2019-01-01 | BWBR0042148 | Besluit bekostiging financieel toezicht 2019
This commit is contained in:
parent
2ca10aa3ca
commit
da49787581
1 changed files with 6 additions and 26 deletions
|
|
@ -53,17 +53,7 @@ In de verantwoording geeft de Nederlandsche Bank per toezichtcategorie het versc
|
|||
|
||||
**2.** De Nederlandsche Bank verrekent het verschil per toezichtcategorie, bedoeld in artikel 5, met de begrote kosten voor de desbetreffende toezichtcategorie in het daaropvolgende jaar.
|
||||
|
||||
**3.** De Nederlandsche Bank rekent de opbrengsten uit boetes en verbeurde dwangsommen tot € 4,5 miljoen in het daaropvolgende jaar verhoudingsgewijs toe aan de verschillende toezichtcategorieën. Bij de berekening van de verhouding gaat de Nederlandsche Bank uit van de gerealiseerde kosten voor het doorlopend toezicht voor een toezichtcategorie in de goedgekeurde verantwoording van het jaar waarin de opbrengsten zijn ontvangen, ten opzichte van de totale gerealiseerde kosten voor het doorlopend toezicht voor de toezichtcategorieën in die verantwoording.
|
||||
|
||||
### Artikel 6a
|
||||
|
||||
**1.** De maximale hoogte van de reserve, bedoeld in artikel 8a van de wet, bedraagt € 5 miljoen.
|
||||
|
||||
**2.** Een verzoek om toestemming voor inzet van de reserve bevat de reden voor inzet, het bedrag dat ten laste van de reserve komt en de toezichtcategorieën waaraan dit bedrag ten goede komt.
|
||||
|
||||
**3.** De Autoriteit Financiële Markten kan de reserve inzetten na toepassing van de artikelen 6, eerste lid, en 7, eerste lid.
|
||||
|
||||
**4.** De Nederlandsche Bank kan de reserve inzetten na toepassing van de artikelen 6, tweede en derde lid, en 8, eerste lid.
|
||||
**3.** De Nederlandsche Bank rekent de opbrengsten uit boetes en verbeurde dwangsommen tot € 2,5 miljoen in het daaropvolgende jaar verhoudingsgewijs toe aan de verschillende toezichtcategorieën. Bij de berekening van de verhouding gaat de Nederlandsche Bank uit van de gerealiseerde kosten voor het doorlopend toezicht voor een toezichtcategorie in de goedgekeurde verantwoording van het jaar waarin de opbrengsten zijn ontvangen, ten opzichte van de totale gerealiseerde kosten voor het doorlopend toezicht voor de toezichtcategorieën in die verantwoording.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 3. Vergoeding van de kosten van het doorlopend toezicht
|
||||
|
||||
|
|
@ -83,7 +73,7 @@ In de verantwoording geeft de Nederlandsche Bank per toezichtcategorie het versc
|
|||
|
||||
### Artikel 9
|
||||
|
||||
**1.** Uiterlijk per 1 juni van ieder jaar worden, op voorstel van de toezichthouder, bij regeling van Onze Ministers, ieder voor diens beleidsverantwoordelijkheid, voor iedere te onderscheiden toezichtcategorie de bandbreedtes en tarieven vastgesteld.
|
||||
**1.** Uiterlijk per 1 juni van ieder jaar worden, op voorstel van de toezichthouder, bij regeling van Onze Ministers, ieder voor diens beleidsverantwoordelijkheid, voor iedere te onderscheiden toezichtcategorie de bandbreedtes en tarieven vastgesteld.
|
||||
|
||||
**2.** Bij de vaststelling van de bandbreedtes en de tarieven wordt rekening gehouden met het bedrag dat op grond van de artikelen 3 en 7 voor het desbetreffende jaar aan de toezichtcategorie is toegerekend.
