25, onderdeel b | Monomestvergisting > 450 kW, gas | **0,0754** | **0,1057** | **0,1260** | **0,1408** | **0,1408** | +| Artikel 25, onderdeel c | Monomestvergisting ≤ 450 kW, gas | **0,0925** | **0,1400** | **0,1717** | **0,1981** | **0,1981** | | Artikel 27, onderdeel a | Allesvergisting verlengde levensduur, ombouw naar gas | **0,0615** | **0,0777** | **0,0777** | **0,0777** | **0,0777** | | Artikel 27, onderdeel b | Allesvergisting verlengde levensduur, gas | **0,0615** | **0,0733** | **0,0733** | **0,0733** | **0,0733** | -| Artikel 27, onderdeel c | Monomestvergisting verlengde levensduur ≤ 450 kW, ombouw naar gas | **0,0949** | **0,1309** | **0,1309** | **0,1309** | **0,1309** | -| Artikel 27, onderdeel d | Monomestvergisting verlengde levensduur ≤ 450 kW, gas | **0,0949** | **0,1212** | **0,1212** | **0,1212** | **0,1212** | +| Artikel 27, onderdeel c | Monomestvergisting verlengde levensduur ≤ 450 kW, ombouw naar gas | **0,0949** | **0,1447** | **0,1767** | **0,1767** | **0,1767** | +| Artikel 27, onderdeel d | Monomestvergisting verlengde levensduur ≤ 450 kW, gas | **0,0949** | **0,1447** | **0,1670** | **0,1670** | **0,1670** | | Artikel 29, eerste lid | RWZI verbeterde slibgisting, gas | **0,0615** | **0,0779** | **0,0889** | **0,0999** | **0,1148** | | Artikel 31, onderdeel a | Biomassavergassing (inclusief B-hout) | **0,0601** | **0,0751** | **0,0797** | **0,0797** | **0,0797** | | Artikel 31, onderdeel b | Biomassavergassing (exclusief B-hout) | **0,0601** | **0,0751** | **0,0852** | **0,0952** | **0,1120** | @@ -1414,7 +1414,7 @@ Voor de fase 1 tot en met 5, bedoeld in het eerste lid, wordt in afwijking van h | Artikel 83, eerste lid, onderdeel f, subonderdeel 2° | CCS – Nieuwe post-combustion CO_2-afvang, bestaande afvalverbrandingsinstallatie niet-ETS-bedrijf, vloeibaar transport, nieuwe vervloeiingsinstallatie | **66,8009** | **133,6018** | **178,1357** | **222,6696** | **222,6696** | | Artikel 83, eerste lid, onderdeel g, subonderdeel 1° | CCS – Nieuwe pre-combustion CO_2-zuivering, nieuwe installatie niet-ETS-bedrijf, gasvormig transport | **82,2928** | **125,9515** | **125,9515** | **125,9515** | **125,9515** | | Artikel 83, eerste lid, onderdeel g, subonderdeel 2° | CCS – Nieuwe pre-combustion CO_2-zuivering, nieuwe installatie niet-ETS-bedrijf, vloeibaar transport, nieuwe vervloeiingsinstallatie | **81,8932** | **163,7863** | **165,5532** | **165,5532** | **165,5532** | -| Artikel 83, eerste lid, onderdeel h, subonderdeel 1° | CCS – Nieuwe post-combustion CO_2-afvang, nieuwe installatie niet-ETS-bedrijf, gasvormig transport | **75,9060** | **151,8120** | **172,6223** | **172,6223** | **172,6223** | +| Artikel 83, eerste lid, onderdeel h, subonderdeel 2° | CCS – Nieuwe post-combustion CO_2-afvang, nieuwe installatie niet-ETS-bedrijf, gasvormig transport | **75,9060** | **151,8120** | **172,6223** | **172,6223** | **172,6223** | | Artikel 83, eerste lid, onderdeel h, subonderdeel 2° | CCS – Nieuwe post-combustion CO_2-afvang, nieuwe installatie niet-ETS-bedrijf, vloeibaar transport, nieuwe vervloeiingsinstallatie | **75,5064** | **151,0128** | **201,3504** | **205,5177** | **205,5177** | | Artikel 85, eerste lid, onderdeel a, subonderdeel 1° | CCU – Nieuwe pre-combustion CO_2-zuivering, bestaande installatie, gasvormig transport | **101,2105** | **101,2105** | **101,2105** | **101,2105** | **101,2105** | | Artikel 85, eerste lid, onderdeel a, subonderdeel 2° | CCU – Nieuwe pre-combustion CO_2-zuivering, bestaande installatie, gasvormig transport, nieuwe transportleiding | **115,5628** | **115,5628** | **115,5628** | **115,5628** | **115,5628** | @@ -1600,7 +1600,7 @@ b. voor productie-installaties voor vermindering van broeikasgas: het quotiënt | Artikel 83, eerste lid, onderdeel f, subonderdeel 2° | CCS – Nieuwe post-combustion CO_2-afvang, bestaande afvalverbrandingsinstallatie niet-ETS-bedrijf, vloeibaar transport, nieuwe vervloeiingsinstallatie | **0,0000** | **742,2320** | | Artikel 83, eerste lid, onderdeel g, subonderdeel 1° | CCS – Nieuwe pre-combustion CO_2-zuivering, nieuwe installatie niet-ETS-bedrijf, gasvormig transport | **0,0000** | **914,3640** | | Artikel 83, eerste lid, onderdeel g, subonderdeel 2° | CCS – Nieuwe pre-combustion CO_2-zuivering, nieuwe installatie niet-ETS-bedrijf, vloeibaar transport, nieuwe vervloeiingsinstallatie | **0,0000** | **909,9240** | -| Artikel 83, eerste lid, onderdeel h, subonderdeel 1° | CCS – Nieuwe post-combustion CO_2-afvang, nieuwe installatie niet-ETS-bedrijf, gasvormig transport | **0,0000** | **843,4000** | +| Artikel 83, eerste lid, onderdeel h, subonderdeel 2° | CCS – Nieuwe post-combustion CO_2-afvang, nieuwe installatie niet-ETS-bedrijf, gasvormig transport | **0,0000** | **843,4000** | | Artikel 83, eerste lid, onderdeel h, subonderdeel 2° | CCS – Nieuwe post-combustion CO_2-afvang, nieuwe installatie niet-ETS-bedrijf, vloeibaar transport, nieuwe vervloeiingsinstallatie | **0,0000** | **838,9600** | | Artikel 85, eerste lid, onderdeel a, subonderdeel 1° | CCU – Nieuwe pre-combustion CO_2-zuivering, bestaande installatie, gasvormig transport | **103,6547** | **843,4750** | | Artikel 85, eerste lid, onderdeel a, subonderdeel 2° | CCU – Nieuwe pre-combustion CO_2-zuivering, bestaande installatie, gasvormig transport, nieuwe transportleiding | **103,6547** | **843,4750** |