diff --git a/wet/wet-studiefinanciering-2000/BWBR0011453/README.md b/wet/wet-studiefinanciering-2000/BWBR0011453/README.md index 6862de40fd5..e007e30b8a8 100644 --- a/wet/wet-studiefinanciering-2000/BWBR0011453/README.md +++ b/wet/wet-studiefinanciering-2000/BWBR0011453/README.md @@ -201,6 +201,10 @@ b. 18 jaren is of ouder: met ingang van de eerste dag van de maand waarin hij ho **4.** In afwijking van het derde lid behoudt een studerende bij het bereiken van de leeftijd van 30 jaren zijn aanspraak, zolang hij zonder onderbreking studiefinanciering geniet. +### Artikel 2.3a + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden + ### Paragraaf 2.2. Beroepsonderwijs ### Artikel 2.4 @@ -239,6 +243,10 @@ b. indien er 10 jaren verstreken zijn met ingang van de maand waarover voor het c. In afwijking van onderdeel b wordt, indien artikel 4.14, eerste lid, toepassing vindt, de termijn van 10 jaren, genoemd in onderdeel b, verlengd met de duur van de in dat artikel bedoelde bijzondere omstandigheden. d. In afwijking van onderdeel b wordt, indien artikel 4.14, tweede lid, toepassing vindt, de termijn van 10 jaren, genoemd in onderdeel b, verlengd met 5 jaren. +### Artikel 2.7b + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden + ### Paragraaf 2.3. Hoger onderwijs ### Artikel 2.8 @@ -479,6 +487,10 @@ b. € 363,– voor ieder kind dat in het studiejaar dat aanvangt in het jaar vo **9.** De berekeningsgrondslag voor een ouder van de veronderstelde ouderlijke bijdrage op maandbasis is de bijdrage, bedoeld in het zevende lid, gedeeld door 12. +### Artikel 3.9a + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden + ### Artikel 3.10 **1.** Op aanvraag van de ouders of een van hen of op aanvraag van de studerende wordt bij toepassing van artikel 3.9, indien sprake is van een terugval in inkomen over het eerste of het tweede jaar na het peiljaar, uitgegaan van het toetsingsinkomen in dat jaar. @@ -539,6 +551,22 @@ Het verschil tussen het maximale bedrag van de aanvullende beurs en de voor een **4.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de aanvraag, toekenning, betaling en andere uitvoeringsaspecten van het collegegeldkrediet. +### Artikel 3.16b + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden + +### Artikel 3.16c + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden + +### Artikel 3.16d + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden + +### Artikel 3.16e + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden + ### Artikel 3.17 **1.** Indien een studerende in een kalenderjaar meerinkomen heeft, leidt dit tot een vordering van Onze Minister op de studerende. Meerinkomen is het toetsingsinkomen, verminderd met een vrije voet naar de maatstaf van 1 januari 2011 van € 13 215,83 per 1 januari 2015: € 13.856,11. @@ -752,6 +780,14 @@ b. dat de deelnemer binnen 8 weken na de aanvang van de periode van 5 weken geen Deze paragraaf is uitsluitend van toepassing op deelnemers die in Nederland een opleiding niveau 3 of 4 volgen, en die na 31 juli 2005 voor het volgen van beroepsonderwijs voor het eerst studiefinanciering ontvingen. +### Artikel 4.6a + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden + +### Artikel 4.6b + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden + ### Artikel 4.7 **1.** Studiefinanciering, met uitzondering van de basislening en de aanvullende lening, wordt voor een opleiding niveau 3 of 4 binnen en buiten Nederland tezamen gedurende ten hoogste 4 jaren verstrekt in de vorm van een prestatiebeurs, met dien verstande dat de aanvullende beurs in de eerste 12 maanden waarvoor aanspraak op studiefinanciering bestaat wordt verstrekt in de vorm van een gift. @@ -808,7 +844,7 @@ Indien een deelnemer op enig moment binnen de diplomatermijn beroepsonderwijs in **2.** Indien een deelnemer als direct gevolg van bijzondere omstandigheden van structurele aard niet in staat is binnen de diplomatermijn beroepsonderwijs met goed gevolg het afsluitend examen van een opleiding niveau 3 of 4 te behalen, wordt deze termijn, op aanvraag, verlengd met 5 jaren. Onder bijzondere omstandigheden van structurele aard kunnen in ieder geval worden verstaan functiebeperking of chronische ziekte. -**3.** Indien een deelnemer niet in staat is binnen de diplomatermijn beroepsonderwijs of binnen de, op grond van het tweede lid, verlengde diplomatermijn beroepsonderwijs met goed gevolg het afsluitend examen van een opleiding niveau 3 of 4 te behalen, wordt de aan hem toegekende prestatiebeurs omgezet in een gift. +**3.** Indien een deelnemer als direct gevolg van bijzondere omstandigheden van structurele aard niet in staat is binnen de diplomatermijn beroepsonderwijs of binnen de, op grond van het tweede lid, verlengde diplomatermijn beroepsonderwijs met goed gevolg het afsluitend examen van een opleiding niveau 3 of 4 te behalen, wordt de aan hem toegekende prestatiebeurs omgezet in een gift. **4.** Indien een deelnemer als direct gevolg van een tijdens de studie verworven handicap, ten gevolge van een zich tijdens de studie verergerende handicap of ten gevolge van een zich tijdens de studie manifesterende chronische ziekte genoodzaakt is een reeds begonnen opleiding te beëindigen, ontvangt de deelnemer bij keuze voor een passender opleiding nieuwe aanspraak op studiefinanciering. @@ -890,6 +926,18 @@ Dit hoofdstuk is uitsluitend van toepassing op studenten die na 31 augustus 1996 **6.** Op aanvraag kan een student als bedoeld in artikel 3.5, gedurende de in het derde lid bedoelde periode tevens in aanmerking komen voor een lening ter grootte van het bedrag, bedoeld in artikel 3.5, tweede lid. +### Artikel 5.2a + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden + +### Artikel 5.2b + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden + +### Artikel 5.2c + +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden + ### Artikel 5.3 **1.** Studiefinanciering in de vorm van een reisvoorziening wordt in de vorm van een prestatiebeurs verstrekt gedurende de periode, bedoeld in artikel 5.2, eerste lid, vermeerderd met 1 jaar. @@ -999,7 +1047,7 @@ Indien een student op enig moment binnen de diplomatermijn hoger onderwijs in st **2.** Indien een student als direct gevolg van bijzondere omstandigheden van structurele aard niet in staat is binnen de diplomatermijn hoger onderwijs met goed gevolg het afsluitend examen te behalen, wordt deze termijn, op aanvraag, verlengd met 5 jaren. Onder bijzondere omstandigheden van structurele aard kunnen in ieder geval worden verstaan functiebeperking of chronische ziekte. -**3.** Indien de student niet in staat is binnen de diplomatermijn hoger onderwijs of binnen de, op grond van het tweede lid, verlengde diplomatermijn hoger onderwijs met goed gevolg het afsluitend examen te behalen, wordt de aan hem toegekende prestatiebeurs omgezet in een gift. +**3.** Indien een student als direct gevolg van bijzondere omstandigheden van structurele aard niet in staat is binnen de diplomatermijn hoger onderwijs of binnen de, op grond van het tweede lid, verlengde diplomatermijn hoger onderwijs met goed gevolg het afsluitend examen te behalen, wordt de aan hem toegekende prestatiebeurs omgezet in een gift. **4.** Indien een student als direct gevolg van een tijdens de studie verworven handicap, ten gevolge van een zich tijdens de studie verergerende handicap of ten gevolge van een zich tijdens de studie manifesterende chronische ziekte genoodzaakt is een reeds begonnen opleiding te beëindigen, ontvangt de student bij keuze voor een passender opleiding nieuwe aanspraak op studiefinanciering. @@ -1195,6 +1243,8 @@ Indien een debiteur gedurende een kalenderjaar op grond van zijn draagkracht min **4.** De in het eerste of tweede lid bedoelde lening wordt rentedragend met ingang van het tijdstip van de daar bedoelde omzetting. +### Paragraaf 6.2. Terugbetaling levenlanglerenkrediet + ## Hoofdstuk 7. Herziening ### Artikel 7.1 @@ -1738,7 +1788,7 @@ Voor een studerende die reeds voor de inwerkingtreding van artikel 2.17 studiefi ### Artikel 12.1d -Vervallen +In afwijking van de artikelen 3.9, tweede lid, vijfde volzin, 3.12, 6.10, tweede lid, onderdeel b, 6.13, 10a.8, tweede lid, en 10a.9 wordt bepaald of voor de ouder onderscheidenlijk de debiteur in het desbetreffende jaar de alleenstaande-ouderkorting, bedoeld in artikel 8.15 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals dat artikel in dat jaar luidde, van toepassing is, voor zover de Wet hervorming kindregelingen in dat jaar nog niet in werking is getreden. ### Artikel 12.2