diff --git a/amvb/uitvoeringsbesluit-web/BWBR0010646/README.md b/amvb/uitvoeringsbesluit-web/BWBR0010646/README.md index 9686b0ad056..d955620041b 100644 --- a/amvb/uitvoeringsbesluit-web/BWBR0010646/README.md +++ b/amvb/uitvoeringsbesluit-web/BWBR0010646/README.md @@ -53,8 +53,9 @@ In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: Het landelijk beschikbare budget voor de exploitatiekosten en de huisvestingskosten voor het beroepsonderwijs wordt verdeeld in landelijk beschikbare budgetten voor: -a. de entreeopleiding, en -b. de basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding. +a. de entreeopleiding, +b. de basisberoepsopleiding, en +c. de vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding. **3.** Onze Minister berekent ieder kalenderjaar de som van de betalingen die op grond van artikel 2.2.3, eerste lid, van de wet, zijn verricht in de periode van 1 januari tot en met 31 oktober van het betreffende kalenderjaar en de betalingen waarvan vaststaat dat ze nog dat kalenderjaar worden verricht. @@ -70,8 +71,9 @@ b. de basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding en specialisteno Onze Minister berekent de rijksbijdrage voor een instelling voor de exploitatiekosten en de huisvestingskosten voor het beroepsonderwijs voor een kalenderjaar door bij elkaar op te tellen: -a. het rijksbijdragedeel voor de entreeopleiding, en -b. het rijksbijdragedeel voor de basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding, +a. het rijksbijdragedeel voor de entreeopleiding, +b. het rijksbijdragedeel voor de basisberoepsopleiding, en +c. het rijksbijdragedeel voor de vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding, zoals deze delen voor het desbetreffende jaar voor de instelling worden berekend op grond van de artikelen 2.2.2 en 2.2.3. De uitkomst van de berekening wordt rekenkundig afgerond op hele euro’s. @@ -138,40 +140,49 @@ In deze formule wordt verstaan onder: **1.** -Onze Minister berekent het rijksbijdragedeel voor de basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding volgens de formule: +Onze Minister berekent het rijksbijdragedeel voor de basisberoepsopleiding en het rijksbijdragedeel voor de vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding volgens de formule: | ISW + IDiW | | | | --- | --- | --- | -| ––––––––––––– | x | LB | +| ------------- | x | LB | | LSW + LDiW | | | +waarbij het rijksbijdragedeel voor de basisberoepsopleiding wordt berekend aan de hand van de gegevens die betrekking hebben op de basisberoepsopleiding en het rijksbijdragedeel voor de vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding wordt berekend aan de hand van de gegevens die betrekking hebben op de vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding, en + waarbij wordt verstaan onder: -- *ISW:* de op grond van het tweede lid berekende studentenwaarde voor de basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding van de instelling, afgerond op twee decimalen; -- *IDiW:* de op grond van het zesde lid berekende diplomawaarde, afgerond op twee decimalen; -- *LSW:* de landelijke studentenwaarde voor de basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding, zijnde de som van de studentenwaarden voor de basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding van alle instellingen; -- *LDiW:* de landelijke diplomawaarde, zijnde de som van de diplomawaarden van alle instellingen; -- *LB:* het landelijk beschikbare budget voor de basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding. +*ISW*: de op grond van het tweede lid berekende studentenwaarde voor de basisberoepsopleiding respectievelijk de vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding van de instelling, afgerond op twee decimalen; + +*IDiW*: de op grond van het zesde lid berekende diplomawaarde voor de basisberoepsopleiding respectievelijk de vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding, afgerond op twee decimalen; + +*LSW*: de landelijke studentenwaarde voor de basisberoepsopleiding respectievelijk de vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding, zijnde de som van de ISW van alle instellingen; + +*LDiW*: de landelijke diplomawaarde voor de basisberoepsopleiding respectievelijk de vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding, zijnde de som van de diplomawaarden van alle instellingen; + +*LB*: het landelijk beschikbare budget voor de basisberoepsopleiding respectievelijk het landelijk beschikbare budget voor de vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding. **2.** ISW wordt berekend volgens de formule: -∑ [(Sbbl x 0,4 x PF) + (Sbol x PF)] x 0,8 x Cf +Σ [(Sbbl x 0,4 x PF) + (Sbol x PF)] x 0,8 x Cf waarbij wordt verstaan onder: -- *Sbbl:* elke student die +*Sbbl*: elke student die -a. op 1 oktober van het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar aan de desbetreffende instelling is ingeschreven voor de basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding of specialistenopleiding in de beroepsbegeleidende leerweg, -b. daadwerkelijk die opleiding volgt en +a. op 1 oktober van het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar aan de desbetreffende instelling is ingeschreven voor de basisberoepsopleiding respectievelijk de vakopleiding, middenkaderopleiding of specialistenopleiding in de beroepsbegeleidende leerweg, +b. daadwerkelijk die opleiding volgt, en c. uiterlijk op 31 december van datzelfde kalenderjaar een overeenkomst als bedoeld in artikel 7.2.8, tweede lid, van de wet heeft gesloten die geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op een kwalificatie of kwalificatiedossier, behorend bij die opleiding, en 1° daadwerkelijk op die datum die opleiding in de praktijk van het beroep volgt, dan wel 2° indien een student een opleiding volgt waarvoor kwalificaties als bedoeld in artikel 7.2.4, eerste lid, van de wet zijn vastgesteld in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport uiterlijk op 1 juni van het kalenderjaar daarop volgend de opleiding in de praktijk van het beroep volgt; -- *Sbol:* elke student die op 1 oktober van het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar aan de desbetreffende instelling is ingeschreven voor de basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding of specialistenopleiding in de beroepsopleidende leerweg en daadwerkelijk die opleiding volgt; -- *PF:* de op grond van het vierde lid voor de opleiding waarin de student is ingeschreven geldende prijsfactor; -- *Cf:* de op grond van het vijfde lid berekende correctiefactor tweede teldatum voor de basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding of specialistenopleiding. + +*Sbol*: elke student die op 1 oktober van het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar aan de desbetreffende instelling is ingeschreven voor de basisberoepsopleiding respectievelijk de vakopleiding, middenkaderopleiding of specialistenopleiding in de beroepsopleidende leerweg en daadwerkelijk die opleiding volgt; + +*PF*: de op grond van het vierde lid voor de opleiding waarin de student is ingeschreven geldende prijsfactor; + +*Cf:* de op grond van het vijfde lid berekende correctiefactor tweede teldatum voor de basisberoepsopleiding respectievelijk de vakopleiding, middenkaderopleiding of specialistenopleiding. **3.** Vervallen. @@ -183,39 +194,44 @@ Cf wordt als volgt berekend: | [Sbbl1 x 0,4 + Sbol1]+ [Sbbl2 x 0,4 + Sbol2] | | | --- | --- | -| 2 x[Sbbl1 x 0,4 + Sbol1] | | +| ---------------------------------------------------- | | +| 2 x [Sbbl1 x 0,4 + Sbol1] | | In deze formule wordt verstaan onder: -- *Sbbl1:* het aantal bbl-studenten dat op 1 oktober van het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar aan de desbetreffende instelling is ingeschreven voor de basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding of specialistenopleiding en daadwerkelijk die opleiding volgt; -- *Sbol1:* het aantal bol-studenten dat op 1 oktober van het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar aan de desbetreffende instelling staat ingeschreven voor de basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding of specialistenopleiding en daadwerkelijk die opleiding volgt; -- *Sbbl2:* het aantal bbl-studenten dat op 1 februari van het kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar aan de desbetreffende instelling is ingeschreven voor de basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding of specialistenopleiding en daadwerkelijk die opleiding volgt; -- *Sbol2:* het aantal bol-studenten dat op 1 februari van het kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar aan de desbetreffende instelling staat ingeschreven voor de basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding of specialistenopleiding en daadwerkelijk die opleiding volgt. +*Sbbl1*: het aantal bbl-studenten dat op 1 oktober van het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar aan de desbetreffende instelling is ingeschreven voor de basisberoepsopleiding respectievelijk de vakopleiding, middenkaderopleiding of specialistenopleiding en daadwerkelijk die opleiding volgt; + +*Sbol1*: het aantal bol-studenten dat op 1 oktober van het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar aan de desbetreffende instelling staat ingeschreven voor de basisberoepsopleiding respectievelijk de vakopleiding, middenkaderopleiding of specialistenopleiding en daadwerkelijk die opleiding volgt; + +*Sbbl2*: het aantal bbl-studenten dat op 1 februari van het kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar aan de desbetreffende instelling is ingeschreven voor de basisberoepsopleiding respectievelijk de vakopleiding, middenkaderopleiding of specialistenopleiding en daadwerkelijk die opleiding volgt; + +*Sbol2*: het aantal bol-studenten dat op 1 februari van het kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar aan de desbetreffende instelling staat ingeschreven voor de basisberoepsopleiding respectievelijk de vakopleiding, middenkaderopleiding of specialistenopleiding en daadwerkelijk die opleiding volgt. **6.** IDiW wordt berekend volgens de formule: -IDiW = ∑ {[(S x DiW – DiE) + DS] x 0,2} +IDiW = Σ {[(S x DiW - DiE) + DS] x 0,2} waarbij wordt verstaan onder: -- *S:* elke student die in het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar aan de desbetreffende instelling een diploma van een basisberoepsopleiding, vakopleiding of middenkaderopleiding heeft behaald; -- *DiW:* de diplomawaarde; DiW bedraagt voor: +*S*: elke student die in het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar aan de desbetreffende instelling een diploma van een basisberoepsopleiding respectievelijk een vakopleiding of middenkaderopleiding heeft behaald; -een basisberoepsopleiding: 1 +*DiW*: de diplomawaarde; DiW bedraagt voor: -een vakopleiding: 3 +– een basisberoepsopleiding: 1, +– een vakopleiding: 3, +– een middenkaderopleiding: 5; -een middenkaderopleiding: 5; -- *DiE:* DiW van het hoogste door S eerder behaalde diploma van een basisberoepsopleiding, een vakopleiding of een middenkaderopleiding. -- *DS:* de diplomawaarde voor een specialistenopleiding bedraagt 2 voor elke student die een diploma van een specialistenopleiding heeft behaald in het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar, en niet eerder een diploma van een specialistenopleiding heeft behaald. +*DiE*: DiW van het hoogste door S eerder behaalde diploma van een basisberoepsopleiding, een vakopleiding of een middenkaderopleiding; + +*DS*: de diplomawaarde voor een specialistenopleiding bedraagt 2 voor elke student die een diploma van een specialistenopleiding heeft behaald in het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar, en niet eerder een diploma van een specialistenopleiding heeft behaald. Onder student wordt mede begrepen de extraneus, bedoeld in artikel 2.2.2, tweede lid, onderdeel b, van de wet. Indien het eerder behaalde diploma, bedoeld in DiE van een hoger niveau is dan het diploma bedoeld in S, dan wordt het diploma bedoeld in S buiten beschouwing gelaten. Indien in het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar meerdere diploma’s op dezelfde datum zijn afgegeven, telt steeds het laagste diploma als het eerder behaalde diploma. -Indien een diploma is behaald door een student die drie aaneengesloten voorgaande kalenderjaren niet op 1 oktober was ingeschreven, blijven diploma’s behaald voor deze onderbreking buiten beschouwing. +Indien een diploma is behaald door een student die drie aaneengesloten voorgaande kalenderjaren niet op 1 oktober was ingeschreven, blijven diploma’s behaald voorafgaand aan deze onderbreking buiten beschouwing. ### Artikel 2.2.4 @@ -287,11 +303,11 @@ Onze Minister brengt op de rijksbijdrage voor een instelling voor een kalenderja Sbbl3: Sbbl, bedoeld in de artikelen 2.2.2, tweede lid, en 2.2.3, tweede lid, voor de entreeopleiding en de basisberoepsopleiding; -DC1: het cursusgeld per 1 januari van het desbetreffende kalenderjaar, bedoeld in artikel 15 van het Uitvoeringsbesluit Les- en cursusgeldwet, voor de entreeopleiding en de basisberoepsopleiding; +DC1: het cursusgeld per 1 januari van het desbetreffende kalenderjaar, bedoeld in artikel 15 van het Uitvoeringsbesluit Les- en cursusgeldwet 2000, voor de entreeopleiding en de basisberoepsopleiding; Sbbl4: Sbbl, bedoeld in artikel 2.2.3, tweede lid, voor de vakopleiding, de middenkaderopleiding en de specialistenopleiding; -DC2: het cursusgeld per 1 januari van het desbetreffende kalenderjaar, bedoeld in artikel 15 van het Uitvoeringsbesluit Les- en cursusgeldwet, voor de vakopleiding, de middenkaderopleiding en de specialistenopleiding. +DC2: het cursusgeld per 1 januari van het desbetreffende kalenderjaar, bedoeld in artikel 15 van het Uitvoeringsbesluit Les- en cursusgeldwet 2000, voor de vakopleiding, de middenkaderopleiding en de specialistenopleiding. **2.** Bij de berekening van het in het eerste lid bedoelde bedrag telt het aantal bbl-studenten Sbbl3 en Sbbl4 dat op 1 augustus van het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het bekostigingsjaar de leeftijd van 18 nog niet heeft bereikt, niet mee. @@ -736,7 +752,11 @@ Indien 12% van de rijksbijdrage voor exploitatiekosten en huisvestingskosten ber ### Artikel 6.1.9 -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +**1.** Indien een instelling de gegevens en de verklaring, bedoeld in artikel 2.2.5, eerste lid, ten behoeve van de bekostiging voor het kalenderjaar 2025 niet tijdig indient, kan Onze Minister, in afwijking van artikel 2.2.5, tweede lid, de rijksbijdrage voor het kalenderjaar 2025 voor deze instelling voorlopig vaststellen met gebruik van de voorlopige gegevens van het kalenderjaar 2025. + +**2.** Indien toepassing van artikel 2.2.3 met gebruikmaking van de gegevens, bedoeld in artikel 2.2.5, derde lid, leidt tot een lagere rijksbijdrage dan vastgesteld op grond van het eerste lid, wordt die lagere rijksbijdrage vastgesteld. Gebruikmaking van de gegevens, bedoeld in artikel 2.2.5, derde lid, leidt in geen geval tot een hogere rijksbijdrage dan vastgesteld op grond van het eerste lid. + +**3.** Dit artikel vervalt met ingang van 1 januari 2027. ### Paragraaf 2. Vavo