|
||||
|
||||
|
|
@ -109,9 +99,9 @@ In de verantwoording geeft de Nederlandsche Bank per toezichtcategorie het versc
|
|||
|
||||
**3.** Het eerste lid is niet van toepassing op een persoon die behoort tot de toezichtcategorie «Effectenuitgevende instellingen: verslaggeving».
|
||||
|
||||
**4.** Indien het bedrag dat overeenkomstig dit artikel is vastgesteld lager is dan € 30, is de betrokken persoon geen vergoeding verschuldigd.
|
||||
**4.** Indien het bedrag dat overeenkomstig dit artikel is vastgesteld lager is dan € 30, is de betrokken persoon geen vergoeding verschuldigd.
|
||||
|
||||
**5.** Indien de toezichthouder overeenkomstig dit artikel een persoon een bedrag van minder dan € 15 is verschuldigd, laat de toezichthouder betaling achterwege.
|
||||
**5.** Indien de toezichthouder overeenkomstig dit artikel een persoon een bedrag van minder dan € 15 is verschuldigd, kan de toezichthouder betaling achterwege laten.
|
||||
|
||||
### Artikel 12
|
||||
|
||||
|
|
@ -121,25 +111,15 @@ In de verantwoording geeft de Nederlandsche Bank per toezichtcategorie het versc
|
|||
|
||||
**3.** Indien een persoon, die op grond van bijlage 2 behoort tot de toezichtcategorie «banken en beleggingsondernemingen», in afwikkeling wordt geplaatst en in dat kader vermogen overgaat, verrekent de toezichthouder het oorspronkelijk in rekening te brengen bedrag dan wel gebracht bedrag voor het doorlopend toezicht bij die persoon naar rato van de omvang van het vermogen dat is overgegaan, en rekening houdend met het tijdstip per wanneer de overgang van het vermogen heeft plaatsgevonden, met de persoon die dat vermogen heeft verkregen.
|
||||
|
||||
### Artikel 12a
|
||||
|
||||
Voor personen in de categorieën «Banken en clearinginstellingen», «Banken en kredietunies», «Depositogarantiestelsel: banken» en «Resolutie: Banken en beleggingsondernemingen» stelt de toezichthouder de maatstaf in voorkomend geval vast op basis van de geconsolideerde situatie, bedoeld in Verordening (EU) nr. 575/2013 (CRR).
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 4. Slotbepalingen
|
||||
|
||||
### Artikel 13
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel 6 wordt het exploitatiesaldo, met inbegrip van de opbrengsten uit boetes en verbeurde dwangsommen tot € 2,5 miljoen, over het jaar 2018 door de Autoriteit Financiële Markten en de Nederlandsche Bank in 2019 aan de toezichtcategorieën toegerekend overeenkomstig de procentuele verdeling in de bijlagen II tot en met V van de Wet bekostiging financieel toezicht, zoals die wet luidde op 31 december 2018.
|
||||
|
||||
### Artikel 13a
|
||||
|
||||
**1.** In afwijking van artikel 6, tweede lid, verrekent de Nederlandsche Bank het verschil van de toezichtcategorie «Aanbieders van diensten met betrekking tot virtuele valuta» over 2024 verhoudingsgewijs met de begrote kosten voor alle toezichtcategorieën in 2025.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van artikel 6, derde lid, laat de Nederlandsche Bank bij de berekening van de verhouding over het jaar 2024, de toezichtcategorie «Aanbieders van diensten met betrekking tot virtuele valuta» buiten beschouwing.
|
||||
In afwijking van artikel 6 wordt het exploitatiesaldo, met inbegrip van de opbrengsten uit boetes en verbeurde dwangsommen tot € 2,5 miljoen, over het jaar 2018 door de Autoriteit Financiële Markten en de Nederlandsche Bank in 2019 aan de toezichtcategorieën toegerekend overeenkomstig de procentuele verdeling in de bijlagen II tot en met V van de Wet bekostiging financieel toezicht, zoals die wet luidde op 31 december 2018.
|
||||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2019.
|
||||
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2019.
|
||||
|
||||
### Artikel 15
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue