2024-01-01 | BWBR0003643 | Besluit zonering buitenlandse luchtvaartterreinen Noord- en Midden-Limburg
This commit is contained in:
parent
e8284aff97
commit
d8432c93d8
1 changed files with 31 additions and 29 deletions
|
|
@ -18,8 +18,8 @@ citeertitel: Besluit zonering buitenlandse luchtvaartterreinen Noord- en Midden-
|
|||
|
||||
In dit besluit wordt verstaan onder:
|
||||
|
||||
a. wet: Wet geluidhinder;
|
||||
b. uitwendige scheidingsconstructie: hetgeen onder dat begrip wordt verstaan in het Bouwbesluit 2012;
|
||||
a. wet: Omgevingswet;
|
||||
b. uitwendige scheidingsconstructie: hetgeen onder dat begrip wordt verstaan in het Besluit bouwwerken leefomgeving;
|
||||
c. luchtvaartterrein: een luchtvaartterrein als bedoeld in artikel 2;
|
||||
d. zone: een zone als bedoeld in artikel 2;
|
||||
e. *geluidsbelasting in Kosteneenheden:* de geluidsbelasting op een bepaalde plaats, veroorzaakt door de gezamenlijke op een luchtvaartterrein landende, opstijgende en rondom het luchtvaartterrein opererende luchtvaartuigen, vastgesteld volgens de formule:
|
||||
|
|
@ -36,43 +36,45 @@ g. gedeputeerde staten: gedeputeerde staten van de provincie Limburg;
|
|||
h. burgemeester en wethouders: burgemeester en wethouders van gemeenten waarvan het grondgebied is gelegen in een zone;
|
||||
i. verblijfsruimte:
|
||||
|
||||
1°. geluidsgevoelige ruimte zoals bedoeld in artikel 1 van de wet;
|
||||
2°. verblijfsruimten als bedoeld in artikel 1.1, onder e, van het Besluit geluidhinder.
|
||||
1°. geluidgevoelige ruimte als bedoeld in bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving;
|
||||
2°. verblijfsruimten als bedoeld in geluidgevoelige ruimte als bedoeld in bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving;
|
||||
j. geluidgevoelig gebouw: geluidgevoelig gebouw als bedoeld in bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving;
|
||||
k. geluidgevoelig terrein: locatie die in het omgevingsplan is aangewezen als ligplaats voor woonschepen of locatie die in het omgevingsplan is aangewezen als standplaats voor woonwagens.
|
||||
|
||||
**2.** Een gymnastieklokaal maakt voor de toepassing van de hoofdstukken II, III en IV geen deel uit van de in het eerste lid, onder i, onder 1°, bedoelde gebouwen.
|
||||
|
||||
### Artikel 1a
|
||||
|
||||
**1.** Indien artikel 110f van de wet van toepassing is, geven gedeputeerde staten slechts toepassing aan de artikelen 3, tweede en derde lid, 4, tweede lid , 5, tweede lid, of 6, tweede lid, voor zover de berekening en meting van de onderscheidene geluidsbelastingen na de correctie op grond van artikel 110f, derde lid, van de wet niet leiden tot een naar hun oordeel onaanvaardbare geluidsbelasting.
|
||||
**1.** Bij de beoordeling van het gecumuleerde geluid geven gedeputeerde staten slechts toepassing aan de artikelen 3, tweede en derde lid, 4, tweede lid, 5, tweede lid, of 6, tweede lid, voor zover de berekening en meting van de onderscheidene geluidsbelastingen na de correctie op grond van artikel 3.36, tweede lid, van het Besluit kwaliteit leefomgeving niet leiden tot een naar hun oordeel onaanvaardbare geluidsbelasting.
|
||||
|
||||
**2.** Indien artikel 110f van de wet van toepassing is, passen gedeputeerde staten artikel 7, eerste lid, zodanig toe dat de berekening en meting van de onderscheidene geluidsbelastingen niet leiden tot een naar hun oordeel onaanvaardbare geluidsbelasting.
|
||||
**2.** Bij de beoordeling van het gecumuleerde geluid passen gedeputeerde staten artikel 7, eerste lid, zodanig toe dat de berekening en meting van de onderscheidene geluidsbelastingen niet leiden tot een naar hun oordeel onaanvaardbare geluidsbelasting.
|
||||
|
||||
### Artikel 2
|
||||
|
||||
Er is een zone als bedoeld in artikel 108, eerste lid, van de wet rond de luchtvaartterreinen Laarbruch en Brüggen, waarvan de grenzen zijn aangegeven op de kaart in de bij dit besluit behorende bijlage A, onderscheidenlijk B.
|
||||
Er is een zone als bedoeld in waar beperkingen gelden in verband met geluidhinder rond de luchtvaartterreinen Laarbruch en Brüggen, waarvan de grenzen zijn aangegeven op de kaart in de bij dit besluit behorende bijlage A, onderscheidenlijk B.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk II. Maatregelen in zones
|
||||
|
||||
### Paragraaf 1. Bestemmingsplan
|
||||
### Paragraaf 1. Omgevingsplan
|
||||
|
||||
### Artikel 2a
|
||||
|
||||
**1.** Bij de vaststelling of herziening van een bestemmingsplan dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden, behorende tot een zone, worden ter zake van de geluidsbelasting vanwege het luchtvaartterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van woningen of van andere geluidsgevoelige gebouwen of aan de grens van geluidsgevoelige terreinen binnen die zone, de waarden in acht genomen die ingevolge de artikelen 3, eerste lid, 4, eerste lid, 5, eerste lid, 6, eerste lid, en 7 als de ten hoogste toelaatbare worden aangemerkt.
|
||||
**1.** Bij de vaststelling of herziening van een omgevingsplan dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden, behorende tot een zone, worden ter zake van de geluidsbelasting vanwege het luchtvaartterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van geluidgevoelige gebouwen of aan de grens van geluidgevoelige terreinen binnen die zone, de waarden in acht genomen die ingevolge de artikelen 3, eerste lid, 4, eerste lid, 5, eerste lid, 6, eerste lid, en 7 als de ten hoogste toelaatbare worden aangemerkt.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
In afwijking van het eerste lid worden bij de vaststelling of herziening van een bestemmingsplan als in dat lid bedoeld hogere waarden in acht genomen, voor zover:
|
||||
In afwijking van het eerste lid worden bij de vaststelling of herziening van een omgevingsplan als in dat lid bedoeld hogere waarden in acht genomen, voor zover:
|
||||
|
||||
a. gedeputeerde staten met toepassing van artikel 3, tweede en derde lid, 4, tweede lid, 5, tweede lid, 6, tweede lid, of 7, eerste lid, voor de vaststelling of herziening van het bestemmingsplan zodanige waarden hebben vastgesteld, dan wel
|
||||
a. gedeputeerde staten met toepassing van artikel 3, tweede en derde lid, 4, tweede lid, 5, tweede lid, 6, tweede lid, of 7, eerste lid, voor de vaststelling of herziening van het omgevingsplan zodanige waarden hebben vastgesteld, dan wel
|
||||
b. zodanige waarden noodzakelijk zijn als gevolg van een vaststelling of herziening van het plan in afwijking van het ontwerp, zoals dit ter inzage heeft gelegen, en redelijkerwijs valt aan te nemen dat zij door gedeputeerde staten met toepassing van artikel 3, tweede en derde lid, 4, tweede lid, 5, tweede lid, 6, tweede lid, of 7, eerste lid, zullen worden vastgesteld.
|
||||
|
||||
### Artikel 2b
|
||||
|
||||
Bij het geven van een omgevingsvergunning waarbij van het bestemmingsplan wordt afgeweken met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2° of 3°, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden behorende tot een zone, is ten aanzien van de in acht te nemen waarden ter zake van de geluidsbelasting vanwege het luchtvaartterrein artikel 2a, eerste en tweede lid, van overeenkomstige toepassing.
|
||||
Bij het geven van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit als bedoeld in de Omgevingswet dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden behorende tot een zone, is ten aanzien van de in acht te nemen waarden ter zake van de geluidsbelasting vanwege het luchtvaartterrein artikel 2a, eerste en tweede lid, van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 2c
|
||||
|
||||
Bij het voorbereiden van de vaststelling of herziening van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 2*a*, eerste lid, wordt vanwege burgemeester en wethouders een akoestisch onderzoek ingesteld naar de geluidsbelasting, die door de uitwendige scheidingsconstructie van woningen en van andere geluidsgevoelige gebouwen en door geluidsgevoelige terreinen binnen de zone vanwege het luchtvaartterrein zou worden ondervonden.
