2012-08-01 | BWBR0011538 | Besluit staatsexamens vwo-havo-mavo 2000

This commit is contained in:
Coornhert 2012-08-01 12:00:00 +00:00
parent ed2efcd029
commit edf5881915

View file

@ -16,28 +16,31 @@ citeertitel: Staatsexamenbesluit VO
In dit besluit wordt verstaan onder:
- *basisberoepsgerichte leerweg:* de basisberoepsgerichte leerweg, bedoeld in artikel 10b van de wet;
- *centraal examen:* het centraal examen, bedoeld in artikel 4, derde lid;
- *college-examen:* het college-examen, bedoeld in artikel 4, tweede lid;
- *College voor examens:* College voor examens, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Wet College voor examens;
- *deeleindexamen:* het deeleindexamen, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Eindexamenbesluit VO;
- *deelstaatsexamen:* het examen in één of meer van de voor het staatsexamen voorgeschreven vakken;
- *gemengde leerweg:* de gemengde leerweg, bedoeld in artikel 10d van de wet;
- *havo:* hoger algemeen voortgezet onderwijs als bedoeld in artikel 8 van de wet;
- *inspectie:* de inspectie, bedoeld in artikel 1 van de Wet op het onderwijstoezicht;
- *instelling voor educatie en beroepsonderwijs:* een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b, van de Wet educatie en beroepsonderwijs, voor zover het betreft door die instelling verzorgde opleidingen vavo;
- *kaderberoepsgerichte leerweg:* de kaderberoepsgerichte leerweg, bedoeld in artikel 10b van de wet;
- *kandidaat:* degene die zich op grond van artikel 3 heeft aangemeld voor toelating tot het afleggen van het staatsexamen of deelstaatsexamen;
- *maatschappelijke stage:* maatschappelijke stage als bedoeld in artikel 6f van de Wet op het voortgezet onderwijs;
- *mavo:* middelbaar algemeen voortgezet onderwijs, als bedoeld in artikel 9 van de wet;
- *Onze Minister:* Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
- *opleiding vavo:* een opleiding voortgezet algemeen volwassenenonderwijs als bedoeld in artikel 7.3.1, eerste lid, onderdeel a, van de Wet educatie en beroepsonderwijs, voor zover leidend tot het diploma vwo, het diploma havo of het diploma voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs theoretische leerweg, genoemd in artikel 10 van de wet;
- *opleiding vavo:* een opleiding voortgezet algemeen volwassenenonderwijs als bedoeld in artikel 7.3.1, eerste lid, onderdeel a, van de Wet educatie en beroepsonderwijs, voor zover leidend tot het diploma vwo, het diploma havo of het diploma vmbo theoretische leerweg;
- *profiel:* een in artikel 12 van de wet genoemd profiel;
- *profielwerkstuk:* het in artikel 4, derde lid, van het Eindexamenbesluit VO bedoelde profielwerkstuk;
- *school:* een school voor vwo, een school voor havo of een school voor mavo, tenzij anders blijkt;
- *school:* een school voor vwo, een school voor havo of een school voor vmbo, tenzij anders blijkt;
- *sector:* een sector als bedoeld in artikel 10, derde lid, van de wet;
- *sectorwerkstuk:* het sectorwerkstuk, bedoeld in artikel 4, vijfde lid, van het Eindexamenbesluit VO;
- *staatsexamen:* het staatsexamen ter verkrijging van het diploma vwo, het diploma havo of het diploma voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs theoretische leerweg, genoemd in artikel 10 van de wet;
- *staatsexamen:* het staatsexamen ter verkrijging van het diploma vwo, het diploma havo of het vmbo, met dien verstande dat het staatsexamen vmbo voor zover het betreft de basisberoepsgerichte leerweg, de kaderberoepsgerichte leerweg of de gemengde leerweg enkel in de algemene vakken wordt afgenomen;
- *theoretische leerweg:* de theoretische leerweg, bedoeld in artikel 10 van de wet;
- *toets:* een toets met schriftelijke of mondelinge vragen en opdrachten, of een praktische opdracht;
- *vbo:* voorbereidend beroepsonderwijs, als bedoeld in artikel 10a van de wet;
- *vmbo:* vbo in een leerweg als bedoeld in de artikelen 10, 10b en 10d van de wet;
- *vmbo:* voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs als bedoeld in artikel 21 van de wet;
- *vwo:* voorbereidend wetenschappelijk onderwijs als bedoeld in artikel 7 van de wet;
- *wet:*
Wet op het voortgezet onderwijs.
@ -52,9 +55,18 @@ In dit besluit wordt verstaan onder:
**4.** Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op kandidaten die afkomstig zijn van een school voor speciaal voortgezet onderwijs.
**5.** Zij die aan een staatsexamen of deelstaatsexamen deelnemen, zijn verplicht zich te legitimeren op verzoek van hen die deze examens afnemen of daarop toezicht houden.
**5.** Ten aanzien van kandidaten afkomstig van een school ten aanzien waarvan toepassing is gegeven aan artikel 29, lid 1a, van de wet, of een instelling voor educatie en beroepsonderwijs ten aanzien waarvan toepassing is gegeven aan artikel 6a.2.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, is het bedrag, bedoeld in het eerste en tweede lid, verschuldigd door het bevoegd gezag van die school of instelling.
**6.** De in dit artikel bedoelde bedragen kunnen bij regeling van Onze Minister worden gewijzigd voor zover de consumentenprijsindex daartoe aanleiding geeft.
**6.** Zij die aan een staatsexamen of deelstaatsexamen deelnemen, zijn verplicht zich te legitimeren op verzoek van hen die deze examens afnemen of daarop toezicht houden.
**7.** De in dit artikel bedoelde bedragen kunnen bij regeling van Onze Minister worden gewijzigd voor zover de consumentenprijsindex daartoe aanleiding geeft.
### Artikel 2a
Tot het staatsexamen vmbo in de basisberoepsgerichte leerweg, de kaderberoepsgerichte leerweg of de gemengde leerweg, wordt uitsluitend toegelaten:
a. de kandidaat die ten tijde van de aanmelding voor het staatsexamen is ingeschreven als deelnemer aan een beroepsopleiding als bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs, eerder is afgewezen voor het eindexamen vmbo in een in de aanhef genoemde leerweg, en een cijferlijst overlegt waaruit blijkt dat voor elk van de beroepsgerichte vakken waarin eindexamen is afgelegd, het eindcijfer 6 of meer is behaald;
b. de kandidaat die is ingeschreven aan een school voor voortgezet speciaal onderwijs of een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de expertisecentra en die met toepassing van artikel 30 van de Wet op het voortgezet onderwijs het eindexamen vmbo in een in de aanhef genoemde leerweg heeft afgelegd, indien de leerling daarvoor is afgewezen en een cijferlijst overlegt waaruit blijkt dat voor elk van de beroepsgerichte vakken waarin eindexamen is afgelegd, het eindcijfer 6 of meer is behaald.
### Artikel 3
@ -125,9 +137,9 @@ b. het College voor examens kan afwijken van voorschriften met betrekking tot he
### Artikel 8
**1.** De artikelen 11, 12, 13 en 22 van het Eindexamenbesluit VO voor zover zij betrekking hebben op het eindexamen vwo van opleidingen vavo, het eindexamen havo van opleidingen vavo en het eindexamen voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs theoretische leerweg van opleidingen vavo, zijn van overeenkomstige toepassing op respectievelijk het staatsexamen vwo, het staatsexamen havo en het staatsexamen voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs van de theoretische leerweg.
**1.** De artikelen 11, 12, 13, 22, 23, 24 en 25 van het Eindexamenbesluit VO voor zover zij betrekking hebben op het eindexamen vwo van opleidingen vavo, het eindexamen havo van opleidingen vavo, het eindexamen vmbo theoretische leerweg van opleidingen vavo en het eindexamen in de algemene vakken van de overige leerwegen van het vmbo, zijn van overeenkomstige toepassing op respectievelijk het staatsexamen vwo, het staatsexamen havo en het staatsexamen vmbo.
**2.** In afwijking van het eerste lid kan het College voor examens, al dan niet voor een bepaalde groep van kandidaten, besluiten dat geen gelegenheid wordt gegeven tot het afleggen van examen in een vak dat uitsluitend behoort tot het vrije deel van de profielen of tot het vrije deel van de theoretische leerweg. De eerste volzin is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de vakken kunst (drama) en kunst (dans).
**2.** In afwijking van het eerste lid kan het College voor examens, al dan niet voor een bepaalde groep van kandidaten, besluiten dat geen gelegenheid wordt gegeven tot het afleggen van examen in een vak dat uitsluitend behoort tot het vrije deel van de profielen of tot het vrije deel van een leerweg van het vmbo. De eerste volzin is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de vakken kunst (drama) en kunst (dans).
### Artikel 9
@ -137,19 +149,21 @@ De kandidaat kiest, met inachtneming van dit hoofdstuk, in welke vakken hij het
**1.**
Onverminderd vrijstellingen en ontheffingen op grond van de artikelen 11, 12, 13 en 22 van het Eindexamenbesluit VO en met inachtneming van de beperking in artikel 25, derde lid, aanhef en onderdeel d, dat van een school voor voortgezet onderwijs slechts één cijferlijst in beschouwing kan worden genomen, is de kandidaat die staatsexamen aflegt,
Onverminderd vrijstellingen en ontheffingen op grond van de artikelen 11, 12, 13, 22 en, voor zover het betreft de algemene vakken, 23 tot en met 25 van het Eindexamenbesluit VO en met inachtneming van de beperking in artikel 25, derde lid, aanhef en onderdeel d, dat van een school voor voortgezet onderwijs slechts één cijferlijst in beschouwing kan worden genomen, is de kandidaat die staatsexamen aflegt:
a. vrijgesteld van het examen in een vak in het vwo op grond van een examen vwo, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger is behaald;
b. vrijgesteld van het examen in een vak in het havo op grond van een examen vwo of havo, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger is behaald, en vrijgesteld van het examen in een vak in het mavo op grond van een examen vwo, havo of mavo, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger is behaald;
c. vrijgesteld van het examen in een vak van het vwo, havo of mavo op grond van het overeenkomstige examen, afgelegd in de Nederlandse Antillen of in Aruba, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger is behaald;
d. vrijgesteld van het profielwerkstuk, indien reeds eerder een profielwerkstuk is gemaakt dat betrekking heeft op een of meer vakken van dezelfde schoolsoort, behorende tot het profiel van de kandidaat en waarvoor een eindcijfer 6 of hoger is behaald;
e. vrijgesteld van het sectorwerkstuk, indien reeds eerder een sectorwerkstuk is gemaakt dat betrekking heeft op een thema uit die sector, en dat is beoordeeld als «voldoende« of «goed».
b. vrijgesteld van het examen in een vak in het havo op grond van een examen vwo of havo, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger is behaald;
c. vrijgesteld van het examen in een vak in de theoretische of gemengde leerweg van het vmbo op grond van een examen vwo, havo, vmbo theoretische leerweg of vmbo gemengde leerweg, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger is behaald;
d. vrijgesteld van het examen in een vak in de basisberoepsgerichte of kaderberoepsgerichte leerweg van het vmbo op grond van een examen vwo, havo of vmbo, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger is behaald;
e. vrijgesteld van het examen in een vak van het vwo, havo of vmbo op grond van het overeenkomstige examen, afgelegd in Aruba, Curaçao of Sint Maarten, indien voor het overeenkomstige vak een eindcijfer 6 of hoger is behaald;
f. vrijgesteld van het profielwerkstuk, indien reeds eerder een profielwerkstuk is gemaakt dat betrekking heeft op een of meer vakken van dezelfde schoolsoort, behorende tot het profiel van de kandidaat en waarvoor een eindcijfer 6 of hoger is behaald;
g. vrijgesteld van het sectorwerkstuk, indien reeds eerder een sectorwerkstuk is gemaakt dat betrekking heeft op een thema uit die sector, en dat is beoordeeld als «voldoende» of «goed».
**2.** Het eerste lid is uitsluitend van toepassing indien na het jaar waarin het eindcijfer of de beoordeling is vastgesteld, nog geen 10 jaren zijn verstreken.
**3.** In aanvulling op het eerste lid, onder a en b, is de kandidaat vrijgesteld van het onderdeel literatuur van elke moderne taal, indien de kandidaat bij het eerder afgelegde examen, voor literatuur een cijfer 6 of hoger heeft behaald.
**3.** In aanvulling op het eerste lid, onder a tot en met d, is de kandidaat vrijgesteld van het onderdeel literatuur van elke moderne taal, indien de kandidaat bij het eerder afgelegde examen, voor literatuur een cijfer 6 of hoger heeft behaald.
**4.** In aanvulling op het eerste lid, onder a tot en met d, en derde lid, is de daar bedoelde kandidaat eveneens vrijgesteld indien het eindcijfer 5 of 4 is behaald, mits de kandidaat voldoet aan de voorwaarden van artikel 26 om te slagen voor het staatsexamen.
**4.** In aanvulling op het eerste lid, onder a tot en met f, en derde lid, is de daar bedoelde kandidaat eveneens vrijgesteld indien het eindcijfer 5 of 4 is behaald, mits de kandidaat voldoet aan de voorwaarden van artikel 26 om te slagen voor het staatsexamen.
**5.** Bij ministeriële regeling worden nadere voorschriften gegeven voor de toepassing van het eerste lid.
@ -269,6 +283,10 @@ c. ook in het derde tijdvak verhinderd is, of wanneer hij het centraal examen in
**2.** Toepassing van het eerste lid geschiedt onverminderd artikel 6.
### Artikel 23a
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
## Hoofdstuk IV. Uitslag, herkansing en diplomering
### Artikel 24
@ -309,11 +327,12 @@ g. bewijzen van ontheffing als bedoeld in artikel 10, vierde lid, van het Eindex
**1.**
De kandidaat die het staatsexamen voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs van de theoretische leerweg, genoemd in artikel 10 van de Wet op het voortgezet onderwijs, heeft afgelegd, is geslaagd indien het rekenkundig gemiddelde van zijn bij het centraal examen behaalde cijfers ten minste 5,5 is, en hij tevens:
De kandidaat die het staatsexamen vmbo heeft afgelegd, is geslaagd indien het rekenkundig gemiddelde van zijn bij het centraal examen behaalde cijfers ten minste 5,5 is, en hij tevens:
a. voor ten hoogste één van zijn examenvakken het eindcijfer 5 heeft behaald en voor zijn overige examenvakken een 6 of hoger,
b. voor ten hoogste één van zijn examenvakken het eindcijfer 4 heeft behaald en voor zijn overige examenvakken een 6 of hoger waarvan ten minste één 7 of hoger, dan wel
c. voor twee van zijn examenvakken het eindcijfer 5 heeft behaald en voor zijn overige examenvakken een 6 of hoger waarvan ten minste één 7 of hoger.
c. voor twee van zijn examenvakken het eindcijfer 5 heeft behaald en voor zijn overige examenvakken een 6 of hoger waarvan ten minste één 7 of hoger,
d. voor het sectorwerkstuk de kwalificatie «voldoende» of «goed» heeft behaald.
**2.**
@ -324,8 +343,8 @@ b. indien hij:
1°. voor al zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald,
2°. voor één van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 5 en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald,
3°. voor één van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 4 en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald, en het gemiddelde van de eindcijfers tenminste 6,0 bedraagt, dan wel
4°. voor twee van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 5 heeft behaald dan wel voor één van de vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld als eindcijfer 4 en voor één van deze vakken als eindcijfer 5 heeft behaald, en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald, en het gemiddelde van de eindcijfers tenminste 6,0 bedraagt, en
3°. voor één van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld met uitzondering van de vakken Nederlandse taal en literatuur, Engelse taal en literatuur en wiskunde A, wiskunde B of wiskunde C, als eindcijfer 4 en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald, en het gemiddelde van de eindcijfers tenminste 6,0 bedraagt, dan wel
4°. voor twee van zijn vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 5 heeft behaald dan wel voor één van de vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld als eindcijfer 4 en voor één van deze vakken als eindcijfer 5 heeft behaald, en voor de overige vakken waarvoor een eindcijfer is vastgesteld, als eindcijfer 6 of meer heeft behaald, en het gemiddelde van de eindcijfers tenminste 6,0 bedraagt met dien verstande dat hij daarbij voor één van de vakken Nederlandse taal en literatuur, Engelse taal en literatuur en in voorkomende gevallen wiskunde A, wiskunde B of wiskunde C als eindcijfer 5 heeft behaald en voor het andere genoemde vak dan wel de andere twee genoemde vakken als eindcijfer 6 of meer heeft behaald, en
c. indien geen van de eindcijfers van onderdelen, genoemd in het derde lid, lager is dan 4.
**3.**
@ -336,7 +355,7 @@ a. literatuur, als onderdeel van alle afzonderlijke moderne talen, met dien vers
b. klassieke culturele vorming, met dien verstande dat indien het College voor examens daartoe niet besluit, klassieke culturele vorming voor de bepaling van de eindcijfers een onderdeel is van het college-examen van Latijnse taal en literatuur en Griekse taal en literatuur;
c. algemene natuurwetenschappen in het h.a.v.o..
**4.** In aanvulling op het eerste lid geldt tevens als voorwaarde dat het sectorwerkstuk moet zijn beoordeeld als «voldoende» of «goed».
**4.** Voor de toepassing van het eerste lid, onderdelen a, b en c, wordt het eindcijfer van het afdelingsvak of het intrasectorale of intersectorale programma in de basisberoepsgerichte en de kaderberoepsgerichte leerweg meegerekend als twee eindcijfers.
**5.** Het eindcijfer, bedoeld in het derde lid, wordt bepaald als het rekenkundig gemiddelde van de eindcijfers van de samenstellende onderdelen. Indien de uitkomst van deze berekening niet een geheel getal is, wordt dat getal indien het eerste cijfer achter de komma een 4 of lager is, naar beneden afgerond en indien dat cijfer een 5 of hoger is, naar boven afgerond.
@ -344,6 +363,10 @@ c. algemene natuurwetenschappen in het h.a.v.o..
**7.** Zodra de uitslag ingevolge het eerste, vierde en zesde lid of het tweede, derde en zesde lid is vastgesteld, maakt het College voor examens deze samen met de eindcijfers schriftelijk aan de kandidaat bekend. Indien de kandidaat is afgewezen voor het staatsexamen, wordt bij de bekendmaking mededeling gedaan van het in artikel 27 bepaalde. De in de eerste volzin bedoelde uitslag is de definitieve uitslag indien artikel 27 geen toepassing vindt.
### Artikel 26a
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Artikel 27
**1.** Onverminderd de artikelen 6 en 23 heeft de kandidaat die in enig jaar met toepassing van artikel 26 is afgewezen voor het staatsexamen, recht op herkansing in het derde tijdvak van dat jaar. Indien de kandidaat op grond van artikel 23, eerste lid onderdeel b, in de gelegenheid wordt gesteld in het derde tijdvak het centraal examen te voltooien, wordt het recht op herkansing uitgeoefend, overeenkomstig artikel 23, eerste lid, onderdeel c, op een door het College voor examens te bepalen tijdstip.
@ -392,7 +415,7 @@ d. de vakken waarvoor de kandidaat vrijstelling of ontheffing is verleend, met v
e. de eindcijfers voor de examenvakken, alsmede
f. de uitslag van het staatsexamen.
**3.** Het College voor examens draagt er zorg voor dat op grond van de definitieve uitslag aan elke voor het staatsexamen geslaagde kandidaat een diploma wordt uitgereikt waarop het profiel of de profielen zijn vermeld die bij de bepaling van de uitslag zijn betrokken. Op het diploma vmbo-theoretische leerweg is in elk geval de sector of de sectoren vermeld die bij de uitslag worden betrokken.
**3.** Het College voor examens draagt er zorg voor dat op grond van de definitieve uitslag aan elke voor het staatsexamen geslaagde kandidaat een diploma wordt uitgereikt waarop het profiel of de profielen zijn vermeld die bij de bepaling van de uitslag zijn betrokken. Op het diploma vmbo is in elk geval de sector of de sectoren vermeld die bij de uitslag worden betrokken.
**4.** Indien een kandidaat in meer vakken examen heeft afgelegd dan in de vakken die ten minste nodig zijn voor het behalen van het staatsexamen, worden de vakken die niet bij de bepaling van de uitslag zijn betrokken, op de cijferlijst vermeld, tenzij de kandidaat daartegen bezwaar heeft.
@ -402,19 +425,19 @@ f. de uitslag van het staatsexamen.
Voor de vermelding op de cijferlijst van vakken waarvoor de kandidaat vrijstelling of ontheffing is verleend bij het staatsexamen geldt het volgende:
a. indien het betreft het staatsexamen v.w.o. of het staatsexamen h.a.v.o.:
a. indien het betreft het staatsexamen vwo of het staatsexamen havo:
1°. de vakken culturele en kunstzinnige vorming en lichamelijke opvoeding van het gemeenschappelijk deel en de maatschappelijke stage worden niet vermeld op de cijferlijst;
2°. de vakken algemene natuurwetenschappen en maatschappijleer waarvoor de kandidaat bij het staatsexamen v.w.o. is vrijgesteld op grond van het bezit van een diploma h.a.v.o., worden niet vermeld op de cijferlijst;
2°. de vakken algemene natuurwetenschappen en maatschappijleer waarvoor de kandidaat bij het staatsexamen vwo is vrijgesteld op grond van het bezit van een diploma havo, worden niet vermeld op de cijferlijst;
3°. vakken waarvoor de kandidaat is vrijgesteld op grond van artikel 9 van het Eindexamenbesluit VO of artikel 10 van dit besluit, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
4°. vakken waarvoor de kandidaat bij het staatsexamen v.w.o. is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd eindexamen of staatsexamen h.a.v.o. of v.m.b.o. voor zover het betreft de theoretische leerweg, waarvan deze v.w.o.-vakken deel uitmaakten, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
5°. vakken waarvoor de kandidaat bij het staatsexamen h.a.v.o. is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd eindexamen of staatsexamen v.m.b.o., voor zover het betreft de theoretische leerweg waarvan deze vakken dan wel de overeenkomstige vakken, bedoeld in artikel 14, achtste lid, van de wet, deel uitmaakten, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
4°. vakken waarvoor de kandidaat bij het staatsexamen vwo is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd eindexamen of staatsexamen havo of vmbo waarvan deze vwo-vakken deel uitmaakten, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
5°. vakken waarvoor de kandidaat bij het staatsexamen havo is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd eindexamen of staatsexamen vmbo waarvan deze vakken dan wel de overeenkomstige vakken, bedoeld in artikel 14, achtste lid, van de wet, deel uitmaakten, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
6°. andere vakken waarvoor de kandidaat vrijstelling of ontheffing is verleend, worden vermeld op de cijferlijst, zonder vermelding van een cijfer;
b. indien het betreft het staatsexamen v.m.b.o. theoretische leerweg:
b. indien het betreft het staatsexamen vmbo:
1°. de vakken behorende tot de beeldende vorming, muziek, dans, drama en lichamelijke opvoeding van het gemeenschappelijk deel en de maatschappelijke stage worden niet vermeld op de cijferlijst;
2°. vakken waarvoor de kandidaat is vrijgesteld op grond van artikel 9 van het Eindexamenbesluit VO of artikel 10 van dit besluit, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
3°. vakken waarvoor de kandidaat bij het staatsexamen v.m.b.o. voor zover het betreft de theoretische leerweg, is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd eindexamen v.m.b.o. voor zover het betreft de kaderberoepsgerichte leerweg of de basisberoepsgerichte leerweg waarvan deze vakken dan wel de overeenkomstige vakken, bedoeld artikel 10, negende lid, van de wet, deel uitmaakten, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
3°. vakken waarvoor de kandidaat bij het staatsexamen vmbo voor zover het betreft de theoretische leerweg of de gemengde leerweg is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd eindexamen of staatsexamen vmbo voor zover het betreft de kaderberoepsgerichte leerweg of de basisberoepsgerichte leerweg waarvan deze vakken dan wel de overeenkomstige vakken, bedoeld in artikel 10, negende lid, of artikel 10d, negende lid, van de wet, deel uitmaakten, worden vermeld op de cijferlijst, met vermelding van het eerder behaalde cijfer;
4°. andere vakken waarvoor de kandidaat vrijstelling of ontheffing is verleend, worden vermeld op de cijferlijst, zonder vermelding van een cijfer.
**7.** Het College voor examens tekent de diploma's en cijferlijsten.