2021-07-17 | BWBR0008074 | Reglement rijbewijzen

This commit is contained in:
Coornhert 2021-07-17 12:00:00 +00:00
parent 426e7e67ca
commit e037f7edb2

View file

@ -22,10 +22,11 @@ In dit besluit wordt verstaan onder:
- *bestuurdersattest*: bestuurdersattest als bedoeld in artikel 151c, vierde lid, onderdeel a, van de Wegenverkeerswet 1994;
- *buitenlands omwisselingscertificaat*: certificaat afgegeven door de bevoegde autoriteit van een lidstaat van de Europese Unie overeenkomstig de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders aantonende dat de bestuurder de basiskwalificatie heeft behaald of de nascholing heeft afgerond;
- *deelcertificaat*: certificaat aantonende dat de bestuurder een aantal uren nascholing heeft gevolgd, maar nog niet heeft afgerond;
- *eigen verklaring*: verklaring van de aanvrager ter zake van zijn lichamelijke en geestelijke geschiktheid tot het besturen van motorrijtuigen van de categorie of categorieën waarvoor een verklaring van geschiktheid wordt verlangd;
- *geneeskundig verslag*: op basis van een keuring van de aanvrager opgemaakt verslag betreffende diens lichamelijke en geestelijke geschiktheid tot het besturen van motorrijtuigen van de in het verslag vermelde rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën;
- *getuigschrift van nascholing*: document dat dient als bewijs dat de houder de nascholing heeft afgerond;
- *getuigschrift van vakbekwaamheid*: document dat dient als bewijs dat de houder de basiskwalificatie heeft behaald;
- *gezondheidsverklaring:* verklaring van de aanvrager ter zake van zijn lichamelijke en geestelijke geschiktheid tot het besturen van motorrijtuigen van de categorie of categorieën waarvoor een verklaring van geschiktheid wordt verlangd;
- *IBC:* Intermediate Bulk Container, een door het CBR goedgekeurde stijve of flexibele verpakking;
- *keuringsverslag:* op basis van een keuring van de aanvrager opgemaakt verslag volgens een door het CBR vastgesteld model betreffende de lichamelijke en geestelijke geschiktheid van de aanvrager tot het besturen van motorrijtuigen;
- *kwalificatiekaart bestuurder*: kaart afgegeven door de bevoegde autoriteit van een lidstaat van de Europese Unie overeenkomstig de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders aantonende dat de bestuurder de basiskwalificatie heeft behaald of de nascholing heeft afgerond;
- *landbouw- of bosbouwtrekker*: hetgeen hieronder wordt verstaan in artikel 1.1 van de Regeling voertuigen;
- *ledige massa*: massa van het voertuig, in bedrijfsvaardige staat, met inbegrip van een half gevulde brandstoftank, reservedelen en gereedschappen, die tot de normale uitrusting behoren, maar zonder lading en zonder de bestuurder en andere personen, die met het voertuig worden vervoerd;
@ -48,6 +49,7 @@ In dit besluit wordt verstaan onder:
- *verklaring van nascholing*: verklaring die het CBR in het rijbewijzenregister registreert nadat de aanvrager de nascholing heeft afgerond;
- *verklaring van rijvaardigheid*: verklaring waaruit blijkt van een onderzoek met goed gevolg naar de rijvaardigheid van de aanvrager tot het besturen van motorrijtuigen van de in de verklaring vermelde rijbewijscategorie;
- *verklaring van vakbekwaamheid*: verklaring die het CBR in het rijbewijzenregister registreert nadat de aanvrager de basiskwalificatie heeft behaald;
- *Verordening (EU) nr. 165/2014:* Verordening (EU) nr. 165/2014 van het Europees Parlement van de Raad van 4 februari 2014 betreffende tachografen in het wegvervoer, tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 3821/85 van de Raad betreffende het controleapparaat in het wegvervoer en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 561/2006 van het Europees Parlement en de Raad tot harmonisatie van bepaalde voorschriften van sociale aard voor het wegvervoer (PbEU 2014, L 60);
- *verwisselbaar uitrustingsstuk*: hetgeen hieronder wordt verstaan in artikel 1.1 van de Regeling voertuigen;
- *wet*: Wegenverkeerswet 1994.
@ -523,7 +525,7 @@ Aan de aanvrager van een rijbewijs, die blijkens de ten behoeve van hem in het r
### Artikel 22a
**1.** Aan de aanvrager van een rijbewijs op grond van artikel 45 die beschikt over een rijbewijs C1 respectievelijk C1E, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, dat blijkens de daarop aangegeven codering niet de bevoegdheid geeft tot het besturen van een motorrijtuig van de categorie C1 respectievelijk C1 en C1E dat onder Verordening (EEG) nr. 3821/85 valt, wordt een rijbewijs C1 respectievelijk C1E afgegeven dat slechts geldig is voor het besturen van motorrijtuigen van de categorie C1 respectievelijk C1 en C1E die niet onder de werking van die verordening vallen. Deze beperking is aangeduid met een bij ministeriële regeling vastgestelde codering.
**1.** Aan de aanvrager van een rijbewijs op grond van artikel 45 die beschikt over een rijbewijs C1 respectievelijk C1E, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, dat blijkens de daarop aangegeven codering niet de bevoegdheid geeft tot het besturen van een motorrijtuig van de categorie C1 respectievelijk C1 en C1E dat onder Verordening (EU) nr. 165/2014 valt, wordt een rijbewijs C1 respectievelijk C1E afgegeven dat slechts geldig is voor het besturen van motorrijtuigen van de categorie C1 respectievelijk C1 en C1E die niet onder de werking van die verordening vallen. Deze beperking is aangeduid met een bij ministeriële regeling vastgestelde codering.
**2.** Aan de aanvrager van een rijbewijs C1 of C die in het bezit is van een rijbewijs C1 als bedoeld in het eerste lid wordt, indien ten behoeve van hem in het rijbewijzenregister een verklaring van vakbekwaamheid is geregistreerd voor de categorie C1 of C, een rijbewijs C1 of C afgegeven, zonder dat daarbij ten aanzien van categorie C1 de in het eerste lid bedoelde codering wordt vermeld.
@ -561,16 +563,6 @@ c. 70 jaren heeft bereikt, geldig voor de duur van vijf achtereenvolgende jaren,
### Artikel 25ab
**1.** In dit artikel wordt verstaan onder Verordening (EU) 2021/267: Verordening (EU) 2021/267 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2021 tot vaststelling van specifieke en tijdelijke maatregelen naar aanleiding van de COVID-19-crisis in verband met de vernieuwing of verlenging van bepaalde certificaten, getuigschriften en vergunningen, het uitstel van bepaalde periodieke controles en periodieke opleidingen op bepaalde gebieden van de vervoerswetgeving, en de verlenging van bepaalde in Verordening (EU) 2020/698 bedoelde perioden (PbEU 2021, L 60).
**2.** In afwijking van artikel 25a, eerste en tweede lid, wordt de geldigheidsduur van een rijbewijs waarop een getuigschrift van vakbekwaamheid of getuigschrift van nascholing is vermeld met een einddatum op of na 1 juli 2021 maar voor 1 november 2021 verlengd met tien maanden. De verlenging geldt voor het getuigschrift van vakbekwaamheid of getuigschrift van nascholing en voor de categorieën AM, A1, A2, A, B, BE, C1, C1E, C, CE, D1, D1E, D of DE voor zover die op of na 1 juli 2021 maar voor 1 november 2021 hun geldigheid verliezen door het verstrijken van de geldigheidstermijn. De verlenging geldt met ingang van de dag na de datum waarop het rijbewijs zijn geldigheid heeft verloren door het verstrijken van de geldigheidstermijn.
**3.** Artikel 3, eerste en tweede lid, van Verordening (EU) 2021/267 en het tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op rijbewijzen voor de categorie T.
**4.** Voor de toepassing van artikel 45, derde lid, wordt een rijbewijs waarvan de geldigheidsduur is verlengd overeenkomstig Verordening (EU) 2021/267 gelijkgesteld met een rijbewijs dat ongeldig is geworden door het verstrijken van de geldigheidsduur.
### Artikel 25ab
Vervallen
### Artikel 25b
@ -1350,7 +1342,7 @@ In afwijking van het tweede, derde en vierde lid, bestaat het onderzoek naar de
a. een geldig rijbewijs voor dezelfde categorie als waarop de aanvraag betrekking heeft, dat slechts geldig is voor het besturen van motorrijtuigen van deze categorie met automatische schakeling, of
b. een geldig rijbewijs voor dezelfde categorie als waarop de aanvraag betrekking heeft, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, dat slechts geldig is voor het besturen van motorrijtuigen van deze categorie met automatische schakeling.
**11.** De aanvrager die heeft aangetoond te beschikken over een aan hem afgegeven rijbewijs voor de categorie C1, met uitzondering van een rijbewijs voor de categorie C1 dat blijkens de daarop aangegeven codering niet de bevoegdheid geeft tot het besturen van een motorrijtuig van de categorie C1 dat onder Verordening (EEG) nr. 3821/85 valt, respectievelijk D1, dat hetzij nog geldig is hetzij zijn geldigheid heeft verloren door het verstrijken van de geldigheidsduur, verwerft het theorie-examen voor de rijbewijscategorie C of D door in aanvulling op dat rijbewijs met goed gevolg de bij ministeriële regeling vastgestelde additionele onderdelen van het theorie-examen voor de desbetreffende categorie af te leggen.
**11.** De aanvrager die heeft aangetoond te beschikken over een aan hem afgegeven rijbewijs voor de categorie C1, met uitzondering van een rijbewijs voor de categorie C1 dat blijkens de daarop aangegeven codering niet de bevoegdheid geeft tot het besturen van een motorrijtuig van de categorie C1 dat onder Verordening (EU) nr. 165/2014 valt, respectievelijk D1, dat hetzij nog geldig is hetzij zijn geldigheid heeft verloren door het verstrijken van de geldigheidsduur, verwerft het theorie-examen voor de rijbewijscategorie C of D door in aanvulling op dat rijbewijs met goed gevolg de bij ministeriële regeling vastgestelde additionele onderdelen van het theorie-examen voor de desbetreffende categorie af te leggen.
**12.** Voor de toepassing van het elfde lid wordt met een rijbewijs voor de categorie C1 respectievelijk D1 gelijkgesteld een geldig rijbewijs C1 respectievelijk een geldig rijbewijs D1, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland.
@ -1522,7 +1514,7 @@ j. kennis van en inzicht in de werking en defecten van de belangrijkste voertuig
**3.** De aanvrager die aantoont te beschikken over een rijbewijs voor de categorie C1 dat nog geldig is of dat ongeldig is geworden door het verstrijken van de geldigheidsduur of een geldig rijbewijs C1, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, verwerft het theorie-examen voor de categorie C door in aanvulling op dat rijbewijs met goed gevolg de bij ministeriële regeling vastgestelde onderdelen van dat theorie-examen af te leggen.
**4.** Het derde lid is niet van toepassing op aanvragers die in het bezit zijn van een rijbewijs C1 dat blijkens de daarop aangegeven codering niet de bevoegdheid geeft tot het besturen van een motorrijtuig van de categorie C1 dat onder Verordening (EEG) nr. 3821/85 valt, respectievelijk een rijbewijs C1 afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland dat blijkens de daarop aangegeven codering niet de bevoegdheid geeft tot het besturen van een motorrijtuig van de categorie C1 dat onder Verordening (EEG) nr. 3821/85 valt.
**4.** Het derde lid is niet van toepassing op aanvragers die in het bezit zijn van een rijbewijs C1 dat blijkens de daarop aangegeven codering niet de bevoegdheid geeft tot het besturen van een motorrijtuig van de categorie C1 dat onder Verordening (EU) nr. 165/2014 valt, respectievelijk een rijbewijs C1 afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland dat blijkens de daarop aangegeven codering niet de bevoegdheid geeft tot het besturen van een motorrijtuig van de categorie C1 dat onder Verordening (EU) nr. 165/2014 valt.
### Artikel 64
@ -1946,21 +1938,40 @@ d. het op juiste en veilige wijze uitvoeren van een aantal bijzondere verrichtin
### Artikel 72a
Het praktijkexamen voor het rijbewijs C1 bestaat uit het afleggen van een rijproef met een motorrijtuig van de categorie C1, niet zijnde een motorrijtuig bestemd voor het voortbewegen van een oplegger, dat niet is ingericht voor het vervoer van personen en waarvan de lengte ten minste 6,00 m, de breedte ten minste 2,20 m, de wielbasis ten minste 3,50 m, de toegestane maximum massa ten minste 6000 kg en de feitelijke totale massa ten minste 5000 kg bedraagt. Het motorrijtuig dient te zijn voorzien van een gesloten opbouw dan wel van een gesloten huif, ten minste even breed en hoog als de cabine en dient met ten minste 1000 kg te zijn beladen. Het motorrijtuig dient te zijn uitgerust met een anti-blokkeersyteem, een versnellingsbak met ten minste vijf voorwaartse versnellingen, een toerenteller en een controleapparaat als bedoeld in Verordening (EEG) nr. 3821/85 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 20 december 1985 betreffende de invoering van een controleapparaat bij het wegvervoer (PbEG L 370). Het motorrijtuig dient een snelheid te kunnen bereiken van ten minste 80 km per uur.
Het praktijkexamen voor het rijbewijs C1 bestaat uit het afleggen van een rijproef met een motorrijtuig van de categorie C1, niet zijnde een motorrijtuig bestemd voor het voortbewegen van een oplegger, dat niet is ingericht voor het vervoer van personen en waarvan de lengte ten minste 6,00 m, de breedte ten minste 2,20 m, de wielbasis ten minste 3,50 m, de toegestane maximum massa ten minste 6000 kg en de feitelijke totale massa ten minste 5000 kg bedraagt. Het motorrijtuig dient te zijn voorzien van een gesloten opbouw dan wel van een gesloten huif, ten minste even breed en hoog als de cabine en met een lengte van nagenoeg de lengte van de laadvloer, en dient met ten minste 1000 kg te zijn beladen. Het motorrijtuig dient te zijn uitgerust met een anti-blokkeersyteem, een versnellingsbak met ten minste vijf voorwaartse versnellingen, een toerenteller en een controleapparaat als bedoeld in Verordening (EU) nr. 165/2014. Het motorrijtuig dient een snelheid te kunnen bereiken van ten minste 80 km per uur.
### Artikel 73
**1.** Het praktijkexamen voor het rijbewijs C bestaat uit het afleggen van een rijproef met een motorrijtuig, niet zijnde een motorrijtuig bestemd voor het voortbewegen van een oplegger, dat niet is ingericht voor het vervoer van personen en waarvan de lengte ten minste 8 m, de breedte ten minste 2,40 m, de wielbasis ten minste 4,50 m, de feitelijke totale massa ten minste 10.000 kg en de toegestane maximum massa ten minste 12 000 kg bedraagt. Het motorrijtuig dient te zijn voorzien van een gesloten opbouw dan wel van een gesloten huif, ten minste even breed en hoog als de cabine, en dient met ten minste 3000 kg te zijn beladen. Het motorrijtuig dient te zijn uitgerust met een anti-blokkeersysteem, een versnellingsbak met ten minste acht voorwaartse versnellingen, waarbij de versnelling door de bestuurder met de hand wordt bediend, een toerenteller en een controle-apparaat als bedoeld in verordening (EEG) nr. 3821/85 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 20 december 1985 betreffende de invoering van een controle-apparaat bij het wegvervoer (PbEG L 370). Het motorrijtuig dient te zijn voorzien van een slaapcabine. Het motorrijtuig dient een snelheid te kunnen bereiken van ten minste 80 km per uur.
**1.**
Het praktijkexamen voor het rijbewijs C bestaat uit het afleggen van een rijproef met een motorrijtuig van de categorie C, niet zijnde een motorrijtuig bestemd voor het voortbewegen van een oplegger:
a. waarvan de lengte ten minste 9,00 m, de breedte ten minste 2,50 m en de wielbasis ten minste 5,20 m bedraagt;
b. waarvan de feitelijke totale massa ten minste 15.000 kg en de toegestane maximum massa ten minste 12.000 kg bedraagt;
c. dat mag zijn uitgerust met één aangedreven as;
d. dat is voorzien van een gesloten opbouw dan wel van een gesloten huif, ten minste even breed en hoog als de cabine, en met een lengte van nagenoeg de lengte van de laadvloer;
e. dat met ten minste 5.000 kg is beladen, waarbij de lading in IBC's of verpakkingen van vergelijkbare afmetingen op de laadvloer is geplaatst;
f. dat is voorzien van een werkende aslastmeter op alle assen of een weegbrief van ten hoogste één jaar oud;
g. dat is uitgerust met een antiblokkeersysteem, een cruise control, een versnellingsbak met ten minste acht voorwaartse versnellingen, waarbij de versnelling door de bestuurder met de hand wordt bediend, een toerenteller en een controleapparaat als bedoeld in Verordening (EU) nr. 165/2014;
h. dat is voorzien van een slaapcabine en minimaal drie zitplaatsen, overeenkomstig het kentekenregister; en
i. dat een snelheid kan bereiken van ten minste 80 km per uur.
**2.** Indien het een praktijkexamen betreft voor de rijbewijscategorie C met het oog op de aanvraag van een rijbewijs voor die categorie, bedoeld in artikel 18a, eerste lid, is het in het eerste lid bedoelde motorrijtuig voorzien van een schakelaar of hendel, waarmee de bestuurder invloed kan uitoefenen op de gangwissel van het motorrijtuig.
### Artikel 73a
Het praktijkexamen voor het rijbewijs D1 bestaat uit het afleggen van een rijproef met een ongeleed motorrijtuig van de categorie D1 dat is ingericht voor het vervoer van meer dan acht en ten hoogste zestien personen, de bestuurder niet meegerekend, en waarvan de lengte ten minste 6,50 m, de breedte ten minste 1,90 m en de toegestane maximum massa ten minste 4000 kg bedraagt. Het motorrijtuig dient te zijn uitgerust met een anti-blokkeersysteem, een versnellingsbak met ten minste vijf voorwaartse versnellingen, een toerenteller en een controleapparaat als bedoeld in Verordening (EEG) nr. 3821/85 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 20 december 1985 betreffende de invoering van een controleapparaat bij het wegvervoer (PbEG 1985 L 370). Het motorrijtuig dient een snelheid te kunnen bereiken van ten minste 80 km per uur.
Het praktijkexamen voor het rijbewijs D1 bestaat uit het afleggen van een rijproef met een ongeleed motorrijtuig van de categorie D1 dat is ingericht voor het vervoer van meer dan acht en ten hoogste zestien personen, de bestuurder niet meegerekend, en waarvan de lengte ten minste 6,50 m, de breedte ten minste 1,90 m en de toegestane maximum massa ten minste 4000 kg bedraagt. Het motorrijtuig dient te zijn uitgerust met een anti-blokkeersysteem, een versnellingsbak met ten minste vijf voorwaartse versnellingen, een toerenteller en een controleapparaat als bedoeld in Verordening (EU) nr. 165/2014. Het motorrijtuig dient een snelheid te kunnen bereiken van ten minste 80 km per uur.
### Artikel 74
**1.** Het praktijkexamen voor het rijbewijs D bestaat uit het afleggen van een rijproef met een ongeleed motorrijtuig dat is ingericht voor het vervoer van meer dan 8 personen, de bestuurder daaronder niet begrepen, en waarvan de lengte ten minste 10 m, de breedte ten minste 2,40 m en de wielbasis ten minste 5,25 m bedraagt. Het motorrijtuig dient te zijn uitgerust met een anti-blokkeersysteem, een versnellingsbak met ten minste vijf voorwaartse versnellingen, een toerenteller en een controle-apparaat als bedoeld in verordening (EEG) nr. 3821/85 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 20 december 1985 betreffende de invoering van een controle-apparaat bij het wegvervoer (PbEG L 370). Het motorrijtuig dient een snelheid te kunnen bereiken van ten minste 80 km per uur.
**1.**
Het praktijkexamen voor het rijbewijs D bestaat uit het afleggen van een rijproef met een ongeleed motorrijtuig:
a. dat is ingericht voor het vervoer van meer dan 8 personen, de bestuurder daaronder niet begrepen;
b. waarvan de lengte ten minste 11,50 m, de breedte ten minste 2,50 m en de afstand van het hart van de vooras tot het hart van de aangedreven as ten minste 5,40 m bedraagt;
c. dat is uitgerust met een antiblokkeersysteem, cruise control, een versnellingsbak met ten minste vijf voorwaartse versnellingen, een toerenteller en een controleapparaat als bedoeld in Verordening (EU) nr. 165/2014; en
d. dat een snelheid kan bereiken van ten minste 80 km per uur.
**2.** Indien het een praktijkexamen betreft voor de rijbewijscategorie D met het oog op de aanvraag van een rijbewijs voor die categorie, bedoeld in artikel 18a, eerste lid, is het in het eerste lid bedoelde motorrijtuig voorzien van een schakelaar of hendel, waarmee de bestuurder invloed kan uitoefenen op de gangwissel van het motorrijtuig.
@ -1970,22 +1981,16 @@ Het praktijk-examen voor het rijbewijs E bij B bestaat uit het afleggen van een
### Artikel 75a
Het praktijkexamen voor het rijbewijs E bij C1 bestaat uit het afleggen van een rijproef met een samenstel van een motorrijtuig als bedoeld in artikel 72a en een aanhangwagen waarvan de maximum toegestane massa ten minste 3000 kg en de lengte ten minste 5,00 m bedraagt. Het samenstel dient een snelheid van ten minste 80 km per uur te kunnen bereiken. De aanhangwagen dient te zijn voorzien van een gesloten opbouw dan wel van een gesloten huif, ten minste even hoog en breed als de cabine van het trekkend motorrijtuig en dient met ten minste 800 kg te zijn beladen. De gesloten opbouw of de gesloten huif mag ook nagenoeg even breed zijn als het trekkend motorrijtuig zolang het zicht naar achteren alleen door middel van buitenspiegels mogelijk is. Het samenstel van trekkend motorrijtuig en aanhangwagen dient een lengte te hebben van ten minste 11,00 m. De aanhangwagen dient te zijn uitgerust met twee of meer assen, waarvan er maximaal één gestuurd is, dan wel bij een samenstel van twee of meer assen in het midden, waarvan zowel de assen als de wielen niet stuurbaar of zelfsturend zijn.
Het praktijkexamen voor het rijbewijs E bij C1 bestaat uit het afleggen van een rijproef met een samenstel van een motorrijtuig als bedoeld in artikel 72a en een aanhangwagen waarvan de maximum toegestane massa ten minste 3000 kg en de lengte ten minste 5,00 m bedraagt. Het samenstel dient een snelheid van ten minste 80 km per uur te kunnen bereiken. De aanhangwagen dient te zijn voorzien van een gesloten opbouw dan wel van een gesloten huif, ten minste even hoog en breed als de cabine van het trekkend motorrijtuig, en met een lengte van nagenoeg de lengte van de laadvloer, en dient met ten minste 800 kg te zijn beladen. De gesloten opbouw of de gesloten huif mag ook nagenoeg even breed zijn als het trekkend motorrijtuig zolang het zicht naar achteren alleen door middel van buitenspiegels mogelijk is. Het samenstel van trekkend motorrijtuig en aanhangwagen dient een lengte te hebben van ten minste 11,00 m. De aanhangwagen dient te zijn uitgerust met twee of meer assen, waarvan er maximaal één gestuurd is, dan wel bij een samenstel van twee of meer assen in het midden, waarvan zowel de assen als de wielen niet stuurbaar of zelfsturend zijn.
### Artikel 76
**1.**
Het praktijkexamen voor het rijbewijs E bij C bestaat uit het afleggen van een rijproef
Het praktijkexamen voor het rijbewijs E bij C bestaat uit het afleggen van een rijproef:
a. met een samenstel van een motorrijtuig als bedoeld in artikel 73 en een aanhangwagen waarvan de lengte ten minste 8 m en de breedte ten minste 2,40 m bedraagt. De lengte van het samenstel van trekkend motorrijtuig en aanhangwagen dient ten minste 16 m te bedragen. Het samenstel dient een snelheid van ten minste 80 km per uur te kunnen bereiken. De toegestane maximum massa van het trekkend motorrijtuig en van de aanhangwagen te samen dient ten minste 20 000 kg te bedragen. De aanhangwagen dient te zijn uitgerust met twee of meer assen waarvan er maximaal één gestuurd is, dan wel met een samenstel van twee of meer starre assen in het midden van de aanhangwagen waarbij
I. de afstand van het hart van de koppeling tot het hart van het samenstel van assen ten minste 5 m bedraagt;
II. de afstand van het hart van de koppeling tot de achterste as van het trekkend motorrijtuig niet meer dan 1,55 m bedraagt en
III. de hoogte van het hart van de koppeling zich op niet meer dan 0,70 m boven het wegdek bevindt.
De aanhangwagen dient te zijn voorzien van een gesloten opbouw dan wel van een gesloten huif, ten minste even breed en hoog als de cabine van het trekkend motorrijtuig, en dient met ten minste 3000 kg te zijn beladen, dan wel
b. met een samenstel van een trekkend motorrijtuig waarvan de wielbasis ten minste 3,20 m en ten hoogste 4,25 m bedraagt, en een oplegger. De lengte van het samenstel van trekkend motorrijtuig en oplegger dient ten minste 14,50 m te bedragen. Het samenstel dient een snelheid van ten minste 80 km per uur te kunnen bereiken. De toegestane maximum massa van het samenstel dient ten minste 20 000 kg te bedragen. Het trekkend motorrijtuig dient te zijn uitgerust met een anti-blokkeersysteem, een versnellingsbak met ten minste acht voorwaartse versnellingen, een toerenteller en een controle-apparaat als bedoeld in verordening (EEG) nr. 3821/85 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 20 december 1985 betreffende de invoering van een controle-apparaat bij het wegvervoer (PbEG L 370). Het trekkend motorrijtuig dient te zijn voorzien van een slaapcabine. De oplegger dient te zijn voorzien van een gesloten opbouw dan wel van een gesloten huif, ten minste even breed en hoog als de cabine van het trekkend motorrijtuig, en dient met ten minste 6000 kg te zijn beladen. De oplegger dient te zijn uitgerust met starre assen.
a. met een samenstel van een motorrijtuig als bedoeld in artikel 73 en een autonome of middenasaanhangwagen waarvan de lengte ten minste 7,50 m en de breedte ten minste 2,50 m bedraagt. De lengte van het samenstel van trekkend motorrijtuig en aanhangwagen bedraagt ten minste 17,00 m. Het samenstel dient een snelheid van ten minste 80 km per uur te kunnen bereiken. De toegestane maximummassa van het trekkend motorrijtuig en de aanhangwagen tezamen dient ten minste 20.000 kg te bedragen en de feitelijke totale massa van het samenstel dient ten minste 25.000 kg te bedragen. De middenasaanhangwagen dient te zijn uitgerust met minimaal twee starre assen die tijdens het examen op het wegdek moeten staan, waarbij de hoogte van het hart van de onderbouwkoppeling zich op niet meer dan 0,55 m boven het wegdek bevindt. De middenasaanhangwagen dient te zijn voorzien van een gesloten opbouw dan wel van een gesloten huif, ten minste even breed en hoog als de cabine van het trekkend motorrijtuig en met een lengte van nagenoeg de lengte van de laadvloer van de middenasaanhangwagen, en dient met ten minste 5.000 kg te zijn beladen, waarbij de lading in IBC's of verpakkingen van vergelijkbare afmetingen op de laadvloer is geplaatst en werkende aslastmeters op alle assen of een weegbrief van ten hoogste één jaar oud; of
b. met een samenstel van een opleggertrekker met een breedte van 2,50 m en een oplegger. De lengte van het samenstel van opleggertrekker en oplegger bedraagt ten minste 15,50 m. Het samenstel dient een snelheid van ten minste 80 km per uur te kunnen bereiken. De toegestane maximummassa van het samenstel dient ten minste 20.000 kg te bedragen en de feitelijke totale massa van het samenstel dient ten minste 25.000 kg te bedragen. De opleggertrekker en de oplegger dienen te zijn uitgerust met een antiblokkeersysteem, en de opleggertrekker ook met cruise control, een versnellingsbak met ten minste acht voorwaartse versnellingen, een toerenteller en een controleapparaat als bedoeld in Verordening (EU) nr. 165/2014. De opleggertrekker dient te zijn voorzien van een slaapcabine en minimaal drie zitplaatsen, overeenkomstig het kentekenregister. De oplegger dient te zijn voorzien van een gesloten opbouw dan wel van een gesloten huif, ten minste even breed en hoog als de cabine van de opleggertrekker en met een lengte van nagenoeg de lengte van de laadvloer, maar ten minste 7,50 m, en dient met ten minste 10.000 kg te zijn beladen, waarbij de lading in IBC's of verpakkingen van vergelijkbare afmetingen op de laadvloer is geplaatst, en werkende aslastmeters op alle assen of een weegbrief van maximaal één jaar oud. De oplegger moet beschikken over ten minste twee assen en ten hoogste drie assen, waarvan in beide gevallen ten minste één starre as. Tijdens het examen moeten ten minste twee assen waarvan één starre as op het wegdek staan.
**2.** Indien het een praktijkexamen betreft voor de rijbewijscategorie E bij C met het oog op de aanvraag van een rijbewijs voor die categorie, bedoeld in artikel 18a, eerste lid, is het in het eerste lid bedoelde trekkend motorrijtuig voorzien van een schakelaar of hendel, waarmee de bestuurder invloed kan uitoefenen op de gangwissel van het motorrijtuig.
@ -2176,59 +2181,59 @@ Vervallen
Bij de aanvraag dienen te worden overgelegd:
a. een niet langer dan twee weken voor de aanvraag getekende, volledig ingevulde eigen verklaring volgens door het CBR vastgesteld model;
a. een niet langer dan twee weken voor de aanvraag getekende, volledig ingevulde gezondheidsverklaring volgens een door het CBR vastgesteld model;
b. I. indien aan de aanvrager in Nederland de status van diplomatiek of consulair ambtenaar is toegekend of de aanvrager behoort tot het gezin van een persoon aan wie in Nederland de status van diplomatiek of consulair ambtenaar is toegekend, een door Onze Minister van Buitenlandse Zaken afgegeven verklaring waaruit zulks blijkt;
II. indien de aanvrager lid is van een in het kader van het op 19 juni 1951 te Londen gesloten Verdrag tussen de Staten die partij zijn bij het Noord-Atlantisch Verdrag, nopens de rechtspositie van hun krijgsmachten, in Nederland gelegerde krijgsmacht, lid is van de tot die krijgsmacht behorende civiele dienst of behoort tot het gezin van een lid van een krijgsmacht als hiervoor bedoeld of tot het gezin van een tot de civiele dienst van zodanige krijgsmacht behorende persoon, een door de betrokken basiscommandant ondertekende verklaring waaruit zulks blijkt;
III. indien de aanvrager niet in Nederland woonachtig is, enig bewijsstuk betreffende de woonplaats en de datum en plaats van geboorte van de aanvrager.
**2.** Indien een of meer van de op de eigen verklaring gestelde vragen betreffende de lichamelijke en geestelijke geschiktheid van de aanvrager bevestigend worden beantwoord, dient op de eigen verklaring een aantekening van een arts te zijn gesteld waaruit de aard en de ernst van de afwijking blijken.
**2.** Indien één of meer van de op de gezondheidsverklaring gestelde vragen betreffende de lichamelijke en geestelijke geschiktheid van de aanvrager bevestigend zijn beantwoord, ontvangt de aanvrager binnen vier weken na ontvangst van de gezondheidsverklaring per bevestigend beantwoorde vraag een vragenlijst, die overeenkomstig het vierde lid moet worden ingevuld en ingediend bij het CBR.
**3.**
Indien de aanvraag betrekking heeft op:
De aanvrager ontvangt binnen vier weken na ontvangst van de gezondheidsverklaring naast de vragenlijst of vragenlijsten een in te vullen keuringsverslag overeenkomstig een door het CBR vastgesteld model, indien de aanvraag betrekking heeft op:
a. de afgifte van een rijbewijs aan een aanvrager die de leeftijd van 75 jaren heeft bereikt,
b. de afgifte van een rijbewijs aan een aanvrager die de leeftijd van 70 jaren heeft bereikt en die in het bezit is van een rijbewijs waarvan de geldigheidsduur verstrijkt op of na de dag waarop hij de leeftijd van 75 jaren bereikt, dan wel
c. de afgifte van een rijbewijs dat geldig is voor een of meer van de rijbewijscategorieën C, C1, D, D1, E bij C, E bij C1, E bij D of E bij D1,
a. de afgifte van een rijbewijs aan een aanvrager die de leeftijd van 75 jaren heeft bereikt;
b. de afgifte van een rijbewijs aan een aanvrager die de leeftijd van 70 jaren heeft bereikt en die in het bezit is van een rijbewijs waarvan de geldigheidsduur verstrijkt op of na de dag waarop hij de leeftijd van 75 jaren bereikt; of
c. de afgifte van een rijbewijs dat geldig is voor één of meer van de rijbewijscategorieën C, C1, D, D1, E bij C, E bij C1, E bij D of E bij D1.
dient bij de aanvraag tevens een niet langer dan twee weken voor de aanvraag getekend, geneeskundig verslag volgens door het CBR vastgesteld model te worden overgelegd. Het geneeskundig verslag dient in de gevallen, bedoeld onder a en b, te zijn opgemaakt door een arts en dient in het geval, bedoeld onder c, te zijn opgemaakt door een door het CBR aangewezen arts.
**4.** De in het tweede lid bedoelde vragenlijst of vragenlijsten worden ingevuld door een arts, of in de bij ministeriële regeling aangegeven gevallen door een verpleegkundige of een andere vergelijkbare deskundige die aan bij ministeriële regeling vastgestelde eisen voldoet, en worden ingediend bij het CBR op een door het CBR te bepalen wijze.
**4.** Het eerste lid, onderdeel *b*, geldt niet indien de aanvraag van een verklaring van geschiktheid gelijktijdig met de aanvraag van een verklaring van rijvaardigheid wordt ingediend.
**5.** Het in het derde lid bedoelde keuringsverslag wordt door een arts opgesteld en ingediend bij het CBR op een door het CBR te bepalen wijze.
**5.** Voor de toepassing van het derde lid wordt met een geneeskundig verslag als daar bedoeld gelijkgesteld een niet langer dan twee weken voor de aanvraag afgegeven, door een arts opgemaakt, rapport van een niet in het kader van de aanvraag van een rijbewijs verrichte keuring waarbij de aanvrager is gekeurd op eisen die ten minste gelijkwaardig zijn aan de bij ministeriële regeling vastgestelde eisen met betrekking tot de lichamelijke en geestelijke geschiktheid tot het besturen van motorrijtuigen van de rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën waarop de aanvraag betrekking heeft, welk rapport ten minste dezelfde gegevens bevat als een geneeskundig verslag.
**6.** Het eerste lid, onderdeel *b*, geldt niet indien de aanvraag van een verklaring van geschiktheid gelijktijdig met de aanvraag van een verklaring van rijvaardigheid wordt ingediend.
**6.** Indien de aanvraag wordt gedaan met het oog op de aanvraag van een rijbewijs als bedoeld in artikel 42a, eerste lid, dient de aanvrager tevens te overleggen de in artikel 42b, tweede lid, onderdeel b, bedoelde verklaring.
**7.** Voor de toepassing van het derde lid wordt met een keuringsverslag als daar bedoeld gelijkgesteld een niet langer dan zes maanden voor de aanvraag afgegeven, door een arts opgemaakt, rapport van een niet in het kader van de aanvraag van een rijbewijs verrichte keuring waarbij de aanvrager is gekeurd op eisen die ten minste gelijkwaardig zijn aan de bij ministeriële regeling vastgestelde eisen met betrekking tot de lichamelijke en geestelijke geschiktheid tot het besturen van motorrijtuigen van de rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën waarop de aanvraag betrekking heeft, welk rapport ten minste dezelfde gegevens bevat als een keuringsverslag.
**7.** Kosten verbonden aan het laten plaatsen van een aantekening als bedoeld in het tweede lid of het laten opmaken van het geneeskundig verslag als bedoeld in het derde lid, alsmede voor alle aanvullingen daarop, komen voor rekening van de aanvrager.
**8.** Indien de aanvraag wordt gedaan met het oog op de aanvraag van een rijbewijs als bedoeld in artikel 42a, eerste lid, dient de aanvrager tevens te overleggen de in artikel 42b, tweede lid, onderdeel b, bedoelde verklaring.
**8.** Bij de aanvraag van een verklaring van geschiktheid raadpleegt het CBR de in de basisregistratie personen opgenomen persoonsgegevens van de aanvrager.
**9.** De kosten verbonden aan de invulling van de vragenlijst of vragenlijsten, bedoeld in het tweede of derde lid, alsmede de kosten verbonden aan het invullen van het keuringsverslag, bedoeld in het derde lid, alsmede van eventuele noodzakelijke aanvullingen op deze stukken, komen voor rekening van de aanvrager.
**10.** Bij de aanvraag van een verklaring van geschiktheid raadpleegt het CBR de in de basisregistratie personen opgenomen persoonsgegevens van de aanvrager.
### Artikel 101
**1.**
Het CBR is bevoegd te vorderen dat de aanvrager zich op eigen kosten laat keuren door een of meer door het CBR aangewezen artsen of andere deskundigen dan wel dat de aanvrager zich onderwerpt aan een technisch onderzoek, verricht door een door het CBR aangewezen deskundige, of aan een rijproef, afgenomen door een door het CBR aangewezen deskundige, indien:
Het CBR is bevoegd te vorderen dat de aanvrager, in aanvulling op de vragenlijst of vragenlijsten, of het keuringsverslag, bedoeld in artikel 100, derde lid, zich op eigen kosten laat keuren door een of meer door het CBR aangewezen artsen of andere deskundigen dan wel dat de aanvrager, in aanvulling op de vragenlijst of vragenlijsten, of het keuringsverslag, bedoeld in artikel 100, derde lid, zich onderwerpt aan een technisch onderzoek, verricht door een door het CBR aangewezen deskundige, of aan een rijproef, afgenomen door een door het CBR aangewezen deskundige, indien:
a. de door de aanvrager overgelegde eigen verklaring dan wel, indien een geneeskundig verslag wordt vereist, het geneeskundig verslag daartoe aanleiding geeft;
a. de door de aanvrager overgelegde gezondheidsverklaring, dan wel de ingevulde vragenlijst of vragenlijsten, of het keuringsverslag indien dat wordt vereist op grond van artikel 100, derde lid, daartoe aanleiding geeft;
b. het CBR beschikt over gegevens met betrekking tot de lichamelijke en geestelijke geschiktheid van de aanvrager, die het vermoeden rechtvaardigen dat de aanvrager niet voldoet aan de bij ministeriële regeling vastgestelde eisen ten aanzien van de lichamelijke en geestelijke geschiktheid tot het besturen van motorrijtuigen van de rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën waarop de aanvraag betrekking heeft;
c. tijdens het praktijk-examen het vermoeden is gerezen dat de aanvrager niet voldoet aan de bij ministeriële regeling vastgestelde eisen ten aanzien van de lichamelijke en geestelijke geschiktheid tot het besturen van motorrijtuigen van de rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën waarvoor het praktijk-examen wordt afgelegd.
**2.**
De in het eerste lid bedoelde keuring mag slechts betreffen:
a. de punten waaromtrent in de eigen verklaring vragen zijn gesteld;
b. bovendien de punten waaromtrent in het geneeskundig verslag vragen zijn gesteld, indien de aanvraag betrekking heeft op:
I. de afgifte van een rijbewijs aan een aanvrager die de leeftijd van 75 jaren heeft bereikt;
II. de afgifte van een rijbewijs aan een aanvrager die de leeftijd van 70 jaren heeft bereikt en die in het bezit is van een rijbewijs waarvan de geldigheidsduur verstrijkt op of na de dag waarop hij de leeftijd van 75 jaren bereikt;
III. de afgifte van een rijbewijs dat geldig is voor een of meer van de rijbewijscategorieën C, C1, D, D1, E bij C, E bij C1, E bij D of E bij D1.
**2.** De in het eerste lid bedoelde keuring mag slechts betreffen de punten, waaromtrent in de gezondheidsverklaring vragen zijn gesteld, alsmede de punten waaromtrent in de ingevulde vragenlijst of vragenlijsten, of het keuringsverslag indien dat wordt vereist op grond van artikel 100, derde lid, vragen zijn gesteld.
**3.** Het in het eerste lid, aanhef, bedoelde technisch onderzoek en de daar bedoelde rijproef mogen slechts betrekking hebben op de bij ministeriële regeling aangewezen punten van onderzoek.
**4.** De in het eerste lid bedoelde vordering wordt in de gevallen genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vier weken, na ontvangst van de eigen verklaring respectievelijk na het praktijkexamen in de gevallen genoemd in het eerste lid, onderdeel c, door het CBR gedaan.
**4.** Voor de toepassing van het eerste lid kan het CBR bepalen dat in door het CBR bepaalde gevallen met een modelrapport van een specialist wordt gelijkgesteld een niet langer dan zes maanden voor de aanvraag afgegeven rapport dat aan door het CBR vast te stellen eisen voldoet.
**5.** Indien aanvrager niet komt opdagen voor het in het eerste lid bedoelde technische onderzoek of rijproef zonder dat hij daarvoor een naar het oordeel van het CBR geldige reden heeft opgegeven, is aanvrager een door het CBR vastgesteld bedrag verschuldigd. Een nieuwe datum voor bedoeld technisch onderzoek of rijproef wordt eerst vastgesteld nadat betaling van dit bedrag aan het CBR heeft plaatsgevonden.
**5.**
De in het eerste lid bedoelde vordering wordt op een door het CBR bepaalde wijze door het CBR gedaan:
a. in de gevallen, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vier weken, na ontvangst van de overgelegde gezondheidsverklaring, dan wel de ingevulde vragenlijst of vragenlijsten, of het keuringsverslag;
b. in de gevallen, genoemd in het eerste lid, onderdeel c, zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vier weken, na het praktijkexamen.
**6.** Indien aanvrager niet komt opdagen voor het in het eerste lid bedoelde technische onderzoek of rijproef zonder dat hij daarvoor een naar het oordeel van het CBR geldige reden heeft opgegeven, is aanvrager een door het CBR vastgesteld bedrag verschuldigd. Een nieuwe datum voor bedoeld technisch onderzoek of rijproef wordt eerst vastgesteld nadat betaling van dit bedrag aan het CBR heeft plaatsgevonden.
### Paragraaf 3. Registratie van verklaringen van geschiktheid
@ -2247,7 +2252,7 @@ III. de afgifte van een rijbewijs dat geldig is voor een of meer van de rijbewij
Indien de aanvrager naar het oordeel van het CBR voldoet aan de bij ministeriële regeling vastgestelde eisen ten aanzien van de lichamelijke en geestelijke geschiktheid tot het besturen van motorrijtuigen van de rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën waarop de aanvraag betrekking heeft, registreert het in het rijbewijzenregister ten behoeve van de aanvrager voor die categorie of categorieën een verklaring van geschiktheid. Deze registratie vindt plaats zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vier weken na ontvangst van:
a. de bevindingen van de arts of artsen of deskundige of deskundigen, of
b. de eigen verklaring, indien geen vordering als bedoeld in artikel 101, eerste lid, is gedaan.
b. de gezondheidsverklaring, de vragenlijst of de vragenlijsten, indien geen vordering als bedoeld in artikel 101, eerste lid, is gedaan.
**2.** Indien het de registratie betreft van een verklaring of van verklaringen van geschiktheid in verband met een aanvraag als bedoeld in artikel 42a, eerste lid, wordt, indien de aanvrager zijn geschiktheid heeft aangetoond, ten behoeve van de aanvrager ook voor alle lichtere categorieën waarop deze aanvraag mede betrekking heeft, een verklaring van geschiktheid geregistreerd in het rijbewijzenregister. Beperkende coderingen op het eerder afgegeven, ongeldig geworden, rijbewijs dan wel geregistreerd in het rijbewijzenregister bij een of meer rijbewijscategorieën waarop de aanvraag betrekking heeft, worden overgenomen op de verklaring of verklaringen van geschiktheid in het kader van de aanvraag als bedoeld in de vorige volzin.
@ -2263,10 +2268,6 @@ b. de eigen verklaring, indien geen vordering als bedoeld in artikel 101, eerste
**8.** Het CBR kan de in dit artikel genoemde termijnen verlengen als de ontvangen gegevens onvolledig zijn.
### Artikel 103a
In afwijking van de termijnen, bedoeld in de artikelen 101, vierde lid, en 103, eerste, derde, vijfde, zesde en zevende lid, wordt in de in artikel 25ab bedoelde gevallen bij gebleken geschiktheid de verklaring van geschiktheid in het rijbewijzenregister geregistreerd uiterlijk binnen 12 maanden na ontvangst van de gezondheidsverklaring.
### Artikel 103b
Vervallen
@ -2668,8 +2669,8 @@ b. degene die is belast met de afgifte van rijbewijzen, indien het niet voor all
Het in artikel 133 van de wet bedoelde onderzoek naar de geschiktheid vindt plaats aan de hand van de bij ministeriële regeling vastgestelde eisen met betrekking tot de lichamelijke en geestelijke geschiktheid en mag slechts betreffen:
a. indien betrokkene de leeftijd van 70 jaren nog niet heeft bereikt, de punten waaromtrent in de eigen verklaring vragen zijn gesteld;
b. indien betrokkene de leeftijd van 70 jaren heeft bereikt, bovendien de punten waaromtrent in het geneeskundig verslag vragen zijn gesteld.
a. indien betrokkene de leeftijd van 70 jaren nog niet heeft bereikt, de punten waaromtrent in de gezondheidsverklaring vragen zijn gesteld;
b. indien betrokkene de leeftijd van 70 jaren heeft bereikt, bovendien de punten waaromtrent in het keuringsverslag volgens een door het CBR vastgesteld model vragen zijn gesteld.
### Artikel 143