|
||||
Bij het voorbereiden van de vaststelling of herziening van een omgevingsplan als bedoeld in artikel 2a, eerste lid, wordt vanwege burgemeester en wethouders een akoestisch onderzoek ingesteld naar de geluidsbelasting, die door de uitwendige scheidingsconstructie van geluidgevoelige gebouwen en door geluidgevoelige terreinen binnen de zone vanwege het luchtvaartterrein zou worden ondervonden.
|
||||
|
||||
### Artikel 2d
|
||||
|
||||
|
|
@ -125,19 +127,19 @@ In de gevallen, bedoeld in het derde lid, onder *b*, mogen tevens het voorziene
|
|||
|
||||
### Artikel 6
|
||||
|
||||
**1.** Behoudens het tweede lid is de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege een luchtvaartterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van andere geluidsgevoelige gebouwen en van geluidsgevoelige terreinen die op het tijdstip van in werking treden van dit besluit binnen de zone nog niet in aanleg of nog niet aanwezig zijn, 35 Kosteneenheden.
|
||||
**1.** Behoudens het tweede lid is de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege een luchtvaartterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van geluidgevoelige gebouwen niet zijnde woningen en van geluidgevoelige terreinen die op het tijdstip van in werking treden van dit besluit binnen de zone nog niet in aanleg of nog niet aanwezig zijn, 35 Kosteneenheden.
|
||||
|
||||
**2.** Gedeputeerde staten kunnen voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, bedoeld in het eerste lid, een hogere dan de in dat lid genoemde waarde vaststellen, met dien verstande dat deze waarde voor andere geluidsgevoelige gebouwen 45 Kosteneenheden en voor de geluidsgevoelige terreinen 40 Kosteneenheden niet te boven gaat.
|
||||
**2.** Gedeputeerde staten kunnen voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, bedoeld in het eerste lid, een hogere dan de in dat lid genoemde waarde vaststellen, met dien verstande dat deze waarde voor geluidgevoelige gebouwen niet zijnde woningen 45 Kosteneenheden en voor de geluidgevoelige terreinen 40 Kosteneenheden niet te boven gaat.
|
||||
|
||||
**3.** Artikel 3, vierde lid, onderdelen *a*, *b* en *c*, en vijfde lid, is voor andere geluidsgevoelige gebouwen van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**3.** Artikel 3, vierde lid, onderdelen *a*, *b* en *c*, en vijfde lid, is voor geluidgevoelige gebouwen niet zijnde woningen van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 7
|
||||
|
||||
**1.** Gedeputeerde staten stellen voor andere geluidsgevoelige gebouwen, die op het tijdstip van in werking treden van dit besluit binnen een zone reeds aanwezig of in aanbouw zijn, een waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege het luchtvaartterrein vast, met dien verstande dat deze waarde 65 Kosteneenheden niet te boven gaat.
|
||||
**1.** Gedeputeerde staten stellen voor geluidgevoelige gebouwen niet zijnde woningen, die op het tijdstip van in werking treden van dit besluit binnen een zone reeds aanwezig of in aanbouw zijn, een waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege het luchtvaartterrein vast, met dien verstande dat deze waarde 65 Kosteneenheden niet te boven gaat.
|
||||
|
||||
**2.** De ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van geluidsgevoelige terreinen die op het tijdstip van inwerking treden van dit besluit binnen een zone reeds aanwezig of in aanleg zijn, is 40 Kosteneenheden.
|
||||
**2.** De ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van geluidgevoelige terreinen die op het tijdstip van inwerking treden van dit besluit binnen een zone reeds aanwezig of in aanleg zijn, is 40 Kosteneenheden.
|
||||
|
||||
**3.** Artikel 3, vijfde lid, is voor andere geluidsgevoelige gebouwen van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**3.** Artikel 3, vijfde lid, is voor geluidgevoelige gebouwen niet zijnde woningen van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 8
|
||||
|
||||
|
|
@ -145,7 +147,7 @@ Gedeputeerde staten kunnen op schriftelijk verzoek van burgemeester en wethouder
|
|||
|
||||
### Artikel 8a
|
||||
|
||||
**1.** Indien woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen die op het tijdstip van in werking treden van dit besluit binnen een zone reeds aanwezig zijn, worden vervangen door woningen is artikel 4 of artikel 5 van overeenkomstige toepassing op de vervangende woningen.
|
||||
**1.** Indien geluidgevoelige gebouwen die op het tijdstip van in werking treden van dit besluit binnen een zone reeds aanwezig zijn, worden vervangen door woningen is artikel 4 of artikel 5 van overeenkomstige toepassing op de vervangende woningen.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -157,9 +159,9 @@ c. een wezenlijke toename van de aan de uitwendige scheidingsconstructie optrede
|
|||
|
||||
### Artikel 8b
|
||||
|
||||
**1.** Indien woningen of geluidsgevoelige gebouwen als bedoeld in artikel 8*a*, eerste lid, worden vervangen door andere geluidsgevoelige gebouwen is artikel 7 van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**1.** Indien geluidgevoelige gebouwen als bedoeld in artikel 8a, eerste lid, worden vervangen door andere geluidsgevoelige gebouwen is artikel 7 van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**2.** Artikel 8*a*, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**2.** Artikel 8a, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk III. Maatregelen ter bescherming van reeds aanwezige of in aanbouw zijnde woningen of gebouwen tegen geluidhinder vanwege een luchtvaartterrein
|
||||
|
||||
|
|
@ -176,13 +178,13 @@ d. waarvoor de vergunning als bedoeld in artikel 60 of 61 van de Woningwet door
|
|||
e. waarvan de staat van onderhoud of de bouwkundige constructie naar het oordeel van Onze Minister het aanbrengen van doeltreffende geluidwerende voorzieningen in de weg staat;
|
||||
f. die niet voor permanente bewoning bestemd zijn, dan wel behoren tot de categorieën woonschepen en woonwagens;
|
||||
g. die reeds voldoen aan de in artikel 10 van dit besluit gestelde eisen;
|
||||
h. waarvan de eigenaar of bewoner wiens toestemming noodzakelijk is om geluidwerende voorzieningen aan te brengen, deze toestemming bij een eerdere gelegenheid heeft geweigerd, dan wel na de opgave, bedoeld in artikel 13, eerste lid, heeft geweigerd of het formulier, bedoeld in artikel 13, tweede lid, of bedoeld in artikel 13*b*, tweede lid, niet binnen de in artikel 13, tweede lid, of artikel 13*b*, derde lid, bedoelde termijn heeft teruggezonden;
|
||||
h. waarvan de eigenaar of bewoner wiens toestemming noodzakelijk is om geluidwerende voorzieningen aan te brengen, deze toestemming bij een eerdere gelegenheid heeft geweigerd, dan wel na de opgave, bedoeld in artikel 13, eerste lid, heeft geweigerd of het formulier, bedoeld in artikel 13, tweede lid, of bedoeld in artikel 13b, tweede lid, niet binnen de in artikel 13, tweede lid, of artikel 13b, derde lid, bedoelde termijn heeft teruggezonden;
|
||||
i. die reeds aanwezig zijn en waaraan geluidwerende voorzieningen worden getroffen als onderdeel van voorzieningen:
|
||||
|
||||
1°. die getroffen worden met geldelijke steun op grond van het Besluit woninggebonden subsidies 1995 en
|
||||
2°. waarvan de kosten meer bedragen dan € 22 689,01.
|
||||
2°. waarvan de kosten meer bedragen dan € 22 689,01.
|
||||
|
||||
**2.** Met betrekking tot andere geluidsgevoelige gebouwen is dit hoofdstuk van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**2.** Met betrekking tot geluidgevoelige gebouwen niet zijnde woningen is dit hoofdstuk van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 10
|
||||
|
||||
|
|
@ -194,7 +196,7 @@ a. 30 tot 35 dB(A), indien de geluidsbelasting meer dan 40, doch niet meer dan 5
|
|||
b. 35 tot 40 dB(A), indien de geluidsbelasting meer dan 50, doch niet meer dan 55 Kosteneenheden bedraagt;
|
||||
c. 40 dB(A), indien de geluidsbelasting meer dan 55 Kosteneenheden bedraagt.
|
||||
|
||||
**2.** Indien de geluidsbelasting van de uitwendige scheidingsconstructie van een woning of van een ander geluidsgevoelig gebouw gelegen is binnen de in artikel 10, eerste lid, onder *a* of *b*, genoemde waarden, wordt de waarde van de geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie van de verblijfsruimte waaraan ten minste moet worden voldaan, bepaald door middel van evenredige interpolatie tussen de in het betreffende onderdeel genoemde waarden van de geluidwering.
|
||||
**2.** Indien de geluidsbelasting van de uitwendige scheidingsconstructie van een geluidgevoelig gebouw gelegen is binnen de in artikel 10, eerste lid, onder a of b, genoemde waarden, wordt de waarde van de geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie van de verblijfsruimte waaraan ten minste moet worden voldaan, bepaald door middel van evenredige interpolatie tussen de in het betreffende onderdeel genoemde waarden van de geluidwering.
|
||||
|
||||
### Artikel 11
|
||||
|
||||
|
|
@ -241,7 +243,7 @@ c. dat de gegevens van die woningen zijn geverifieerd en, voor zover in de opgav
|
|||
|
||||
**5.** Indien burgemeester en wethouders van Roermond voornemens zijn om bij de opgave af te wijken van het schema van tijdsvolgorde in het globale isolatieplan, voeren zij daaromtrent uiterlijk in juni overleg met de betrokken gemeentebesturen en gedeputeerde staten.
|
||||
|
||||
**6.** Burgemeester en wethouders van Roermond doen opgave van een zodanig aantal woningen dat, rekening houdend met alle van belang zijnde factoren, de kosten van het aanbrengen van de geluidwerende voorzieningen in het jaar waarop de opgave betrekking heeft, voor het Rijk naar verwachting € 1 134 450,54 à € 1 588 230,76 bedragen. Zij kunnen, onder verwijzing naar de door hen voorgenomen eerstvolgende opgave, een opgave doen die daarvan afwijkt.
|
||||
**6.** Burgemeester en wethouders van Roermond doen opgave van een zodanig aantal woningen dat, rekening houdend met alle van belang zijnde factoren, de kosten van het aanbrengen van de geluidwerende voorzieningen in het jaar waarop de opgave betrekking heeft, voor het Rijk naar verwachting € 1 134 450,54 à € 1 588 230,76 bedragen. Zij kunnen, onder verwijzing naar de door hen voorgenomen eerstvolgende opgave, een opgave doen die daarvan afwijkt.
|
||||
|
||||
**7.** Onze Minister maakt uiterlijk binnen vier weken na ontvangst van een opgave als bedoeld in artikel 12, eerste lid, aan burgemeester en wethouders van Roermond bekend of hij daarmee instemt dan wel wijzigingen noodzakelijk acht.
|
||||
|
||||
|
|
@ -298,7 +300,7 @@ c. burgemeester en wethouders van Roermond zich verbinden om de in artikel 13, v
|
|||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
De hoofdstukken V, VI en VII van de wet zijn van overeenkomstige toepassing op het voorkomen of beperken van geluidsbelasting vanwege industrieterreinen, vanwege wegen onderscheidenlijk vanwege spoor-, tram- en metrowegen, gelegen in een zone.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk V. Commissie
|
||||
|
||||
|
|
@ -308,7 +310,7 @@ De hoofdstukken V, VI en VII van de wet zijn van overeenkomstige toepassing op h
|
|||
|
||||
Onze Minister kan in overeenstemming met Onze Minister van Defensie een commissie instellen die voor de zones tot taak heeft:
|
||||
|
||||
a. Onze Minister te adviseren ter zake van de toepassing van Hoofdstuk VIII van de wet juncto artikel 130 van de wet voor gebieden in Limburg waar ernstige geluidhinder vanwege de luchtvaartterreinen optreedt;
|
||||
a. Onze Minister te adviseren over de toerekening van kosten die voor de gemeenten binnen de zone zijn verbonden aan maatregelen voor gebieden in Limburg waar ernstige geluidhinder vanwege de luchtvaartterreinen optreedt;
|
||||
b. Onze Minister en Onze Minister van Defensie te adviseren over de maatregelen en voorschriften ter vermindering van de geluidhinder en eventuele andere hinderfactoren op Nederlands grondgebied rondom de luchtvaartterreinen;
|
||||
c. in voorkomende gevallen informatie te verstrekken en voorlichting te geven over de geluidsaspecten van het gebruik van de luchtvaartterreinen.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue