diff --git a/wet/algemene-douanewet/BWBR0023746/README.md b/wet/algemene-douanewet/BWBR0023746/README.md index 59b71fde1c1..904e9f342ee 100644 --- a/wet/algemene-douanewet/BWBR0023746/README.md +++ b/wet/algemene-douanewet/BWBR0023746/README.md @@ -805,15 +805,15 @@ Vervallen ### Artikel 9:1 -**1.** Indien voor goederen in tijdelijke opslag waarvoor een aangifte tot tijdelijke opslag is gedaan de formaliteiten welke nodig zijn om deze goederen onder een douaneregeling te plaatsen of weder uit te voeren niet worden vervuld binnen de ingevolge artikel 149 van het Douanewetboek van de Unie geldende termijn, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene die de formaliteiten binnen deze termijn dient te vervullen en degene door wiens toedoen de formaliteiten niet binnen deze termijn worden vervuld ieder een bestuurlijke boete van ten hoogste € 335 kan opleggen. +**1.** Indien voor goederen in tijdelijke opslag waarvoor een aangifte tot tijdelijke opslag is gedaan de formaliteiten welke nodig zijn om deze goederen onder een douaneregeling te plaatsen of weder uit te voeren niet worden vervuld binnen de ingevolge artikel 149 van het Douanewetboek van de Unie geldende termijn, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene die de formaliteiten binnen deze termijn dient te vervullen en degene door wiens toedoen de formaliteiten niet binnen deze termijn worden vervuld ieder een bestuurlijke boete van ten hoogste € 408 kan opleggen. -**2.** Indien het niet vervullen van de in het eerste lid bedoelde formaliteiten binnen de ingevolge artikel 149 van het Douanewetboek van de Unie geldende termijn, een douaneschuld doet ontstaan en het daaruit voortvloeiende bedrag aan rechten bij invoer hoger is dan € 335, terwijl het niet vervullen van die formaliteiten binnen die termijn is te wijten aan opzet of grove schuld van één of meer van degenen, bedoeld in het eerste lid, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem, onderscheidenlijk ieder van hen, een bestuurlijke boete van ten hoogste 100 percent van het bedrag aan rechten kan opleggen. +**2.** Indien het niet vervullen van de in het eerste lid bedoelde formaliteiten binnen de ingevolge artikel 149 van het Douanewetboek van de Unie geldende termijn, een douaneschuld doet ontstaan en het daaruit voortvloeiende bedrag aan rechten bij invoer hoger is dan € 408, terwijl het niet vervullen van die formaliteiten binnen die termijn is te wijten aan opzet of grove schuld van één of meer van degenen, bedoeld in het eerste lid, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem, onderscheidenlijk ieder van hen, een bestuurlijke boete van ten hoogste 100 percent van het bedrag aan rechten kan opleggen. ### Artikel 9:1a **1.** Indien een ingevolge de douanewetgeving vereiste aangifte onjuist of onvolledig is gedaan, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene die de aangifte indient dan wel in had moeten dienen of degene op wiens naam de aangifte wordt gedaan een bestuurlijke boete van ten hoogste het bedrag dat is vastgesteld voor de tweede categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, kan opleggen, behoudens het bepaalde in artikel 10:5, vierde lid. -**2.** Indien door het onjuist of ovolledig doen van een ingevolge de douanewetgeving vereiste aangifte een verschuldigd bedrag aan rechten bij invoer te laag werd meegedeeld en het meer verschuldigde bedrag aan rechten bij invoer hoger is dan het bedrag dat is vastgesteld voor de tweede categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur een van degenen, bedoeld in het eerste lid, een bestuurlijke boete van ten hoogste het bedrag dat is vastgesteld voor de derde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, kan opleggen, behoudens het bepaalde in artikel 10:5, vierde lid. +**2.** Indien door het onjuist of onvolledig doen van een ingevolge de douanewetgeving vereiste aangifte een verschuldigd bedrag aan rechten bij invoer te laag werd meegedeeld en het meer verschuldigde bedrag aan rechten bij invoer hoger is dan het bedrag dat is vastgesteld voor de tweede categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur een van degenen, bedoeld in het eerste lid, een bestuurlijke boete van ten hoogste het bedrag dat is vastgesteld voor de derde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, kan opleggen, behoudens het bepaalde in artikel 10:5, vierde lid. ### Artikel 9:1b @@ -821,38 +821,56 @@ Indien iemand ingevolge de douanewetgeving verplicht is tot het verstrekken van ### Artikel 9:2 -**1.** Indien voor goederen welke zijn geplaatst onder de bijzondere regelingen douanevervoer, opslag, tijdelijke invoer, bijzondere bestemming, of actieve veredeling of passieve veredeling, de formaliteiten ter beëindiging van die regeling in strijd met de douanewetgeving niet of niet tijdig worden vervuld, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene die die formaliteiten dient te vervullen en degene door wiens toedoen die formaliteiten niet of niet tijdig worden vervuld ieder een bestuurlijke boete van ten hoogste € 335 kan opleggen. +**1.** Indien voor goederen welke zijn geplaatst onder de bijzondere regelingen douanevervoer, opslag, tijdelijke invoer, bijzondere bestemming, of actieve veredeling of passieve veredeling, de formaliteiten ter beëindiging van die regeling in strijd met de douanewetgeving niet of niet tijdig worden vervuld, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene die die formaliteiten dient te vervullen en degene door wiens toedoen die formaliteiten niet of niet tijdig worden vervuld ieder een bestuurlijke boete van ten hoogste € 408 kan opleggen. -**2.** Indien goederen die onder de regeling douanevervoer zijn geplaatst in strijd met artikel 298, tweede lid, van de Uitvoeringsverordening Douanewetboek van de Unie niet langs een verplicht te volgen route worden vervoerd dan wel in strijd met de artikelen 276, tweede lid, 284, eerste lid, of 297, eerste lid, van de Uitvoeringsverordening Douanewetboek van de Unie niet binnen de voorgeschreven termijn bij het kantoor van bestemming worden aangebracht, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene die de goederen in strijd met genoemd artikel 298, tweede lid, vervoert, onderscheidenlijk de goederen in strijd met de genoemde artikelen 276, tweede lid, 284, eerste lid, of 297, eerste lid, niet tijdig aanbrengt, en degene door wiens toedoen het desbetreffende verzuim plaatsvindt, ieder een bestuurlijke boete van ten hoogste € 335 kan opleggen. +**2.** Indien goederen die onder de regeling douanevervoer zijn geplaatst in strijd met artikel 298, tweede lid, van de Uitvoeringsverordening Douanewetboek van de Unie niet langs een verplicht te volgen route worden vervoerd dan wel in strijd met de artikelen 276, tweede lid, 284, eerste lid, of 297, eerste lid, van de Uitvoeringsverordening Douanewetboek van de Unie niet binnen de voorgeschreven termijn bij het kantoor van bestemming worden aangebracht, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene die de goederen in strijd met genoemd artikel 298, tweede lid, vervoert, onderscheidenlijk de goederen in strijd met de genoemde artikelen 276, tweede lid, 284, eerste lid, of 297, eerste lid, niet tijdig aanbrengt, en degene door wiens toedoen het desbetreffende verzuim plaatsvindt, ieder een bestuurlijke boete van ten hoogste € 408 kan opleggen. -**3.** Indien het in strijd met de douanewetgeving niet of niet tijdig vervullen van de in het eerste lid bedoelde formaliteiten of het in strijd met de douanewetgeving niet vervullen van de in het tweede lid bedoelde verplichtingen een douaneschuld doet ontstaan en het daaruit voortvloeiende bedrag aan rechten bij invoer hoger is dan € 335, terwijl het in strijd met de douanewetgeving niet of niet tijdig vervullen van die formaliteiten, onderscheidenlijk niet vervullen van die verplichtingen, is te wijten aan opzet of grove schuld van één of meer van degenen, bedoeld in het eerste dan wel tweede lid, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem, onderscheidenlijk ieder van hen, een bestuurlijke boete van ten hoogste 100 percent van het bedrag aan rechten kan opleggen. +**3.** Indien het in strijd met de douanewetgeving niet of niet tijdig vervullen van de in het eerste lid bedoelde formaliteiten of het in strijd met de douanewetgeving niet vervullen van de in het tweede lid bedoelde verplichtingen een douaneschuld doet ontstaan en het daaruit voortvloeiende bedrag aan rechten bij invoer hoger is dan € 408, terwijl het in strijd met de douanewetgeving niet of niet tijdig vervullen van die formaliteiten, onderscheidenlijk niet vervullen van die verplichtingen, is te wijten aan opzet of grove schuld van één of meer van degenen, bedoeld in het eerste dan wel tweede lid, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem, onderscheidenlijk ieder van hen, een bestuurlijke boete van ten hoogste 100 percent van het bedrag aan rechten kan opleggen. ### Artikel 9:3 -**1.** Indien in een douane-entrepot een vermis wordt bevonden, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur de houder van de vergunning, onderscheidenlijk de houder van de regeling, een bestuurlijke boete van ten hoogste € 335 kan opleggen. +**1.** Indien in een douane-entrepot een vermis wordt bevonden, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur de houder van de vergunning, onderscheidenlijk de houder van de regeling, een bestuurlijke boete van ten hoogste € 408 kan opleggen. -**2.** Indien het in het eerste lid bedoelde vermis een douaneschuld doet ontstaan en het daaruit voortvloeiende bedrag aan rechten bij invoer hoger is dan € 335, terwijl dat vermis is te wijten aan opzet of grove schuld van de houder van de vergunning, onderscheidenlijk de houder van de regeling, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem een bestuurlijke boete van ten hoogste 100 percent van het bedrag aan rechten kan opleggen. +**2.** Indien het in het eerste lid bedoelde vermis een douaneschuld doet ontstaan en het daaruit voortvloeiende bedrag aan rechten bij invoer hoger is dan € 408, terwijl dat vermis is te wijten aan opzet of grove schuld van de houder van de vergunning, onderscheidenlijk de houder van de regeling, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem een bestuurlijke boete van ten hoogste 100 percent van het bedrag aan rechten kan opleggen. ### Artikel 9:4 -**1.** Het niet voldoen aan een verplichting voortvloeiend uit een vergunning welke is verleend ingevolge de douanewetgeving, vormt een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene die deze voorwaarde dient na te leven en degene door wiens toedoen die voorwaarde niet of niet tijdig wordt nageleefd een bestuurlijke boete van ten hoogste € 335 kan opleggen. +**1.** Het niet voldoen aan een verplichting voortvloeiend uit een vergunning welke is verleend ingevolge de douanewetgeving, vormt een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene die deze voorwaarde dient na te leven en degene door wiens toedoen die voorwaarde niet of niet tijdig wordt nageleefd een bestuurlijke boete van ten hoogste € 408 kan opleggen. -**2.** Indien het in strijd met de douanewetgeving niet of niet tijdig vervullen van de in het eerste lid bedoelde voorwaarde een douaneschuld doet ontstaan en het daaruit voortvloeiende bedrag aan rechten bij invoer hoger is dan € 335, terwijl het in strijd met de douanewetgeving niet of niet tijdig vervullen van deze voorwaarde is te wijten aan opzet of grove schuld van één of meer van degenen, bedoeld in het eerste lid, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem, onderscheidenlijk ieder van hen, een bestuurlijke boete van ten hoogste 100 percent van het bedrag aan rechten kan opleggen. +**2.** Indien het in strijd met de douanewetgeving niet of niet tijdig vervullen van de in het eerste lid bedoelde voorwaarde een douaneschuld doet ontstaan en het daaruit voortvloeiende bedrag aan rechten bij invoer hoger is dan € 408, terwijl het in strijd met de douanewetgeving niet of niet tijdig vervullen van deze voorwaarde is te wijten aan opzet of grove schuld van één of meer van degenen, bedoeld in het eerste lid, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem, onderscheidenlijk ieder van hen, een bestuurlijke boete van ten hoogste 100 percent van het bedrag aan rechten kan opleggen. ### Artikel 9:5 -Het overtreden van een krachtens deze wet vastgestelde algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling kan bij die algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling worden aangemerkt als een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene aan wie het verzuim te wijten is een bestuurlijke boete kan opleggen van ten hoogste het in die algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling te vermelden bedrag. Dat bedrag beloopt ten hoogste € 335 indien het verzuim betrekking heeft op een algemene maatregel van bestuur, en beloopt ten hoogste € 167 indien het verzuim betrekking heeft op een ministeriële regeling. +Het overtreden van een krachtens deze wet vastgestelde algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling kan bij die algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling worden aangemerkt als een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene aan wie het verzuim te wijten is een bestuurlijke boete kan opleggen van ten hoogste het in die algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling te vermelden bedrag. Dat bedrag beloopt ten hoogste € 408 indien het verzuim betrekking heeft op een algemene maatregel van bestuur, en beloopt ten hoogste € 203 indien het verzuim betrekking heeft op een ministeriële regeling. ### Artikel 9:6 -**1.** Met betrekking tot het opleggen van een boete naar aanleiding van een verzuim vindt artikel 5:53 van de Algemene wet bestuursrecht geen toepassing. +**1.** Met betrekking tot het opleggen van een boete naar aanleiding van een verzuim is artikel 5:53 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing. -**2.** In afwijking van artikel 5:45, eerste en tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht vervalt de bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete als bedoeld in deze afdeling door verloop van drie jaren na het tijdstip waarop het verzuim of vergrijp waarop de bestuurlijke boete betrekking heeft, heeft plaatsgevonden. +**2.** Met betrekking tot het opleggen van een boete naar aanleiding van een vergrijp is artikel 10:3, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing. + +**3.** In afwijking van artikel 5:45, eerste en tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht vervalt de bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete als bedoeld in deze afdeling door verloop van drie jaren na het tijdstip waarop het verzuim of vergrijp waarop de bestuurlijke boete betrekking heeft, heeft plaatsgevonden. ### Artikel 9:6a De in de artikelen 9:1, 9:1a, 9:1b, 9:2, 9:3, 9:4 en 9:5, genoemde bedragen worden elke vijf jaar, met ingang van 1 januari 2015, bij ministeriële regeling gewijzigd. De artikelen 10.1 en 10.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001 zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat als tabelcorrectiefactor wordt genomen het product van de factoren van de laatste vijf kalenderjaren. +### Artikel 9:6b + +**1.** In afwijking van artikel 5:43 van de Algemene wet bestuursrecht kan de inspecteur een boete naar aanleiding van een vergrijp opleggen wegens hetzelfde feit als waarvoor eerder een boete naar aanleiding van een verzuim is opgelegd, indien nieuwe bezwaren bekend zijn geworden. + +**2.** + +Als nieuwe bezwaren kunnen enkel worden aangemerkt: + +a. inlichtingen van eenieder die direct of indirect bij het vervullen van douaneformaliteiten of douanecontroles is betrokken die later bekend zijn geworden of niet zijn onderzocht; +b. boeken, bescheiden en andere gegevensdragers of de inhoud daarvan, die later bekend zijn geworden of niet zijn onderzocht; of +c. gegevens en resultaten van controles als bedoeld in artikel 47 van het Douanewetboek van de Unie, die later bekend zijn geworden of niet zijn onderzocht. + +**3.** Het rapport, bedoeld in artikel 5:48 van de Algemene wet bestuursrecht, wordt opgemaakt en vermeldt tevens waaruit de nieuwe bezwaren bestaan. + +**4.** De eerder opgelegde boete ter zake van een verzuim wordt verrekend met de wegens hetzelfde feit opgelegde boete ter zake van een vergrijp. + ### Afdeling 9.2. Aanvullende voorschriften inzake het opleggen van bestuurlijke boeten ### Artikel 9:7