2005-01-01 | BWBR0008903 | Wet sociale werkvoorziening

This commit is contained in:
Coornhert 2005-01-01 12:00:00 +00:00
parent d595bd6f98
commit e478c08f2d

View file

@ -35,13 +35,13 @@ h. Onze Minister: Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
### Artikel 2
**1.** De gemeente draagt er zorg voor dat zij aan zoveel mogelijk ingezetenen, die blijkens een indicatiebeschikking of herindicatiebeschikking tot de doelgroep behoren, een dienstbetrekking krachtens arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht aanbiedt voor het verrichten van arbeid onder aangepaste omstandigheden. Deze dienstbetrekking is een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 610, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.
**1.** De gemeente draagt er zorg voor dat zij aan zoveel mogelijk ingezetenen, die blijkens een door de Centrale organisatie werk en inkomen afgegeven indicatiebeschikking of herindicatiebeschikking, bedoeld in artikel 11 tot de doelgroep behoren, een dienstbetrekking krachtens arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht aanbiedt voor het verrichten van arbeid onder aangepaste omstandigheden. Deze dienstbetrekking is een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 610, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.
**2.** Op de arbeidsovereenkomst, bedoeld in het eerste lid, zijn de bepalingen van titel 10 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek van toepassing.
**3.** Het gemeentebestuur kan een rechtspersoon aanwijzen ten behoeve van de uitvoering van deze wet. Het gemeentebestuur regelt in het aanwijzingsbesluit de inhoud van de rechtsbetrekking tussen de gemeente en de betrokken rechtspersoon.
**4.** Bij ministeriële regeling kunnen, met het oog op een goede verdeling van de beschikbare dienstbetrekkingen over de ingezetenen die tot de doelgroep behoren, nadere regels worden gesteld met betrekking tot de volgorde van aanbieding van een dienstbetrekking.
**4.** Het college van burgemeester en wethouders kan een indicatiebeschikking of herindicatiebeschikking intrekken als een persoon die tot de doelgroep behoort passende arbeid in dienstbetrekking onder aangepaste omstandigheden weigert.
### Artikel 3
@ -73,9 +73,7 @@ a. de werknemer niet meewerkt aan een herindicatie overeenkomstig de daaromtrent
b. de werknemer blijkens een onaantastbaar geworden herindicatiebeschikking niet langer tot de doelgroep behoort, en wel zodra voor hem een alternatieve opvangmogelijkheid feitelijk beschikbaar is dan wel zodra hij een aanbod tot passende arbeid onder normale omstandigheden heeft geweigerd;
c. de werknemer niet voldoet aan het eerste lid.
**3.** Voordat de gemeente de dienstbetrekking opzegt wegens een andere reden dan genoemd in de onderdelen *a* en *b* van het tweede lid, vraagt zij advies van de commissie, bedoeld in artikel 12, eerste lid.
**4.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot het advies, de werkwijze en de samenstelling van de commissie bij haar taak op grond van het derde lid.
**3.** Voordat de gemeente de dienstbetrekking opzegt wegens een andere reden dan genoemd in de onderdelen *a* en *b* van het tweede lid, vraagt zij advies van de Centrale organisatie werk en inkomen.
## Hoofdstuk 3. Subsidieverstrekking door de gemeente
@ -86,17 +84,19 @@ c. de werknemer niet voldoet aan het eerste lid.
De gemeente kan een subsidie verstrekken aan een werkgever, die met een ingezetene die blijkens een indicatiebeschikking of herindicatiebeschikking tot de doelgroep behoort, een arbeidsovereenkomst sluit, indien:
a. in de beschikking is aangegeven, dat die ingezetene in aanmerking komt voor toepassing van dit hoofdstuk; en
b. de inpassing in de arbeid van betrokkene, met inbegrip van de begeleiding op zijn werkplek, wordt verzorgd door personen, die verbonden zijn aan een rechtspersoon die tot doel heeft een dergelijke inpassing en begeleiding te verrichten.
b. de inpassing in de arbeid van betrokkene, met inbegrip van begeleiding op zijn werkplek, adequaat wordt verzorgd.
**2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de toepassing van dit artikel.
**2.** Artikel 2, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
**3.** Een krachtens het tweede lid vastgestelde algemene maatregel van bestuur treedt niet eerder in werking dan acht weken na de datum van uitgifte van het *Staatsblad* waarin hij is geplaatst. Van de plaatsing wordt onverwijld mededeling gedaan aan de beide kamers der Staten-Generaal.
**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de toepassing van het eerste lid.
**4.** De voordracht voor een krachtens het derde lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
## Hoofdstuk 4. Subsidie aan de gemeente
### Artikel 8
**1.** Het Rijk verstrekt aan de gemeente overeenkomstig dit hoofdstuk een subsidie voor de uitvoering van de hoofdstukken 2, 3 en 5.
**1.** Het Rijk verstrekt aan de gemeente overeenkomstig dit hoofdstuk een subsidie voor de uitvoering van de hoofdstukken 2 en 3.
**2.** Onze Minister verleent vóór 1 oktober van ieder jaar de subsidie, waarop elke gemeente over het daaropvolgende jaar recht heeft.
@ -108,7 +108,7 @@ a. een door Onze Minister voor elke gemeente vast te stellen aantal dienstbetrek
b. een door Onze Minister jaarlijks vast te stellen bedrag per arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 7 en per dienstbetrekking als bedoeld in onderdeel *a*, dat voor elke arbeidshandicapcategorie verschillend kan worden vastgesteld, rekening houdend met de verwachte loonkostenontwikkelingen, uitvoeringskosten en opbrengsten voortvloeiend uit de dienstbetrekkingen;
c. de aan de gemeente verleende subsidie over het voorafgaande jaar.
**4.** Een krachtens het derde lid vastgestelde algemene maatregel van bestuur treedt niet eerder in werking dan acht weken na de datum van uitgifte van het *Staatsblad* waarin hij is geplaatst. Van de plaatsing wordt onverwijld mededeling gedaan aan de beide kamers der Staten-Generaal.
**4.** De voordracht voor een krachtens het derde lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
**5.** Dienstbetrekkingen aangegaan na de inwerkingtreding van deze wet komen voor subsidie in aanmerking ter hoogte van een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te bepalen gedeelte van de subsidie die geldt voor een dienstbetrekking op basis van een volledige werkweek.
@ -124,16 +124,17 @@ Na afloop van het jaar stelt Onze Minister de subsidie vast. De vastgestelde sub
a. de som van de produkten van het, op basis van een volledige werkweek berekende, aantal in dat jaar gerealiseerde arbeidsjaren uit dienstbetrekkingen en arbeidsovereenkomsten als bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 in elke arbeidshandicapcategorie en het bij die arbeidshandicapcategorie behorende bedrag als bedoeld in artikel 8, derde lid, minder bedraagt dan de verleende subsidie;
b. de dienstbetrekking met een werknemer, nadat is vastgesteld dat hij niet langer tot de doelgroep behoort, in strijd met artikel 6, tweede lid, onderdeel *b*, langer wordt voortgezet dan de voor hem geldende opzegtermijn;
c. het gemeentebestuur niet handelt in overeenstemming met de bij of krachtens deze wet gestelde regels, of daarop niet dan wel onvoldoende toeziet, met uitzondering van de artikelen 2, eerste en derde lid, en 5;
d. de subsidie in het jaar na het jaar waarin hij is verleend anders is bestemd dan voor de uitvoering van deze wet of voor de inschakeling van werkzoekenden in het arbeidsproces of binnen een redelijke termijn niet overeenkomstig die bestemming feitelijk is besteed.
c. het gemeentebestuur niet handelt in overeenstemming met de bij of krachtens deze wet gestelde regels, of daarop niet dan wel onvoldoende toeziet, met uitzondering van de artikelen 2, eerste en derde lid, en 5.
**2.** Verlies van ingezetenschap in de gemeente heeft geen invloed op de toepassing van onderdeel a van het eerste lid, zolang de dienstbetrekking of de arbeidsovereenkomst, bedoeld in artikel 7, voortduurt.
**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld voor de subsidievaststelling en de gevolgen daarvan voor de subsidieverlening voor de komende jaren.
**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld voor de subsidievaststelling en de gevolgen daarvan voor de subsidieverlening voor de komende jaren.
### Artikel 10
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot een subsidie van het Rijk aan de gemeenten in verband met de inkoop door de gemeenten van diensten in het kader van arbeidsbemiddeling ten behoeve van de werknemers.
**1.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot een subsidie van het Rijk aan de gemeenten in verband met de inkoop door de gemeenten van diensten in het kader van arbeidsbemiddeling ten behoeve van de werknemers.
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen, met het oog op een goede verdeling van de beschikbare dienstbetrekkingen of arbeidsovereenkomsten, bedoeld in hoofdstuk 3, over de ingezetenen die tot de doelgroep behoren, nadere regels worden gesteld met betrekking tot de volgorde van aanbieding van een dienstbetrekking of een arbeidsovereenkomst.
## Hoofdstuk 5. De indicatie
@ -141,35 +142,27 @@ Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met
**1.**
Het gemeentebestuur stelt van personen, die voor indicatie zijn aangemeld dan wel die zich daartoe hebben aangemeld, gehoord de commissie, bedoeld in artikel 12, bij beschikking vast:
De Centrale organisatie werk en inkomen stelt van personen, die voor indicatie zijn aangemeld dan wel die zich daartoe hebben aangemeld bij beschikking vast:
a. of deze behoren tot de doelgroep;
b. nadat is vastgesteld dat een persoon tot de doelgroep behoort, de indeling van de persoon in één van de arbeidshandicapcategorieën, die bepaald worden door de zwaarte van de aanpassing van de omstandigheden en de produktiviteit;
c. welke aanpassing van omstandigheden nodig is bij het verrichten van arbeid door de betrokkene;
d. of de betrokkene in aanmerking komt voor toepassing van hoofdstuk 3;
e. of de betrokkene in aanmerking komt voor een scholingstraject.
b. nadat is vastgesteld dat een persoon tot de doelgroep behoort:
**2.** Het gemeentebestuur verricht periodiek herindicatie van personen overeenkomstig de krachtens artikel 6, tweede lid, onderdeel *a*, gestelde regels, gehoord de commissie, bedoeld in artikel 12.
1°. de geldigheidsduur van de indicatie;
2°. de indeling van de persoon in één van de arbeidshandicapcategorieën, die bepaald worden door de zwaarte van de aanpassing van de omstandigheden en de productiviteit.
**3.** Indicatie vindt slechts plaats met betrekking tot personen die als werkzoekende staan ingeschreven bij de Centrale organisatie werk en inkomen, dan wel personen, die reeds een dienstbetrekking hebben en die voor herindicatie in aanmerking komen.
**2.** De Centrale organisatie werk en inkomen verricht periodiek herindicatie van personen die tot de doelgroep behoren overeenkomstig de krachtens artikel 6, tweede lid, onderdeel a, gestelde regels. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing.
**4.** Het gemeentebestuur beheert een lijst van ingezetenen die tot de doelgroep behoren.
**3.** Indicatie vindt slechts plaats met betrekking tot personen die als werkzoekende staan ingeschreven bij de Centrale organisatie werk en inkomen, dan wel personen, die reeds een dienstbetrekking of een arbeidsovereenkomst als bedoeld in hoofdstuk 3 hebben en die voor herindicatie in aanmerking komen.
**5.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot de krachtens dit artikel aan de gemeente opgedragen taken en de wijze van uitoefening daarvan.
**4.** Het college van burgemeester en wethouders beheert een lijst van ingezetenen die tot de doelgroep behoren.
**6.** Een krachtens het vijfde lid vastgestelde algemene maatregel van bestuur treedt niet eerder in werking dan acht weken na de datum van uitgifte van het *Staatsblad* waarin hij is geplaatst. Van de plaatsing wordt onverwijld mededeling gedaan aan de beide kamers der Staten-Generaal.
**5.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de bij of krachtens dit artikel aan de Centrale organisatie werk en inkomen of het college van burgemeester en wethouders van de gemeente opgedragen taak en de wijze van uitoefening daarvan.
**6.** De voordracht voor een krachtens het vijfde lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
### Artikel 12
**1.** Het gemeentebestuur stelt een onafhankelijke commissie in dan wel wijst een onafhankelijke commissie aan, die haar, na het verrichten van een onderzoek, adviseert omtrent de indicatie, bedoeld in artikel 11, eerste lid, en de herindicatie, bedoeld in artikel 11, tweede lid.
**2.** In de commissie hebben in elk geval zitting een arbeidskundige, een arbeidsmarktdeskundige, een arts en een psycholoog. Ambtenaren in dienst van de gemeente dan wel personen in dienst van de rechtspersoon, bedoeld in artikel 2, derde lid, maken geen deel uit van de commissie.
**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot het advies en de werkwijze van de commissie.
**4.** Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld met betrekking tot de deskundigheid van de leden van de commissie, de verdere samenstelling van de commissie en de onverenigbaarheid van andere functies met het lidmaatschap van de commissie.
**5.** Het gemeentebestuur draagt zorg voor de ondersteuning van de commissie, waarbij in elk geval aandacht wordt besteed aan de kwaliteitszorg, zulks met in achtneming van bij ministeriële regeling te stellen regels.
Vervallen
## Hoofdstuk 6. Toezicht en informatie
@ -183,7 +176,7 @@ e. of de betrokkene in aanmerking komt voor een scholingstraject.
**4.** Ten behoeve van het toezicht, bedoeld in het eerste lid, dient het gemeentebestuur jaarlijks bij Onze Minister een verslag in over de uitvoering van deze wet. Het verslag omvat mede een kostenopgave ten behoeve van de subsidievaststelling. Het verslag is voorzien van een verklaring van de accountant, belast met de in artikel 213 van de Gemeentewet voorgeschreven controle omtrent de juistheid en volledigheid van verstrekte gegevens. Het verslag wordt kosteloos verstrekt.
**5.** Het gemeentebestuur, de krachtens artikel 2, derde lid, aangewezen rechtspersoon en de commissie, bedoeld in artikel 12, verstrekken ten behoeve van het toezicht desgevraagd aan Onze Minister kosteloos nadere of andere informatie en verlenen hem inzage in de administratie.
**5.** Het college van burgemeester en wethouders, de Centrale organisatie werk en inkomen en de krachtens artikel 2, derde lid, aangewezen rechtspersoon verstrekken ten behoeve van het toezicht desgevraagd aan Onze Minister kosteloos nadere of andere informatie en verlenen hem inzage in de administratie.
**6.** De administratie moet zodanig worden ingericht en gevoerd, dat alle van belang zijnde vastleggingen en bewijsstukken ten behoeve van het besluitvormings-, uitvoerings-, controle- en verantwoordingsproces zichtbaar en controleerbaar zijn vastgelegd.
@ -191,7 +184,7 @@ e. of de betrokkene in aanmerking komt voor een scholingstraject.
### Artikel 14
**1.** Het gemeentebestuur, de krachtens artikel 2, derde lid, aangewezen rechtspersoon en de commissie, bedoeld in artikel 12, verstrekken desgevraagd aan Onze Minister kosteloos alle inlichtingen, die hij nodig heeft voor de informatievoorziening en de beleidsvorming met betrekking tot deze wet.
**1.** Het college van burgemeester en wethouders, de Centrale organisatie werk en inkomen en de krachtens artikel 2, derde lid, aangewezen rechtspersoon verstrekken desgevraagd aan Onze Minister kosteloos alle inlichtingen, die hij nodig heeft voor de informatievoorziening en de beleidsvorming met betrekking tot deze wet.
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld voor de inhoud, de wijze van verstrekken en het tijdstip van het verstrekken van de inlichtingen.
@ -203,9 +196,9 @@ e. of de betrokkene in aanmerking komt voor een scholingstraject.
**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen voor de toepassing van het eerste en tweede lid nadere regels worden gesteld.
**4.** Een ieder verstrekt desgevraagd aan het gemeentebestuur, de krachtens artikel 2, derde lid, aangewezen rechtspersoon en de commissie, bedoeld in artikel 12 kosteloos alle gegevens en inlichtingen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van deze wet ten opzichte van hemzelf, hem in wiens dienst dan wel ten behoeve van wie hij werkt of gewerkt heeft of hem die in zijn dienst dan wel te zijnen behoeve werkt of gewerkt heeft.
**4.** Een ieder verstrekt desgevraagd aan het college van burgemeester en wethouders, de Centrale organisatie werk en inkomen en de krachtens artikel 2, derde lid, aangewezen rechtspersoon kosteloos alle gegevens en inlichtingen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van deze wet ten opzichte van hemzelf, hem in wiens dienst dan wel ten behoeve van wie hij werkt of gewerkt heeft of hem die in zijn dienst dan wel te zijnen behoeve werkt of gewerkt heeft.
**5.** Het gemeentebestuur, de krachtens artikel 2, derde lid, aangewezen rechtspersoon en de commissie, bedoeld in artikel 12 kunnen het sociaal-fiscaalnummer, bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel j, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, opnemen in een persoonsregistratie aangelegd voor de uitvoering van deze wet en daarvan gebruik maken, indien dat nodig is voor de uitvoering van deze wet of voor de uitvoering van andere wetten, waarbij gebruik wordt gemaakt van dat sociaal-fiscaalnummer.
**5.** Het college van burgemeester en wethouders, de Centrale organisatie werk en inkomen en de krachtens artikel 2, derde lid, aangewezen rechtspersoon gebruiken het sociaal-fiscaalnummer, bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel j, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, in een persoonsregistratie aangelegd voor de uitvoering van deze wet, indien dat nodig is voor de uitvoering van deze wet of voor de uitvoering van andere wetten, waarbij gebruik wordt gemaakt van dat sociaal-fiscaalnummer.
## Hoofdstuk 7. Overgangsbepalingen