2010-03-24 | BWBR0007402 | Wet vergoedingen leden Eerste Kamer
This commit is contained in:
parent
c0d08e7dc9
commit
e8f604d296
1 changed files with 11 additions and 9 deletions
|
|
@ -33,6 +33,10 @@ De hoofdstukken II en III zijn niet van toepassing op de voorzitter.
|
|||
|
||||
De artikelen 4 tot en met 6 en artikel 10 van deze wet zijn van overeenkomstige toepassing op het kamerlid aan wie ingevolge artikel X 10 van de Kieswet tijdelijk ontslag is verleend wegens zwangerschap en bevalling of ziekte.
|
||||
|
||||
### Artikel 3b
|
||||
|
||||
De kamerleden maken hun nevenfuncties openbaar door terinzagelegging van een opgave bij de griffie van de Eerste Kamer der Staten-Generaal.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk II. Vergoeding voor de werkzaamheden
|
||||
|
||||
### Artikel 4
|
||||
|
|
@ -68,7 +72,7 @@ b. de duur van het fractievoorzitterschap.
|
|||
|
||||
### Artikel 9
|
||||
|
||||
Het bedrag, genoemd in artikel 4, wordt door Onze Minister herzien overeenkomstig de procentuele wijzigingen die de schadeloosstelling, bedoeld in artikel 2, van de Wet schadeloosstelling leden Tweede Kamer, ondergaat. Onze Minister maakt het nieuwe bedrag bekend in de *Staatscourant*.
|
||||
Het bedrag, genoemd in artikel 4, wordt bij ministeriële regeling gewijzigd overeenkomstig de procentuele wijzigingen die de schadeloosstelling, bedoeld in artikel 2, van de Wet schadeloosstelling leden Tweede Kamer, ondergaat. Onze Minister maakt het nieuwe bedrag bekend in de *Staatscourant*.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk III. Vergoeding voor secundaire voorzieningen
|
||||
|
||||
|
|
@ -76,9 +80,7 @@ Het bedrag, genoemd in artikel 4, wordt door Onze Minister herzien overeenkomsti
|
|||
|
||||
**1.** Kamerleden ontvangen een bedrag van € 2570,68 per 1 januari 2010: € 2658,33 per jaar waarmee zij voorzieningen kunnen treffen ter zake van arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden.
|
||||
|
||||
**2.** Het bedrag, genoemd in het eerste lid, wordt jaarlijks door Onze Minister opnieuw vastgesteld met inachtneming van de procentuele wijzigingen, bedoeld in artikel 9, in het voorafgaande jaar en van wijzigingen in dat jaar van berekeningselementen van de bedragen, die op grond van artikel 106, eerste lid, van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers worden ingehouden, ter zake van aanspraken bij arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden, op de schadeloosstelling van een lid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal.
|
||||
|
||||
**3.** Telkens wanneer het bedrag, bedoeld in het eerste lid, wijziging ondergaat, maakt Onze Minister het nieuwe bedrag bekend in de *Staatscourant*.
|
||||
**2.** Het bedrag, genoemd in het eerste lid, wordt jaarlijks bij ministeriële regeling gewijzigd met inachtneming van de procentuele wijzigingen, bedoeld in artikel 9, in het voorafgaande jaar en van wijzigingen in dat jaar van berekeningselementen van de bedragen, die op grond van artikel 106, eerste lid, van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers worden ingehouden, ter zake van aanspraken bij arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden, op de schadeloosstelling van een lid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk IV. Toelage en andere voorzieningen van de voorzitter
|
||||
|
||||
|
|
@ -96,7 +98,7 @@ Het bedrag, genoemd in artikel 4, wordt door Onze Minister herzien overeenkomsti
|
|||
|
||||
### Artikel 13
|
||||
|
||||
De artikelen 13 en 15 van de Wet schadeloosstelling leden Tweede Kamer zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
|
|
@ -126,11 +128,11 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
**3.** Het kamerlid aan wie ingevolge artikel X 10 van de Kieswet tijdelijk ontslag is verleend wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, ontvangt een onkostenvergoeding ter hoogte van de helft van het in het eerste lid genoemde bedrag. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**4.** Het bedrag, genoemd in het eerste, wordt per 1 januari van elk jaar door Onze Minister herzien aan de hand van de consumentenprijsindex, geldend voor de maand september van het voorafgaande jaar.
|
||||
**4.** Het bedrag, bedoeld in het eerste lid, wordt per 1 januari van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd aan de hand van de consumentenprijsindex, geldend voor de maand september van het voorafgaande jaar.
|
||||
|
||||
### Artikel 17
|
||||
|
||||
**1.** De kamerleden ontvangen ter vergoeding van reiskosten een bedrag gelijk aan de bij de Wet op de loonbelasting 1964 maximaal toegestane belastingvrije vergoeding voor autokosten per kilometer op basis van 13 000 kilometer per jaar.
|
||||
**1.** De kamerleden ontvangen ter vergoeding van reiskosten een bedrag gelijk aan de vergoeding die geldt voor burgerlijk rijkspersoneel voor het gebruik van een eigen motorvoertuig indien openbaar vervoer niet mogelijk of niet doelmatig is, op basis van 13.000 kilometer per jaar.
|
||||
|
||||
**2.** Ten aanzien van een kamerlid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt, wordt het bedrag, berekend met toepassing van het eerste lid, vermenigvuldigd met 100/P, waarbij P wordt berekend door het getal 100 te verminderen met het getal van het hoogste tarief, bedoeld in kolom IV van artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001.
|
||||
|
||||
|
|
@ -154,11 +156,11 @@ Het bedrag behorende bij de afstanden, afgerond op hele kilometers, tussen de in
|
|||
|
||||
**3.** Ten aanzien van een kamerlid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt, wordt het bedrag, berekend met toepassing van het tweede lid, vermenigvuldigd met 100/P, waarbij P wordt berekend door het getal 100 te verminderen met het getal van het hoogste tarief, bedoeld in kolom IV van artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001.
|
||||
|
||||
**4.** De bedragen, genoemd in het tweede lid, worden jaarlijks door Onze Minister herzien overeenkomstig de procentuele wijziging van de voor het burgerlijk rijkspersoneel vastgestelde vergoeding van reis- en verblijfskosten van dienstreizen.
|
||||
**4.** De bedragen, genoemd in het tweede lid, worden jaarlijks bij ministeriële regeling gewijzigd overeenkomstig de procentuele wijziging van de voor het burgerlijk rijkspersoneel vastgestelde vergoeding van reis- en verblijfskosten van dienstreizen.
|
||||
|
||||
### Artikel 19
|
||||
|
||||
Telkens wanneer de bedragen, bedoeld in de artikelen 16, 17 en 18, wijziging ondergaan, maakt Onze Minister de nieuwe bedragen bekend in de *Staatscourant*.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk VI. Overgangs- en slotbepalingen
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue