2014-01-01 | BWBR0007513 | Besluit verklaringhouders Scheepvaartverkeerswet

This commit is contained in:
Coornhert 2014-01-01 12:00:00 +00:00
parent 8433ab9174
commit eae1df9697

View file

@ -29,7 +29,8 @@ f. gelijksoortige zeeschepen: zeeschepen die naar het oordeel van de regionale a
4°. manoeuvreerbaarheid;
g. zeeschepen met gevaarlijke lading: zeeschepen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel g, van het Loodsplichtbesluit 1995;
h. examencommissie: de commissie voor de verklaringhoudersexamens, bedoeld in artikel 10, eerste lid, of artikel 11, eerste lid;
i. commissie van gecommitteerden: de commissie, bedoeld in artikel 12.
i. commissie van gecommitteerden: de commissie, bedoeld in artikel 12;
j. scheepsramp: voorval of ongeval, overkomen aan een schip ten gevolge waarvan schade van betekenis aan dat schip of de zaken aan boord daarvan of letsel aan een of meer van de opvarenden, of schade aan een ander schip of de zaken aan boord daarvan, danwel letsel aan een of meer van de opvarenden of schade aan het mariene milieu daarvan is veroorzaakt.
### Artikel 2
@ -61,7 +62,7 @@ a. voldoende bewijsstukken, waaruit blijkt dat de aanvrager:
2°. als verkeersdeelnemer met het zeeschip de betreffende scheepvaartweg ten minste achttien maal per jaar, in beide richtingen naar zee gaand en van zee komend zal bevaren;
b. voldoende bewijs, waaruit blijkt dat de aanvrager de bevoegdheid bezit om als kapitein op te treden aan boord van het zeeschip;
c. een getuigschrift, waaruit blijkt dat de aanvrager het examen, bedoeld in artikel 5, met goed gevolg heeft afgelegd, afgegeven uiterlijk een jaar voor de aanvraag;
d. een geldige geneeskundige verklaring zeevaart als bedoeld in artikel 104, eerste lid, van het Besluit zeevaartbemanning handelsvaart en zeilvaart, en een verklaring betreffende het gezichtsorgaan en het gehoor als bedoeld in het tweede lid van dat artikel, dan wel door Onze Minister daarmee gelijkgestelde verklaringen;
d. een geldige geneeskundige verklaring van geschiktheid voor de zeevaart als bedoeld in artikel 40, eerste lid, van de Wet zeevarenden;
e. twee goedgelijkende pasfotos van de aanvrager, aan de achterkant voorzien van zijn naam, voorletters en geboortedatum, en
f. een kopie van de meetbrief van het zeeschip of de zeeschepen, waarop de aangevraagde verklaring betrekking heeft.
@ -138,7 +139,7 @@ De houder van een verklaring overlegt periodiek een verklaring van geschiktheid
**4.** De houder van een verklaring vult van elke reis met een schip, waarvoor de verklaring wordt gebruikt een certificaat in, ondertekent dit en doet dit zo spoedig mogelijk na elke reis toekomen aan de regionale autoriteit die de verklaring heeft afgegeven. Onze Minister stelt het model van dit certificaat vast.
**5.** De houder van een verklaring doet in geval van een scheepsramp als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Schepenwet, met inbegrip van de daaronder begrepen betekenis voor de toepassing van hoofdstuk IV van die wet, waarbij hij direct of indirect betrokken is, zo spoedig mogelijk een schriftelijke verklaring inzake het gebeurde en zijn navigatiebeleid daarbij toekomen aan de regionale autoriteit van de regio waar de gebeurtenis heeft plaatsgevonden en verschaft desgevraagd aan deze nadere informatie. Deze verklaring en de nadere informatie mag slechts gebruikt worden voor leringsdoeleinden en mag in geen geval dienen als bewijs tegen de verklaringhouder in geval van vervolging.
**5.** De houder van een verklaring doet in geval van een scheepsramp, waarbij hij direct of indirect betrokken is, zo spoedig mogelijk een schriftelijke verklaring inzake het gebeurde en zijn navigatiebeleid daarbij toekomen aan de regionale autoriteit van de regio waar de gebeurtenis heeft plaatsgevonden en verschaft desgevraagd aan deze nadere informatie. Deze verklaring en de nadere informatie mag slechts gebruikt worden voor leringsdoeleinden en mag in geen geval dienen als bewijs tegen de verklaringhouder in geval van vervolging.
### Artikel 8a
@ -254,7 +255,7 @@ c. de examenvakken, bedoeld in artikel 19, onderdelen d en e, mondeling en prakt
**1.** Het mondeling examen in de examenvakken, bedoeld in artikel 19, onderdelen a, b en c, wordt per kandidaat afgenomen door twee examinatoren in het bijzijn van een gecommitteerde. Een van hen houdt aantekening van de inhoud en het verloop van het examenvak. De gecommitteerde is bevoegd de examinatoren te verzoeken over bepaalde onderdelen van de examenstof vragen te stellen. De gecommitteerde stelt tezamen met de examinatoren het cijfer vast.
**2.** Indien een examenvak schriftelijk wordt afgenomen, zijn de artikelen 16 tot en met 22 van het Besluit adspirant-registerloodsen van toepassing.
**2.** Indien een examenvak schriftelijk wordt afgenomen, zijn de artikelen 16 tot en met 22 van het Besluit adspirant-registerloodsen, zoals die artikelen luidden op 31 december 2013, van toepassing.
### Artikel 23
@ -333,7 +334,7 @@ In gevallen waarin dit besluit niet voorziet beslist de voorzitter van de betref
### Artikel 32
Tegen een beslissing van de voorzitter als bedoeld in artikel 18, tweede lid, 29, eerste lid of 31, mits niet betreffende de kennis of vaardigheid van de kandidaat, kan de betrokken kandidaat beroep instellen bij de commissie van beroep voor loodsenexamens, bedoeld in artikel 35 van het Besluit adspirant-registerloodsen.
Tegen een beslissing van de voorzitter als bedoeld in artikel 18, tweede lid, 29, eerste lid of 31, mits niet betreffende de kennis of vaardigheid van de kandidaat, kan de kandidaat beroep instellen bij de daartoe door de algemene raad van de Nederlandse loodsencorporatie ten behoeve van de opleiding van registerloodsen ingestelde commissie van beroep.
### Artikel 33