From ddea12470394f80b9cc86e3a4f160e26426c456d Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Mon, 18 Sep 2023 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2023-09-18 | BWBR0046993 | Subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed --- .../BWBR0046993/README.md | 107 ++++++++++-------- 1 file changed, 61 insertions(+), 46 deletions(-) diff --git a/ministeriele-regeling/subsidieregeling-duurzaam-maatschappelijk-vastgoed/BWBR0046993/README.md b/ministeriele-regeling/subsidieregeling-duurzaam-maatschappelijk-vastgoed/BWBR0046993/README.md index 625566d22de..de3a91d9197 100644 --- a/ministeriele-regeling/subsidieregeling-duurzaam-maatschappelijk-vastgoed/BWBR0046993/README.md +++ b/ministeriele-regeling/subsidieregeling-duurzaam-maatschappelijk-vastgoed/BWBR0046993/README.md @@ -3,7 +3,7 @@ titel: Subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed bwb_id: BWBR0046993 type: ministeriele-regeling status: geldend -datum_inwerkingtreding: '2022-10-01' +datum_inwerkingtreding: '2023-07-03' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0046993 citeertitel: Subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed --- @@ -19,13 +19,14 @@ In deze regeling wordt verstaan onder: - *adres:* adres als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen; - *advieskosten:* kosten die gemaakt worden voor het laten opstellen van een energieadvies of een advies als bedoeld in bijlage 3 onderdelen A.1, A.2, A.3, K.1 of L.1; - *algemene groepsvrijstellingsverordening:* - Verordening (EU) 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard (PbEU 2014, L 187); -- *eigenaar:* eigenaar, erfpachter of opstalhouder van een gebouwde onroerende zaak; + Verordening (EU) 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 zoals laatst gewijzigd bij Verordening (EU) 2023/1315, waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard (PbEU 2023, L 167); +- *eigenaar:* eigenaar, erfpachter of opstalhouder van een gebouwde onroerende zaak die niet in eigendom is van de Staat der Nederlanden; - *energieadvies:* advies als bedoeld in bijlage 1; - *energieadviseur:* onderneming die bedrijfsmatig onderzoek doet naar en adviseert over mogelijke te nemen verduurzamingsmaatregelen en die niet werkzaam is bij de eigenaar van het maatschappelijk vastgoed; - *energielabel:* energielabel als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van het Besluit energieprestatie gebouwen; - *energieprestatie:* berekende of gemeten hoeveelheid energie die nodig is om aan de vraag naar energie te voldoen die verband houdt met een normaal gebruik van een gebouw, waaronder energie die wordt gebruikt voor verwarming, koeling, ventilatie, warmwatervoorziening en verlichting; -- *gebouwde onroerende zaak:* gebouwde onroerende zaak of gebouwde onroerende zaken of gedeelten daarvan die staan ingeschreven in de basisregistratie kadaster op één adres of één gebouwde onroerende zaak die staat ingeschreven in de basisregistratie kadaster op meerdere adressen, met uitzondering van gebouwde onroerende zaken of gedeelten daarvan met een woonfunctie als bedoeld in artikel 1.1 van het Bouwbesluit 2012; +- *gebouwde onroerende zaak:* gebouwde onroerende zaak of gebouwde onroerende zaken of gedeelten daarvan die staan ingeschreven in de basisregistratie kadaster op één adres of één gebouwde onroerende zaak die staat ingeschreven in de basisregistratie kadaster op meerdere adressen, met uitzondering van gebouwde onroerende zaken of gedeelten daarvan met een woonfunctie als bedoeld in artikel 1.1 van het Bouwbesluit 2012, tenzij de gebouwde onroerende zaak in eigendom is van een zorgaanbieder; +- *hoge energieprestatie:* hoge energieprestatie als bedoeld in bijlage 4 bij de subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed; - *integraal verduurzamingsproject:* project met een hoge duurzaamheidsambitie op basis van een maatregelenpakket dat voortkomt uit een advies, als bedoeld in bijlage 3, onderdelen A.1, A.2, A.3, of L.1; - *gebruiksoppervlakte:* gebruiksoppervlakte als bedoeld in NEN 2580; - *Kaderbesluit:* @@ -50,36 +51,40 @@ g. gebouwde onroerende zaak met een publieksfunctie in eigendom van kerkgenootsc ### Artikel 2 -Deze regeling heeft tot doel eigenaren van bestaand maatschappelijk vastgoed te stimuleren om te investeren ineen combinatie van verduurzamingsmaatregelen of een integraal verduurzamingsproject ten behoeve van het verbeteren van de energieprestatie van maatschappelijk vastgoed. +Deze regeling heeft tot doel eigenaren van bestaand maatschappelijk vastgoed te stimuleren om te investeren in een combinatie van verduurzamingsmaatregelen of een integraal verduurzamingsproject ten behoeve van het verbeteren van de energieprestatie van maatschappelijk vastgoed. ### Artikel 3 **1.** -De minister kan aan een eigenaar van bestaand maatschappelijk vastgoed op aanvraag subsidie verstrekken voor een investering in maatregelen die zijn opgenomen in bijlage 3 en die bestaan uit: +De minister kan aan een eigenaar van bestaand maatschappelijk vastgoed op aanvraag subsidie verstrekken voor een investering in maatregelen bestaande uit: -a. ten hoogste drie verduurzamingsmaatregelen; of +a. ten hoogste drie verduurzamingsmaatregelen die zijn opgenomen in bijlage 3 van deze regeling; of b. een integraal verduurzamingsproject. -**2.** Op grond van deze regeling wordt slechts subsidie verstrekt voor verduurzamingsmaatregelen of integrale verduurzamingsprojecten die aanvangen vanaf 3 oktober 2022 met uitzondering van de subsidie voor advies als bedoeld in artikel 8, onderdeel b, en artikel 15, onderdeel b, van deze regeling. +**2.** Op grond van deze regeling wordt slechts subsidie verstrekt voor verduurzamingsmaatregelen of integrale verduurzamingsprojecten die aanvangen vanaf 18 september 2023 met uitzondering van de subsidie voor advies als bedoeld in artikel 8, onderdeel b, en artikel 15, onderdeel b, van deze regeling. ### Artikel 4 -**1.** Een aanvraag voor een subsidie kan worden ingediend van 3 oktober 2022 tot en met de dag van inwerkingtreding van de Regeling van de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening van 1 november 2022, nr. 2022-0000594303, tot wijziging van de Subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed ter sluiting van het aanvraagloket voor aanvragers in verband met de grote hoeveelheid ingediende aanvragen08-11-2022. +**1.** Een aanvraag voor een subsidie kan worden ingediend van 18 september 2023 tot en met 31 december 2024 of tot en met de dag waarop het subsidieplafond wordt bereikt. **2.** Een aanvraag voor een subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van het aanvraagformulier dat door de minister ter beschikking is gesteld op de website van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. ### Artikel 5 -**1.** Het subsidieplafond bedraagt € 150.000.000 tot de dag van inwerkingtreding van de Regeling van de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening van 1 november 2022, nr. 2022-0000594303, tot wijziging van de Subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed ter sluiting van het aanvraagloket voor aanvragers in verband met de grote hoeveelheid ingediende aanvragen08-11-2022. +**1.** Het subsidieplafond bedraagt € 123.500.000 voor aanvragen van € 500.000 of meer. -**2.** De minister verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van binnenkomst van de aanvragen. +**2.** Het subsidieplafond bedraagt € 66.500.000 voor aanvragen van minder dan € 500.000. + +**3.** De minister verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van binnenkomst van de aanvragen. ### Artikel 6 -**1.** Een subsidie als bedoeld in artikel 8, onderdelen a en c, en artikel 15, onderdelen a en c, kan staatsteun bevatten en gerechtvaardigd worden door de artikelen 38, 41 of 53 van de algemene groepsvrijstellingsverordening. +**1.** Een subsidie als bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel a, of artikel 15, eerste lid, onderdeel a, kan staatssteun bevatten en gerechtvaardigd worden door artikel 38bis van de algemene groepsvrijstellingsverordening. -**2.** Een subsidie als bedoeld in artikel 8, onderdeel b, en artikel 15, onderdeel b, kan staatssteun bevatten en gerechtvaardigd worden door de de-minimisverordening. +**2.** Een subsidie als bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdelen b en c, en artikel 15, eerste lid, onderdelen b en c, kan staatssteun bevatten en gerechtvaardigd worden door artikel 49 van de algemene groepsvrijstellingsverordening. + +**3.** Zolang de cumulatiebepalingen van artikel 8, vijfde lid, van de algemene groepsvrijstellingsverordening in acht worden genomen, kan een subsidie als bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdelen b en c, alternatief in overeenstemming met de staatssteunregels gesubsidieerd worden zolang wordt voldaan aan de de-minimisvrijstellingsverordening 1407/2013/EU (PbEU 2013, L 352). ### Artikel 7 @@ -95,7 +100,7 @@ b. een integraal verduurzamingsproject. Een subsidie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, kan worden verleend voor: -a. de projectkosten van een verduurzamingsmaatregel of een combinatie van maximaal drie verduurzamingsmaatregelen als bedoeld in bijlage 3 voor investeringen in bestaand maatschappelijk vastgoed; +a. de projectkosten van een verduurzamingsmaatregel of een combinatie van maximaal drie verduurzamingsmaatregelen als bedoeld in bijlage 3 welke voortkomen uit een advies als bedoeld in onderdeel b, voor investeringen in bestaand maatschappelijk vastgoed; b. de advieskosten voor een energieadvies of een advies als bedoeld in bijlage 3 onderdeel L.1; of c. de advieskosten voor een energielabel als bedoeld in bijlage 3, onderdeel K.1. @@ -116,23 +121,27 @@ c. de advieskosten voor een energielabel als bedoeld in bijlage 3, onderdeel K.1 In aanvulling op artikel 11, derde lid, van het Kaderbesluit, bevat een aanvraag voor subsidie als bedoeld in artikel 3, onderdeel a, ten minste: a. het adres of de kadastrale aanduiding van het maatschappelijk vastgoed waarop de aanvraag betrekking heeft; -b. een verklaring dat de aanvraag betrekking heeft op investeringen in verduurzamingsmaatregelen in maatschappelijk vastgoed; en -c. een energieadvies dat niet ouder is dan 36 maanden op het moment van de aanvraag; of -d. een portefeuilleroutekaart die niet ouder is dan 36 maanden op het moment van de aanvraag en die ingaat op de onderdelen van de rapportage van het energieadvies. +b. de geregistreerde handelsnaam als bedoeld in artikel 9, onder b, van de Handelsregisterwet 2007 en het nummer als bedoeld in artikel 9, onder a, van de Handelsregisterwet 2007; +c. een verklaring dat de aanvraag betrekking heeft op investeringen in verduurzamingsmaatregelen in maatschappelijk vastgoed; en +d. een energieadvies dat niet ouder is dan 48 maanden op het moment van de aanvraag; of +e. een portefeuilleroutekaart die niet ouder is dan 48 maanden op het moment van de aanvraag en die ingaat op de onderdelen van de rapportage van het energieadvies. ### Artikel 11 Onverminderd het bepaalde in de artikelen 12 en 13 van het Kaderbesluit, wijst de minister een aanvraag voor een subsidie als bedoeld in artikel 3, onderdeel a, af voor zover: a. de activiteiten zullen worden verricht in maatschappelijk vastgoed dat niet is gelegen in Nederland; -b. er sprake is van een onderneming in moeilijkheden als bedoeld artikel 2, achttiende lid, van de algemene groepsvrijstellingsverordening die de aanvraag indient of een onderneming die de aanvraag indient ten aanzien waarvan een bevel tot terugvordering van steun uitstaat als bedoeld in artikel 1, vierde lid, onder a, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; -c. er sprake is van een onderneming die inkomsten- of vennootschapsbelasting in Nederland betaalt en zodoende in aanmerking komt voor aftrekposten en fiscale regelingen; -d. de subsidie wordt aangevraagd voor maatregelen die zijn uitgevoerd voorafgaand aan de aanvangsdatum als bedoeld in artikel 3, tweede lid; -e. de subsidie wordt aangevraagd voor investeringen die worden gedaan om ervoor te zorgen dat voldaan wordt aan reeds vastgestelde Europese regelgeving; -f. de subsidie wordt aangevraagd voor erkende maatregelen of het installeren van een energiebeheerssysteem voor maatschappelijk vastgoed ter voldoening aan de energiebesparingsplicht; -g. de subsidie wordt aangevraagd voor gebouwde onroerende zaken of gedeelten daarvan met een woonfunctie als bedoeld in artikel 1.1 van het Bouwbesluit 2012; -h. de subsidie wordt aangevraagd voor een gebouwde onroerende zaak dat in gebruik is bij een overheidsinstelling met een gebruiksoppervlakte van meer dan 250 m² die niet beschikt over een geldig energielabel; of -i. de subsidie wordt aangevraagd voor een kantoorgebouw waarbij de gebruiksoppervlakte van kantoorfuncties 50% of meer beslaat van de totale oppervlakte en de oppervlakte aan kantoorfuncties en nevenfuncties groter is dan 100 m² en dat niet beschikt over ten minste energielabel C, met uitzondering van rijksmonumenten. +b. het maatschappelijk vastgoed na het uitvoeren van de maatregelen een andere bestemming dan maatschappelijk vastgoed krijgt; +c. reeds een subsidie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, is verstrekt; +d. er sprake is van een onderneming in moeilijkheden als bedoeld artikel 2, achttiende lid, van de algemene groepsvrijstellingsverordening die de aanvraag indient of een onderneming die de aanvraag indient ten aanzien waarvan een bevel tot terugvordering van steun uitstaat als bedoeld in artikel 1, vierde lid, onder a, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; +e. er sprake is van een onderneming die inkomsten- of vennootschapsbelastingplichtig is in Nederland en zodoende in aanmerking komt voor aftrekposten en fiscale regelingen; +f. de subsidie wordt aangevraagd voor maatregelen die zijn uitgevoerd voorafgaand aan de aanvangsdatum als bedoeld in artikel 3, tweede lid; +g. de subsidie wordt aangevraagd voor investeringen die worden gedaan om ervoor te zorgen dat voldaan wordt aan reeds vastgestelde Europese regelgeving; +h. de subsidie wordt aangevraagd voor erkende maatregelen of het installeren van een energiebeheerssysteem voor maatschappelijk vastgoed ter voldoening aan de energiebesparingsplicht; +i. de subsidie wordt aangevraagd voor gebouwde onroerende zaken of gedeelten daarvan met een woonfunctie als bedoeld in artikel 1.1 van het Bouwbesluit 2012; +j. de subsidie wordt aangevraagd voor een gebouwde onroerende zaak dat in gebruik is bij een overheidsinstelling met een gebruiksoppervlakte van meer dan 250 m² die niet beschikt over een geldig energielabel; +k. de subsidie wordt aangevraagd voor een kantoorgebouw waarbij de gebruiksoppervlakte van kantoorfuncties 50% of meer beslaat van de totale oppervlakte en de oppervlakte aan kantoorfuncties en nevenfuncties groter is dan 100 m² en dat niet beschikt over ten minste energielabel C, met uitzondering van rijksmonumenten; of +l. de subsidie staatssteun bevat en niet kan worden gerechtvaardigd op grond van de artikelen 38bis of 49 van de algemene groepsvrijstellingsverordening of door de de-minimisverordening. ### Artikel 12 @@ -167,9 +176,8 @@ Uit de verklaring inzake werkelijke kosten en opbrengsten, bedoeld in het tweede a. dat aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan; b. wat het totale bedrag van de gerealiseerde subsidiabele kosten is; -c. wat het totale bedrag is van de gerealiseerde opbrengsten, inclusief bijdragen van derden; -d. dat een energielabel is afgegeven na het uitvoeren van de maatregelen indien dat een onderdeel is van de gesubsidieerde activiteiten is; en -e. indien het betreft een subsidie als bedoeld in artikel 12, derde lid: een verklaring dat de aansluiting op gas binnen de gestelde termijn is vervangen. +c. dat een energielabel is afgegeven na het uitvoeren van de maatregelen indien dat een onderdeel is van de gesubsidieerde activiteiten is; en +d. indien het betreft een subsidie als bedoeld in artikel 12, derde lid: een verklaring dat de aansluiting op gas binnen de gestelde termijn is vervangen. **4.** Een aanvraag tot subsidievaststelling hoeft niet vergezeld te gaan van een controleverklaring. @@ -182,7 +190,7 @@ e. indien het betreft een subsidie als bedoeld in artikel 12, derde lid: een ver Een subsidie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, kan worden verleend voor: a. de projectkosten die betrekking hebben op het pakket aan verduurzamingsmaatregelen welke voortkomen uit een advies als bedoeld in onderdeel b, die leiden tot het verbeteren van de energieprestatie van bestaand maatschappelijk vastgoed; -b. de advieskosten, bedoeld in bijlage 3, onderdelen A.1, A.2, A.3, of L.1; of +b. de advieskosten, bedoeld in bijlage 3, onderdelen A.1, A.2, A.3, A.4, of L.1; of c. de kosten voor een energielabel als bedoeld in bijlage 3, onderdeel K.1. **2.** De advieskosten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en c, komen alleen voor subsidie in aanmerking als een aanvraag voor verlening van subsidie voor projectkosten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, is ingediend. @@ -193,18 +201,21 @@ c. de kosten voor een energielabel als bedoeld in bijlage 3, onderdeel K.1. **1.** De subsidie, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, bedraagt 30% van de projectkosten van de subsidiabele activiteiten met een minimum bedrag van € 25.000 per aanvraag en een maximum bedrag van € 2.500.000 per gebouwde onroerende zaak. -**2.** In aanvulling op het eerste lid bedraagt de subsidie voor een advies als bedoeld in bijlage 3, onderdelen A1, A2, A3, K.1, of L.1, 50% van de advieskosten. +**2.** De subsidie, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, bedraagt ten hoogste 35% van de projectkosten van de subsidiabele activiteiten met een minimum bedrag van € 25.000 per aanvraag en een maximum bedrag van € 2.500.000 per gebouwde onroerende zaak indien een hoge energieprestatie wordt bereikt. -**3.** Indien de subsidieaanvraag betrekking heeft op verduurzamingsmaatregelen waar een bestuursorgaan of de Europese Commissie reeds een subsidie voor heeft verstrekt, kan slechts een bedrag aan subsidie worden verstrekt waarmee het maximale subsidiebedrag van die regeling niet wordt overschreden. +**3.** In aanvulling op het eerste en tweede lid bedraagt de subsidie voor een advies als bedoeld in bijlage 3, onderdelen A1, A2, A3, A.4, K.1, of L.1, 50% van de advieskosten. + +**4.** Indien de subsidieaanvraag betrekking heeft op verduurzamingsmaatregelen waar een bestuursorgaan of de Europese Commissie reeds een subsidie voor heeft verstrekt, kan slechts een bedrag aan subsidie worden verstrekt waarmee het maximale subsidiebedrag van die regeling niet wordt overschreden. ### Artikel 17 In aanvulling op de gegevens en bescheiden, bedoeld in artikel 11, derde lid, van het Kaderbesluit, bevat een aanvraag voor subsidie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, ten minste: a. het adres of de kadastrale aanduiding van het maatschappelijk vastgoed waarop de aanvraag betrekking heeft; -b. een verklaring dat de aanvraag betrekking heeft op investeringen in maatschappelijk vastgoed; -c. een advies of een rapport als bedoeld in bijlage 3, onderdelen A.1, A.2, A.3 of L.1 dat niet ouder is dan 36 maanden op het moment van de aanvraag; en -d. een beschrijving van het maatregelenpakket waar de aanvraag betrekking op heeft met een onderbouwing van de potentiële energiebesparing of potentiële reductie van koolstofdioxide-uitstoot. +b. de geregistreerde handelsnaam als bedoeld in artikel 9, onder b, van de Handelsregisterwet 2007 en het nummer als bedoeld in artikel 9, onder a, van de Handelsregisterwet; +c. een verklaring dat de aanvraag betrekking heeft op investeringen in maatschappelijk vastgoed; +d. een advies of een rapport als bedoeld in bijlage 3, onderdelen A.1, A.2, A.3, A.4, of L.1 dat niet ouder is dan 48 maanden op het moment van de aanvraag; en +e. een beschrijving van het maatregelenpakket waar de aanvraag betrekking op heeft met een onderbouwing van de potentiële energiebesparing of potentiële reductie van koolstofdioxide-uitstoot. ### Artikel 18 @@ -213,14 +224,17 @@ d. een beschrijving van het maatregelenpakket waar de aanvraag betrekking op hee Onverminderd het bepaalde in de artikelen 12 en 13 van het Kaderbesluit, wijst de minister een aanvraag voor een subsidie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, af voor zover: a. de activiteiten zullen worden verricht in maatschappelijk vastgoed dat niet is gelegen in Nederland; -b. er sprake is van een onderneming in moeilijkheden als bedoeld artikel 2, achttiende lid, van de algemene groepsvrijstellingsverordening die de aanvraagt indient of een onderneming die de aanvraag indient ten aanzien waarvan een bevel tot terugvordering van steun uitstaat als bedoeld in artikel 1, vierde lid, onder a, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; -c. er sprake is van een onderneming die inkomsten- of vennootschapsbelasting in Nederland betaalt en zodoende in aanmerking komt voor aftrekposten en fiscale regelingen; -d. de subsidie wordt aangevraagd voor integrale verduurzamingsprojecten die zijn uitgevoerd voorafgaand aan de aanvangsdatum als bedoeld in artikel 3, tweede lid; -e. de subsidie wordt aangevraagd voor investeringen die worden gedaan om ervoor te zorgen dat voldaan wordt aan reeds vastgestelde Europese regelgeving; -f. de subsidie wordt aangevraagd voor erkende maatregelen of het installeren van een energiebeheerssysteem voor maatschappelijk vastgoed ter voldoening aan de energiebesparingsplicht; -g. de subsidie wordt aangevraagd voor gebouwde onroerende zaken of gedeelten daarvan met een woonfunctie als bedoeld in artikel 1.1 van het Bouwbesluit 2012; -h. de subsidie wordt aangevraagd voor een gebouw dat in gebruik is bij een overheidsinstelling met een gebruiksoppervlakte van meer dan 250 m² dat niet beschikt over een geldig energielabel; of -i. de subsidie wordt aangevraagd voor een kantoorgebouw waarbij de gebruiksoppervlakte van kantoorfuncties 50% of meer beslaat van de totale oppervlakte en de oppervlakte aan kantoorfuncties en nevenfuncties groter is dan 100 m² en dat niet beschikt over ten minste energielabel C, met uitzondering van rijksmonumenten. +b. het maatschappelijk vastgoed na het uitvoeren van de maatregelen een andere bestemming dan maatschappelijk vastgoed krijgt; +c. reeds een subsidie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, is verstrekt; +d. er sprake is van een onderneming in moeilijkheden als bedoeld artikel 2, achttiende lid, van de algemene groepsvrijstellingsverordening die de aanvraagt indient of een onderneming die de aanvraag indient ten aanzien waarvan een bevel tot terugvordering van steun uitstaat als bedoeld in artikel 1, vierde lid, onder a, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; +e. er sprake is van een onderneming die inkomsten- of vennootschapsbelastingplichtig is in Nederland en zodoende in aanmerking komt voor aftrekposten en fiscale regelingen; +f. de subsidie wordt aangevraagd voor integrale verduurzamingsprojecten die zijn uitgevoerd voorafgaand aan de aanvangsdatum als bedoeld in artikel 3, tweede lid; +g. de subsidie wordt aangevraagd voor investeringen die worden gedaan om ervoor te zorgen dat voldaan wordt aan reeds vastgestelde Europese regelgeving; +h. de subsidie wordt aangevraagd voor erkende maatregelen of het installeren van een energiebeheerssysteem voor maatschappelijk vastgoed ter voldoening aan de energiebesparingsplicht; +i. de subsidie wordt aangevraagd voor gebouwde onroerende zaken of gedeelten daarvan met een woonfunctie als bedoeld in artikel 1.1 van het Bouwbesluit 2012; +j. de subsidie wordt aangevraagd voor een gebouw dat in gebruik is bij een overheidsinstelling met een gebruiksoppervlakte van meer dan 250 m² dat niet beschikt over een geldig energielabel; +k. de subsidie wordt aangevraagd voor een kantoorgebouw waarbij de gebruiksoppervlakte van kantoorfuncties 50% of meer beslaat van de totale oppervlakte en de oppervlakte aan kantoorfuncties en nevenfuncties groter is dan 100 m² en dat niet beschikt over ten minste energielabel C, met uitzondering van rijksmonumenten; of +l. de subsidie staatssteun bevat en niet kan worden gerechtvaardigd op grond van de artikelen 38bis of 49 van de algemene groepsvrijstellingsverordening of door de de-minimisverordening. ### Artikel 19 @@ -255,9 +269,8 @@ Uit de verklaring inzake werkelijke kosten en opbrengsten, bedoeld in het tweede a. dat aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan; b. wat het totale bedrag van de gerealiseerde subsidiabele kosten is; -c. wat het totale bedrag is van de gerealiseerde opbrengsten, inclusief bijdragen van derden; en -d. dat een energielabel is afgegeven na het uitvoeren van de maatregelen indien dat een onderdeel is van de gesubsidieerde activiteiten; en -e. indien het betreft een subsidie als bedoeld in artikel 19, derde lid: een verklaring dat de aansluiting op gas binnen de gestelde termijn is vervangen. +c. dat een energielabel is afgegeven na het uitvoeren van de maatregelen indien dat een onderdeel is van de gesubsidieerde activiteiten; en +d. indien het betreft een subsidie als bedoeld in artikel 19, derde lid: een verklaring dat de aansluiting op gas binnen de gestelde termijn is vervangen. **4.** Een aanvraag tot subsidievaststelling hoeft niet vergezeld te gaan van een controleverklaring. @@ -265,7 +278,7 @@ e. indien het betreft een subsidie als bedoeld in artikel 19, derde lid: een ver ### Artikel 22 -Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 oktober 2022 en vervalt met ingang van 1 januari 2024, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op subsidies die op grond van deze regeling vóór laatstgenoemde datum zijn aangevraagd of verstrekt. +Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 oktober 2022 en vervalt met ingang van 31 december 2024, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op subsidies die op grond van deze regeling vóór laatstgenoemde datum zijn aangevraagd of verstrekt. ### Artikel 23 @@ -276,3 +289,5 @@ Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling duurzaam maatschappelijk va ## Bijlage 2. bij ## Bijlage 3. behorende bij + +## Bijlage 4. behorende bij