2018-02-06 | BWBR0002667 | Besluit kerninstallaties, splijtstoffen en ertsen

This commit is contained in:
Coornhert 2018-02-06 12:00:00 +00:00
parent 60ce9e0e78
commit e262809959

View file

@ -14,15 +14,87 @@ citeertitel: Besluit kerninstallaties, splijtstoffen en ertsen
### Artikel 1
**1.** In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
**1.**
**2.** In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt onder «activiteit», «blootstelling», «deskundige», «effectieve dosis» «eindberging», «equivalente dosis», «gezondheidsschade», «omgevingsdosisequivalent», «radiotoxiciteitsequivalent», »richtlijn 2011/77/Euratom», «schade», «werkzaamheid» en «wet» verstaan hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, van het Besluit stralingsbescherming.
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
**3.** In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt onder «besmetting», «lozing in de lucht», «lozing in het openbare riool» en «lozing in het oppervlaktewater» verstaan hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, van het Besluit stralingsbescherming, met dien verstande dat in plaats van «radioactieve stoffen» telkens «splijtstoffen of ertsen» wordt gelezen.
- *beheer van verbruikte splijtstoffen:*
**4.** In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt onder «lid van de bevolking» verstaan hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, van het Besluit stralingsbescherming, met dien verstande dat daarbij onder «locatie» wordt verstaan hetgeen daaronder in artikel 1, eerste lid, van dit besluit wordt verstaan.
alle activiteiten die te maken hebben met het hanteren, de voorbehandeling, de behandeling, het conditioneren, de opslag of de eindberging van verbruikte splijtstoffen, met uitzondering van het vervoer buiten het terrein van de faciliteit;
- *bron:*
**5.** In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt onder «voorhanden hebben» mede verstaan: het vervaardigen, bewerken, hanteren en opslaan.
splijtstof of erts;
- *buiten-ontwerpongeval:*
ongeval waarvan de kans dat het zich voordoet geringer is dan elk van de gepostuleerde begin-gebeurtenissen en waarbij niet is uit te sluiten dat door het vrijkomen van splijtstoffen of radioactieve stoffen de bij artikel 18 vastgestelde limietwaarden voor de gepostuleerde begin-gebeurtenissen worden overschreden;
- *gehalte:*
massagehalte van de elementen uranium, thorium en plutonium in splijtstoffen;
- *gepostuleerde begin-gebeurtenissen:*
redelijkerwijs mogelijk te achten voorvallen die bij juist functioneren van de daartoe speciaal ontworpen veiligheidssystemen tot voorzienbare bedrijfsgevolgen of ongevalsomstandigheden leiden die een besmetting of een blootstelling van de omgeving kunnen veroorzaken;
- *gevaarlijke stoffen:*
gevaarlijke stoffen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Besluit risicos zware ongevallen 2015;
- *handeling:*
handeling als genoemd in artikel 15 van de wet, niet zijnde het vervoeren van, het voorhanden hebben bij opslag in verband met vervoer, of het binnen of buiten Nederlands grondgebied brengen of doen brengen van splijtstoffen of ertsen, uitgezonderd bij een interventie, een ongeval of een radiologische noodsituatie;
- *hoogactieve bron:*
hoogactieve bron als bedoeld in artikel 1.2 in samenhang met bijlage 1 van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming;
- *ingekapselde bron:*
splijtstoffen of ertsen welke permanent in een omhulsel zijn ingekapseld, dan wel gebonden zijn in vaste vorm teneinde onder normale gebruiksomstandigheden iedere verspreiding van splijtstoffen of ertsen te voorkomen;
- *lid van de bevolking:*
een persoon uit de bevolking binnen of buiten een locatie, niet zijnde een werknemer gedurende zijn werktijd of een persoon die een medische blootstelling ondergaat;
- *locatie:*
inrichting of uitrusting als bedoeld in artikel 15, onder b of c, van de wet of als aangewezen krachtens artikel 1.1, derde lid, van de Wet milieubeheer of plaats waar een handeling wordt verricht;
- *natuurlijk uranium:*
door een chemisch scheidingsproces verkregen uranium waarin de uraniumisotopen zich in de natuurlijke verhouding bevinden;
- *nucleaire drukapparatuur:*
speciaal voor nucleair gebruik in inrichtingen als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wet ontworpen drukapparatuur die bij defecten de verspreiding van radioactiviteit kan veroorzaken, met uitzondering van splijtstofstaven en opslag- en transportverpakkingen;
- *ondernemer:*
natuurlijke persoon, rechtspersoon of bestuursorgaan onder wiens verantwoordelijkheid een handeling wordt verricht of maatregel wordt uitgevoerd;
- *ontmantelingsplan:*
plan met een beschrijving van de wijze waarop een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wet buiten gebruik wordt gesteld en ontmanteld;
- *Onze Minister:*
Onze Minister van Infrastructuur en Milieu;
- *schade:*
nadelige gevolgen van ioniserende straling voor mensen, dieren, planten en goederen;
- *referentiedreiging:*
lange termijnanalyse van dreigingen van diefstal van de in de bijlage genoemde splijtstoffen en ertsen dan wel van sabotage van die splijtstoffen of ertsen, of van inrichtingen als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wet;
- *splijtstof of erts bevattende afvalstof:*
splijtstof die, of erts dat krachtens artikel 19 van dit besluit in samenhang met artikel 10.7, eerste en tweede lid, van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming als zodanig is aangemerkt en niet wordt geloosd;
- *verbruikte splijtstof:*
kernsplijtstof die bestraald is en permanent uit een reactorkern is verwijderd;
- *verrijkingsgraad:*
massagehalte van uranium-235 en uranium-233 tezamen in verrijkt uranium;
- *verrijkt uranium:*
uranium met een hoger massapercentage uranium-235 dan in natuurlijk uranium;
- *wet:*
Kernenergiewet.
**2.** In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt onder «activiteit», «blootstelling», «deskundige», «effectieve dosis» «eindberging», «equivalente dosis», «gezondheidsschade», «omgevingsdosisequivalent», «radiotoxiciteitsequivalent», »richtlijn 2011/77/Euratom» en «wet» verstaan hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1.2 in samenhang met bijlage 1 van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming.
**3.** In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt onder «besmetting», «lozing in de lucht», «lozing in het openbare riool» en «lozing in het oppervlaktewater» verstaan hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1.2 in samenhang met bijlage 1 van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming, met dien verstande dat in plaats van «radioactieve stoffen» telkens «splijtstoffen of ertsen» wordt gelezen.
**4.** Vervallen.
**5.** In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt onder «voorhanden hebben» mede verstaan: in bezit hebben, beheren, bewaren of anderszins feitelijk onder zich hebben, of het vervaardigen, bewerken, hanteren en opslaan, met uitzondering van het voorhanden hebben bij de opslag in verband met vervoer.
**6.** In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt onder drukvaten, installatieleidingen, veiligheidsappendages en onder druk staande appendages verstaan hetgeen daaronder wordt verstaan in het Warenwetbesluit drukapparatuur.
@ -52,8 +124,8 @@ a. naam en adres van de aanvrager;
b. een feitelijke omschrijving van hetgeen de aanvrager met de betrokken splijtstoffen of ertsen wenst te doen onderscheidenlijk een aanduiding van de betrokken inrichting of uitrusting, onder vermelding van het gebruik, dat de aanvrager van die inrichting of uitrusting wenst te maken;
c. voor zover een of meer der in de artikelen 4 tot en met 11 vervatte bepalingen op de betrokken aanvraag van toepassing zijn, de gegevens, welke de aanvraag uit dien hoofde in het bijzonder dient te bevatten dan wel, ingeval zodanige gegevens in een bij de aanvraag behorende bijlage zijn vermeld, een korte aanduiding van de aard en de inhoud dezer gegevens met verwijzing naar de betrokken bijlage;
d. een opgave van de tijdsduur, waarvoor de vergunning wordt verlangd;
e. indien een vergunning wordt aangevraagd voor een handeling die in de krachtens artikel 19 in samenhang met artikel 4, tweede lid, van het Besluit stralingsbescherming geldende regeling, als gerechtvaardigd is bekendgemaakt, een verwijzing naar die bekendmaking;
f. indien een vergunning wordt aangevraagd voor een handeling die niet of als niet-gerechtvaardigd is bekendgemaakt in de krachtens artikel 19 in samenhang met artikel 4, tweede lid, van het Besluit stralingsbescherming geldende regeling, een verzoek om rechtvaardiging van die handeling en tevens de gegevens met betrekking tot de economische, sociale en andere voordelen van de betrokken handeling en met betrekking tot de gezondheidsschade die erdoor kan worden toegebracht, die nodig zijn met het oog op de beoordeling van de gerechtvaardigdheid van de handeling.
e. indien een vergunning wordt aangevraagd voor een handeling die in de krachtens artikel 19 in samenhang met artikel 2.3 van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming geldende regeling, als gerechtvaardigd is bekendgemaakt, een verwijzing naar die bekendmaking;
f. indien een vergunning wordt aangevraagd voor een handeling die niet of als niet-gerechtvaardigd is bekendgemaakt in de krachtens artikel 19 in samenhang met artikel 2.3 van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming geldende regeling, een verzoek om rechtvaardiging van die handeling en tevens de gegevens met betrekking tot de economische, sociale en andere voordelen van de betrokken handeling en met betrekking tot de gezondheidsschade die erdoor kan worden toegebracht, die nodig zijn met het oog op de beoordeling van de gerechtvaardigdheid van de handeling.
**4.** Aanvragen om een vergunning, welke vallen onder verschillende bepalingen van de paragrafen 2 en 3, kunnen, voor zover die aanvragen betrekking hebben op dezelfde inrichting dan wel op inrichtingen, die tezamen een geheel vormen en die in elkaars onmiddellijke nabijheid zijn gelegen, in de vorm van een enkele, samengestelde aanvraag worden ingediend. Op zodanige aanvraag zijn alle bepalingen van toepassing, welke betrekking hebben op de afzonderlijke aanvragen, waaruit zij is samengesteld, met dien verstande dat in gevallen, waarin onverkorte toepassing dezer bepalingen zou leiden tot meervoudige vermelding van eenzelfde gegeven, met een enkelvoudige vermelding kan worden volstaan.
@ -80,7 +152,7 @@ b. een opgave van het doel, waarvoor de aanvrager de splijtstoffen voorhanden we
c. een opgave en beschrijving van de plaats, waar de splijtstoffen voorhanden worden gehouden, dan wel, indien ten aanzien van de inrichting of uitrusting, waarin de splijtstoffen voorhanden worden gehouden, een vergunning als bedoeld in artikel 15, onder b of c, van de wet is vereist, een opgave van die inrichting of uitrusting, onder verwijzing naar de ten aanzien daarvan verleende vergunning, dan wel naar de aanvraag om een zodanige vergunning;
d. een beschrijving van de maatregelen die door of vanwege de aanvrager zullen worden getroffen ter voorkoming van schade;
e. een risicoanalyse van de schade van het voorhanden hebben van de onder a bedoelde splijtstoffen buiten de onder c bedoelde plaats, inrichting of uitrusting;
f. een opgave van alle handelingen en werkzaamheden met splijtstoffen, ertsen, radioactieve stoffen en toestellen binnen de locatie die meldingsplichtig of vergunningplichtig zijn krachtens dit besluit, het Besluit stralingsbescherming of het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen.
f. een opgave van alle handelingen en met splijtstoffen, ertsen, radioactieve stoffen en toestellen binnen de locatie die kennisgevingsplichtig, registratieplichtig of vergunningplichtig zijn krachtens dit besluit, het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming of het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen.
**2.** Indien de aanvraag betrekking heeft op een ingekapselde bron, bevat zij voorts een opgave van de chemische en fysische toestand en vorm waardoor deze splijtstoffen een ingekapselde bron vormen alsmede een aanduiding van de constructie en de kwaliteit van de bron.
@ -93,14 +165,14 @@ b. een opgave van het doel, waarvoor de aanvrager de ertsen voorhanden wenst te
c. een opgave en beschrijving van de plaats, waar de ertsen voorhanden zullen worden gehouden;
d. een beschrijving van de maatregelen, die door of vanwege de aanvrager zullen worden getroffen ter voorkoming van schade;
e. een risicoanalyse van de schade van het voorhanden hebben van ertsen buiten de onder c bedoelde plaats;
f. een opgave van alle handelingen en werkzaamheden met splijtstoffen, ertsen, radioactieve stoffen en toestellen binnen de locatie die meldingsplichtig of vergunningplichtig zijn krachtens dit besluit, het Besluit stralingsbescherming of het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen.
f. een opgave van alle handelingen en met splijtstoffen, ertsen, radioactieve stoffen en toestellen binnen de locatie die kennisgevingsplichtig, registratieplichtig of vergunningplichtig zijn krachtens dit besluit, het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming of het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen.
**4.**
Indien de aanvraag betrekking heeft op een hoogactieve bron, bevat de aanvraag voorts:
a. informatie over het volume van de bron, de bronhouder en de vaste afscherming van die bron;
b. schriftelijk bewijs dat de krachtens artikel 19 in samenhang met artikel 20d, eerste lid, van het Besluit stralingsbescherming vereiste financiële zekerheid is gesteld.
b. schriftelijk bewijs dat de krachtens artikel 19 in samenhang met artikel 4.15, eerste lid, van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming vereiste financiële zekerheid is gesteld.
### Artikel 5
@ -112,7 +184,7 @@ a. een opgave van de hoeveelheden, de chemische en fysische toestand, de vorm, h
b. een opgave en beschrijving van de plaats, waar en de wijze, waarop de aanvrager zich van de splijtstoffen wenst te ontdoen;
c. een beschrijving van de maatregelen, welke door of vanwege de aanvrager zullen worden getroffen ter voorkoming van schade;
d. een risicoanalyse van de schade buiten de onder b bedoelde plaats als gevolg van de handeling waarvoor vergunning wordt gevraagd;
e. een opgave van alle handelingen en werkzaamheden met splijtstoffen, ertsen, radioactieve stoffen en toestellen binnen de locatie die meldingsplichtig of vergunningplichtig zijn krachtens dit besluit, het Besluit stralingsbescherming of het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen.
e. een opgave van alle handelingen en met splijtstoffen, ertsen, radioactieve stoffen en toestellen binnen de locatie die kennisgevingsplichtig, registratieplichtig of vergunningplichtig zijn krachtens dit besluit, het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming of het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen.
**2.**
@ -122,7 +194,7 @@ a. een opgave van de aard, de hoeveelheid en het gemiddelde uranium- of thoriumg
b. een opgave en beschrijving van de plaats, waar en de wijze, waarop de aanvrager zich van de ertsen wenst te ontdoen;
c. een beschrijving van de maatregelen, welke door of vanwege de aanvrager zullen worden getroffen ter voorkoming van schade;
d. een risicoanalyse van de schade buiten de onder b bedoelde plaats als gevolg van de handeling waarvoor vergunning wordt gevraagd;
e. een opgave van alle handelingen en werkzaamheden met splijtstoffen, ertsen, radioactieve stoffen en toestellen binnen de locatie die meldingsplichtig of vergunningplichtig zijn krachtens dit besluit, het Besluit stralingsbescherming of het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen.
e. een opgave van alle handelingen en met splijtstoffen, ertsen, radioactieve stoffen en toestellen binnen de locatie die kennisgevingsplichtig, registratieplichtig of vergunningplichtig zijn krachtens dit besluit, het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming of het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen.
### Paragraaf 3. Aanvragen om een vergunning ten aanzien van een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wet
@ -132,7 +204,7 @@ e. een opgave van alle handelingen en werkzaamheden met splijtstoffen, ertsen, r
De aanvraag om een vergunning voor het oprichten van een inrichting, waarin kernenergie kan worden vrijgemaakt, bevat in ieder geval:
a. een opgave en beschrijving van de plaats, waar de inrichting zal worden gevestigd, onder vermelding van alle terzake doende omstandigheden van geografische, geologische, klimatologische en andere aard;
a. een opgave en beschrijving van de plaats, waar de inrichting zal worden gevestigd, onder vermelding van alle terzake doende omstandigheden van geografische, geologische, klimatologische, demografische, hydrologische, ecologische en andere aard;
b. een beschrijving van de inrichting met inbegrip van de daarin te bezigen installaties, alsmede van de werking van die inrichting en installaties, met opgave van de leveranciers van die onderdelen, welke voor de beoordeling van de veiligheid van belang zijn, en onder vermelding van het hoogste vermogen, waarop de inrichting zal werken;
c. een opgave van de chemische en fysische toestand, de vorm, het gehalte en de verrijkingsgraad der splijtstoffen, welke in de inrichting zullen worden gebruikt, onder vermelding van de hoeveelheid der onderscheidene splijtstoffen, welke ten hoogste te eniger tijd in de inrichting aanwezig zal zijn;
d. een beschrijving van de wijze, waarop de onder *c* bedoelde splijtstoffen in de inrichting zullen worden gebruikt, en van de wijze, waarop de splijtstoffen voor en na het gebruik zullen worden bewaard;
@ -162,7 +234,7 @@ b. telkens in plaats van "gebruikt" onderscheidenlijk "het gebruik" of "het vrij
De aanvraag om een vergunning voor het oprichten van een inrichting, waarin splijtstoffen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, worden opgeslagen, bevat in ieder geval:
a. een opgave en beschrijving van de plaats, waar de inrichting zal worden gevestigd, onder vermelding van alle terzake doende omstandigheden van geografische, geologische, klimatologische en andere aard;
a. een opgave en beschrijving van de plaats, waar de inrichting zal worden gevestigd, onder vermelding van alle terzake doende omstandigheden van geografische, geologische, klimatologische, demografische, hydrologische, ecologische en andere aard;
b. een opgave van de chemische en fysische toestand, de vorm, het gehalte en de verrijkingsgraad, zomede, voor wat bestraalde splijtstoffen betreft, een zo nauwkeurig mogelijke opgave van de activiteit der splijtstoffen, onder vermelding van de hoeveelheid der onderscheidene splijtstoffen, welke ten hoogste te eniger tijd in de inrichting aanwezig zal zijn;
c. een globale opgave van het totaal aantal personen, dat bij normaal bedrijf in de inrichting werkzaam zal zijn, alsmede een opgave van het aantal leden van het personeel, dat rechtstreeks bij de opslag van splijtstoffen betrokken zal zijn, en van de onderlinge taakverdeling tussen die personeelsleden, zomede - voor wat betreft het toezichthoudend personeel - van de gronden, waarop zij geacht kunnen worden voldoende deskundigheid voor het verrichten van hun taak te bezitten;
d. een veiligheidsrapport als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder h;
@ -281,18 +353,23 @@ Van het geven van een beschikking op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van d
Geen vergunning als bedoeld in artikel 15 van de wet wordt verleend indien:
a. niet is voldaan aan de voorwaarden betreffende rechtvaardiging, optimalisatie, deskundigheid en dosislimieten, geldend krachtens artikel 19 in samenhang met de artikelen 4, 5, 6, 9, 10, 11, 12, 48, 76, 77 en 78 van het Besluit stralingsbescherming;
b. voor een lid van de bevolking dat zich buiten de locatie bevindt, als gevolg van de handeling waarvoor de vergunning is aangevraagd en ten gevolge van andere handelingen binnen en buiten deze locatie, een van de volgende doses wordt overschreden:
a. niet is voldaan aan de krachtens artikel 19 in samenhang met de hierna genoemde artikelen van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming gestelde voorwaarden betreffende:
1°. rechtvaardiging: de artikelen 2.1 tot en met 2.5;
2°. optimalisatie: de artikelen 2.1, 2.6, 2.7, 7.33, 9.3 en 9.5;
3°. dosislimieten: de artikelen 2.1, 2.9, 7.3, 7.4, 7.34, 7.35, 7.36, 9.1 en 9.2, eerste lid;
4°. deskundigheid: de artikelen 5.4 tot en met 5.9, 7.1 en 7.2;
b. voor een lid van de bevolking dat zich buiten de locatie bevindt, als gevolg van de handeling waarvoor de vergunning is aangevraagd en ten gevolge van andere handelingen binnen en buiten deze locatie, een van de volgende doses wordt overschreden of kan worden overschreden:
1. een effectieve dosis van 1 mSv in een kalenderjaar, en met inachtneming daarvan:
2. een equivalente dosis van 50 mSv in een kalenderjaar voor de huid gemiddeld over enig huidoppervlak van 1 cm^2;
c. de handeling waarvoor de vergunning is aangevraagd behoort tot een categorie, die in de krachtens artikel 19 in samenhang met artikel 4, tweede lid, van het Besluit stralingsbescherming geldende regeling als gerechtvaardigd is bekendgemaakt, maar het specifieke karakter van deze handeling op grond van artikel 4, eerste lid, van dat besluit niet gerechtvaardigd is.
c. de handeling waarvoor de vergunning is aangevraagd behoort tot een categorie of soort, die in de krachtens artikel 19 in samenhang met de krachtens artikel 2.3 van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming vastgestelde regeling is gerechtvaardigd, maar het specifieke karakter van deze handeling op grond van het eerste of tweede lid van dat artikel niet gerechtvaardigd is.
**2.**
Een vergunning als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wet wordt geweigerd, indien:
a. de waarden van de gegevens in de risicoanalyse, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder h, niet voldoen aan de in onderstaande tabel opgenomen limietwaarden;
a. de waarden van de gegevens in de risicoanalyse, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder h, niet voldoen aan de in onderstaande tabel opgenomen grenswaarden;
b. dan wel uit die risico-analyse blijkt dat de effectieve schildklierdosis niet beperkt blijft tot 500 mSv.
**3.**
@ -306,7 +383,23 @@ b. een kans van 10^5 per jaar dat buiten de desbetreffende inrichting een gro
### Artikel 19
Het bij of krachtens de artikelen 1, derde lid, 3, 4, eerste, tweede, derde, zesde en zevende lid, 5, 6 tot en met 17, 19 tot en met 20f, 36, 38, 48 tot en met 64, 66, 71 tot en met 74, 76 tot en met 100, 112 tot en met 122, eerste lid, 123 en 124 van het Besluit stralingsbescherming bepaalde is, met uitzondering van hetgeen daarin is bepaald over toestellen en meldingen, van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat bij de overeenkomstige toepassing van artikel 124 in plaats van «die van dit besluit afwijken» wordt gelezen: die van de van overeenkomstige toepassing verklaarde artikelen afwijken.
**1.** Het bepaalde bij of krachtens de in het tweede lid genoemde hoofdstukken, paragrafen en artikelen van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming is van overeenkomstige toepassing.
**2.**
Hoofdstukken, paragrafen en artikelen als bedoeld in het eerste lid zijn:
a. hoofdstuk 2;
b. de artikelen 3.4, vierde en vijfde lid, en 3.14;
c. hoofdstuk 4, met uitzondering van de artikelen 4.21 tot en met 4.28;
d. hoofdstuk 5, met uitzondering van artikel 5.3;
e. hoofdstuk 6, met uitzondering van artikel 6.21;
f. hoofdstuk 7, met uitzondering van artikel 7.5;
g. hoofdstuk 8, met uitzondering van de artikelen 8.14, eerste, derde en vierde lid, 8.15, 8.16 en 8.17;
h. hoofdstuk 9;
i. hoofdstuk 10, met uitzondering van de artikelen 10.1, 10.3, 10.4, 10.5, 10.6, 10.10;
j. de artikelen 11.6 en 11.7;
k. artikel 14.1, met dien verstande dat in plaats van «die van dit besluit afwijken» in dat artikel wordt gelezen: die van de van overeenkomstige toepassing verklaarde artikelen afwijken.
### Artikel 20
@ -429,7 +522,7 @@ De in de artikelen 26, derde lid, 30b en 30d, tweede lid, bedoelde regels kunnen
**1.**
De houder van een vergunning voor een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wet treft tijdig bij een krachtens artikel 37, achtste lid, van het Besluit stralingsbescherming of artikel 42, derde lid, onder e, aangewezen instelling een voorziening voor de opslag van:
De houder van een vergunning voor een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wet treft tijdig bij een krachtens artikel 10.6, zevende lid, van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming of artikel 42, derde lid, onder e, aangewezen instelling een voorziening voor de opslag van:
a. de splijtstof of erts bevattende afvalstoffen die door het gebruik van die inrichting ontstaan,
b. de splijtstof of erts bevattende afvalstoffen en de radioactieve afvalstoffen die terugkomen na opwerking van de splijtstoffen die in die inrichting zijn gebruikt en
@ -457,13 +550,9 @@ Aan een vergunning als bedoeld in artikel 15 van de wet worden zodanige voorschr
**2.** Tot de in het eerste lid bedoelde voorschriften behoren voorschriften om te verzekeren dat de gebruikte installatie en alles wat daartoe behoort in goede staat van onderhoud verkeert.
### Artikel 31a
Vervallen
### Artikel 32
Vervallen
De houder van een vergunning voor een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wet, is verplicht de lozingen van radioactief materiaal te controleren en deze te rapporteren aan de Autoriteit overeenkomstig bij verordening van de Autoriteit gestelde regels.
### Artikel 33
@ -586,8 +675,8 @@ k. een overzicht van met andere lidstaten en derde landen gesloten overeenkomste
Het in artikel 15, onder a, van de wet vervatte verbod geldt niet voor het voorhanden hebben van splijtstoffen of ertsen, indien binnen een locatie:
a. de activiteit van de radionucliden in de betrokken splijtstof of erts lager is dan de krachtens artikel 3, eerste lid, aanhef en onder c, van het Besluit stralingsbescherming vastgestelde waarde; of
b. de activiteitsconcentratie van die stof of dat erts lager is dan de krachtens artikel 3, eerste lid, aanhef en onder c, van het Besluit stralingsbescherming vastgestelde waarde.
a. de activiteit van de radionucliden in de betrokken splijtstof of erts lager is dan de bij of krachtens artikel 3.17 van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming vastgestelde vrijstellingswaarde; of
b. de activiteitsconcentratie van die stof of dat erts lager is dan de bij of krachtens artikel 3.17 van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming vastgestelde vrijstellingswaarde.
**2.**
@ -597,24 +686,23 @@ a. splijtstoffen of ertsen worden toegediend aan personen en, voorzover het de b
1°. het stellen van medische of veterinaire diagnoses;
2°. therapie of (bio)medisch onderzoek;
a. splijtstoffen of ertsen worden toegevoegd aan producten, bestemd voor gebruik op of in de directe omgeving van personen.
3°. het toevoegen van splijtstoffen of ertsen aan consumentenproducten.
**3.** Het bij of krachtens artikel 25, derde, vierde en zevende lid, van het Besluit stralingsbescherming bepaalde is van overeenkomstige toepassing.
**3.** Het bij of krachtens artikel 3.17, tweede, derde en zesde lid, van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming bepaalde is van overeenkomstige toepassing.
**4.** Bij regeling van Onze Minister kan worden bepaald dat het eerste lid niet van toepassing is in daarbij aangewezen categorieën van gevallen, waarin sprake is van een te hoog risico van blootstelling van werknemers of leden van de bevolking.
**5.** Het in artikel 15, onder a, van de wet vervatte verbod geldt niet voor het voorhanden hebben van splijtstoffen of ertsen voor bij regeling van Onze Minister aangewezen handelingen die een beperkt risico van blootstelling van mensen tot gevolg hebben.
**6.** In de gevallen, bedoeld in het vijfde lid, is een registratieplicht van toepassing. Artikel 3.9 van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming is van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 41a
**1.**
Het in artikel 15, onder a, van de wet vervatte verbod geldt niet voor handelingen met apparaten die een ingekapselde bron bevatten waarbij de bij of krachtens artikel 3.17 van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming vastgestelde waarde voor de activiteit en de activiteitsconcentratie wordt overschreden, op voorwaarde dat:
Het in artikel 15, onder a, van de wet vervatte verbod geldt niet voor handelingen met een ingekapselde bron waarbij de krachtens artikel 3, eerste lid, aanhef en onder c, van het Besluit stralingsbescherming vastgestelde waarde voor de activiteit en de activiteitsconcentratie worden overschreden, indien:
a. deze van een door de Autoriteit goedgekeurd type is en
b. deze onder normale bedrijfsomstandigheden op 0,1 meter van enige bereikbare buitenzijde daarvan geen hogere omgevingsdosisequivalent kan geven dan 1 μSv per uur.
**2.** Bij verordening van de Autoriteit kunnen regels worden gesteld met betrekking tot keuringen als bedoeld in het eerste lid, onder a, en voor de opslag en de verwijdering van ingekapselde bronnen als bedoeld in het eerste lid.
1°. het apparaat behoort tot een bij verordening of beschikking van de Autoriteit goedgekeurd type;
2°. het apparaat onder normale bedrijfsomstandigheden op 0,1 m van enige bereikbare buitenzijde daarvan geen hoger omgevingsdosisequivalenttempo veroorzaakt dan 1 microsievert per uur, en
3°. de Autoriteit voorwaarden voor recycling of verwijdering heeft vastgesteld.
### Artikel 42
@ -622,10 +710,9 @@ b. deze onder normale bedrijfsomstandigheden op 0,1 meter van enige bereikbare b
Het in artikel 15, onder a, van de wet vervatte verbod geldt niet voor het zich ontdoen van splijtstoffen of ertsen voor product- of materiaalhergebruik of van splijtstoffen of ertsen bevattende afvalstoffen, indien:
a. de activiteit van de radionucliden in de betrokken splijtstoffen of ertsen in een kalenderjaar lager is dan de krachtens artikel 3, eerste lid, aanhef en onder c, van het Besluit stralingsbescherming vastgestelde waarde of
b. de activiteitsconcentratie van die stof of dat erts lager is dan de krachtens artikel 3, eerste lid, aanhef en onder c, van het Besluit stralingsbescherming vastgestelde waarde.
de activiteitsconcentratie van de radionucliden in de betrokken splijtstoffen of ertsen lager is dan de desbetreffende bij of krachtens artikel 3.20 of 3.21, in samenhang met artikel 3.22, van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming vastgestelde vrijgavewaarde.
**2.** Het bij of krachtens artikel 25, derde, vierde en zevende lid, van het Besluit stralingsbescherming en artikel 41, vierde lid, van dit besluit bepaalde is van overeenkomstige toepassing.
**2.** Het bepaalde bij of krachtens artikel 3.17, tweede en zesde lid, van het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming en artikel 41, vierde lid, van dit besluit is van overeenkomstige toepassing.
**3.**
@ -650,11 +737,11 @@ e. een afgifte aan een door de Autoriteit aangewezen instelling voor de ontvangs
Het in artikel 15, onder a, van de wet vervatte verbod geldt niet voor het zich ontdoen van splijtstoffen of ertsen door middel van lozing in de lucht, in het openbare riool of in het oppervlaktewater, indien:
a. bij lozing in de lucht, de activiteit van de in totaal in een kalenderjaar geloosde hoeveelheid splijtstoffen of ertsen bij het verlaten van de locatie via een lozingspunt lager is dan 1 radiotoxiciteitsequivalent voor inhalatie, als bedoeld in de bijlage bij het Besluit stralingsbescherming;
b. bij lozing in het openbare riool, de activiteit van de in totaal in een kalenderjaar geloosde hoeveelheid splijtstoffen of ertsen bij het verlaten van de locatie via een lozingspunt lager is dan 10 radiotoxiciteitsequivalenten voor ingestie, als bedoeld in de bijlage bij het Besluit stralingsbescherming;
c. bij lozing in het oppervlaktewater, de activiteit van de in totaal in een kalenderjaar geloosde hoeveelheid splijtstoffen of ertsen bij het verlaten van de locatie via een lozingspunt lager is dan 0,1 radiotoxiciteitsequivalent voor ingestie, als bedoeld in de bijlage bij het Besluit stralingsbescherming.
a. bij lozing in de lucht, de activiteit van de in totaal in een kalenderjaar geloosde hoeveelheid splijtstoffen of ertsen bij het verlaten van de locatie via een lozingspunt lager is dan 1 radiotoxiciteitsequivalent voor inhalatie, als bedoeld in bijlage 2 bij het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming;
b. bij lozing in het openbare riool, de activiteit van de in totaal in een kalenderjaar geloosde hoeveelheid splijtstoffen of ertsen bij het verlaten van de locatie via een lozingspunt lager is dan 10 radiotoxiciteitsequivalenten voor ingestie, als bedoeld in bijlage 2 bij het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming;
c. bij lozing in het oppervlaktewater, de activiteit van de in totaal in een kalenderjaar geloosde hoeveelheid splijtstoffen of ertsen bij het verlaten van de locatie via een lozingspunt lager is dan 0,1 radiotoxiciteitsequivalent voor ingestie, als bedoeld in bijlage 2 bij het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming.
**2.** De geloosde hoeveelheden, uitgedrukt in radiotoxiciteitsequivalenten, worden gecorrigeerd voor fysisch verval door middel van de correctiefactoren zoals aangegeven in de bijlage bij het Besluit stralingsbescherming.
**2.** De geloosde hoeveelheden, uitgedrukt in radiotoxiciteitsequivalenten, worden gecorrigeerd voor fysisch verval door middel van de correctiefactoren zoals aangegeven in bijlage 2 bij het Besluit basisveiligheidsnormen stralingsbescherming.
### Paragraaf 2. Inrichtingen