2004-05-27 | BWBR0002380 | Bestrijdingsmiddelenwet 1962

This commit is contained in:
Coornhert 2004-05-27 12:00:00 +00:00
parent 031cec2499
commit ebf90d73d8

View file

@ -384,7 +384,7 @@ b. kunnen voorschriften worden gegeven welke onder meer betrekking hebben op:
Bij de toelating:
a. kan worden bepaald, dat het bestrijdingsmiddel uitsluitend mag worden afgeleverd aan en gebruikt door personen of rechtspersonen, behorende tot een daarbij aangewezen categorie;
b. wordt bepaald dat het verboden is aan het grote publiek biociden af te leveren, welke ingevolge richtlijn nr. 88/379/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 7 juni 1988 (Pb EG L 187) betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten inzake de indeling, de verpakking en het kenmerken van gevaarlijke preparaten als vergiftig, zeer vergiftig, kankerverwekkend of mutageen categorie 1 en 2, of als vergiftig voor de voortplanting categorie 1 of 2 zijn ingedeeld.
b. wordt bepaald dat het verboden is aan het grote publiek biociden af te leveren, welke ingevolge richtlijn nr. 1999/45/EG van het Europese Parlement en de Raad van 31 mei 1999 betreffende de onderlinge aanpassingen van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten inzake de indeling, de verpakking en het kenmerken van gevaarlijke preparaten (Pb EG L 187) als vergiftig, zeer vergiftig, kankerverwekkend of mutageen categorie 1 of 2, of als vergiftig voor de voortplanting categorie 1 of 2 zijn ingedeeld.
**5.** Het college kan, hetzij op een met redenen omkleed schriftelijk verzoek van de toelatinghouder of registratiehouder, hetzij in bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen gevallen, de ingevolge dit artikel gestelde voorschriften wijzigen met ingang van een bij die wijziging aan te geven tijdstip. Alvorens tot wijziging van de voorschriften te besluiten, stelt het college de toelatinghouder of registratiehouder binnen een daarvoor aangegeven termijn in de gelegenheid zijn zienswijze omtrent de voorgenomen wijziging en het tijdstip van ingang daarvan kenbaar te maken en kan hij hem verzoeken aanvullende informatie te verschaffen. Artikel 4, derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing op de op verzoek of anders dan op verzoek te verstrekken gegevens. Indien is overgegaan tot het verrichten van dierproeven zonder dat daaraan voorafgaand de bedoelde inlichtingen zijn ingewonnen, worden de uit die dierproeven verkregen gegevens door het college bij de beslissing buiten beschouwing gelaten, tenzij zij leiden tot een inperking van de toelating.