2004-06-01 | BWBR0005904 | Wet op het specifiek cultuurbeleid
This commit is contained in:
parent
1f58687574
commit
e32c5f838d
1 changed files with 4 additions and 6 deletions
|
|
@ -42,19 +42,17 @@ Onze Minister is belast met het scheppen van voorwaarden voor het in stand houde
|
|||
|
||||
### Artikel 2b
|
||||
|
||||
**1.** De Raad heeft een voorzitter en in afwijking van artikel 10, eerste volzin, van de Kaderwet adviescolleges ten hoogste 24 overige leden.
|
||||
|
||||
**2.** Bij de benoeming van de overige leden wordt ervoor zorggedragen dat de aandachtsgebieden, bedoeld in artikel 2*d*, door middel van één of meer leden in de Raad herkenbaar aanwezig zijn.
|
||||
Bij de benoeming van de leden van de Raad wordt rekening gehouden met de aandachtsgebieden, bedoeld in artikel 2d.
|
||||
|
||||
### Artikel 2c
|
||||
|
||||
**1.** Onder de Raad ressorteren drie commissies ter voorbereiding van de adviezen die Onze Minister vraagt ingevolge de Archiefwet 1995, de Monumentenwet 1988 onderscheidenlijk de Wet tot behoud van cultuurbezit.
|
||||
|
||||
**2.** Ter voorbereiding van andere adviezen kan de Raad overeenkomstig artikel 16 van de Kaderwet adviescolleges tijdelijke commissies instellen.
|
||||
**2.** Indien voor de voorbereiding van een advies als bedoeld in het eerste lid een specifieke deskundigheid is vereist die niet in voldoende mate in de Raad aanwezig is, kunnen in afwijking van artikel 16 van de Kaderwet adviescolleges in de commissies, bedoeld in het eerste lid, ten hoogste vijf andere personen dan leden van de Raad worden benoemd.
|
||||
|
||||
**3.** Indien voor de voorbereiding van een advies een specifieke deskundigheid is vereist die niet reeds in voldoende mate in de Raad aanwezig is, kunnen in afwijking van artikel 16 van de Kaderwet adviescolleges in de commissies, bedoeld in het eerste en het tweede lid, ten hoogste vijf andere personen dan leden van de Raad worden benoemd.
|
||||
**3.** Ter voorbereiding van andere adviezen dan bedoeld in het eerste lid, kan de Raad tijdelijke commissies instellen die in afwijking van artikel 16 van de Kaderwet adviescolleges gedeeltelijk kunnen bestaan uit andere personen dan leden van de Raad. Het aantal andere personen, bedoeld in de eerste volzin, bedraagt ten hoogste zeven.
|
||||
|
||||
**4.** Op de in het derde lid bedoelde commissieleden zijn de artikelen 11 tot en met 14 van de Kaderwet adviescolleges van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat deze leden door Onze Minister worden benoemd, geschorst en ontslagen.
|
||||
**4.** Op de in het tweede en derde lid bedoelde commissieleden zijn de artikelen 11 tot en met 14 van de Kaderwet adviescolleges van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat deze leden door Onze Minister worden benoemd, geschorst en ontslagen.
|
||||
|
||||
### Artikel 2d
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue