From e9a1e38fa6fc505eb114f9ec623fe1e26f20866d Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Fri, 1 Jan 2021 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2021-01-01 | BWBR0008074 | Reglement rijbewijzen --- .../BWBR0008074/README.md | 118 +++++++++--------- 1 file changed, 58 insertions(+), 60 deletions(-) diff --git a/amvb/reglement-rijbewijzen/BWBR0008074/README.md b/amvb/reglement-rijbewijzen/BWBR0008074/README.md index eb8a4cb1d14..d50a76cbc1a 100644 --- a/amvb/reglement-rijbewijzen/BWBR0008074/README.md +++ b/amvb/reglement-rijbewijzen/BWBR0008074/README.md @@ -18,39 +18,38 @@ citeertitel: Reglement rijbewijzen In dit besluit wordt verstaan onder: -a. wet: Wegenverkeerswet 1994; -b. ledige massa: massa van het voertuig, in bedrijfsvaardige staat, met inbegrip van een half gevulde brandstoftank, reservedelen en gereedschappen, die tot de normale uitrusting behoren, maar zonder lading en zonder de bestuurder en andere personen, die met het voertuig worden vervoerd; -c. toegestane maximum massa: ledige massa, vermeerderd met het maximum toegestane gewicht aan lading; -ca. massa in rijklare toestand voor voertuigen van de voertuigcategorie T: hetgeen hieronder wordt verstaan in artikel 1.1, tweede lid, van de Regeling voertuigen; -cb. technisch toegestane maximum massa: maximum massa waarvoor het motorrijtuig is goedgekeurd en op grond van het certificaat van overeenstemming geschikt is, dan wel maximum massa waarvoor de aanhangwagen op grond van de constructieplaat geschikt is; -cd. verwisselbaar uitrustingsstuk: hetgeen hieronder wordt verstaan in artikel 1.1, tweede lid, van de Regeling voertuigen; -d. oplegger: aanhangwagen waarvan een aanzienlijk deel van de massa, bij gelijkmatig verdeelde lading, door het trekkend voertuig wordt gedragen; -e. verklaring van rijvaardigheid: verklaring waaruit blijkt van een onderzoek met goed gevolg naar de rijvaardigheid van de aanvrager tot het besturen van motorrijtuigen van de in de verklaring vermelde rijbewijscategorie; -f. verklaring van geschiktheid: verklaring waaruit blijkt dat de aanvrager de lichamelijke en geestelijke geschiktheid bezit tot het besturen van motorrijtuigen van de in de verklaring vermelde rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën; -g. eigen verklaring: verklaring van de aanvrager ter zake van zijn lichamelijke en geestelijke geschiktheid tot het besturen van motorrijtuigen van de categorie of categorieën waarvoor een verklaring van geschiktheid wordt verlangd; -h. geneeskundig verslag: op basis van een keuring van de aanvrager opgemaakt verslag betreffende diens lichamelijke en geestelijke geschiktheid tot het besturen van motorrijtuigen van de in het verslag vermelde rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën; -i. vervallen; -j. richtlijn vakbekwaamheid bestuurders: de bij ministeriële regeling aangewezen richtlijn; -k. basiskwalificatie: opleidings- en kennisniveau dat de in de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders aangewezen onderwerpen en praktische vaardigheiden omvat; -l. getuigschrift van vakbekwaamheid: document dat dient als bewijs dat de houder de basiskwalificatie heeft behaald; -m. praktijkexamen vakbekwaamheid: praktijkgedeelte van het examen gericht op het behalen van een getuigschrift van vakbekwaamheid; -n. theorie-examen vakbekwaamheid: theoretische gedeelte van het examen gericht op het behalen van een getuigschrift van vakbekwaamheid; -o. nascholing: periodiek opleidingstraject dat in de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders aangewezen onderwerpen en praktische vaardigheden omvat; -p. getuigschrift van nascholing: document dat dient als bewijs dat de houder de nascholing heeft afgerond; -q. verklaring van vakbekwaamheid: verklaring die het CBR in het rijbewijzenregister registreert nadat de aanvrager de basiskwalificatie heeft behaald; -r. verklaring van nascholing: verklaring die het CBR in het rijbewijzenregister registreert nadat de aanvrager de nascholing heeft afgerond; -s. Nederlands omwisselingscertificaat: certificaat als bedoeld in artikel 151g, vierde lid, van de Wegenverkeerswet 1994; -t. buitenlands omwisselingscertificaat: certificaat afgegeven door de bevoegde autoriteit van een lidstaat van de Europese Unie overeenkomstig de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders aantonende dat de bestuurder de basiskwalificatie heeft behaald of de nascholing heeft afgerond; -u. bestuurdersattest: bestuurdersattest als bedoeld in artikel 151c, vierde lid, onderdeel a, van de Wegenverkeerswet 1994; -v. nationaal certificaat: certificaat als bedoeld in artikel 151c, vierde lid, onderdeel b, van de Wegenverkeerswet 1994; -w. kwalificatiekaart bestuurder: kaart afgegeven door de bevoegde autoriteit van een lidstaat van de Europese Unie overeenkomstig de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders aantonende dat de bestuurder de basiskwalificatie heeft behaald of de nascholing heeft afgerond; -x. deelcertificaat: certificaat aantonende dat de bestuurder een aantal uren nascholing heeft gevolgd, maar nog niet heeft afgerond; -y. persoonssleutel: unieke code toegekend aan natuurlijke personen zonder burgerservicenummer om deze eenduidig te kunnen identificeren; -z. motorrijtuig met handschakeling: motorrijtuig, met een koppeling, die door de bestuurder moet worden bediend om weg te rijden, te stoppen en te schakelen; -aa. motorrijtuig met automatische schakeling: motorrijtuig, niet zijnde een motorrijtuig met handschakeling, al dan niet voorzien van een schakelaar of een hendel, waarmee de bestuurder invloed kan uitoefenen op de gangwissel van het motorrijtuig; -ab. vervallen door verlettering; -ac. landbouw- of bosbouwtrekker: hetgeen hieronder wordt verstaan in artikel 1.1, tweede lid, van de Regeling voertuigen; -ad. motorrijtuig met beperkte snelheid: hetgeen hieronder wordt verstaan in artikel 1.1, tweede lid, van de Regeling voertuigen. +- *basiskwalificatie*: opleidings- en kennisniveau dat de in de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders aangewezen onderwerpen en praktische vaardigheiden omvat; +- *bestuurdersattest*: bestuurdersattest als bedoeld in artikel 151c, vierde lid, onderdeel a, van de Wegenverkeerswet 1994; +- *buitenlands omwisselingscertificaat*: certificaat afgegeven door de bevoegde autoriteit van een lidstaat van de Europese Unie overeenkomstig de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders aantonende dat de bestuurder de basiskwalificatie heeft behaald of de nascholing heeft afgerond; +- *deelcertificaat*: certificaat aantonende dat de bestuurder een aantal uren nascholing heeft gevolgd, maar nog niet heeft afgerond; +- *eigen verklaring*: verklaring van de aanvrager ter zake van zijn lichamelijke en geestelijke geschiktheid tot het besturen van motorrijtuigen van de categorie of categorieën waarvoor een verklaring van geschiktheid wordt verlangd; +- *geneeskundig verslag*: op basis van een keuring van de aanvrager opgemaakt verslag betreffende diens lichamelijke en geestelijke geschiktheid tot het besturen van motorrijtuigen van de in het verslag vermelde rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën; +- *getuigschrift van nascholing*: document dat dient als bewijs dat de houder de nascholing heeft afgerond; +- *getuigschrift van vakbekwaamheid*: document dat dient als bewijs dat de houder de basiskwalificatie heeft behaald; +- *kwalificatiekaart bestuurder*: kaart afgegeven door de bevoegde autoriteit van een lidstaat van de Europese Unie overeenkomstig de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders aantonende dat de bestuurder de basiskwalificatie heeft behaald of de nascholing heeft afgerond; +- *landbouw- of bosbouwtrekker*: hetgeen hieronder wordt verstaan in artikel 1.1 van de Regeling voertuigen; +- *ledige massa*: massa van het voertuig, in bedrijfsvaardige staat, met inbegrip van een half gevulde brandstoftank, reservedelen en gereedschappen, die tot de normale uitrusting behoren, maar zonder lading en zonder de bestuurder en andere personen, die met het voertuig worden vervoerd; +- *massa in rijklare toestand voor voertuigen van de voertuigcategorie T*: hetgeen hieronder wordt verstaan in artikel 1.1 van de Regeling voertuigen; +- *mobiele machine*: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1.1 van de Regeling voertuigen; +- *motorrijtuig met automatische schakeling*: motorrijtuig, niet zijnde een motorrijtuig met handschakeling, al dan niet voorzien van een schakelaar of een hendel, waarmee de bestuurder invloed kan uitoefenen op de gangwissel van het motorrijtuig; +- *motorrijtuig met beperkte snelheid*: hetgeen hieronder wordt verstaan in artikel 1.1 van de Regeling voertuigen; +- *motorrijtuig met handschakeling*: motorrijtuig, met een koppeling, die door de bestuurder moet worden bediend om weg te rijden, te stoppen en te schakelen; +- *nascholing*: periodiek opleidingstraject dat in de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders aangewezen onderwerpen en praktische vaardigheden omvat; +- *nationaal certificaat*: certificaat als bedoeld in artikel 151c, vierde lid, onderdeel b, van de Wegenverkeerswet 1994; +- *Nederlands omwisselingscertificaat*: certificaat als bedoeld in artikel 151g, vierde lid, van de Wegenverkeerswet 1994; +- *oplegger*: aanhangwagen waarvan een aanzienlijk deel van de massa, bij gelijkmatig verdeelde lading, door het trekkend voertuig wordt gedragen; +- *persoonssleutel*: unieke code toegekend aan natuurlijke personen zonder burgerservicenummer om deze eenduidig te kunnen identificeren; +- *praktijkexamen vakbekwaamheid*: praktijkgedeelte van het examen gericht op het behalen van een getuigschrift van vakbekwaamheid; +- *richtlijn vakbekwaamheid bestuurders*: de bij ministeriële regeling aangewezen richtlijn; +- *technisch toegestane maximum massa*: maximum massa waarvoor het motorrijtuig is goedgekeurd en op grond van het certificaat van overeenstemming geschikt is, dan wel maximum massa waarvoor de aanhangwagen op grond van de constructieplaat geschikt is; +- *theorie-examen vakbekwaamheid*: theoretische gedeelte van het examen gericht op het behalen van een getuigschrift van vakbekwaamheid; +- *toegestane maximum massa*: ledige massa, vermeerderd met het maximum toegestane gewicht aan lading; +- *verklaring van geschiktheid*: verklaring waaruit blijkt dat de aanvrager de lichamelijke en geestelijke geschiktheid bezit tot het besturen van motorrijtuigen van de in de verklaring vermelde rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën; +- *verklaring van nascholing*: verklaring die het CBR in het rijbewijzenregister registreert nadat de aanvrager de nascholing heeft afgerond; +- *verklaring van rijvaardigheid*: verklaring waaruit blijkt van een onderzoek met goed gevolg naar de rijvaardigheid van de aanvrager tot het besturen van motorrijtuigen van de in de verklaring vermelde rijbewijscategorie; +- *verklaring van vakbekwaamheid*: verklaring die het CBR in het rijbewijzenregister registreert nadat de aanvrager de basiskwalificatie heeft behaald; +- *verwisselbaar uitrustingsstuk*: hetgeen hieronder wordt verstaan in artikel 1.1 van de Regeling voertuigen; +- *wet*: Wegenverkeerswet 1994. ### Paragraaf 2. Uitzonderingen rijbewijsplicht @@ -171,7 +170,7 @@ Er geldt geen minimumleeftijd voor: a. bestuurders van gehandicaptenvoertuigen die zijn uitgerust met een elektromotor en die niet sneller kunnen rijden dan 10 km per uur; b. bestuurders van bromfietsen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, subonderdeel d, van de wet, die beschikken over een gehandicaptenparkeerkaart of een kaart ten behoeve van het vervoer van gehandicapten als bedoeld in artikel 5, zesde lid, van het RVV 1990. -**3.** Voor bestuurders van landbouw- en bosbouwtrekkers, gehandicaptenvoertuigen, anders dan die bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, motorrijtuigen met beperkte snelheid, alsmede voor bestuurders van motorrijtuigen waarvoor geen rijbewijsplicht geldt, geldt de minimumleeftijd van 16 jaren. +**3.** Voor bestuurders van landbouw- en bosbouwtrekkers, gehandicaptenvoertuigen, anders dan die bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, motorrijtuigen met beperkte snelheid, mobiele machines, alsmede voor bestuurders van motorrijtuigen waarvoor geen rijbewijsplicht geldt, geldt de minimumleeftijd van 16 jaren. **4.** Van de in het derde lid vastgestelde minimumleeftijd kan ontheffing worden verleend voor zover het betreft gehandicaptenvoertuigen als bedoeld in dat lid. @@ -300,7 +299,7 @@ c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wij Het motorrijtuig waarmee rijonderricht in de zin van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 wordt gegeven in het kader van de opleiding voor het praktijk-examen voor rijbewijs B, dient te zijn voorzien van: a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat degene die rijonderricht geeft, daarmee de bedrijfsrem en, indien het een motorrijtuig met handschakeling betreft, de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen; -b. een binnen- en een buitenspiegel, dan wel een goedgekeurd zichtveldverbeterend systeem of zichtveldverbeterende systemen, waarmee degene die rijonderricht geeft het achter en rechts naast hem gelegen weggedeelte kan overzien; +b. een binnen- en een buitenspiegel, dan wel een camera-monitorsysteem of camera-monitorsystemen, waarmee degene die rijonderricht geeft het achter en rechts naast hem gelegen weggedeelte kan overzien; c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wijze als bij die regeling is voorgeschreven. ### Artikel 9 @@ -310,7 +309,7 @@ c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wij Bij het geven van rijonderricht in de zin van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 in het kader van de opleiding voor het praktijk-examen voor rijbewijs C1, C, D1, D of E dient te worden voldaan aan de volgende eisen: a. het motorrijtuig waarmee rijonderricht wordt gegeven, dient te zijn voorzien van inrichtingen die zo zijn aangebracht dat degene die rijonderricht geeft, daarmee de bedrijfsrem en, indien het een motorrijtuig met handschakeling betreft, de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen; -b. het motorrijtuig waarmee rijonderricht wordt gegeven, dient te zijn voorzien van twee of meer buitenspiegels, dan wel een goedgekeurd zichtveldverbeterend systeem of zichtveldverbeterende systemen, waarmee degene die rijonderricht geeft het rechts en links naast en achter hem gelegen weggedeelte kan overzien; +b. het motorrijtuig waarmee rijonderricht wordt gegeven, dient te zijn voorzien van twee of meer buitenspiegels, dan wel een camera-monitorsysteem of camera-monitorsystemen, waarmee degene die rijonderricht geeft het rechts en links naast en achter hem gelegen weggedeelte kan overzien; c. het motorrijtuig waarmee rijonderricht wordt gegeven, dient te zijn voorzien van een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wijze als bij die regeling is voorgeschreven; d. degene aan wie rijonderricht wordt gegeven in het kader van de opleiding voor het praktijk-examen voor rijbewijs C1, C, D1 of D, dient in het bezit te zijn van een rijbewijs B dat hetzij nog geldig is hetzij zijn geldigheid heeft verloren door het verstrijken van de geldigheidsduur; e. degene aan wie rijonderricht wordt gegeven in het kader van de opleiding voor het praktijkexamen voor rijbewijs E, dient in het bezit te zijn van een rijbewijs dat geldig is voor het besturen van het trekkende motorrijtuig, al dan niet voorzien van een bij ministeriële regeling vastgestelde codering waaruit blijkt dat de houder van dat rijbewijs het praktijkexamen heeft afgelegd in een motorrijtuig met automatische schakeling, dat hetzij nog geldig is, hetzij zijn geldigheid heeft verloren door het verstrijken van de geldigheidsduur; @@ -330,7 +329,7 @@ e. degene aan wie rijonderricht wordt gegeven in het kader van de opleiding voor Bij het geven van rijonderricht in de zin van de Wet motorrijtuigen 1993 in het kader van de opleiding voor het praktijkexamen voor rijbewijs T dient te worden voldaan aan de volgende eisen: a. het motorrijtuig waarmee rijonderricht wordt gegeven dient te zijn voorzien van inrichtingen die zo zijn aangebracht dat degene die rijonderricht geeft daarmee de bedrijfsrem en, indien het een motorrijtuig met handschakeling betreft, de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen; -b. het motorrijtuig waarmee rijonderricht wordt gegeven dient te zijn voorzien van twee of meer buitenspiegels waarmee degene die rijonderricht geeft het rechts en links naast en achter hem gelegen weggedeelte kan overzien; +b. het motorrijtuig waarmee rijonderricht wordt gegeven dient te zijn voorzien van twee of meer buitenspiegels, dan wel een camera-monitorsysteem of camera-monitorsystemen, waarmee degene die rijonderricht geeft het rechts en links naast en achter hem gelegen weggedeelte kan overzien; c. het motorrijtuig waarmee rijonderricht wordt gegeven dient te zijn voorzien van een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op een wijze als bij die regeling is voorgeschreven. **2.** Artikel 9, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing. @@ -374,23 +373,22 @@ f. motorrijtuigen, niet zijnde motorrijtuigen van de rijbewijscategorie D1 of D, g. motorrijtuigen, niet zijnde motorrijtuigen van de rijbewijscategorie D1 of D, waarvan de toegestane maximum massa meer dan 3500 kg bedraagt en die zijn ontworpen en gebouwd voor het vervoer van ten hoogste acht personen, de bestuurder niet meegerekend, alsmede daardoor voortbewogen aanhangwagens of opleggers waarvan de toegestane maximum massa niet meer bedraagt dan 750 kg (rijbewijs C); h. motorrijtuigen die zijn ontworpen en gebouwd voor het vervoer van ten hoogste zestien personen, de bestuurder niet meegerekend, en een lengte hebben van ten hoogste acht meter, alsmede daardoor voortbewogen aanhangwagens waarvan de toegestane maximum massa niet meer bedraagt dan 750 kg (rijbewijs D1); i. motorrijtuigen die zijn ontworpen en gebouwd voor het vervoer van meer dan acht personen, de bestuurder niet meegerekend, alsmede daardoor voortbewogen aanhangwagens waarvan de toegestane maximum massa niet meer bedraagt dan 750 kg (rijbewijs D); -j. landbouw- en bosbouwtrekkers en motorrijtuigen met beperkte snelheid, alsmede een of meer door die motorrijtuigen voortbewogen aanhangwagens of verwisselbare getrokken machines (rijbewijs T), niet zijnde motorrijtuigen van een van de in de onderdelen a tot en met i bedoelde rijbewijscategorieën, tenzij: +j. landbouw- en bosbouwtrekkers, motorrijtuigen met beperkte snelheid en mobiele machines, alsmede één of meer door die motorrijtuigen voortbewogen aanhangwagens (rijbewijs T), niet zijnde motorrijtuigen van een van de in de onderdelen a tot en met i bedoelde rijbewijscategorieën, tenzij het motorrijtuig: -1°. het motorrijtuig, gemeten overeenkomstig de meetmethode, vermeld in artikel 1, onderdeel 1, onder c, bijlage VIII, van de Regeling voertuigen, met inbegrip van de breedte van een of meer verwisselbare uitrustingsstukken, niet breder is dan 1,3 m, -2°. het motorrijtuig is voorzien van: +1°. gemeten overeenkomstig de krachtens de wet vastgestelde meetmethode, met inbegrip van de breedte van een of meer verwisselbare uitrustingsstukken, niet breder is dan 1,3 m; +2°. is voorzien van: -I. een door de motor aangedreven maai-installatie, bestemd voor het maaien van oppervlakten, -II. een door de motor aangedreven veeginstallatie, bestemd voor het vegen van wegen, -III. een door de motor aangedreven installatie om automatisch uitwerpselen op te zuigen, bestemd voor het opzuigen van uitwerpselen, -IV. een uitrustingsstuk aan de voorzijde ter verwijdering van sneeuw op het wegdek, met een minimale breedte gelijk aan de grootste breedte van het voertuig, bestemd ter verwijdering van sneeuw op het wegdek, -V. een installatie voor het strooien op wegen ter voorkoming of bestrijding van gladheid, bestemd voor het strooien op wegen, -VI. een installatie om onkruid te bestrijden, met een tankinhoud van ten minste 100 liter, of -VII. een hefinrichting aan de voorzijde van het voertuig, niet zijnde een verwisselbaar uitrustingsstuk, dat zelfstandig voor laad- en losactiviteiten kan worden ingezet, en -3°. het motorrijtuig aan de achterzijde niet is voorzien van: +I. een door de motor aangedreven maai-installatie, bestemd voor het maaien van oppervlakten; +II. een door de motor aangedreven veeginstallatie, bestemd voor het vegen van wegen; +III. een door de motor aangedreven installatie om automatisch uitwerpselen op te zuigen; +IV. een uitrustingsstuk aan de voorzijde ter verwijdering van sneeuw op het wegdek, met een minimale breedte gelijk aan de grootste breedte van het voertuig; +V. een installatie voor het strooien op wegen ter voorkoming of bestrijding van gladheid; +VI. een installatie om onkruid te bestrijden, met een tankinhoud van ten minste 100 liter; of +VII. een hefinrichting aan de voorzijde van het voertuig, niet zijnde een verwisselbaar uitrustingsstuk, dat zelfstandig voor laad- en losactiviteiten kan worden ingezet; en +3°. aan de achterzijde niet is voorzien van: -I. een inrichting tot het koppelen van een aanhangwagen, -II. een inrichting tot het koppelen van een verwisselbare getrokken machine, of -III. een driepuntshefinrichting; +I. een inrichting tot het koppelen van een aanhangwagen; of +II. en driepuntshefinrichting; k. motorrijtuigen van een van de rijbewijscategorieën B, C1, C, D1 of D voor het besturen waarvan de bestuurder in het bezit is van een rijbewijs, met een andere aanhangwagen of oplegger dan op grond van dat rijbewijs mag worden voortbewogen (rijbewijs E), mits: I. in het geval van een motorrijtuig van de rijbewijscategorie B @@ -404,7 +402,7 @@ II. in het geval van een motorrijtuig van de rijbewijscategorie C1 de toegestane een en ander afhankelijk van de gegevens die op het kentekenbewijs of in het kentekenregister ten aanzien van het in dit onderdeel bedoelde trekkende motorrijtuig zijn vermeld. -**2.** Het eerste lid, aanhef en onder 3°, onder I, is niet van toepassing op de landbouw- en bosbouwtrekkers en motorrijtuigen met beperkte snelheid, bedoeld in het eerste lid, onderdeel j, aanhef en onder 2°, onder VII, mits aan dat voertuig geen aanhangwagen of verwisselbare getrokken machine is gekoppeld. +**2.** Het eerste lid, aanhef en onderdeel j, onder 3°, onder I, is niet van toepassing op de landbouw- en bosbouwtrekkers, motorrijtuigen met beperkte snelheid en mobiele machines, bedoeld in het eerste lid, onderdeel j, aanhef en onder 2°, onder VII, mits aan dat voertuig geen aanhangwagen is gekoppeld. **3.** Voor de bepaling van het aantal wielen worden twee op dezelfde as gemonteerde wielen als een wiel beschouwd, indien de afstand tussen de middens van de contactvlakken van deze wielen met de grond kleiner is dan 460 mm. @@ -2030,9 +2028,9 @@ Het praktijkexamen voor het rijbewijs E bij D1 bestaat uit het afleggen van een Het praktijkexamen voor het rijbewijs T bestaat uit het afleggen van een rijproef met een samenstel, waarvan de feitelijke massa niet meer bedraagt dan de technisch toegestane massa van het samenstel, en de lengte ten minste 11 m bedraagt, bestaande uit: -a. een landbouw- of bosbouwtrekker van de voertuigclassificatie T1 of T5, bedoeld in de Regeling voertuigen, +a. een landbouw- of bosbouwtrekker van de voertuigclassificatie T1a of T1b, bedoeld in verordening (EU) 167/2013, -1°. waarvan de breedte ten minste 2,4 m en ten hoogste 2,6 m, en de massa van het trekkend motorrijtuig in de rijklare toestand ten minste 5.500 kg bedraagt en de technisch toegestane maximummassa op de koppeling en de as of assen niet wordt overschreden, +1°. waarvan de breedte ten minste 2,4 m en ten hoogste 2,55 m, en de massa van het trekkend motorrijtuig in de rijklare toestand ten minste 5.500 kg bedraagt en de technisch toegestane maximummassa op de koppeling en de as of assen niet wordt overschreden, 2°. met een door de constructie bepaalde maximumsnelheid van 40 km/h of meer, 3°. die is voorzien van een gesloten, hydraulisch of luchtgeveerde cabine, dan wel een gesloten cabine met spiraalvering, geplaatst achter het hart van de vooras van het trekkende motorrijtuig, 4°. die voorzien is van een verstelbaar stuur dat nagenoeg op de middenlangslijn is gepositioneerd, @@ -2040,7 +2038,7 @@ a. een landbouw- of bosbouwtrekker van de voertuigclassificatie T1 of T5, bedoel 6°. die is voorzien van een naar het oordeel van het CBR geschikte aanhangwagenkoppeling, en b. een aanhangwagen, niet zijnde een oplegger, met ten minste twee assen, waarvan minimaal één starre as, -1°. waarvan de lengte ten minste 6 m, de breedte ten minste 2,4 m en ten hoogste 2,6 mm is en de wielbasis ten minste 4,5 m bedraagt, +1°. waarvan de lengte ten minste 6 m, de breedte ten minste 2,4 m en ten hoogste 2,55 m is en de wielbasis ten minste 4,5 m bedraagt, 2°. die is geconstrueerd voor een maximumsnelheid van 40 km/h of meer, 3°. waarvan de ledige massa vermeerderd met de lading ten minste 11.000 kg bedraagt, en waarbij de technisch toegestane maximum massa op de koppeling en de as of assen niet wordt overschreden, 4°. die is voorzien van een opbouw of huif, niet zijnde een tank of tankcontainer, die nagenoeg de lengte van de laadvloer, nagenoeg de breedte van de aanhangwagen, een dusdanige hoogte heeft, dat het voor de feitelijke bestuurder onmogelijk is hier overheen te kijken en waarvan de zijwanden en kopschot of achterwand niet doorzichtig zijn, @@ -2065,7 +2063,7 @@ Het motorrijtuig waarmee de rijproef voor het rijbewijs A wordt afgelegd, dient Het motorrijtuig waarmee de rijproef voor het rijbewijs B wordt afgelegd, dient te zijn voorzien van: a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat de examinator daarmee de bedrijfsrem en, indien het een motorrijtuig met handschakeling betreft, de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen; -b. een binnen- en een buitenspiegel, dan wel een goedgekeurd zichtveldverbeterend systeem of zichtveldverbeterende systemen, waarmee de examinator het achter en rechts naast hem gelegen weggedeelte kan overzien; +b. een binnen- en een buitenspiegel, dan wel een camera-monitorsysteem of camera-monitorsystemen, waarmee de examinator het achter en rechts naast hem gelegen weggedeelte kan overzien; c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wijze als bij die regeling is voorgeschreven. ### Artikel 81 @@ -2073,18 +2071,18 @@ c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wij Het motorrijtuig waarmee de rijproef voor het rijbewijs C1, C, D1, D of E wordt afgelegd, dient te zijn voorzien van: a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat de examinator daarmee de bedrijfsrem en, indien het een motorrijtuig met handschakeling betreft, de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen; -b. twee of meer buitenspiegels, dan wel een goedgekeurd zichtveldverbeterend systeem of zichtveldverbeterende systemen, waarmee de examinator het rechts en links naast en achter hem gelegen weggedeelte kan overzien; +b. twee of meer buitenspiegels, dan wel een camera-monitorsysteem of camera-monitorsystemen, waarmee de examinator het rechts en links naast en achter hem gelegen weggedeelte kan overzien; c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wijze als bij die regeling is voorgeschreven. ### Artikel 81a **1.** -Het motorrijtuig waarmee de rijproef voor het rijbewijs T wordt afgelegd, dient in ieder geval te zijn voorzien van: +Het samenstel waarmee de rijproef voor het rijbewijs T wordt afgelegd, dient in ieder geval te zijn voorzien van: a. een bij dat motorrijtuig behorend certificaat van overeenstemming; b. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat de examinator daarmee de bedrijfsrem en het koppelingspedaal vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen; -c. linker- en rechterbuitenspiegels of camera’s die zodanig zijn geplaatst dat zowel de feitelijke bestuurder als de examinator het rechts en links naast en achter hem gelegen weggedeelte kan overzien en waarmee tijdens het afslaan en in bochten in het wegverloop voldoende zicht is op de wielen van de aanhangwagen, het deel van de weg naast de aanhangwagen en een zo groot mogelijk deel van de onderzijde van de aanhangwagen, en +c. linker- en rechterbuitenspiegels of een camera-monitorsysteem of camera-monitorsystemen die zodanig zijn geplaatst dat zowel de feitelijke bestuurder als de examinator het rechts en links naast en achter hem gelegen weggedeelte kan overzien en waarmee tijdens het afslaan en in bochten in het wegverloop voldoende zicht is op de wielen van de aanhangwagen, het deel van de weg naast de aanhangwagen en een zo groot mogelijk deel van de onderzijde van de aanhangwagen, en d. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wijze als bij die regeling is voorgeschreven. **2.** In aanvulling op het eerste lid kan het CBR nadere eisen stellen die betrekking hebben op de veiligheid van de kandidaat, de examinator of de veiligheid op de weg, dan wel in het algemeen van belang zijn voor het afnemen van een examen dat recht doet aan de uitvoering van de verkeerstaak met een motorrijtuig dat met het rijbewijs voor de categorie T mag worden bestuurd. @@ -2329,7 +2327,7 @@ b. ten aanzien van de aanvrager in het rijbewijsregister is geregistreerd dat te ### Artikel 104b -Het bedrag, bedoeld in artikel 111, zesde lid, van de wet bedraagt voor een aanvraag van een rijbewijs waarvan de behandeling zonder bijzondere dienstverlening geschiedt € 30,95. +Het bedrag, bedoeld in artikel 111, zesde lid, van de wet bedraagt voor een aanvraag van een rijbewijs waarvan de behandeling zonder bijzondere dienstverlening geschiedt € 31,30. ### Artikel 105