2010-12-01 | BWBR0010465 | Wet subsidiëring politieke partijen
This commit is contained in:
parent
2164fa4ad5
commit
e1b992c673
1 changed files with 3 additions and 14 deletions
|
|
@ -79,11 +79,11 @@ j. activiteiten in het kader van verkiezingscampagnes.
|
|||
|
||||
De subsidie bedraagt ten hoogste de som van de volgende bedragen:
|
||||
|
||||
a. een basisbedrag van € 169.539per 1 januari 2009: € 187.138 en per kamerzetel van de politieke partij, een bedrag van € 49.175per 1 januari 2009: € 54.279 en per lid van de politieke partij een bedrag dat gelijk is aan € 1.856.360per 1 januari 2009: € 2.049.063 gedeeld door het aantal leden van alle politieke partijen gezamenlijk; en
|
||||
b. indien de politieke partij op de peildatum een politiek-wetenschappelijk instituut heeft aangeduid, een basisbedrag van € 119.076per 1 januari 2009: € 131.436 en per kamerzetel van de politieke partij een bedrag van € 12.238per 1 januari 2009: € 13.509; en
|
||||
a. een basisbedrag van € 169.539per 1 januari 2010: € 187.990 en per kamerzetel van de politieke partij, een bedrag van € 49.175per 1 januari 2010: € 54.526 en per lid van de politieke partij een bedrag dat gelijk is aan € 1.856.360per 1 januari 2010: € 2.058.386 gedeeld door het aantal leden van alle politieke partijen gezamenlijk; en
|
||||
b. indien de politieke partij op de peildatum een politiek-wetenschappelijk instituut heeft aangeduid, een basisbedrag van € 119.076per 1 januari 2010: € 132.034 en per kamerzetel van de politieke partij een bedrag van € 12.238per 1 januari 2010: € 13.570; en
|
||||
c. indien de politieke partij op de peildatum een jongerenorganisatie heeft aangeduid, een bedrag per kamerzetel van de politieke partij en een bedrag per lid van de politieke jongerenorganisatie berekend overeenkomstig het tweede lid.
|
||||
|
||||
**2.** Het bedrag per kamerzetel, bedoeld in het eerste lid, onder c, wordt berekend door, uitgaande van de situatie op 1 januari, € 477.322per 1 januari 2009: € 526.872 te delen door het aantal kamerzetels van alle politieke partijen die een politieke jongerenorganisatie hebben aangeduid. Het bedrag per lid van de politieke jongerenorganisatie wordt berekend door € 477.322per 1 januari 2009: € 526.872 te delen door het aantal leden van alle aangeduide politieke jongerenorganisaties op 1 januari.
|
||||
**2.** Het bedrag per kamerzetel, bedoeld in het eerste lid, onder c, wordt berekend door, uitgaande van de situatie op 1 januari, € 477.322per 1 januari 2010: € 529.269 te delen door het aantal kamerzetels van alle politieke partijen die een politieke jongerenorganisatie hebben aangeduid. Het bedrag per lid van de politieke jongerenorganisatie wordt berekend door € 477.322per 1 januari 2010: € 529.269 te delen door het aantal leden van alle aangeduide politieke jongerenorganisaties op 1 januari.
|
||||
|
||||
**3.** Voor de toepassing van het eerste lid wordt voor de vaststelling van het aantal kamerzetels van een politieke partij, het aantal leden van een politieke partij en het aantal leden van een politieke jongerenorganisatie uitgegaan van de peildatum.
|
||||
|
||||
|
|
@ -93,17 +93,6 @@ c. indien de politieke partij op de peildatum een jongerenorganisatie heeft aang
|
|||
|
||||
**6.** Onze Minister past de bedragen, genoemd in het eerste en tweede lid, per 1 januari van elk jaar aan volgens de voor de rijksbegroting gehanteerde loon- en prijsbijstelling.
|
||||
|
||||
### Artikel 6a
|
||||
|
||||
Ten behoeve van de kalenderjaren 2010 tot en met 2015 worden de bedragen, genoemd in artikel 6, eerste lid, onderdelen a, b en c, en tweede lid, na toepassing van artikel 6, zesde lid, nader gewijzigd door het resultaat van de berekening:
|
||||
|
||||
a. per 1 januari 2010 te verlagen met 5,11%;
|
||||
b. per 1 januari 2011 te verlagen met 1,39%;
|
||||
c. per 1 januari 2012 te verlagen met 1,5%;
|
||||
d. per 1 januari 2013 te verlagen met 1,5%;
|
||||
e. per 1 januari 2014 te verlagen met 1,5%, en
|
||||
f. per 1 januari 2015 te verlagen met 1,5%.
|
||||
|
||||
### Artikel 7
|
||||
|
||||
**1.** Het bedrag, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder b, wordt slechts verstrekt voorzover de uitgaven van het aangeduide politiek-wetenschappelijk instituut voor subsidie in aanmerking komen. Aan de subsidie is de verplichting verbonden dat in de overeenkomst, bedoeld in artikel 3, derde lid, is vastgelegd dat ten minste het ten behoeve van het politiek-wetenschappelijk instituut verstrekte bedrag, door de politieke partij aan het politiek-wetenschappelijke instituut wordt betaald.
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue