2005-08-01 | BWBR0010586 | Besluit drukapparatuur
This commit is contained in:
parent
3aaf9df78b
commit
e7da6f5de5
1 changed files with 222 additions and 47 deletions
|
|
@ -50,7 +50,7 @@ w. aangewezen aangemelde keuringsdienst van gebruikers: een krachtens artikel 7a
|
|||
In afwijking van artikel 1, onder e en j, wordt onder drukapparatuur, onderscheidenlijk samenstellen, niet verstaan:
|
||||
|
||||
a. transportleidingen met een pijp of een geheel van pijpen voor het vervoer van of naar een installatie te land of ter zee, vanaf en met inbegrip van de laatste afsluiter binnen de grenzen van de installatie, inclusief alle bijbehorende apparatuur die speciaal voor de transportleiding is ontworpen, met uitzondering van standaarddrukapparatuur zoals in reduceerstations en compressorstations;
|
||||
b. wateraanvoerkanalen, zoals sluispoorten, drukleidingen en drukschachten voor waterkrachtinstallaties en bijbehorende specifieke appendages;
|
||||
b. netten voor de aanvoer, distributie en de afvoer van water en de bijbehorende apparaten alsmede leidingen voor aandrijfwater, zoals sluispoorten, drukleidingen en drukschachten voor waterkrachtinstallaties en bijbehorende specifieke appendages;
|
||||
c. apparatuur die valt onder het Warenwetbesluit drukvaten van eenvoudige vorm;
|
||||
d. aërosolen die vallen onder het Warenwetbesluit drukverpakkingen;
|
||||
e. apparatuur voor de werking van voertuigen als bedoeld in:
|
||||
|
|
@ -86,7 +86,9 @@ u. inlaat- en uitlaatgeluiddempers.
|
|||
|
||||
### Artikel 3
|
||||
|
||||
Dit besluit is van toepassing op het ontwerp, de fabricage, de overeenstemmingsbeoordeling en de ingebruikneming van drukapparatuur, samenstellen en druksystemen waarvan de maximaal toelaatbare druk (*PS*) meer dan 0,5 bar bedraagt.
|
||||
**1.** Dit besluit is van toepassing op het ontwerp, de fabricage, de overeenstemmingsbeoordeling, de ingebruikneming en het gebruik van drukapparatuur, samenstellen en druksystemen waarvan de maximaal toelaatbare druk (*PS*) meer dan 0,5 bar bedraagt.
|
||||
|
||||
**2.** De artikelen 12b, 12c, 12d en 14a zijn niet van toepassing ten aanzien van draagbare brandblussers als bedoeld in artikel 1 van het Besluit draagbare blustoestellen 1997 en op snelkookpannen als bedoeld in bijlage II, tabel 5, bij de richtlijn.
|
||||
|
||||
### Paragraaf . Verbodsbepalingen
|
||||
|
||||
|
|
@ -100,7 +102,7 @@ Dit besluit is van toepassing op het ontwerp, de fabricage, de overeenstemmingsb
|
|||
|
||||
**4.** Het is verboden drukapparatuur, samenstellen en druksystemen te gebruiken anders dan met inachtneming van de voorschriften bij of krachtens dit besluit gesteld met betrekking tot het voorhanden zijn van documenten.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk II. Vervaardiging
|
||||
## Hoofdstuk II. Ontwerp en vervaardiging
|
||||
|
||||
### Paragraaf . Algemene zorgverplichting
|
||||
|
||||
|
|
@ -129,20 +131,20 @@ b. groep 2: overige stoffen.
|
|||
|
||||
De volgende drukapparatuur voldoet aan de essentiële veiligheidseisen, genoemd in bijlage I bij de richtlijn. Het betreft:
|
||||
|
||||
a. drukvaten, met uitzondering van de onder c bedoelde, voor gassen, vloeibare gassen, onder druk opgeloste gassen, dampen en vloeistoffen waarbij de dampdruk bij de maximaal toelaatbare temperatuur hoger is dan 0,5 bar bij de normale atmosferische druk (1013 mbar) binnen de volgende grenzen:
|
||||
a. drukvaten, met uitzondering van de onder c bedoelde, voor gassen, vloeibare gassen, onder druk opgeloste gassen, dampen en vloeistoffen waarvan de dampdruk bij de maximaal toelaatbare temperatuur meer dan 0,5 bar hoger is dan de normale atmosferische druk (1013 mbar), binnen de volgende grenzen:
|
||||
|
||||
1°. voor stoffen, ingedeeld in groep 1, wanneer het volume groter is dan 1L en het product van* PS *en *V* groter is dan 25 bar.L, of wanneer de druk *PS* groter is dan 200 bar;
|
||||
2°. voor stoffen, ingedeeld in groep 2, wanneer het volume groter is dan 1L en het product van *PS* en *V* groter is dan 50 bar.L, of wanneer de druk *PS* groter is dan 1000 bar, alsmede alle draagbare brandblussers en flessen voor ademhalingstoestellen;
|
||||
b. drukvaten, met uitzondering van de onder c bedoelde, voor vloeistoffen waarvan de dampdruk bij de maximaal toelaatbare temperatuur 0,5 bar of minder is bij de normale atmosferische druk (1013 mbar), binnen de volgende grenzen:
|
||||
b. drukvaten, met uitzondering van de onder c bedoelde, voor vloeistoffen waarvan de dampdruk bij de maximaal toelaatbare temperatuur 0,5 bar of minder boven de normale atmosferische druk (1013 mbar) ligt, binnen de volgende grenzen:
|
||||
|
||||
1°. voor stoffen, ingedeeld in groep 1, wanneer het volume groter is dan 1L en het product van *PS* en *V* groter is dan 200 bar.L of, wanneer de druk *PS* hoger is dan 500 bar;
|
||||
2°. voor stoffen, ingedeeld in groep 2, wanneer de druk *PS*meer is dan 10 bar en het product van *PS* en *V* groter is dan 10 000 bar.L, of wanneer de druk* PS *meer dan 1000 bar is;
|
||||
c. brandstofgestookte of anderszins verwarmde drukapparatuur waarbij gevaar voor oververhitting bestaat, bestemd voor de productie van stoom of oververhit water met een temperatuur hoger dan 110°C met een volume van meer dan 2L, alsmede alle snelkookpannen;
|
||||
d. installatieleidingen bestemd voor gassen, vloeibare gassen, onder druk opgeloste gassen, dampen en vloeistoffen waarvan de dampdruk bij de maximaal toelaatbare temperatuur hoger is dan 0,5 bar bij de normale atmosferische druk (1013 mbar) binnen de volgende grenzen:
|
||||
d. installatieleidingen bestemd voor gassen, vloeibare gassen, onder druk opgeloste gassen, dampen en vloeistoffen waarvan de dampdruk bij de maximaal toelaatbare temperatuur meer dan 0,5 bar hoger is dan de normale atmosferische druk (1013 mbar), binnen de volgende grenzen:
|
||||
|
||||
1°. voor stoffen, ingedeeld in groep 1, met een DN groter dan 25;
|
||||
2°. voor stoffen, ingedeeld in groep 2, met een DN groter dan 32 en een product van *PS* en DN groter dan 1000 bar;
|
||||
e. installatieleidingen bestemd voor vloeistoffen waarvan de dampdruk bij de maximaal toelaatbare temperatuur 0,5 bar of minder is bij de normale atmosferische druk (1013 mbar) binnen de volgende grenzen:
|
||||
e. installatieleidingen bestemd voor vloeistoffen waarvan de dampdruk bij de maximaal toelaatbare temperatuur 0,5 bar of minder boven de normale atmosferische druk (1013 mbar) ligt binnen de volgende grenzen:
|
||||
|
||||
1°. voor stoffen, ingedeeld in groep 1, met een DN groter dan 25 en een product van *PS* en DN groter dan 2000 bar;
|
||||
2°. voor stoffen, ingedeeld in groep 2, met een *PS* groter dan 10 bar en een DN groter dan 200 en een product van *PS* en DN groter dan 5000 bar;
|
||||
|
|
@ -154,14 +156,14 @@ f. veiligheidsappendages en onder druk staande appendages, bestemd voor drukappa
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De volgende samenstellen, waarin ten minste één drukapparaat als bedoeld in artikel 7 is opgenomen, voldoen aan de essentiële veiligheidseisen, genoemd in bijlage 1 bij de richtlijn.Het betreft:
|
||||
De volgende samenstellen, waarin ten minste één drukapparaat als bedoeld in artikel 7 is opgenomen, voldoen aan de essentiële veiligheidseisen, genoemd in bijlage I bij de richtlijn.Het betreft:
|
||||
|
||||
a. samenstellen voor de productie van stoom en oververhit water met een temperatuur hoger dan 110 °C waarin ten minste één brandstofgestookt of anderszins verwarmd drukapparaat waarbij gevaar voor oververhitting bestaat, is opgenomen;
|
||||
b. andere dan onder punt a. bedoelde samenstellen, wanneer deze door de fabrikant bestemd zijn om als samenstellen in de handel gebracht en in gebruik genomen te worden.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid, voldoen manueel met vaste brandstoffen gestookte samenstellen voor de productie van warm water waarvan de watertemperatuur ten hoogste 110 °C en het product van *PS* en *V* meer bedraagt dan 50 bar.L en waarin ten minste één drukapparaat als bedoeld in artikel 7 is opgenomen, aan de essentiële veiligheidseisen, genoemd in de punten 2.10, 2.11, 3.4, 5a) en 5d) van bijlage 1 bij de richtlijn.
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid, voldoen manueel met vaste brandstoffen gestookte samenstellen voor de productie van warm water waarvan de watertemperatuur ten hoogste 110 °C en het product van *PS* en *V* meer bedraagt dan 50 bar.L en waarin ten minste één drukapparaat als bedoeld in artikel 7 is opgenomen, aan de essentiële veiligheidseisen, genoemd in de punten 2.10, 2.11, 3.4, 5a) en 5d) van bijlage I bij de richtlijn.
|
||||
|
||||
**3.** Druksystemen, waarin ten minste één drukapparaat als bedoeld in artikel 7 is opgenomen, voldoen op overeenkomstige wijze aan de essentiële veiligheidseisen, genoemd in bijlage I bij de richtlijn.
|
||||
**3.** Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op druksystemen, waarin ten minste één drukapparaat als bedoeld in artikel 7 is opgenomen, met uitzondering van het aanbrengen van de CE-markering, bedoeld in artikel 16.
|
||||
|
||||
### Paragraaf . Overige drukapparatuur, samenstellen en druksystemen
|
||||
|
||||
|
|
@ -171,7 +173,7 @@ b. andere dan onder punt a. bedoelde samenstellen, wanneer deze door de fabrikan
|
|||
|
||||
**2.** De drukapparatuur of samenstellen, bedoeld in het eerste lid, gaan vergezeld van een toereikende gebruiksaanwijzing en markeringen, waarmee de fabrikant of diens in de Europese Economische Ruimte gevestigde gemachtigde kan worden geïdentificeerd. Op deze drukapparatuur en samenstellen wordt de CE-markering, bedoeld in artikel 16, niet aangebracht.
|
||||
|
||||
**3.** De druksystemen, bedoeld in het eerste lid, gaan vergezeld van een toereikende gebruiksaanwijzing.
|
||||
**3.** De druksystemen, bedoeld in het eerste lid, gaan vergezeld van een toereikende gebruiksaanwijzing en zijn voorzien van markeringen, waarmee de gebruiker onder wiens verantwoordelijkheid het druksysteem is ontworpen en vervaardigd, kan worden geïdentificeerd.
|
||||
|
||||
### Paragraaf . Vermoeden van overeenstemming
|
||||
|
||||
|
|
@ -185,13 +187,13 @@ Drukapparatuur en samenstellen die voldoen aan de door Onze Minister aangewezen
|
|||
|
||||
### Artikel 11
|
||||
|
||||
**1.** Drukapparatuur als bedoeld in artikel 7, wordt door de fabrikant, onderworpen aan een procedure voor de beoordeling van overeenstemming overeenkomstig dit artikel en is voorzien van de CE-markering, bedoeld in artikel 16, en gaat vergezeld van de EG-verklaring van overeenstemming, bedoeld in bijlage VII bij de richtlijn, die de in deze bijlage genoemde gegevens bevat.
|
||||
**1.** Drukapparatuur als bedoeld in artikel 7 wordt door de fabrikant onderworpen aan een procedure voor de beoordeling van overeenstemming overeenkomstig dit artikel en is voorzien van de CE-markering, bedoeld in artikel 16, en gaat vergezeld van de EG-verklaring van overeenstemming, bedoeld in bijlage VII bij de richtlijn, die de in deze bijlage genoemde gegevens bevat.
|
||||
|
||||
**2.** De overeenkomstig bijlage III bij de richtlijn naar keuze van de fabrikant te volgen procedure voor de beoordeling van de overeenstemming van drukapparatuur wordt bepaald door de categorie, bedoeld in artikel 6, waarin het drukapparaat is ingedeeld. De fabrikant kan, voor zover dat mogelijk is, een procedure volgen die bestemd is voor een hogere categorie.
|
||||
|
||||
**3.** De CE-markering, bedoeld in het eerste lid, wordt, met inachtneming van artikel 16, door de fabrikant uitsluitend aangebracht nadat toepassing is gegeven aan het tweede lid.
|
||||
|
||||
**4.** Ten aanzien van kwaliteitsborgingsprocedures overeenkomstig bijlage III bij de richtlijn, voor drukapparatuur als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder a, b, ten eerste en c, en die op grond van artikel 6 is ingedeeld in de categorieën III of IV, neemt de aangewezen aangemelde keuringsinstelling bij een onaangekondigd bezoek een monster van de drukapparatuur uit de fabricage- of opslagplaatsen om de eindcontrole, bedoeld in punt 3.2.2 van bijlage I bij de richtlijn, te verrichten. Daartoe stelt de fabrikant de aangewezen aangemelde keuringsinstelling in kennis van het beoogde productieschema. De aangewezen aangemelde keuringsinstelling legt in het eerste productiejaar ten minste twee bezoeken af. De frequentie van latere bezoeken wordt door de aangewezen aangemelde keuringsinstelling bepaald op basis van de criteria, genoemd in punt 4.4. van de desbetreffende procedures, bedoeld in bijlage III bij de richtlijn.
|
||||
**4.** Ten aanzien van kwaliteitsborgingsprocedures overeenkomstig bijlage III bij de richtlijn, voor drukapparatuur als bedoeld in artikel 7, onderdeel a, onderdeel b ten eerste, en onderdeel c, en die op grond van artikel 6 is ingedeeld in de categorieën III of IV, neemt de aangewezen aangemelde keuringsinstelling bij een onaangekondigd bezoek een monster van de drukapparatuur uit de fabricage- of opslagplaatsen om de eindcontrole, bedoeld in punt 3.2.2 van bijlage I bij de richtlijn, te verrichten. Daartoe stelt de fabrikant de aangewezen aangemelde keuringsinstelling in kennis van het beoogde productieschema. De aangewezen aangemelde keuringsinstelling legt in het eerste productiejaar ten minste twee bezoeken af. De frequentie van latere bezoeken wordt door de aangewezen aangemelde keuringsinstelling bepaald op basis van de criteria, genoemd in punt 4.4. van de desbetreffende procedures, bedoeld in bijlage III bij de richtlijn.
|
||||
|
||||
**5.** De fabrikant stelt de aangewezen aangemelde keuringsinstelling in kennis van het beoogde productieschema, indien sprake is van een eenmalige productie van vaten en drukapparatuur als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder c, en die op grond van artikel 6 zijn ingedeeld in categorie III en die overeenkomstig module H als bedoeld in bijlage III bij de richtlijn worden geproduceerd en de aangewezen aangemelde keuringsinstelling de eindcontrole, bedoeld in punt 3.2.2 van bijlage I bij de richtlijn, verricht.
|
||||
|
||||
|
|
@ -207,13 +209,15 @@ Drukapparatuur en samenstellen die voldoen aan de door Onze Minister aangewezen
|
|||
|
||||
De overeenkomstig bijlage III bij de richtlijn te volgen procedure voor de beoordeling van de overeenstemming van samenstellen omvat:
|
||||
|
||||
a. de beoordeling van de overeenstemming van elk van de drukapparatuur, bedoeld in artikel 7, waaruit dat samenstel bestaat wanneer die niet reeds aan een afzonderlijke procedure voor de beoordeling van overeenstemming onderworpen zijn geweest en geen aparte CE-markering hebben gekregen. De procedure voor de beoordeling van de overeenstemming wordt bepaald door de categorie, bedoeld in artikel 6, waarin elk van die drukapparaten is ingedeeld;
|
||||
a. de beoordeling van de overeenstemming van elk van de drukapparaten, bedoeld in artikel 7, waaruit dat samenstel bestaat wanneer die niet reeds aan een afzonderlijke procedure voor de beoordeling van overeenstemming onderworpen zijn geweest en geen aparte CE-markering hebben gekregen. De procedure voor de beoordeling van de overeenstemming wordt bepaald door de categorie, bedoeld in artikel 6, waarin elk van die drukapparaten is ingedeeld;
|
||||
b. de beoordeling van de integratie van de verschillende onderdelen van het samenstel overeenkomstig de punten 2.3, 2.8 en 2.9 van bijlage I bij de richtlijn. De procedure voor de beoordeling van de overeenstemming wordt bepaald door de categorie, bedoeld in artikel 6, waarin het drukapparaat met het hoogste risico is ingedeeld, waarbij veiligheidsappendages niet in aanmerking worden genomen, en
|
||||
c. de beoordeling van de beveiliging van het samenstel tegen overschrijding van de toelaatbare grenzen, bedoeld in de punten 2.10 en 3.2.3 van bijlage I bij de richtlijn. De procedure voor de beoordeling van de overeenstemming wordt bepaald door de categorie, bedoeld in artikel 6, waarin het te beveiligen drukapparaat met het hoogste risico is ingedeeld.
|
||||
|
||||
**3.** De CE-markering, bedoeld in het eerste lid, wordt, met inachtneming van artikel 16, door de fabrikant uitsluitend aangebracht nadat toepassing is gegeven aan het tweede lid.
|
||||
**3.** Indien een afzonderlijk samenstel wordt gekoppeld aan een ander samenstel of druksysteem, kan de beoordeling van de overeenstemming ten aanzien van de integratie, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, en de beveiliging, bedoeld in het tweede lid, onderdeel c, worden betrokken op het desbetreffende afzonderlijke samenstel.
|
||||
|
||||
**4.** Artikel 11, zesde lid, is van toepassing.
|
||||
**4.** De CE-markering, bedoeld in het eerste lid, wordt, met inachtneming van artikel 16, door de fabrikant uitsluitend aangebracht nadat toepassing is gegeven aan het tweede lid.
|
||||
|
||||
**5.** Artikel 11, zesde lid, is van toepassing.
|
||||
|
||||
### Paragraaf . Beoordeling van de overeenstemming druksystemen
|
||||
|
||||
|
|
@ -221,7 +225,7 @@ c. de beoordeling van de beveiliging van het samenstel tegen overschrijding van
|
|||
|
||||
**1.** Druksystemen als bedoeld in artikel 8, derde lid, worden, alvorens zij in gebruik worden genomen, onderworpen aan een procedure voor de beoordeling van overeenstemming overeenkomstig dit artikel en gaan vergezeld van een verklaring van overeenstemming. Op deze verklaring is bijlage VII bij de richtlijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de beoordeling van overeenstemming van druksystemen is artikel 12, tweede lid, van overeenkomstige toepassing. Voor de in bijlage III bij de richtlijn vermelde begrippen «fabrikant of zijn de in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde» onderscheidenlijk «fabrikant» wordt gelezen: gebruiker, voor «EG-typeonderzoek» wordt gelezen: typeonderzoek, voor «EG-ontwerponderzoek» wordt gelezen: ontwerponderzoek, voor« aangemelde instantie» wordt gelezen: aangewezen keuringsinstelling of aangewezen keuringsdienst van gebruikers, voor «EG-verklaring van overeenstemming» wordt gelezen: verklaring van overeenstemming en voor «drukapparatuur» wordt gelezen: druksysteem.
|
||||
**2.** Voor de beoordeling van overeenstemming van druksystemen is artikel 12, tweede en derde lid, van overeenkomstige toepassing. Voor de in bijlage III bij de richtlijn vermelde begrippen «fabrikant of zijn de in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde» onderscheidenlijk «fabrikant» wordt gelezen: gebruiker, voor «EG-typeonderzoek» wordt gelezen: typeonderzoek, voor «EG-ontwerponderzoek» wordt gelezen: ontwerponderzoek, voor« aangemelde instantie» wordt gelezen: aangewezen keuringsinstelling of aangewezen keuringsdienst van gebruikers, voor «EG-verklaring van overeenstemming» wordt gelezen: verklaring van overeenstemming en voor «drukapparatuur» wordt gelezen: druksysteem.
|
||||
|
||||
**3.** Met de onderzoeken in het kader van de beoordeling van overeenstemming, bedoeld in de artikelen 11 en 12, wordt bij de toepassing van het tweede lid rekening gehouden.
|
||||
|
||||
|
|
@ -231,42 +235,160 @@ c. de beoordeling van de beveiliging van het samenstel tegen overschrijding van
|
|||
|
||||
### Artikel 12b
|
||||
|
||||
**1.** Bij ministeriële regeling worden drukapparatuur, samenstellen en druksystemen aangewezen die overeenkomstig dit artikel worden gekeurd.
|
||||
**1.** Bij ministeriële regeling wordt drukapparatuur aangewezen die overeenkomstig dit artikel wordt gekeurd.
|
||||
|
||||
**2.** De drukapparatuur, samenstellen en druksystemen, bedoeld in het eerste lid, worden, wanneer die worden opgesteld en geïnstalleerd, gekeurd voor de eerste ingebruikneming alsmede na elke montage op een nieuwe locatie of een nieuwe plek en gaan vergezeld van een verklaring van ingebruikneming.
|
||||
**2.** De drukapparatuur, bedoeld in het eerste lid, wordt, wanneer die wordt opgesteld en geïnstalleerd, gekeurd voor de eerste ingebruikneming alsmede na elke montage op een nieuwe plaats van opstelling en gaat vergezeld van een verklaring van ingebruikneming.
|
||||
|
||||
**3.** De verklaring van ingebruikneming, bedoeld in het tweede lid, wordt onder overlegging van de in het vierde lid vermelde gegevens en bescheiden, schriftelijk aangevraagd bij een aangewezen keuringsinstelling of een aangewezen keuringsdienst van gebruikers.
|
||||
**3.** De verklaring van ingebruikneming, bedoeld in het tweede lid, wordt onder overlegging van de gegevens en bescheiden, vermeld in het vierde lid, schriftelijk aangevraagd bij een aangewezen keuringsinstelling of een aangewezen keuringsdienst van gebruikers.
|
||||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
De in het derde lid bedoelde aanvraag omvat, voor zover van toepassing:
|
||||
De aanvraag, bedoeld in het derde lid, omvat, voorzover van toepassing:
|
||||
|
||||
a. naam en adres van de gebruiker en de plaats waar de drukapparatuur, het samenstel of het druksysteem staat opgesteld;
|
||||
b. de gebruiksaanwijzing, bedoeld in bijlage I, punt 3.4, bij de richtlijn, met inbegrip van de EG-verklaring van overeenstemming of de verklaring van overeenstemming.
|
||||
c. de documentatie van de apparatuur, bedoeld in artikel 39, eerste lid.
|
||||
a. naam en adres van de gebruiker en de plaats waar de drukapparatuur staat opgesteld;
|
||||
b. de gebruiksaanwijzing, bedoeld in bijlage I, punt 3.4, bij de richtlijn, met inbegrip van de EG-verklaring van overeenstemming of de verklaring van overeenstemming en het aantekenblad, bedoeld in artikel 12e, eerste lid;
|
||||
c. het vervaardigingsbewijs en het rapport, bedoeld in artikel 39, vierde lid.
|
||||
|
||||
**5.**
|
||||
**5.** De bescheiden, bedoeld in het vierde lid, onder b en c, kunnen met instemming van de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, in afwijking van het derde lid, beschikbaar worden gehouden op het moment van de keuring.
|
||||
|
||||
De aangewezen keuringsinstelling of de aangewezen keuringsdienst van gebruikers die de keuring, bedoeld in het tweede lid, uitvoert, verricht passend onderzoek teneinde na te gaan of de drukapparatuur, samenstellen of druksystemen voldoen aan de eisen van dit besluit. Voor zover van toepassing omvat dit onderzoek:
|
||||
**6.**
|
||||
|
||||
a. de verificatie van de drukapparatuur, samenstellen en druksystemen aan de hand van de gebruiksaanwijzing en markeringen;
|
||||
b. de controle van de uitwendige toestand van drukapparatuur, samenstellen en druksystemen;
|
||||
De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, die de keuring, bedoeld in het tweede lid, uitvoert, verricht, voorzover van toepassing, de volgende onderzoeken:
|
||||
|
||||
a. de verificatie van de drukapparatuur aan de hand van de gebruiksaanwijzing en markeringen;
|
||||
b. de controle van de uitwendige toestand van de drukapparatuur;
|
||||
c. de controle van de werking van de veiligheidsappendages en onder druk staande appendages;
|
||||
d. de controle van de opstelling van drukapparatuur, samenstellen en druksystemen.
|
||||
d. de controle van de opstelling van de drukapparatuur.
|
||||
|
||||
**6.** Bij ministeriële regeling kunnen ten aanzien van het passend onderzoek als bedoeld in het vijfde lid nadere regels worden gesteld.
|
||||
**7.** Bij ministeriële regeling kunnen ten aanzien van de onderzoeken, bedoeld in het zesde lid, nadere regels worden gesteld.
|
||||
|
||||
**7.** Bij de toepassing van het tweede en vijfde lid wordt rekening gehouden met de onderzoeken in het kader van de beoordeling van overeenstemming, bedoeld in de artikelen 11, 12 en 12a.
|
||||
**8.** Bij de toepassing van het tweede en zesde lid wordt rekening gehouden met de onderzoeken in het kader van de beoordeling van overeenstemming, bedoeld in de artikelen 11, 12 en 12a.
|
||||
|
||||
**8.** De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, stelt een rapport op van de keuring, bedoeld in het tweede lid.
|
||||
**9.** Indien een afzonderlijk drukvat of afzonderlijke installatieleiding met inbegrip van de daarbij behorende veiligheidsappendages en onder druk staande appendages, wordt gekoppeld aan een bestaand drukvat of bestaande installatieleiding, kan de keuring voor ingebruikneming, bedoeld in het tweede lid, worden betrokken op het afzonderlijk drukvat of de afzonderlijke installatieleiding, met inbegrip van de daarbij behorende veiligheidsappendages en onder druk staande appendages.
|
||||
|
||||
**9.** Door de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, wordt een verklaring van ingebruikneming afgegeven indien is gebleken dat tegen het in gebruik nemen van drukapparatuur, samenstellen of druksystemen geen bezwaar bestaat.
|
||||
**10.** De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, stelt een rapport op van de keuring, bedoeld in het tweede lid en stelt een exemplaar van dit rapport beschikbaar aan de gebruiker. In dit rapport kunnen voorwaarden worden gesteld waaraan wordt voldaan alvorens een verklaring van ingebruikneming wordt afgegeven.
|
||||
|
||||
**10.** Door de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, kan een voorlopige verklaring van ingebruikneming worden afgegeven, wanneer ten aanzien van drukapparatuur, samenstellen of druksystemen nog niet aan alle verplichtingen ingevolge dit artikel is voldaan, doch hiervan vooralsnog geen extra gevaar is te duchten.
|
||||
**11.**
|
||||
|
||||
**11.** Een voorlopige verklaring van ingebruikneming als bedoeld in het tiende lid wordt slechts verleend voor beperkte duur en wordt in ieder geval ingetrokken wanneer de redenen waarom deze is afgegeven, zijn vervallen.
|
||||
Door de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, wordt een verklaring van ingebruikneming afgegeven indien is gebleken dat tegen het in gebruik nemen van de drukapparatuur, bedoeld in het tweede lid, geen bezwaar bestaat.
|
||||
|
||||
**12.** Een voorlopige verklaring van ingebruikneming als bedoeld in het tiende lid vervalt indien binnen een in deze verklaring gestelde termijn de door de betrokken instelling of dienst nodig geachte en nader omschreven voorzieningen niet zijn getroffen.
|
||||
In deze verklaring:
|
||||
|
||||
a. wordt de termijn vermeld waarbinnen de drukapparatuur uiterlijk aan een herkeuring als bedoeld in artikel 12c wordt onderworpen;
|
||||
b. kunnen gebruiksvoorwaarden worden gesteld.
|
||||
|
||||
**12.** Door de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, kan een voorlopige verklaring van ingebruikneming worden afgegeven, wanneer ten aanzien van de drukapparatuur, bedoeld in het tweede lid, nog niet aan alle verplichtingen ingevolge dit artikel is voldaan, doch hiervan vooralsnog geen extra gevaar is te duchten.
|
||||
|
||||
**13.** Een voorlopige verklaring van ingebruikneming als bedoeld in het twaalfde lid wordt slechts verleend voor beperkte duur en wordt in ieder geval ingetrokken wanneer de redenen van afgifte daarvan zijn vervallen.
|
||||
|
||||
**14.** Een voorlopige verklaring van ingebruikneming als bedoeld in het twaalfde lid vervalt indien binnen een in deze verklaring gestelde termijn de door de betrokken instelling of dienst nodig geachte en nader omschreven voorzieningen niet zijn getroffen.
|
||||
|
||||
**15.** De verklaring van ingebruikneming en de voorlopige verklaring van ingebruikneming kunnen betrekking hebben op één of meer drukapparaten.
|
||||
|
||||
**16.** De gebruiker draagt er zorg voor dat de keuring, bedoeld in het tweede lid, veilig kan worden uitgevoerd.
|
||||
|
||||
**17.** Dit artikel is niet van toepassing indien een verklaring als bedoeld in artikel 12d, tweede lid, is afgegeven, tot het tijdstip waarop de betreffende apparatuur na montage wordt opgesteld en geïnstalleerd op een nieuwe plaats van opstelling.
|
||||
|
||||
### Artikel 12c
|
||||
|
||||
**1.** Bij ministeriële regeling wordt in verband met de veiligheid en gezondheid van personen en het milieu drukapparatuur aangewezen die overeenkomstig dit artikel wordt herkeurd.
|
||||
|
||||
**2.** De drukapparatuur, bedoeld in het eerste lid, wordt herkeurd en gaat vergezeld van een verklaring van herkeuring.
|
||||
|
||||
**3.** De verklaring van herkeuring, bedoeld in het tweede lid, wordt, met inachtneming van de termijn, bedoeld in artikel 12b, elfde lid, onder a, onderscheidenlijk de termijn, bedoeld in het negende lid, onder a, onder overlegging van de gegevens en bescheiden, vermeld in het vierde lid, schriftelijk aangevraagd bij een aangewezen keuringsinstelling of een aangewezen keuringsdienst van gebruikers.
|
||||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
De aanvraag, bedoeld in het derde lid, omvat, voorzover van toepassing:
|
||||
|
||||
a. naam en adres van de gebruiker en de plaats waar de drukapparatuur staat opgesteld;
|
||||
b. de verklaring van ingebruikneming, de verklaring van intredekeuring en ingebruikneming en de verklaring van herkeuring, afgegeven na een voorgaande herkeuring, met inbegrip van de bij de keuringen behorende rapporten, en het aantekenblad, bedoeld in artikel 12e, eerste lid.
|
||||
c. de documentatie van de apparatuur die is afgegeven tot 29 mei 2002 op grond van de wettelijke voorschriften die van toepassing waren vóór 29 november 1999;
|
||||
d. naar het oordeel van de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, aanvullende documentatie.
|
||||
|
||||
**5.** Artikel 12b, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**6.**
|
||||
|
||||
De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, die de herkeuring, bedoeld in het tweede lid, uitvoert, verricht, voorzover van toepassing, de volgende onderzoeken:
|
||||
|
||||
a. de controle van de inwendige toestand van de drukapparatuur, zo nodig aangevuld met ander passend onderzoek;
|
||||
b. voor drukapparatuur die niet inwendig is te inspecteren, passend onderzoek;
|
||||
c. de controle van de uitwendige toestand van de drukapparatuur.
|
||||
|
||||
**7.** Bij ministeriële regeling kunnen ten aanzien van de onderzoeken, bedoeld in het zesde lid, nadere regels worden gesteld en kan worden bepaald dat de onderzoeken door de gebruiker van de drukapparatuur wordt uitgevoerd onder de verantwoordelijkheid van de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, met inachtneming van de bij die regeling gestelde regels.
|
||||
|
||||
**8.** De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, stelt een rapport op van de herkeuring, bedoeld in het tweede lid, en stelt een exemplaar van dit rapport beschikbaar aan de gebruiker. In dit rapport kunnen voorwaarden worden gesteld waaraan wordt voldaan alvorens een verklaring van herkeuring wordt afgegeven.
|
||||
|
||||
**9.**
|
||||
|
||||
Door de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, wordt een verklaring van herkeuring afgegeven indien is gebleken dat tegen het verdere gebruik van de drukapparatuur voor de geldende termijn geen bezwaar bestaat.
|
||||
|
||||
In deze verklaring:
|
||||
|
||||
a. wordt de geldigheidstermijn vermeld;
|
||||
b. kunnen gebruiksvoorwaarden worden gesteld.
|
||||
|
||||
**10.** De verklaring van herkeuring kan betrekking hebben op één of meer drukapparaten.
|
||||
|
||||
**11.** De gebruiker draagt er zorg voor dat de herkeuring, bedoeld in het tweede lid, veilig kan worden uitgevoerd.
|
||||
|
||||
**12.** Bij Ministeriële regeling kunnen met betrekking tot bepaalde drukapparatuur als bedoeld in het eerste lid regels worden gesteld die afwijken of strekken ter aanvulling van dit artikel of onderdelen daarvan.
|
||||
|
||||
### Artikel 12d
|
||||
|
||||
**1.** Dit artikel is van toepassing op drukapparatuur, die voor 29 mei 2002 is vervaardigd overeenkomstig de wettelijke voorschriften van één van de staten, met uitzondering van Nederland, die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte en voor genoemde datum niet in overeenstemming is gebracht met de richtlijn en die op grond van artikel 12c, eerste lid, is aangewezen.
|
||||
|
||||
**2.** Alvorens de drukapparatuur, bedoeld in het eerste lid, in gebruik wordt genomen, wordt zij aan een intredekeuring onderworpen en gaat vergezeld van een verklaring van intredekeuring en ingebruikneming.
|
||||
|
||||
**3.** De verklaring, bedoeld in het tweede lid, wordt, onder overlegging van de gegevens en bescheiden, vermeld in het vierde lid, schriftelijk door de gebruiker aangevraagd bij een aangewezen keuringsinstelling of een aangewezen keuringsdienst van gebruikers.
|
||||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
De aanvraag, bedoeld in het derde lid, omvat voorzover van toepassing:
|
||||
|
||||
a. naam en adres van de gebruiker en het adres van de plaats van opstelling van de drukapparatuur;
|
||||
b. de documenten omtrent het ontwerp, de vervaardiging en het toegestane gebruik van de drukapparatuur;
|
||||
c. de afgegeven verklaringen met bijbehorende rapporten met betrekking tot de drukapparatuur van keuringsinstellingen.
|
||||
|
||||
**5.** Artikel 12b, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**6.**
|
||||
|
||||
De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, die de keuring uitvoert, verricht, voorzover van toepassing, de volgende onderzoeken:
|
||||
|
||||
a. een beoordeling van het ontwerp naar het beoogde gebruiksdoel van de drukapparatuur;
|
||||
b. een beoordeling van de documenten die betrekking hebben op de vervaardiging van de drukapparatuur;
|
||||
c. een beoordeling van de integratie en beveiliging van de drukapparatuur;
|
||||
d. de onderzoeken, bedoeld in artikel 12b, zesde lid;
|
||||
e. de onderzoeken, bedoeld in artikel 12c, zesde lid.
|
||||
|
||||
**7.** Met een goedkeuring van een beoordeling als bedoeld in het zesde lid, onder a, wordt gelijkgesteld een bewijs van goedkeuring afgegeven door een onafhankelijke instelling in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst inzake de Europese Economische Ruimte, welk bewijs is afgegeven op basis van onderzoekingen die aan ten minste gelijkwaardige eisen voldoen.
|
||||
|
||||
**8.** Bij ministeriële regeling kunnen ten aanzien van de onderzoeken, bedoeld in het zesde lid, onder a en b, nadere regels worden gesteld.
|
||||
|
||||
**9.** De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, stelt een rapport op van de intredekeuring, bedoeld in het tweede lid, en stelt een exemplaar van dit rapport beschikbaar aan de gebruiker. In dit rapport kunnen voorwaarden worden gesteld waaraan wordt voldaan alvorens een verklaring van intredekeuring en ingebruikneming wordt afgegeven.
|
||||
|
||||
**10.**
|
||||
|
||||
Door de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, wordt een verklaring als bedoeld in het tweede lid afgegeven, indien is gebleken dat tegen het in gebruik nemen van de drukapparatuur, bedoeld in het eerste lid, geen bezwaar bestaat.
|
||||
|
||||
In deze verklaring:
|
||||
|
||||
a. wordt de termijn vermeld waarbinnen de drukapparatuur uiterlijk aan een herkeuring als bedoeld in artikel 12c wordt onderworpen;
|
||||
b. kunnen gebruiksvoorwaarden worden gesteld.
|
||||
|
||||
**11.** De verklaring, bedoeld in het tweede lid, kan betrekking hebben op één of meer drukapparaten.
|
||||
|
||||
**12.** De gebruiker draagt er zorg voor dat de keuring, bedoeld in het tweede lid, veilig kan worden uitgevoerd.
|
||||
|
||||
### Artikel 12e
|
||||
|
||||
**1.** De verklaring van ingebruikneming, bedoeld in artikel 12b, tweede lid, en de verklaring van intredekeuring en ingebruikneming, bedoeld in artikel 12d, tweede lid, gaan vergezeld van een aantekenblad.
|
||||
|
||||
**2.** Op een aantekenblad worden de bevindingen van elke verrichting aan de drukapparatuur vermeld, met, indien van toepassing, verwijzing naar verklaringen en bijbehorende rapporten, totdat de drukapparatuur is afgekeurd hetzij onklaar is gemaakt hetzij anderszins kennelijk niet meer voor gebruik is bestemd.
|
||||
|
||||
**3.** Uitsluitend de betrokken aangewezen keuringsinstelling of de aangewezen keuringsdienst van gebruikers is bevoegd op het aantekenblad aantekeningen te maken.
|
||||
|
||||
### Paragraaf . Bewaren documenten
|
||||
|
||||
|
|
@ -278,23 +400,44 @@ d. de controle van de opstelling van drukapparatuur, samenstellen en druksysteme
|
|||
|
||||
**3.** Zolang het druksysteem, bedoeld in artikel 8, derde lid, in werking is of in werking kan worden gesteld, bewaart de gebruiker, voor zover van toepassing, de technische documentatie, de verklaring van overeenstemming, de verklaring van typeonderzoek of ontwerponderzoek inclusief de aanvullingen daarop, alsmede de overeenkomstige gegevens als bedoeld in punt 5 van module D, onderscheidenlijk punt 6 van module D1, onderscheidenlijk punt 5 van module E, onderscheidenlijk punt 6 van module E1, onderscheidenlijk punt 5 van module H van bijlage III bij de richtlijn.
|
||||
|
||||
**4.** Zolang de drukapparatuur, samenstellen of druksystemen in werking zijn of in werking kunnen worden gesteld bewaart de gebruiker, voor zover van toepassing, de EG-verklaring van overeenstemming, de gebruiksaanwijzing, bedoeld in bijlage I, punt 3.4, bij de richtlijn, de verklaring van ingebruikneming, bedoeld in artikel 12b, tweede lid, en de voorlopige verklaring van ingebruikneming, bedoeld in artikel 12b, tiende lid.
|
||||
**4.** Zolang de drukapparatuur, samenstellen of druksystemen in werking zijn of in werking kunnen worden gesteld bewaart de gebruiker, voor zover van toepassing, de EG-verklaring van overeenstemming, de gebruiksaanwijzing, bedoeld in bijlage I, punt 3.4, bij de richtlijn, de verklaring van ingebruikneming, bedoeld in artikel 12b, tweede lid, de voorlopige verklaring van ingebruikneming, bedoeld in artikel 12b, twaalfde lid, de verklaringen van herkeuring, bedoeld in artikel 12c, tweede lid, het aantekenblad, bedoeld in artikel 12e, eerste lid, de verklaring van intredekeuring en ingebruikneming, bedoeld in artikel 12d, tweede lid, het vervaardigingsbewijs, bedoeld in artikel 39, vierde lid en de bij beoordelingen en keuringen behorende rapporten.
|
||||
|
||||
### Paragraaf . Voorgenomen wijzigingen
|
||||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
**1.** Van voorgenomen wijzigingen in drukapparatuur of samenstellen of het type hiervan waarvoor een verklaring van EG-typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek is afgegeven of van voorgenomen wijzigingen in een kwaliteitssysteem waarvoor een goedkeuring is verleend overeenkomstig bijlage III bij de richtlijn, wordt de aangewezen aangemelde keuringsinstelling die deze verklaring of goedkeuring heeft afgegeven onderscheidenlijk heeft verleend onverwijld in kennis gesteld.
|
||||
**1.** Van voorgenomen wijzigingen in drukapparatuur of samenstellen of het type hiervan waarvoor een verklaring van EG-typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek is afgegeven of van voorgenomen wijzigingen in een kwaliteitssysteem waarvoor een goedkeuring is verleend overeenkomstig bijlage III bij de richtlijn, wordt de aangewezen aangemelde keuringsinstelling die in het bezit is van de technische documentatie van de drukapparatuur of samenstellen, onverwijld in kennis gesteld.
|
||||
|
||||
**2.** De aangewezen aangemelde keuringsinstelling, bedoeld in het eerste lid, beoordeelt de wijzigingen en deelt schriftelijk mee of een verklaring van EG-typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek onderscheidenlijk een goedgekeurd kwaliteitssysteem voor de gewijzigde drukapparatuur of samenstellen of het gewijzigde type hiervan geldig is of aanvullingen behoeft dan wel dat het kwaliteitssysteem opnieuw moet worden beoordeeld.
|
||||
**2.** De keuringsinstelling, bedoeld in het eerste lid, beoordeelt de wijzigingen en deelt schriftelijk mee of de verklaring van EG-typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek onderscheidenlijk het goedgekeurde kwaliteitssysteem voor de te wijzigen drukapparatuur of samenstellen of het te wijzigen type hiervan geldig is of aanvullingen behoeft dan wel dat het kwaliteitssysteem opnieuw moet worden beoordeeld.
|
||||
|
||||
**3.** Indien de aangewezen aangemelde keuringsinstelling, bedoeld in het eerste lid, van oordeel is dat de wijzigingen van invloed kunnen zijn op de overeenstemming met de in bijlage I bij de richtlijn opgenomen essentiële veiligheidseisen, wordt de gewijzigde drukapparatuur of samenstellen of het gewijzigde type hiervan aan het EG-typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek onderscheidenlijk aan de beoordeling van het kwaliteitssysteem, bedoeld in bijlage III bij de richtlijn, onderworpen. Bij goedkeuring van het EG-typeonderzoek of het EG-ontwerponderzoek wordt een aanvulling op de oorspronkelijke verklaring afgegeven.
|
||||
**3.** Indien de keuringsinstelling, bedoeld in het eerste lid, van oordeel is dat de wijzigingen van invloed kunnen zijn op de overeenstemming met de in bijlage I bij de richtlijn opgenomen essentiële veiligheidseisen, wordt de gewijzigde drukapparatuur of samenstellen of het gewijzigde type hiervan aan een aanvullend EG-typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek, onderscheidenlijk wordt het kwaliteitssysteem aan een aanvullende beoordeling, bedoeld in bijlage III bij de richtlijn, onderworpen. Bij goedkeuring van het EG-typeonderzoek of het EG-ontwerponderzoek wordt een aanvulling op de oorspronkelijke verklaring afgegeven. Een aanvullende beoordeling van het gewijzigde kwaliteitssysteem wordt vastgelegd in een rapport. Bij goedkeuring van het gewijzigde kwaliteitssysteem wordt een aanvulling op de oorspronkelijke goedkeuring afgegeven.
|
||||
|
||||
**4.** Van voorgenomen wijzigingen in druksystemen of het type hiervan waarvoor een verklaring van typeonderzoek of ontwerponderzoek is afgegeven of van voorgenomen wijzigingen in een kwaliteitssysteem waarvoor een goedkeuring is verleend overeenkomstig bijlage III bij de richtlijn op grond van artikel 12a, tweede lid, wordt de aangewezen aangemelde keuringsinstelling die deze verklaring of goedkeuring heeft afgegeven onderscheidenlijk heeft verleend onverwijld in kennis gesteld.
|
||||
**4.** Dit artikel is, met inachtneming van artikel 12a, tweede lid, van overeenkomstige toepassing op druksystemen.
|
||||
|
||||
**5.** De aangewezen aangemelde keuringsinstelling, bedoeld in het vierde lid, beoordeelt de wijzigingen en deelt schriftelijk mee of een verklaring van typeonderzoek of ontwerp-onderzoek onderscheidenlijk een goedgekeurd kwaliteitssysteem voor het gewijzigde druksysteem of het gewijzigde type hiervan geldig is of aanvullingen behoeft dan wel dat het kwaliteitssysteem opnieuw moet worden beoordeeld.
|
||||
### Artikel 14a
|
||||
|
||||
**6.** Indien de aangewezen aangemelde keuringsinstelling, bedoeld in het vierde lid, van oordeel is dat de wijzigingen van invloed kunnen zijn op de overeenstemming met de in bijlage I bij de richtlijn opgenomen essentiële veiligheidseisen, wordt het gewijzigde druksysteem of het gewijzigde type hiervan aan het typeonderzoek of ontwerp-onderzoek onderscheidenlijk de beoordeling van het kwaliteitssysteem overeenkomstig bijlage III bij de richtlijn op grond van artikel 12a, tweede lid, onderworpen. Bij goedkeuring van het typeonderzoek of het ontwerponderzoek wordt een aanvulling op de oorspronkelijke verklaring afgegeven.
|
||||
**1.** Op voorgenomen wijzigingen of reparaties, met uitzondering van het reguliere technische onderhoud, aan drukapparatuur, waarvoor een verklaring van ingebruikneming of een verklaring van intredekeuring en ingebruikneming is afgegeven, is bijlage I, met uitzondering van punt 3.3, bij de richtlijn van overeenkomstige toepassing, tenzij dit redelijkerwijs niet mogelijk is.
|
||||
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de wijze waarop de wijzigingen en reparaties worden uitgevoerd.
|
||||
|
||||
**3.** Van voorgenomen wijzigingen of reparaties aan drukapparatuur, bedoeld in het eerste lid, wordt een aangewezen keuringsinstelling of een aangewezen keuringsdienst van gebruikers door de gebruiker onverwijld in kennis gesteld.
|
||||
|
||||
**4.** De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, beoordeelt de constructieve aspecten van de voorgestelde wijziging of reparatie, waarbij, voorzover van toepassing, rekening wordt gehouden met eerder uitgevoerd onderzoek en houdt toezicht op de uitvoering van de wijziging of reparatie.
|
||||
|
||||
**5.** Indien de wijzigingen of reparaties aan de drukapparatuur, bedoeld in het eerste lid, van invloed zijn op de wijze van gebruik, de uitrusting of de opstelling, beoordeelt de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, de integratie en beveiliging.
|
||||
|
||||
**6.** Met betrekking tot de gewijzigde of gerepareerde apparatuur worden door de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, zo nodig, de onderzoeken, bedoeld in artikel 12b, zesde lid, uitgevoerd.
|
||||
|
||||
**7.** Met betrekking tot voorgenomen wijzigingen aan drukapparatuur dat in gebruik is en waarvoor geen verklaring van ingebruikneming of een verklaring van intredekeuring en ingebruikneming is afgegeven, maar na de voorgenomen wijziging wel valt onder de apparatuur die is aangewezen op grond van artikel 12b, eerste lid, is het eerste tot en met het zesde lid van overeenkomstige toepassing, alsmede worden door de dienst of instelling, bedoeld in het derde lid, zo nodig, de onderzoeken, bedoeld in artikel 12c, zesde lid, uitgevoerd.
|
||||
|
||||
**8.** De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, stelt een rapport op van de beoordelingen, bedoeld in het vierde en vijfde lid, van het toezicht, bedoeld in het vierde lid, en van de onderzoeken, bedoeld in het zesde en zevende lid, en stelt een exemplaar van dit rapport beschikbaar aan de gebruiker.
|
||||
|
||||
**9.**
|
||||
|
||||
Indien is gebleken dat tegen het verder gebruik van de drukapparatuur geen bezwaar bestaat, wordt door de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid,
|
||||
|
||||
a. een aanvulling op de verklaring van ingebruikneming of de verklaring van intredekeuring en ingebruikneming gegeven, of
|
||||
b. een verklaring van ingebruikneming afgegeven indien het zevende lid van toepassing is.
|
||||
|
||||
### Paragraaf . Verbodsbepaling
|
||||
|
||||
|
|
@ -338,10 +481,12 @@ Met uitzondering van de verklaring van EG-typeonderzoek, de verklaring van EG-on
|
|||
|
||||
### Artikel 19
|
||||
|
||||
**1.** De aangewezen keuringsinstelling of aangewezen aangemelde keuringsinstelling trekt een door haar afgegeven verklaring van EG-typeonderzoek, onderscheidenlijk typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek, onderscheidenlijk ontwerponderzoek of een verleende goedkeuring van het kwaliteitssysteem als bedoeld in bijlage III bij de richtlijn, onderscheidenlijk artikel 12a, tweede lid, in, indien de essentiële veiligheidseisen of de voorgeschreven gebruiksomstandigheden, bedoeld in bijlage I bij de richtlijn, zodanig zijn gewijzigd dat het type onderscheidenlijk het kwaliteitssysteem niet voldoet aan de gewijzigde eisen op het tijdstip waarop deze volgens de richtlijn van toepassing zijn.
|
||||
**1.** De aangewezen keuringsinstelling of aangewezen aangemelde keuringsinstelling trekt een door haar afgegeven verklaring van EG-typeonderzoek, onderscheidenlijk typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek, onderscheidenlijk ontwerponderzoek of een verleende goedkeuring van het kwaliteitssysteem als bedoeld in bijlage III bij de richtlijn, onderscheidenlijk artikel 12a, tweede lid, in, indien de essentiële veiligheidseisen of de voorgeschreven gebruiksomstandigheden, bedoeld in bijlage I bij de richtlijn, zodanig zijn gewijzigd dat het type, het ontwerp of het kwaliteitssysteem niet meer voldoet aan de gewijzigde eisen op het tijdstip waarop deze volgens de richtlijn van toepassing zijn.
|
||||
|
||||
**2.** De aangewezen aangemelde keuringsinstelling trekt een door haar verleende Europese materiaalgoedkeuring in, indien naar haar oordeel deze goedkeuring niet verleend had mogen worden of indien de materiaalsoort onder een geharmoniseerde norm valt.
|
||||
|
||||
**3.** Een aangewezen keuringsinstelling of aangewezen keuringsdienst van gebruikers trekt een door haar afgegeven verklaring van ingebruikneming, een verklaring van herkeuring, of een verklaring van intredekeuring en ingebruikneming in, indien de drukapparatuur niet meer voldoet aan de eisen, bedoeld in artikel 12b, onderscheidenlijk artikel 12c, onderscheidenlijk artikel 12d.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk IV. Aangewezen keuringsinstellingen, aangewezen onafhankelijke instellingen en aangewezen keuringsdienst van gebruikers
|
||||
|
||||
### Artikel 19a
|
||||
|
|
@ -381,7 +526,10 @@ b. de Europese materiaalgoedkeuring, bedoeld in artikel 18.
|
|||
Een aangewezen keuringsinstelling is belast met de volgende taken, voorzover hiervoor aangewezen:
|
||||
|
||||
a. de toepassing van de procedures voor de beoordeling van de overeenstemming, bedoeld in artikel 12a;
|
||||
b. de keuring voor ingebruikneming, bedoeld in artikel 12b.
|
||||
b. de keuring voor ingebruikneming, bedoeld in artikel 12b;
|
||||
c. de herkeuring, bedoeld in artikel 12c;
|
||||
d. de intredekeuring, bedoeld in artikel 12d;
|
||||
e. de beoordelingen en de onderzoeken, bedoeld in artikel 14a.
|
||||
|
||||
### Artikel 21
|
||||
|
||||
|
|
@ -398,7 +546,10 @@ Een aangewezen aangemelde onafhankelijke instelling is belast met de taken, bedo
|
|||
Een aangewezen keuringsdienst van gebruikers is belast met de volgende taken voorzover hiervoor aangewezen:
|
||||
|
||||
a. de toepassing van de procedures voor de beoordeling van de overeenstemming, bedoeld in artikel 12a, en hanteert hierbij de modules A1, C1, F of G, bedoeld in bijlage III bij de richtlijn,
|
||||
b. de keuring voor ingebruikneming, bedoeld in artikel 12b.
|
||||
b. de keuring voor ingebruikneming, bedoeld in artikel 12b;
|
||||
c. de herkeuring, bedoeld in artikel 12c;
|
||||
d. de intredekeuring, bedoeld in artikel 12d;
|
||||
e. de beoordelingen en de onderzoeken, bedoeld in artikel 14a.
|
||||
|
||||
**4.** Drukapparatuur en samenstellen waarvan de overeenstemming is beoordeeld door een aangewezen aangemelde keuringsdienst van gebruikers en druksystemen waarvan de overeenstemming is beoordeeld door een aangewezen keuringsdienst van gebruikers, dragen geen CE-markering en worden uitsluitend gebruikt in vestigingen die behoren tot de groep waarvan de betreffende keuringsdienst deel uitmaakt.
|
||||
|
||||
|
|
@ -532,10 +683,34 @@ Wijzigt het Besluit tankstations milieubeheer.
|
|||
|
||||
### Artikel 39
|
||||
|
||||
**1.** Dit besluit is niet van toepassing op drukapparatuur en samenstellen die voldoen aan de wettelijke voorschriften zoals die luiden op de dag voor de inwerkingtreding van dit besluit, voor 29 mei 2002 in de handel zijn gebracht en voor of na deze laatste datum in bedrijf zijn of worden gesteld voor zover zij niet alsnog in overeenstemming worden gebracht met de bepalingen van dit besluit.
|
||||
**1.** Dit besluit is, wat de eisen ten aanzien van de vervaardiging betreft, niet van toepassing op drukapparatuur en samenstellen die voldoen aan de wettelijke voorschriften ten aanzien van de vervaardiging zoals die luidden op de dag voor de inwerkingtreding van dit besluit en voor 29 mei 2002 in de handel zijn gebracht en voor of na deze laatste datum in bedrijf zijn of worden gesteld voorzover zij niet alsnog in overeenstemming zijn gebracht met dit besluit met betrekking tot de eisen ten aanzien van de vervaardiging.
|
||||
|
||||
**2.** Met betrekking tot drukapparatuur en samenstellen als bedoeld in het eerste lid waarop dit besluit niet wordt toegepast en waarop ingevolge één of meer andere wettelijke regelingen de CE-markering wordt aangebracht, worden op de bij die drukapparatuur en samenstellen gevoegde documenten, handleidingen of gebruiksaanwijzingen de in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen bekendgemaakte referenties van de aan die wettelijke regelingen ten grondslag liggende richtlijnen vermeld.
|
||||
|
||||
**3.** Artikel 12a is niet van toepassing op druksystemen die voldoen aan de wettelijke voorschriften ten aanzien van vervaardiging zoals die luidden op de dag voor de inwerkingtreding van het besluit tot wijziging van het Besluit drukapparatuur houdende regels inzake de samenbouw van druksystemen en de ingebruikneming van drukapparatuur, samenstellen en druksystemen en tot wijziging van enige andere besluiten (Stb. 2001, 339) en voor 29 mei 2002 in bedrijf zijn gesteld voorzover zij niet alsnog in overeenstemming zijn gebracht met artikel 12a.
|
||||
|
||||
**4.** Van de apparatuur, bedoeld in het eerste lid, welke voor het eerst of opnieuw in gebruik wordt genomen, wordt vóór de ingebruikneming ervan, voorzover van toepassing, de integratie en beveiliging beoordeeld door een aangewezen keuringsinstelling of aangewezen keuringsdienst van gebruikers. Deze beoordeling vindt uitsluitend plaats voor apparatuur die is voorzien van een vervaardigingsbewijs. Van de beoordeling wordt door de instelling of dienst een rapport opgesteld en een exemplaar van dit rapport wordt beschikbaar gesteld aan de gebruiker.
|
||||
|
||||
**5.** Voor de toepassing van het vierde lid worden een bewijs van onderzoek en beproeving en een verklaring over de vervaardiging en eerste persproef, afgegeven in het kader van de toepassing van de Stoomwet, onderscheidenlijk de Wet Milieubeheer, aangemerkt als geldige vervaardigingbewijzen.
|
||||
|
||||
### Artikel 39a
|
||||
|
||||
**1.** De artikelen 12b en 23a zijn niet van toepassing op drukapparatuur, samenstellen en druksystemen die reeds in gebruik zijn gesteld op de dag van inwerkingtreding van het besluit tot wijziging van het Besluit drukapparatuur houdende regels inzake de samenbouw van druksystemen en de ingebruikneming van drukapparatuur, samenstellen en druksystemen en tot wijziging van enige andere besluiten (Stb. 2001, 339) en die voldoen aan de wettelijke voorschriften ten aanzien van de ingebruikneming zoals die luidden op de dag voor inwerkingtreding van voornoemd besluit tot het tijdstip waarop deze apparatuur na montage wordt opgesteld en geïnstalleerd op een nieuwe plaats van opstelling.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de toepassing van dit besluit wordt een vergunning voor het in werking brengen van stoomtoestellen of damptoestellen op grond van de Stoomwet onderscheidenlijk een verklaring voor het in werking brengen van toestellen onder druk in het kader van de toepassing van de Wet Milieubeheer aangemerkt als een verklaring van ingebruikneming als bedoeld in artikel 12b, tweede lid, tot het tijdstip waarop de apparatuur na montage wordt opgesteld en geïnstalleerd op een nieuwe plaats van opstelling.
|
||||
|
||||
### Artikel 39b
|
||||
|
||||
**1.** Artikel 12c is niet van toepassing op drukapparatuur die reeds in gebruik is gesteld voor de dag van inwerkingtreding van het besluit tot wijziging van het Warenwetbesluit drukapparatuur houdende regels inzake het gebruik van drukapparatuur, samenstellen en druksystemen en enige andere algemene maatregelen van bestuur (Stb. 2004, 387) en die voldoet aan de wettelijke voorschriften ten aanzien van het gebruik zoals die luidden op de dag voor inwerkingtreding van voornoemd besluit tot het tijdstip waarop deze apparatuur een eerstvolgende herkeuring ingevolge voornoemde wettelijke voorschriften had moeten ondergaan.
|
||||
|
||||
**2.** Artikel 12c is niet van toepassing op drukapparatuur die reeds in gebruik is gesteld op de dag van inwerkingtreding van het besluit, bedoeld in het eerste lid, en waarvoor geen herkeuring ingevolge de wettelijke voorschriften, bedoeld in het eerste lid, is vereist.
|
||||
|
||||
**3.** Bij ministeriele regeling kunnen, in afwijking van het tweede lid, om veiligheidstechnische redenen nadere regels worden gesteld.
|
||||
|
||||
**4.** Een aanvraag om een herkeuring van drukapparatuur op grond van een wettelijk voorschrift, gedaan voor het tijdstip van inwerkingtreding van het besluit, bedoeld in het eerste lid, waarbij over het resultaat van de herkeuring op dat tijdstip nog niet is beslist, wordt vanaf dat tijdstip beschouwd als een aanvraag om een verklaring van herkeuring als bedoeld in artikel 12c, derde lid.
|
||||
|
||||
**5.** Voor de toepassing van artikel 12c, zesde lid, wordt rekening gehouden met de onderzoeken ingevolge de wettelijke voorschriften ten aanzien van het gebruik zoals die luidden op de dag voor de inwerkingtreding van het besluit, bedoeld in het eerste lid.
|
||||
|
||||
### Paragraaf . Wijziging richtlijnen
|
||||
|
||||
### Artikel 40
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue