From e260c7cecda1fd43dcb079772cef4e84d6722fa2 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Thu, 1 Aug 2002 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2002-08-01 | BWBR0006073 | Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 --- .../BWBR0006073/README.md | 55 +++++++++++++------ 1 file changed, 38 insertions(+), 17 deletions(-) diff --git a/wet/wet-rijonderricht-motorrijtuigen-1993/BWBR0006073/README.md b/wet/wet-rijonderricht-motorrijtuigen-1993/BWBR0006073/README.md index fb126a6690d..0ed4d47efaa 100644 --- a/wet/wet-rijonderricht-motorrijtuigen-1993/BWBR0006073/README.md +++ b/wet/wet-rijonderricht-motorrijtuigen-1993/BWBR0006073/README.md @@ -3,7 +3,7 @@ titel: Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 bwb_id: BWBR0006073 type: wet status: geldend -datum_inwerkingtreding: '1995-01-01' +datum_inwerkingtreding: '2002-08-01' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0006073 citeertitel: Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 --- @@ -149,27 +149,25 @@ Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden Een certificaat voor het geven van rijonderricht wordt slechts afgegeven: -a. indien het de eerste afgifte betreft, aan degene die blijkens een niet langer dan zes maanden voor de datum van afgifte door het instituut afgenomen examen voldoet aan de bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde eisen van bekwaamheid tot het geven van rijonderricht, -b. indien het de afgifte van een certificaat in verband met het verstrijken van de geldigheidsduur van een eerder aan betrokkene afgegeven certificaat betreft, aan degene die blijkens een niet langer dan zes maanden voor de datum van afgifte door het instituut afgenomen toets voldoet aan de bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde eisen in verband met het behoud van de vereiste mate van bekwaamheid, +a. indien het de eerste afgifte betreft, aan degene die blijkens een door het instituut afgenomen examen voldoet aan de bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde eisen van bekwaamheid tot het geven van rijonderricht, +b. indien het de afgifte van een certificaat in verband met het verstrijken van de geldigheidsduur van een eerder aan betrokkene afgegeven certificaat betreft, aan degene die blijkens een door het instituut afgenomen toets voldoet aan de bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde eisen in verband met het behoud van de vereiste mate van bekwaamheid, c. aan degene die in het bezit is van een, bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen, door het daartoe bevoegde gezag in het buitenland afgegeven instructeursbewijs dat nog geldig is, of d. aan degene die in het bezit is van een niet langer dan zes maanden voor de datum van afgifte afgegeven militair of politie-instructeursbewijs dat nog geldig is. **3.** De in het tweede lid, onderdelen *a* en *b*, bedoelde eisen van vakbekwaamheid kunnen verschillend worden gesteld naar gelang het betreft de verschillende categorieën van motorrijtuigen. -**4.** Afgifte van een certificaat als bedoeld in het tweede lid, onderdeel *b*, geschiedt slechts tegen inlevering van het eerder afgegeven certificaat. +**4.** Een certificaat, afgegeven in de in het tweede lid, onderdeel *c* en *d*, bedoelde gevallen, kan alleen bevoegdheden verlenen die overeenkomen met die welke voortvloeien uit het desbetreffende instructeursbewijs. -**5.** Een certificaat, afgegeven in de in het tweede lid, onderdeel *c* en *d*, bedoelde gevallen, kan alleen bevoegdheden verlenen die overeenkomen met die welke voortvloeien uit het desbetreffende instructeursbewijs. +**5.** Bij de in het tweede lid, onderdeel *a*, bedoelde algemene maatregel van bestuur kan tevens worden bepaald dat voor het afleggen van het examen rijinstructeur een in die maatregel aangegeven niveau van vooropleiding is vereist. -**6.** Bij de in het tweede lid, onderdeel *a*, bedoelde algemene maatregel van bestuur kan tevens worden bepaald dat voor het afleggen van het examen rijinstructeur een in die maatregel aangegeven niveau van vooropleiding is vereist. - -**7.** +**6.** Onze Minister kan voor de toepassing van het tweede lid, onderdeel *c*, ter uitvoering van regelgeving van de Europese Gemeenschappen met een instructeursbewijs gelijkstellen een bewijs met betrekking tot een a. door de betrokkene gevolgde opleiding alsmede een door hem opgedane beroepservaring, b. door de betrokkene opgedane beroepservaring, een en ander overeenkomstig door Onze Minister te stellen regels. -**8.** Bij of krachtens de in het tweede lid, onderdeel *c*, bedoelde algemene maatregel van bestuur kunnen aanvullende eisen worden gesteld waaraan de betrokkene moet voldoen om voor afgifte van een certificaat in aanmerking te komen. +**7.** Bij of krachtens de in het tweede lid, onderdeel *c*, bedoelde algemene maatregel van bestuur kunnen aanvullende eisen worden gesteld waaraan de betrokkene moet voldoen om voor afgifte van een certificaat in aanmerking te komen. ### Artikel 10 @@ -179,23 +177,27 @@ b. door de betrokkene opgedane beroepservaring, een en ander overeenkomstig door ### Artikel 11 -**1.** Behoudens het bepaalde in artikel 13, eerste lid, derde volzin, geeft het instituut bij wijziging van de omvang van de uit het certificaat voortvloeiende bevoegdheden een nieuw certificaat af. +**1.** Het instituut geeft bij wijziging van de omvang van de uit het certificaat voortvloeiende bevoegdheden een nieuw certificaat af waarop de geldigheidsduur van het eerder afgegeven certificaat wordt geplaatst. -**2.** Afgifte van een nieuw certificaat geschiedt slechts tegen inlevering van het eerder afgegeven certificaat. +**2.** Afgifte van het nieuwe certificaat geschiedt slechts tegen inlevering van het eerder afgegeven certificaat waarop de wijziging betrekking heeft. ### Artikel 12 **1.** Het instituut geeft voor certificaten die versleten of geheel of ten dele onleesbaar zijn, dan wel verloren zijn geraakt of teniet zijn gegaan, tegen betaling van het daarvoor door Onze Minister vastgestelde tarief, vervangende certificaten af. Het instituut geeft voorts bij wijziging van de personalia van de houder van een certificaat een vervangend certificaat af. -**2.** Afgifte van een vervangend certificaat geschiedt slechts tegen inlevering van het eerder afgegeven versleten of geheel of ten dele onleesbaar geworden certificaat. Op het vervangende certificaat wordt door het instituut de datum van afgifte van het vervangen certificaat geplaatst. +**2.** Afgifte van een vervangend certificaat geschiedt slechts tegen inlevering van het eerder afgegeven versleten of geheel of ten dele onleesbaar geworden certificaat. + +**3.** Indien het te vervangen certificaat verloren is geraakt of teniet is gegaan, dient een door de aanvrager ondertekende verklaring te worden overgelegd, dat het certificaat verloren is geraakt of teniet is gegaan. In de verklaring dienen de omstandigheden waaronder het certificaat verloren geraakt of teniet gegaan is, te worden omschreven. + +**4.** Op het vervangende certificaat wordt door het instituut de geldigheidsduur van het vervangen certificaat geplaatst. ### Paragraaf 3. Geldigheidsduur certificaten rijinstructeur ### Artikel 13 -**1.** Een certificaat is geldig voor de duur van vijf achtereenvolgende jaren, gerekend vanaf de dag van afgifte. Deze termijn kan door het instituut één maal worden verlengd met een periode van maximaal zes maanden ten behoeve van degene die de door het instituut afgenomen toets niet met goed gevolg heeft afgelegd. Het instituut plaatst hiertoe een aantekening op het certificaat. +**1.** Een certificaat is geldig voor de duur van vijf achtereenvolgende jaren. -**2.** Voor de toepassing van de eerste volzin van het eerste lid wordt als dag van afgifte beschouwd de dag waarop het certificaat aan de betrokkene is verstrekt of toegezonden. Betreft het een vervangend certificaat als bedoeld in artikel 12, dan wordt als dag van afgifte beschouwd de dag waarop het vervangen certificaat aan de betrokkene is verstrekt of toegezonden. +**2.** Indien een certificaat wordt afgegeven binnen zes maanden vóór het tijdstip waarop de geldigheidsduur van een eerder aan betrokkene afgegeven certificaat verstrijkt dan wel de aanvrager zijn bevoegdheid tot het geven van rijonderricht ontleent aan een ontheffing als bedoeld in artikel 24a gaat de geldigheidsduur van het certificaat in met ingang van de datum waarop de geldigheidsduur van het eerder aan betrokkene afgegeven certificaat verstrijkt. **3.** In afwijking van het eerste lid is een certificaat, afgegeven aan degene die naar verwachting op medische gronden slechts gedurende een beperkte termijn zal voldoen aan de bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde eisen van bekwaamheid tot het geven van rijonderricht, geldig vanaf de dag van afgifte tot de dag waarop de termijn waarvoor de houder naar verwachting voldoende bekwaam zal zijn voor het geven van rijonderricht, verstrijkt. @@ -203,7 +205,7 @@ b. door de betrokkene opgedane beroepservaring, een en ander overeenkomstig door Onverminderd het bepaalde in artikel 13 verliest een certificaat zijn geldigheid door: -a. afgifte van een nieuw certificaat, +a. afgifte van een nieuw certificaat met uitzondering van de afgifte, bedoeld in het tweede lid van artikel 13, b. afgifte van een vervangend certificaat, c. het onbevoegd aanbrengen van wijzigingen in het certificaat, of d. ongeldigverklaring, als bedoeld in de artikelen 15, 22, tweede lid, en 23, vijfde lid. @@ -245,11 +247,11 @@ Een certificaat voor het geven van bijscholing wordt slechts afgegeven aan degen a. een geldig certificaat als bedoeld in artikel 7, eerste lid, bezit, dan wel een geldig diploma bezit van een bij algemene maatregel van bestuur aangegeven hoofdopleiding, die naar gelang van de te geven bijscholing kan verschillen, b. een bij algemene maatregel van bestuur aangegeven aantal jaren beroepservaring heeft die direct verband houdt met het in onderdeel *a* bedoelde certificaat of diploma, en -c. blijkens een niet langer dan zes maanden voor de datum van afgifte door het instituut afgenomen examen voldoet aan bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde aanvullende eisen van bekwaamheid voor het geven van bijscholing, die naar gelang van de te geven bijscholing kunnen verschillen. +c. blijkens een door het instituut afgenomen examen voldoet aan bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde aanvullende eisen van bekwaamheid voor het geven van bijscholing, die naar gelang van de te geven bijscholing kunnen verschillen. ### Artikel 18 -Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan onder daarbij te stellen voorwaarden worden bepaald dat in bepaalde uitzonderingsgevallen welke verband houden met het verkrijgen van de bekwaamheid tot het geven van bijscholing, gedurende twee jaren na het in werking treden van deze wet wordt of kan worden afgeweken van het bepaalde bij of krachtens artikel 17, tweede lid, onderdeel *c*. +Vervallen ### Artikel 19 @@ -305,6 +307,25 @@ Een certificaat voor het geven van bijscholing verliest zijn geldigheid met inga **2.** Indien rijonderricht dan wel bijscholing wordt gegeven in een motorrijtuig is de rijinstructeur onderscheidenlijk de bijscholingsdocent verplicht dit motorrijtuig op eerste vordering van de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering bedoelde ambtenaren te doen stilhouden en het hem afgegeven certificaat aan die ambtenaren behoorlijk ter inzage af te geven. +## Hoofdstuk VIA. Ontheffingen + +### Artikel 24a + +**1.** + +Het instituut kan onder daarbij te stellen voorwaarden ontheffing verlenen van artikel 7 indien: + +a. degene die door omstandigheden die hem redelijkerwijs niet kunnen worden verweten, een door het instituut afgenomen toets niet met goed gevolg heeft afgelegd en waarbij het niet mogelijk is binnen de resterende geldigheidsduur van het eerder aan hem afgegeven certificaat, nogmaals een toets af te leggen; +b. in andere gevallen indien toepassing van artikel 7, gelet op het door die bepaling beschermde belang, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. + +**2.** De ontheffing wordt verleend voor de duur van maximaal zes maanden en kan slechts eenmaal worden verlengd met maximaal zes maanden. + +**3.** Indien de ontheffing op medische gronden wordt verzocht, gaat het verzoek vergezeld van een medische verklaring. + +**4.** De ontheffing verliest haar geldigheid en dient bij het instituut te worden ingeleverd, zodra de houder van de ontheffing voldoet aan de in artikel 7 gestelde eisen. + +**5.** Ter uitvoering van het derde lid worden persoonsgegevens betreffende de gezondheid als bedoeld in artikel 16 van de Wet bescherming persoonsgegevens verwerkt. De verwerking van deze gegevens vindt plaats teneinde te kunnen beoordelen of de aanvrager in aanmerking komt voor een ontheffing als bedoeld in het eerste lid. Het instituut is verantwoordelijk voor deze verwerking. + ## Hoofdstuk VII. Straf-, overgangs- en slotbepalingen ### Artikel 25