2024-01-01 | BWBR0038927 | Fiscale vereenvoudigingswet 2017

This commit is contained in:
Coornhert 2024-01-01 12:00:00 +00:00
parent cd430c54cf
commit dc754081e0

View file

@ -30,15 +30,13 @@ Wijzigt de Wet op de vennootschapsbelasting 1969.
Wijzigt de Wet op de dividendbelasting 1965.
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Artikel VI
Wijzigt de Wet op de omzetbelasting 1968.
### Artikel VII
Met betrekking tot vergoedingen die opeisbaar zijn geworden vóór 1 januari 2017 maar die op dat tijdstip niet of gedeeltelijk niet zijn ontvangen en ter zake waarvan vóór die datum nog geen recht op teruggaaf vanwege oninbaarheid van de vordering bestond ingevolge de vóór 1 januari 2017 geldende wetgeving, wordt de termijn van één jaar, bedoeld in artikel 29, tweede lid, van de Wet op de omzetbelasting 1968, geacht te zijn aangevangen met ingang van 1 januari 2017. Voorts wordt voor vergoedingen die opeisbaar zijn geworden in het jaar 2015 voor de toepassing van artikel 29, zevende lid, tweede volzin, van laatstgenoemde wet het tijdstip van opeisbaarheid geacht gelegen te zijn op 1 januari 2016.
Met betrekking tot vergoedingen die opeisbaar zijn geworden vóór 1 januari 2017 maar die op dat tijdstip niet of gedeeltelijk niet zijn ontvangen en ter zake waarvan vóór die datum nog geen recht op teruggaaf vanwege oninbaarheid van de vordering bestond ingevolge de vóór 1 januari 2017 geldende wetgeving, wordt de termijn van één jaar, bedoeld in artikel 29, tweede lid, van de Wet op de omzetbelasting 1968, geacht te zijn aangevangen met ingang van 1 januari 2017. Voorts wordt voor vergoedingen die opeisbaar zijn geworden in het jaar 2015 voor de toepassing van artikel 29, zevende lid, tweede volzin, van laatstgenoemde wet het tijdstip van opeisbaarheid geacht gelegen te zijn op 1 januari 2016.
### Artikel VIII
@ -50,7 +48,7 @@ Wijzigt de Wet belastingen op milieugrondslag.
### Artikel X
Met betrekking tot bedragen die opeisbaar zijn geworden vóór 1 januari 2017 maar die op dat tijdstip niet of gedeeltelijk niet zijn ontvangen en ter zake waarvan vóór die datum nog geen recht op teruggaaf vanwege oninbaarheid van de vordering bestond ingevolge de vóór 1 januari 2017 geldende wetgeving, wordt de termijn van één jaar, bedoeld in artikel 92, tweede lid, van de Wet belastingen op milieugrondslag, geacht te zijn aangevangen met ingang van 1 januari 2017.
Met betrekking tot bedragen die opeisbaar zijn geworden vóór 1 januari 2017 maar die op dat tijdstip niet of gedeeltelijk niet zijn ontvangen en ter zake waarvan vóór die datum nog geen recht op teruggaaf vanwege oninbaarheid van de vordering bestond ingevolge de vóór 1 januari 2017 geldende wetgeving, wordt de termijn van één jaar, bedoeld in artikel 92, tweede lid, van de Wet belastingen op milieugrondslag, geacht te zijn aangevangen met ingang van 1 januari 2017.
### Artikel XI
@ -106,9 +104,9 @@ Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Artikel XX
**1.** Onder toepassing van artikel 12 van de Wet raadgevend referendum treedt deze wet in werking met ingang van 1 januari 2017.
**1.** Onder toepassing van artikel 12 van de Wet raadgevend referendum treedt deze wet in werking met ingang van 1 januari 2017.
**2.** In afwijking van het eerste lid treedt artikel VIII, onderdelen E en F, in werking met ingang van 1 juli 2017.
**2.** In afwijking van het eerste lid treedt artikel VIII, onderdelen E en F, in werking met ingang van 1 juli 2017.
**3.** In afwijking van het eerste lid treden de artikelen V, XI, XII, XIII, XIV, XV, XVI, XVII, XVIII en XIX in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. In dat besluit wordt zo nodig toepassing gegeven aan artikel 12 van de Wet raadgevend referendum.