diff --git a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-b/BWBR0012289/README.md b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-b/BWBR0012289/README.md index 30eb8f192b7..db2ad5e86f4 100644 --- a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-b/BWBR0012289/README.md +++ b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-b/BWBR0012289/README.md @@ -5371,11 +5371,14 @@ De IND wijst de aanvraag af, als niet aan deze voorwaarden wordt voldaan. De IND #### 16.6. Gezinsleden -Gezinsleden van een minderjarige vreemdeling, aan wie een verblijfsvergunning op niet-tijdelijke humanitaire gronden is verleend omdat hij gedurende één jaar in het bezit is geweest van een verblijfsvergunning humanitair tijdelijk op grond van artikel 3.48, tweede lid, aanhef en onder b, jo artikel 3.24aa, eerste lid, aanhef en onder f, VV, komen op grond van artikel 3.13, tweede lid, Vb in aanmerking voor een verblijfsvergunning wegens verblijf bij vorenbedoelde vreemdeling. +De IND verleent op grond van artikel 3.13, tweede lid, Vb uitsluitend een verblijfsvergunning aan de volgende in Nederland verblijvende gezinsleden van een onder toezicht gestelde vreemdeling die voldoet aan de voorwaarden van paragraaf B9/16.5 Vc: + +• de biologische of juridische ouder(s), als het onder toezicht gestelde kind onder rechtmatig gezag staat van deze ouder(s); +• de minderjarige broers en zussen die feitelijk behoren tot het gezin, als de IND aan hun biologische of juridische ouder(s) een verblijfsvergunning heeft verleend voor gezinsleden van de onder toezicht gestelde vreemdeling. De minderjarige broers en zussen moeten onder rechtmatig gezag van de biologische of juridische ouders staan. De IND wijst de aanvraag op grond van artikel 3.13, tweede lid, Vb van de gezinsleden niet af op grond van artikel 16, eerste lid, onder c en k, Vw. -Paragraaf B7/4 Vc is van toepassing indien op grond van paragraaf B9/16.4 en B9/16.6 aan gezinsleden een verblijfsvergunning wordt verleend. +Paragraaf B7/4 Vc is van toepassing indien op grond van paragraaf B9/16.4 Vc en B9/16.6 Vc aan gezinsleden een verblijfsvergunning wordt verleend. ### 17. Beschermde getuige in beschermingsprogramma van de Politie Landelijke Eenheid @@ -5646,7 +5649,7 @@ Het uit een derde land afkomstige familielid dient de aanvraag als bedoeld in ar De aanvraag om afgifte van een document waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, wordt hierna aangeduid als de aanvraag om toetsing aan EU-recht. De aanvrager (het uit een derde land afkomstige familielid) overlegt bij zijn aanvraag de gegevens, als bedoeld in artikel 8.13, derde lid, Vb. Uitzondering hierop is de verklaring van inschrijving van de burger van de Unie bij wie hij verblijft. Vanaf 1 juli 2023 is het uit een derde land afkomstig familielid niet meer verplicht om bij de aanvraag een verklaring van inschrijving van de burger van de Unie te overleggen. -Het uit een derde land afkomstige familielid maakt na de indiening van zijn aanvraag als bedoeld in artikel 8.13, tweede lid, Vb, zelf een afspraak bij een IND-loket voor het afnemen van de voor het verblijfsdocument benodigde biometrie. Bij het IND-loket ontvangt het uit een derde land afkomstige familielid ook het ‘bewijs van rechtmatig verblijf en recht op arbeid hangende de procedure’ (zie in paragraaf B10/2.2 Vc onderdeel ‘Bewijs van rechtmatig verblijf en recht op arbeid hangende de procedure’). De IND verstrekt het uit een derde land afkomstige familielid een verblijfsdocument als bedoeld in artikel 8.13, vijfde lid, Vb, als de verblijfgevende burger van de Unie voldoet aan artikel 8.12, lid 1, Vb en tevens wordt voldaan aan de voorwaarden van de artikel 8.13, derde lid, Vb (uitgezonderd artikel 8.13, lid 3, onder b, Vb). +Het uit een derde land afkomstige familielid maakt na de indiening van zijn aanvraag als bedoeld in artikel 8.13, tweede lid, Vb, zelf een afspraak bij een IND-loket voor het afnemen van de voor het verblijfsdocument benodigde biometrie. Bij het IND-loket ontvangt het uit een derde land afkomstige familielid ook het ‘bewijs van rechtmatig verblijf en recht op arbeid hangende de procedure’ (zie in paragraaf B10/2.2 Vc onderdeel ‘Bewijs van rechtmatig verblijf en recht op arbeid hangende de procedure’). De IND verstrekt het uit een derde land afkomstige familielid een verblijfsdocument als bedoeld in artikel 8.13, vijfde lid, Vb, als de verblijfgevende burger van de Unie voldoet aan artikel 8.12, lid 1, Vb en tevens wordt voldaan aan de voorwaarden van de artikel 8.13, derde lid, Vb (uitgezonderd artikel 8.13, lid 3, onder b, Vb). In aanvulling op artikel 8.13, vierde lid, Vb verstrekt de IND aan een uit een derde land afkomstig familielid van een burger van de Unie na indiening van de aanvraag als bedoeld in artikel 8.13, tweede lid, Vb de sticker ‘Verblijfsaantekeningen Gemeenschapsonderdanen’ (bijlage 7h, VV) met de aantekening ‘arbeid toegestaan’ en ‘tewerkstellingsvergunning is niet vereist’. @@ -5682,21 +5685,6 @@ Bij de beoordeling of sprake is van een zodanig afhankelijkheidsverhouding dat h De IND verstrekt aan de vreemdeling die verblijf beoogt als verzorgende ouder van een minderjarig Nederlands kind onmiddellijk na indiening van de aanvraag voor toetsing aan het EU-recht de sticker ‘verblijfsaantekeningen gemeenschapsonderdanen’ (bijlage 7h, VV) met de aantekening dat het familielid mag werken. -In de volgende gevallen wordt geen sticker ‘verblijfsaantekeningen gemeenschapsonderdanen’ (bijlage 7h, VV) afgegeven, maar een sticker ‘verblijfsaantekeningen algemeen’ (bijlage 7g, VV): - -• de Nederlandse nationaliteit van het minderjarige kind is niet aangetoond met een geldig Nederlands paspoort; -• het Nederlandse kind is meerderjarig; -• de familierechtelijke relatie met het minderjarige Nederlandse kind is niet aangetoond; -• de vreemdeling is een stief-, pleeg- of opvangouder van het minderjarige Nederlandse kind; -• er zijn indicaties van een schijnerkenning; -• er is geen bewijs geleverd van opvoedings- en/of verzorgingstaken door de vreemdeling; -• de vreemdeling heeft verblijfsrecht in een andere EU-lidstaat; -• de vreemdeling kan niet op ondubbelzinnige wijze zijn identiteit en nationaliteit aantonen; -• er bestaan aanwijzingen dat het persoonlijke gedrag van de vreemdeling een actuele, werkelijke en voldoende ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de samenleving vormt; of -• het minderjarige Nederlandse kind staat niet ingeschreven in de BRP. - -Op de sticker ‘verblijfsaantekeningen algemeen’ wordt aangetekend dat arbeid niet is toegestaan. Wordt het de vreemdeling echter op een andere grond toegestaan. - #### 2.3. Ontzegging of beëindiging rechtmatig verblijf Op grond van artikel 8.25 Vb ontzegt of beëindigt de IND het rechtmatig verblijf van de vreemdeling als: @@ -6351,6 +6339,8 @@ De IND telt bij de in artikel 21, tweede lid, Vw genoemde periode van tien jaar De IND maakt gebruik van de bevoegdheid om een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd wegens gevaar voor de openbare orde of de nationale veiligheid af te wijzen, zoals bedoeld in artikel 21, eerste lid, aanhef en onder c en d, Vw en artikel 3.95 Vb, tenzij dit in strijd is met internationale verplichtingen. +De IND maakt bij de beoordeling van een aanvraag om wedertoelating op grond van artikel 3.92 Vb gebruik van de bevoegdheid om deze aanvraag wegens gevaar voor de openbare orde of de nationale veiligheid af te wijzen, zoals bedoeld in artikel 3.77 en 3.78 Vb, tenzij dit in strijd is met internationale verplichtingen. + #### 2.5. Hoofdverblijf Voor verplaatsing van het hoofdverblijf wordt verwezen naar paragraaf B1/6.2.1. Vc.