From e096df7460d0e1b600f1147ec0b610d896d00907 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Fri, 23 Jan 2004 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2004-01-23 | BWBR0003420 | Wet op het primair onderwijs --- .../BWBR0003420/README.md | 44 ++++++++++++------- 1 file changed, 29 insertions(+), 15 deletions(-) diff --git a/wet/wet-op-het-primair-onderwijs/BWBR0003420/README.md b/wet/wet-op-het-primair-onderwijs/BWBR0003420/README.md index 7255a0dddb4..711b4f5487b 100644 --- a/wet/wet-op-het-primair-onderwijs/BWBR0003420/README.md +++ b/wet/wet-op-het-primair-onderwijs/BWBR0003420/README.md @@ -103,10 +103,6 @@ een samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 18, tenzij het tegendeel blijkt; a. de benoemde directeur, het personeel benoemd in een functie voor het geven van onderwijs en het personeel benoemd in een andere functie dan het geven van onderwijs; b. het onder a bedoelde personeel dat zonder benoeming is tewerkgesteld, tenzij het betreft de toepassing van de artikelen 33, 34, 37, 38, 52, 53, eerste en tweede lid, 59, eerste tot en met vierde lid, 60 tot en met 62, 64, 68, 138 en 139, voor zover niet anders is bepaald, en de toepassing van daarmee verband houdende wettelijke bepalingen; -*nascholing*: - -een vorm van scholing, gegeven aan leden van het personeel om hun kennis, inzicht, vaardigheden en beroepshoudingen direct verband houdend met de uitoefening van hun beroep, voortbouwend op de in de initiële opleiding verworven aanvangsbekwaamheid te verdiepen en uit te breiden; - leerlinggebonden budget: een leerlinggebonden budget voor een leerling als bedoeld in artikel 70a. ### Artikel 1a @@ -1286,6 +1282,20 @@ c. een besluit als bedoeld in artikel 135. **2.** Indien een openbare school in stand wordt gehouden door een stichting of een openbare rechtspersoon, wordt deze aangemerkt als een door de gemeente in stand gehouden openbare school voor de toepassing van afdeling 2 en afdeling 9. +### Artikel 72a + +**1.** Onze minister kan op aanvraag van een bevoegd gezag besluiten dat, met het oog op de ontwikkeling door scholen van instrumenten voor planning en beheer, de artikelen 123, tweede en derde lid, 129, 148 en 149 niet van toepassing zijn op de bekostiging van de scholen van dat bevoegd gezag. Voor een dergelijk besluit komen ten hoogste vijfentwintig bevoegde gezagsorganen in aanmerking. Onze minister kan een tijdstip vaststellen voor welke de aanvragen moeten worden ingediend. + +**2.** Onze minister bepaalt bij zijn besluit welke regelen en voorwaarden voor de bekostiging zullen gelden in plaats van het bepaalde bij of krachtens de artikelen, genoemd in het eerste lid, alsmede de wijze van bekostiging. Onze minister kan aan het besluit voorschriften verbinden omtrent het afleggen van rekening en verantwoording van het financieel beheer, alsmede, zo nodig in afwijking van het bepaalde krachtens artikel 182, tweede volzin, omtrent de inrichting van de boekhouding. + +**3.** Onze minister stelt, na overleg met de aanvrager, een ontwerp op van het besluit en zendt dit ontwerp aan de aanvrager. Indien de aanvrager zijn aanvraag niet binnen twee weken na verzending van het ontwerp van het besluit door Onze minister heeft ingetrokken, besluit Onze minister overeenkomstig het ontwerp. + +**4.** Voor zover nodig neemt Onze minister, na overleg met de gemeente of gemeenten die het aangaat, een besluit omtrent toepassing van de overschrijdingsregeling, bedoeld in de artikelen 142 tot en met 147, door de gemeente of gemeenten waar een of meer scholen waarop een besluit als bedoeld in het eerste lid van toepassing is, gevestigd zijn. Onze minister kan daarbij afwijken van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 142 tot en met 147. + +**5.** Het besluit, bedoeld in het eerste lid, heeft een geldigheidsduur van ten hoogste vier jaren. + +**6.** Indien voor het einde van de geldigheidsduur van het besluit een voorstel van wet tot invoering van lumpsumbekostiging voor de personeels- en exploitatiekosten van scholen als bedoeld in deze wet bij de Staten-Generaal wordt ingediend, kan de minister het besluit, bedoeld in het eerste lid, na overleg met het bevoegd gezag, zodanig aanpassen en in afwijking van het vijfde lid verlengen, dat een goede overgang wordt gewaarborgd naar het bekostigingssysteem dat geldt op het moment waarop de periode eindigt waarop het besluit betrekking heeft. + #### Afdeling 2. Aanvang van de bekostiging ##### Paragraaf 1. Basisscholen @@ -2091,7 +2101,7 @@ b. de bekostiging voor de vaste kosten van de materiële instandhouding van een **5.** Het bevoegd gezag zorgt voor het deel van de materiële instandhouding waarop de programma's van eisen, bedoeld in artikel 114, onder d en e, betrekking hebben. -#### Afdeling 5. Formatie personeel; bekostiging kosten vervanging van personeel; bekostiging voor schoolspecifieke knelpunten in de personeelsvoorziening +#### Afdeling 5. Formatie personeel; bekostiging kosten vervanging van personeel ### Artikel 120 @@ -2210,25 +2220,29 @@ c. de permanente commissie leerlingenzorg van het desbetreffende samenwerkingsve ### Artikel 127 -Bij ministeriële regeling kan worden bepaald in welke gevallen en onder welke voorwaarden aan een school bekostiging wordt verstrekt in verband met het bestrijden van schoolspecifieke knelpunten in de personeelsvoorziening. De omvang van de bekostiging voor een school wordt vastgesteld op een jaarlijks bij ministeriële regeling te bepalen wijze. +Vervallen ### Artikel 128 -Wijziging in de besteding van de bekostiging voor schoolspecifieke knelpunten in de personeelsvoorziening mag niet leiden tot kosten van werkloosheidsuitkeringen. +Vervallen -#### Afdeling 6. Nascholing personeel +#### Afdeling 6. Schoolbudget voor personeels- en arbeidsmarktbeleid ### Artikel 129 -De omvang van de bekostiging voor nascholing voor een basisschool dan wel een speciale school voor basisonderwijs wordt vastgesteld op een bij ministeriële regeling te bepalen wijze. +**1.** Bij ministeriële regeling wordt de grondslag vastgesteld voor de omvang van de bekostiging voor personeels- en arbeidsmarktbeleid. Deze grondslag kan verschillend worden vastgesteld voor basisscholen en speciale scholen voor basisonderwijs en voor groepen van basisscholen. De omvang van de bekostiging is in ieder geval afhankelijk of mede afhankelijk van het aantal leerlingen op de teldatum, bedoeld in artikel 121, en de samenstelling van het leerlingenbestand. + +**2.** Met inachtneming van het eerste lid verstrekt het Rijk jaarlijks aan het bevoegd gezag van de openbare en bijzondere scholen bekostiging ten behoeve van personeels- en arbeidsmarktbeleid. + +**3.** De bekostiging, bedoeld in het eerste lid, wordt besteed aan personele uitgaven. ### Artikel 130 -Met inachtneming van artikel 129 verstrekt het Rijk jaarlijks aan het bevoegd gezag van de openbare en bijzondere scholen bekostiging ten behoeve van nascholing van het personeel. +Vervallen ### Artikel 131 -De bekostiging, bedoeld in artikel 130, wordt besteed aan de kosten van nascholing ten behoeve van het personeel. Indien de bekostiging niet volledig is besteed, wordt het resterende bedrag in een fonds ondergebracht. Dit fonds mag ten hoogste een bedrag omvatten dat gelijk is aan de bekostiging van de laatste 3 jaren. Niet bestede gelden worden voor zover deze gelden het in de vorige volzin bedoelde bedrag overstijgen, onverwijld in 's Rijks kas teruggestort. +Vervallen #### Afdeling 7. Gezamenlijke zorgformatie basisscholen @@ -2464,13 +2478,13 @@ a. het totaal van de bedragen 1°. die in het voorafgaande kalenderjaar zijn uitgegeven ten behoeve van de personeelskosten, en 2°. voor niet verbruikte formatierekeneenheden voor zover die in het voorafgaande kalenderjaar zijn uitgegeven, -b. het totaal van de bedragen die in het voorafgaande kalenderjaar zijn uitgegeven ten behoeve van de nascholing, +b. het totaal van de bedragen die in het voorafgaande kalenderjaar zijn uitgegeven ten behoeve van personeels- en arbeidsmarktbeleid als bedoeld in artikel 129, c. het totaal van de bedragen die in het voorafgaande kalenderjaar zijn uitgegeven ten behoeve van de materiële instandhouding, d. het totaal van de ontvangsten 1°. bedoeld in artikel 137, derde lid, en 2°. voor niet verbruikte formatierekeneenheden, bedoeld in artikel 137, eerste lid onder b; -e. het totaal van de ontvangsten dat is gebaseerd op de bedragen die krachtens artikel 130 voor nascholing voor het kalenderjaar zijn vastgesteld, +e. het totaal van de ontvangsten dat is gebaseerd op de bedragen die krachtens artikel 129, tweede lid, ten behoeve van personeels- en arbeidsmarktbeleid voor het kalenderjaar zijn vastgesteld, f. het totaal van de ontvangsten dat is gebaseerd op de bedragen die krachtens artikel 113 voor de voorzieningen voor de materiële instandhouding voor dat kalenderjaar zijn vastgesteld, g. het totaal van de aanvullende ontvangsten waaronder worden verstaan de bedragen die krachtens artikel 135 voor de voorzieningen ten behoeve van de materiële instandhouding voor dat kalenderjaar zijn vastgesteld, h. het totaal van de bedragen die in het voorafgaande kalenderjaar zijn uitgegeven ten behoeve van de instandhouding van een rechtspersoon als bedoeld in artikel 68, @@ -2483,7 +2497,7 @@ j. een staat van voorzieningen die zijn ingesteld ten behoeve van de door de gem Bij het vaststellen van de bedragen, bedoeld in het eerste lid onder c, f, g en h, worden buiten beschouwing gelaten de uitgaven en ontvangsten voor: -a. administratie, beheer en bestuur, bedoeld in artikel 114, onder e, +a. administratie, beheer en bestuur, bedoeld in artikel 114 , onder e, b. de materiële instandhouding van het onderwijs in lichamelijke oefening en c. de materiële instandhouding in verband met de toepassing van artikel 166, eerste lid, dan wel artikel 171, eerste lid. @@ -2521,7 +2535,7 @@ Aan het bevoegd gezag van de niet door de gemeente in stand gehouden scholen wor **1.** Het bevoegd gezag van een school besteedt de door het Rijk verstrekte bekostiging, voor zover het niet betreft de bekostiging bedoeld in het tweede lid, ten behoeve van die school met inachtneming van het bepaalde in artikel 149 en het zorgplan. -**2.** Het bevoegd gezag van een school besteedt de door het Rijk verstrekte bekostiging, bedoeld in artikel 134, ten behoeve van de scholen van dat bevoegd gezag. Onder scholen als bedoeld in de vorige volzin, worden verstaan scholen in de zin van deze wet, de Wet op de expertisecentra en de Wet op het voortgezet onderwijs. +**2.** Het bevoegd gezag van een school besteedt de door het Rijk verstrekte bekostiging, bedoeld in de artikelen 129 en 134, ten behoeve van de scholen van dat bevoegd gezag. Onder scholen als bedoeld in de vorige volzin, worden verstaan scholen in de zin van deze wet, de Wet op de expertisecentra en de Wet op het voortgezet onderwijs. ### Artikel 149