From ee240ce077169eb6d8781746b1a53349020088cc Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Sat, 1 Oct 2016 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2016-10-01 | BWBR0012287 | Vreemdelingencirculaire 2000 (A) --- .../BWBR0012287/README.md | 84 ++++++++++--------- 1 file changed, 44 insertions(+), 40 deletions(-) diff --git a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-a/BWBR0012287/README.md b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-a/BWBR0012287/README.md index d9fcd1abc12..9d0ecbb1595 100644 --- a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-a/BWBR0012287/README.md +++ b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-a/BWBR0012287/README.md @@ -729,12 +729,11 @@ De ambtenaar belast met de grensbewaking weigert de toegang aan iedere vreemdeli De ambtenaar belast met de grensbewaking: -• stelt de toegangsweigering uit door middel van het model M18A, indien de vreemdeling vóórdat een beslissing inzake de toegang is genomen een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd indient; -• schort de toegangsweigering op door middel van het model M18A, indien de vreemdeling ná de toegangsweigering een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd indient; +• stelt de beslissing omtrent toegangsweigering voor de duur van de grensprocedure uit door middel van het model M18A. Indien de vreemdeling een aanvraag voor een verblijfvergunning asiel voor bepaalde tijd indient nádat de toegang is geweigerd, komt aan die toegangsweigering geen betekenis meer toe. De ambtenaar belast met de grensbewaking stelt ook in dat geval de beslissing omtrent de toegangsweigering uit door middel van het model M18A; • legt voor de duur van de grensprocedure een vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6, derde lid Vw of artikel 6a, eerste lid Vw op door middel van het model M19; en • plaatst de vreemdeling ten spoedigste voor de behandeling van de aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in AC Schiphol. -De ambtenaar belast met de grensbewaking neemt contact op met de IND over het al dan niet uitstellen of opschorten van de weigering tot toegang, als de ambtenaar belast met de grensbewaking concludeert dat het weigeren van toegang mogelijk leidt tot het schaden van een wezenlijk humanitair belang. +De ambtenaar belast met de grensbewaking neemt contact op met de IND over het al dan niet uitstellen van de weigering tot toegang, als de ambtenaar belast met de grensbewaking concludeert dat het weigeren van toegang mogelijk leidt tot het schaden van een wezenlijk humanitair belang. De ambtenaar belast met de grensbewaking kan altijd de medewerker van de IND consulteren voor advies indien hiertoe naar het oordeel van de ambtenaar belast met de grensbewaking aanleiding bestaat. Het advies van de medewerker van de IND is in deze gevallen bindend. @@ -745,7 +744,7 @@ Indien een volwassen vreemdeling samen met een minderjarig kind te kennen geeft Indien er indicaties zijn van mogelijke risico’s voor het geestelijk of lichamelijk welzijn van het minderjarige kind of indien nader onderzoek nodig is naar de volwassen vreemdeling of zijn gestelde relatie tot het minderjarige kind, dan kan de ambtenaar belast met de grensbewaking van deze regel afwijken. De ambtenaar belast met de grensbewaking: -• stelt de toegangsweigering uit, of schort de toegangsweigering op door middel van het model M18A; +• stelt de toegangsweigering uit door middel van het model M18A; • legt een vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6, derde lid, Vw of artikel 6a, eerste lid, Vw door middel van het model M19 (zie paragraaf A5/3.2 Vc); en • plaatst de volwassen vreemdeling en het minderjarige kind, voor de behandeling van de aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de Gesloten Gezinsvoorziening in Zeist. @@ -753,7 +752,7 @@ Indien er door de ambtenaar belast met de grensbewaking wordt vastgesteld dat er • verleent aan het minderjarige kind de toegang en legt daarmee geen vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6, derde lid Vw, of artikel 6a, eerste lid, Vw op; • verwijst het minderjarige kind voor het indienen van de aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, door naar de aanmeldunit van de AVIM (zie paragraaf C1/2.1 Vc). -• stelt de toegangsweigering van de volwassen vreemdeling uit, of schort deze toegangsweigering op door middel van het model M18A; +• stelt de toegangsweigering van de volwassen vreemdeling uit door middel van het model M18A; • legt aan de volwassen vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel op op grond van artikel 6, derde lid, Vw of artikel 6a, eerste lid, Vw door middel van het model M19 (zie paragraaf A5/3.2); • plaatst de volwassen vreemdeling ten spoedigste voor de behandeling van de aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in AC Schiphol. @@ -787,7 +786,7 @@ De ambtenaar belast met de grensbewaking kruist in het standaardformulier zoals • de betreffende staat (in Nederland van de Staat der Nederlanden); • de betreffende instantie, inclusief overheidslogo (van de KMar of ZHP); -• de toepasselijke bepalingen van de wetgeving met betrekking tot de reden voor toegangsweigering (in dit geval artikel 14 juncto artikel 4, eerste lid SGC). +• de toepasselijke bepalingen van de wetgeving met betrekking tot de reden voor toegangsweigering (in dit geval artikel 14 juncto artikel 6, eerste lid SGC). Als een vreemdeling de toegang tot het grondgebied is geweigerd omdat hij een gevaar vormt voor de volksgezondheid, treft de ambtenaar belast met de grensbewaking maatregelen die erop gericht zijn de volksgezondheid te beschermen. @@ -811,9 +810,7 @@ De ambtenaar belast met de grensbewaking zendt een faxbericht aan de meldcentral Indien na de toegangsweigering (vrijwel)gelijktijdig een vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6, eerste en tweede lid, Vw wordt opgelegd en men tegen deze vrijheidsontnemende maatregel beroep instelt, dan dient het rechtsmiddel tegen de toegangsweigering eveneens beroep te zijn, in plaats van administratief beroep. -De ambtenaar belast met de grensbewaking reikt aan de vreemdeling naast het model M18A ook een folder ‘Rechtsmiddelen’ uit. Het schriftelijke uitstellen of opschorten van de toegangsweigering is een besluit waartegen de vreemdeling in beginsel administratief beroep kan instellen bij de IND. - -Indien echter na de (uitgestelde/opgeschorte) toegangsweigering, tevens een vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6, derde lid Vw of artikel 6a Vw wordt opgelegd en men tegen deze vrijheidsontnemende maatregel beroep instelt, wordt dit beroep geacht mede een beroep tegen de (uitgestelde/opgeschorte) toegangsweigering te omvatten. De vreemdeling hoeft dan tegen de (uitgestelde/opgeschorte) toegangsweigering geen administratief beroep in te stellen. De IND zendt een eventueel toch ingesteld administratief beroep door aan de rechtbank die het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel behandelt. Vorenstaande geldt niet indien er tussen de toegangsweigering en het opleggen van de vrijheidsontnemende maatregel meer dan achtentwintig dagen zijn verstreken. In dat geval zal de IND het administratief beroep behandelen. +Het uitstellen van het besluit over de toegang tot Nederland is aan te merken als een voorbereidingshandeling als bedoeld in artikel 6:3 van de Awb. Het betreft dan ook geen besluit waartegen afzonderlijk rechtsmiddelen kunnen worden aangewend. Indien de vreemdeling wil opkomen tegen de toepassing van de grensprocedure, kan dit, indien de klacht samenhangt met de vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6, derde lid Vw of artikel 6a Vw, naar voren worden gebracht in het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel. Indien de klacht samenhangt met de behandeling dan wel de uitkomst van de asielaanvraag, kan deze naar voren worden gebracht bij het beroep tegen het besluit tot afwijzing van die aanvraag. De ambtenaar belast met de grensbewaking weigert de aanvraag om een visum uitsluitend wanneer de vreemdeling overtuigend heeft aangetoond dat de aanvrager een familie- of een gezinslid is in de zin van artikel 8.7, tweede, derde of vierde lid Vb: @@ -1540,24 +1537,6 @@ De beleidsregels zijn een aanvulling op of een uitwerking van de volgende artike De IND, politie, KMar en ZHP starten een terugkeerprocedure op die gericht is op de terugkeer naar het land van herkomst van de vreemdeling, nadat zij de vreemdeling een terugkeerbesluit hebben uitgereikt. -De IND moet een nieuw terugkeerbesluit verstrekken aan de vreemdeling aan wie de vertrektermijn wordt onthouden en een inreisverbod wordt opgelegd en die voldoet aan alle volgende voorwaarden: - -• de vreemdeling heeft eerder een terugkeerbesluit ontvangen; -• de vreemdeling heeft niet voldaan aan de terugkeerverplichting en vertrektermijn voortvloeiend uit het terugkeerbesluit; -• de vreemdeling dient een opvolgende aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning in; -• de aanvraag van de vreemdeling voor het verlenen van een verblijfsvergunning wordt door de IND afgewezen. - -De IND of de ambtenaar belast met grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen moet aan een vreemdeling een nieuw terugkeerbesluit uitreiken als de vreemdeling voldoet aan alle volgende voorwaarden: - -• de vreemdeling heeft voldaan aan zijn terugkeerverplichting; -• de vreemdeling komt opnieuw Nederland binnen; -• de verblijfsrechtelijke positie van de vreemdeling geeft daartoe aanleiding. Dit geldt in ieder geval in de volgende situaties: - -– een aanvraag van de vreemdeling tot het verlenen van een verblijfsvergunning wordt afgewezen; -– de vreemdeling wordt als illegaal aangetroffen; -– de verblijfsvergunning van de vreemdeling wordt ingetrokken; -– de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning van de vreemdeling wordt niet verlengd. - Aan een vreemdeling met verblijfsrecht in een andere lidstaat van de Unie wordt geen inreisverbod verstrekt. Voordat een vreemdeling met verblijfsrecht in een andere lidstaat van de Unie een terugkeerbesluit uitgereikt krijgt dat tevens een inreisverbod inhoudt, moet de ambtenaar belast met grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen via Bureau Sirene contact opnemen met de lidstaat door wie de verblijfsvergunning is afgegeven om nadere informatie te verkrijgen over de aard van het verblijf in die lidstaat. Als de lidstaat van de Unie waar de vreemdeling een verblijfsvergunning heeft over gaat tot intrekking van de verblijfsvergunning van de vreemdeling, moet de ambtenaar belast met grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen de vreemdeling een inreisverbod opleggen. Als het verstrekken van het terugkeerbesluit strijd oplevert met internationale verplichtingen (het verbod op refoulement), verstrekt de ambtenaar belast met grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen geen terugkeerbesluit. In afwijking van de richtlijn 2008/115 wordt een vreemdeling die voldoet aan alle volgende kenmerken door de DT&V begeleid in de terugkeer naar de lidstaat die hem een verblijfsvergunning heeft verleend: @@ -1585,7 +1564,7 @@ De IND verstaat onder kennelijk ongegrond als bedoeld in artikel 62, tweede lid, De IND bekort of onthoudt de vertrektermijn van de vreemdeling in beginsel niet op grond van artikel 62, tweede lid, onder a of b Vw wanneer sprake is van een eerste aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, tenzij: -• de vreemdeling de toegang is geweigerd, of als sprake is van een opgeschorte of uitgestelde toegangsweigering zoals beschreven in A1/7.3 Vc; +• de vreemdeling de toegang is geweigerd, of als sprake is van een uitgestelde toegangsweigering zoals beschreven in A1/7.3 Vc; • de vreemdeling in bewaring is gesteld; • de vreemdeling zich niet direct heeft gemeld voor het indienen van een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd; • tegen de vreemdeling eerder een terugkeerbesluit is uitgevaardigd; @@ -1851,14 +1830,20 @@ Zie ook artikel 23a en 23b van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijk Een ambtshalve genomen overdrachtsbesluit wordt aan de vreemdeling kenbaar gemaakt als wordt voldaan aan alle volgende voorwaarden: -• een claim wordt gehonoreerd van een vreemdeling die geen aanvraag heeft ingediend om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd; en -• de vreemdeling een asielverzoek in de zin van Verordening (EU) nr. 604/2013 heeft ingediend in een andere lidstaat. +• een terug- of overnameverzoek wordt gehonoreerd van een vreemdeling die geen aanvraag heeft ingediend om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd; en +• de vreemdeling een verzoek om internationale bescherming in de zin van Verordening (EU) nr. 604/2013 heeft ingediend in een andere lidstaat. Dit gebeurt door verzending aan de gemachtigde van de vreemdeling en/of door uitreiking of toezending aan de vreemdeling. +Indien de vreemdeling uit eigen beweging wil vertrekken naar de lidstaat die verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn verzoek om internationale bescherming, biedt de IND hem een termijn van ten hoogste tien werkdagen na uitreiken beschikking om zijn vertrek te realiseren. De IND vervat deze termijn in het ambtshalve genomen overdrachtsbesluit. Wanneer de IND reeds een overdrachtsbesluit heeft genomen, kan de DT&V de vreemdeling op diens initiatief ook nadien nog de gelegenheid tot zelfstandig vertrek bieden. De DT&V kan de vreemdeling daartoe een termijn stellen van ten hoogste vijf werkdagen. + +Als een vreemdeling een verzoek tot een voorlopige voorziening indient, kan de DT&V een nieuwe termijn van vijf werkdagen toekennen na uitspraak op deze voorlopige voorziening. Daarbij geldt dat deze termijn niet tot gevolg mag hebben dat de uiterste overdrachtsdatum daarmee overschreden wordt. + +De IND biedt de vreemdeling die op grond van artikel 6a of artikel 59a Vw in bewaring is gesteld en ten behoeve waarvan een terug- of overnameverzoek wordt ingediend bij een andere lidstaat niet meer de gelegenheid om uit eigen beweging te vertrekken naar de betreffende lidstaat na accordering van het terug- of overnameverzoek door de andere lidstaat. + De Commandant der KMar beoordeelt of de vreemdeling wordt overgedragen in de vorm van een gecontroleerd vertrek of onder geleide. Bij de beoordeling beziet de Commandant der KMar of uit de geaccordeerde claim blijkt dat een begeleide overdracht gewenst is. De DT&V adviseert de Commandant der KMar bij de beoordeling voor een gecontroleerd vertrek of onder geleide. -De DT&V maakt de datum van overdracht aan de vreemdeling bekend. De DT&V verstrekt de vreemdeling die zelfstandig reist naar de lidstaat die verantwoordelijk is voor de behandeling van het verzoek om internationale bescherming, het geldige document voor grensoverschrijding. De DT&V vermeldt op het geldig document voor grensoverschrijding aan welke lidstaat de vreemdeling wordt overgedragen. Als de vreemdeling onder geleide reist, houdt zijn begeleider het geldig document voor grensoverschrijding onder zich. Bij gecontroleerd vertrek per vliegtuig wordt het geldig document voor grensoverschrijding afgegeven aan de gezagvoerder die het geldig document voor grensoverschrijding bij aankomst aan de grensbewakingautoriteiten overhandigt. +De DT&V maakt de datum van overdracht aan de vreemdeling bekend. De DT&V verstrekt de vreemdeling die zelfstandig reist naar de lidstaat die verantwoordelijk is voor de behandeling van het verzoek om internationale bescherming, het geldige document voor grensoverschrijding. De DT&V vermeldt op het geldig document voor grensoverschrijding aan welke lidstaat de vreemdeling wordt overgedragen. Als de vreemdeling onder geleide reist, houdt zijn begeleider het geldig document voor grensoverschrijding onder zich. Bij gecontroleerd vertrek per vliegtuig wordt het geldig document voor grensoverschrijding afgegeven aan de gezagvoerder die het geldig document voor grensoverschrijding bij aankomst aan de grensbewakingsautoriteiten overhandigt. De ambtenaar van de dienst die het geld en andere persoonlijke eigendommen van de vreemdeling in beheer heeft, verstrekt dit bij het vertrek uit Nederland aan de vreemdeling. @@ -2609,6 +2594,8 @@ De op grond van artikel 6, artikel 6a, artikel 59 Vw, artikel 59a Vw of artikel #### 2.4. Minderjarigen en gezinnen met minderjarigen + + Vrijheidsontneming op grond van artikel 59 Vw, artikel 59a Vw of artikel 59b Vw is een ingrijpende maatregel. De toepassing daarvan moet daarom tot het strikt noodzakelijke beperkt blijven. Een versterkte mate van terughoudendheid dient te worden betracht bij vrijheidsontneming van alleenstaande minderjarigen en gezinnen met minderjarigen. Zulks brengt met zich mee dat er extra aandacht zal moeten zijn voor de mogelijkheid van het gebruik van minder ingrijpende maatregelen dan vrijheidsontneming. Ten aanzien van alleenstaande minderjarigen en gezinnen met minderjarigen wordt dan ook zoveel mogelijk volstaan met het opleggen van een vrijheidsbeperkende maatregel in plaats van een vrijheidsontnemende maatregel om het vertrek voor te bereiden (zie paragraaf A5/5 Vc). Onder het begrip ‘gezin’ wordt hier verstaan ten minste één ouder of een wettelijk verzorger die in de voogdij voorziet, die samen met één of meer minderjarige kinderen feitelijk een gezin vormt. Desalniettemin kan kort voor de gedwongen terugkeer het belang van de uitzetting maken dat de alleenstaande minderjarige of het gezin met minderjarigen voor een zo kort mogelijke periode in bewaring worden genomen ten einde de uitzetting zeker te stellen. Dat de in bewaring stellende instantie zich rekenschap heeft gegeven van de individuele omstandigheden van het geval zal door middel van een gedegen motivering eerst en vooral uit het dossier moeten blijken. Hierbij wordt in ieder geval, naast de voorwaarden van 5.1a, 5.1b en 5.1c Vb, de medische achtergrond, de leeftijd van de kinderen en, bij een gezin met minderjarigen, de samenstelling (volledigheid) van het gezin meegewogen. @@ -2619,9 +2606,9 @@ Nog meer dan bij volwassenen, wordt bewaring bij alleenstaande minderjarige vree • Het vertrek van de alleenstaande minderjarige vreemdeling kan uiterlijk binnen veertien dagen gerealiseerd worden, of; • De alleenstaande minderjarige vreemdeling is eerder met onbekende bestemming vertrokken uit de opvang of heeft zich niet gehouden aan een opgelegde meldplicht of vrijheidsbeperkende maatregel. -Zie voor het beleid omtrent het opschorten of uitstellen van de toegangsweigering van een volwassen vreemdeling die tezamen met een minderjarig kind inreist en te kennen geeft een aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te willen indienen paragraaf A1/7.3 Vc. +Zie voor het beleid omtrent het uitstellen van de toegangsweigering van een volwassen vreemdeling die tezamen met een minderjarig kind inreist en te kennen geeft een aanvraag voor het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te willen indienen paragraaf A1/7.3 Vc. -Bewaring van een gezin met minderjarigen op grond van artikel 59, eerste lid Vwartikel 59a Vw kan slechts dan worden opgelegd indien sprake is van de volgende omstandigheden: +Bewaring van een gezin met minderjarigen op grond van artikel 59, eerste lid Vw artikel 59a Vw kan slechts dan worden opgelegd indien sprake is van de volgende omstandigheden: Bij alle familieleden moet zijn voldaan aan de wettelijke voorwaarden als bedoeld in artikel 5.1a en 5.1b Vb. In aanvulling daarop moet uit nalaten, handelen, of uitlatingen van (één van) de gezinsleden blijken dat geen medewerking is verleend aan de vertrekprocedure, waardoor die vertrekprocedure is vermeden of belemmerd dan wel een risico bestaat op onttrekking aan het toezicht. Wanneer één of meerdere leden van het gezin signalen afgeven dat zij niet mee zullen werken aan vertrek, zal dit gevolgen hebben voor het aannemen van een risico dat andere gezinsleden zich ook aan het toezicht zullen onttrekken. @@ -2728,6 +2715,15 @@ Voor inbewaringstelling op grond van artikel 59a Vw maakt de ambtenaar als bedoe • er geen minder dwingende maatregelen doeltreffend kunnen worden toegepast; en • er voldoende zicht op de overdracht aan een verantwoordelijke lidstaat bestaat. +(zie ook de paragrafen A3/6.9 en C1/2.6 Vc) + +Indien de Dublinclaimant in bewaring is gesteld omdat onmiddellijke overdracht of overdracht op zeer korte termijn noodzakelijk is ten behoeve van het realiseren van de overdracht binnen zes maanden na het akkoord van de lidstaat die verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn asielverzoek (artikel 5.1b, derde lid, onder m, Vb), duurt de bewaring niet langer dan veertien dagen. Deze termijn is niet van toepassing indien de overdracht niet binnen die veertien dagen kan plaatsvinden door tenminste één van de volgende omstandigheden: + +• fysiek verzet van de vreemdeling of in geval van een gezin fysiek verzet van (één van) de gezinsleden; +• het feit dat de vreemdeling of in geval van een gezin (één van) de gezinsleden na de inbewaringstelling één of meerdere procedures is gaan voeren met het kennelijke doel overdracht aan de verantwoordelijke lidstaat te voorkomen. + +Indien sprake is van een gestarte procedure zoals in de hierboven bedoelde zin, kan de maatregel van bewaring voortduren tot maximaal twee weken nadat de vreemdeling of het gezin verwijderbaar is geworden. + #### 6.3. Bewaring in verband met aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van Bewaring op grond van artikel 59b Vw is mogelijk voor de vreemdeling die een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd indient of wenst in te dienen. Voor bewaring op grond van artikel 59b Vw maakt de ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV gebruik van Model 109-B. Model M109-B bevat in ieder geval: @@ -2780,9 +2776,9 @@ Het is mogelijk om een vreemdeling in bewaring te stellen op grond van artikel 5 • er is sprake van een (individueel) ambtsbericht van de AIVD; of • de verdenking of veroordeling in verband met een misdrijf. -De ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV kan de vreemdeling aanmerken als een gevaar voor de openbare orde om één of meer van de redenen zoals opgenomen in paragraaf B1/4.4 Vc en er sprake is van een daadwerkelijk en actueel gevaar voor de openbare orde. Bij de beoordeling is paragraaf A3/3 Vc onder het kopje *daadwerkelijk en actueel gevaar voor de openbare orde*, voor zover relevant, van overeenkomstige toepassing. +De ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV kan de vreemdeling aanmerken als een gevaar voor de openbare orde om één of meer van de redenen zoals opgenomen in paragraaf B1/4.4 Vc en er sprake is van een daadwerkelijk en actueel gevaar voor de openbare orde. Bij de beoordeling is paragraaf A3/3 Vc onder het kopje daadwerkelijk en actueel gevaar voor de openbare orde, voor zover relevant, van overeenkomstige toepassing. -Indien in de afwijzing van de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd is bepaald dat de vreemdeling het beroep niet in Nederland mag afwachten, wordt de bewaring op grond van artikel 59b Vw opgeheven. De vreemdeling wordt vervolgens op grond van artikel 59 Vw (opnieuw) in bewaring gesteld door de ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV. Indien de inbewaringstelling op grond van artikel 59b Vw wordt opgeheven, en de vreemdeling wordt aansluitend opnieuw in bewaring gesteld op grond van artikel 59 Vw, is het niet noodzakelijk dat de vreemdeling gehoord wordt (zie paragraaf A5/6.4 Vc). +Indien in de afwijzing van de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd is bepaald dat de vreemdeling het beroep niet in Nederland mag afwachten, wordt de bewaring op grond van artikel 59b Vw opgeheven. De vreemdeling wordt vervolgens op grond van artikel 59 Vw (opnieuw) in bewaring gesteld door de ambtenaar als bedoeld in artikel 5.3 VV. De vreemdeling dient voordat hij (opnieuw) in bewaring wordt gesteld te worden gehoord. In het geval dat in de afwijzing van de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd is bepaald dat de vreemdeling het beroep in Nederland mag afwachten, wordt de bewaring op grond van artikel 59b Vw niet opgeheven. De bewaring wordt in dat geval op grond van artikel 59b, derde lid, Vw verlengd met ten hoogste drie maanden. De bewaring van gezinnen met minderjarige kinderen wordt echter niet verlengd op grond van artikel 59b, derde lid, Vw (zie paragraaf A5/2.4 Vc). Indien de bewaring met ten hoogste drie maanden verlengd wordt, motiveert de IND dit in de afwijzende beschikking op de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Nadat er beroep is ingesteld tegen de afwijzing van de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd vraagt de IND de rechtbank om het beroep zo spoedig als mogelijk te behandelen. @@ -2793,6 +2789,8 @@ Voor zover niet langer sprake is van een situatie dat de vreemdeling het beroep • er na afloop van de beroepstermijn geen beroep is ingesteld; of • het beroep door de rechtbank ongegrond wordt verklaard. +De vreemdeling dient voordat hij op grond van artikel 59 Vw (opnieuw) in bewaring wordt gesteld te worden gehoord. + De bewaring op grond van artikel 59b, eerste lid, onderdeel d, Vw duurt niet langer dan zes maanden. Deze bewaring kan op grond van artikel 59b, vijfde lid, Vw verlengd worden met ten hoogste negen maanden. De verlenging van de bewaring vindt, na afweging van alle omstandigheden van het geval, plaats door de IND. Hierbij gaat het om zeer uitzonderlijke gevallen waarin er sprake is van complexe feiten en juridische omstandigheden die betrekking hebben op het asielverzoek. Daarnaast dient er een zwaarwegend belang van openbare orde of nationale veiligheid aanwezig te zijn dat in de weg staat aan het verder behandelen van de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd terwijl de vreemdeling in vrijheid is gesteld. Een zwaarwegend belang van openbare orde of nationale veiligheid kan niet gelegen zijn in de enkele verdenking of veroordeling in verband met een misdrijf. #### 6.4. Gehoor @@ -2801,9 +2799,7 @@ Het uitgangspunt is dat een vreemdeling, voordat hij in bewaring wordt gesteld, De vreemdeling wordt niet gehoord voordat hij in bewaring wordt gesteld, indien: -• de bewaring van de vreemdeling die in bewaring is gesteld op grond van artikel 59, eerste lid, onder a, Vw wordt voorgezet op grond van artikel 59, eerste lid, onder b, Vw, of andersom; -• de vreemdeling onmiddellijk voorafgaand aan het besluit om hem opnieuw in bewaring te stellen op grond van artikel 59 Vw, reeds in bewaring is gesteld op grond van artikel 59a of 59b Vw; -• de vreemdeling onmiddellijk voorafgaand aan het besluit om hem opnieuw in bewaring te stellen op grond van artikel 59b Vw, reeds in bewaring is gesteld op grond van artikel 59 of 59a Vw; of +• de bewaring van de vreemdeling die in bewaring is gesteld op grond van artikel 59, eerste lid, onder a, Vw wordt voorgezet op grond van artikel 59, eerste lid, onder b, Vw, of andersom; of • het voorafgaande gehoor van de vreemdeling niet kan worden afgewacht. Uit de vreemdelingenadministratie moet blijken waarom het gehoor na de inbewaringstelling plaatsgevonden heeft. #### 6.5. Bijstand van een raadsman @@ -2834,7 +2830,9 @@ De bewaring of vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6 of 59 Vw duu Als er redenen zijn om de bewaring of vrijheidsontnemende maatregel met een termijn van maximaal twaalf maanden te verlengen moet de DT&V de vreemdeling voor het verstrijken van de zes maanden bewaring van de verlenging met een verlengingsbesluit op de hoogte stellen. De DT&V stelt dit besluit op en reikt deze aan de vreemdeling uit. In het verlengingsbesluit wordt nagegaan of er voldaan is aan de voorwaarden voor verlenging, of er nog voldoende gronden voor de bewaring zijn, of de bewaring voor de vreemdeling onredelijk bezwarend is en of er zicht op uitzetting bestaat. -De bewaring of vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6a of 59a Vw kan na aanvaarding van het terug- of overnameverzoek (conform artikel 28, Verordening (EU) nr. 604/2013) door de verantwoordelijke lidstaat afhankelijk van de vraag of beroep is ingesteld en of dat beroep opschortende werking heeft nog maximaal 6 weken voortduren. +De bewaring of vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6a of 59a Vw kan na aanvaarding van het terug- of overnameverzoek (conform artikel 28, Verordening (EU) nr. 604/2013) door de verantwoordelijke lidstaat afhankelijk van de vraag of beroep is ingesteld en of dat beroep opschortende werking heeft nog maximaal 6 weken voortduren. + +Zie paragraaf A5/6.2 Vc voor de duur van de bewaring van een Dublinclaimant die in bewaring is gesteld omdat onmiddellijke overdracht of overdracht op zeer korte termijn noodzakelijk is ten behoeve van het realiseren van de overdracht binnen zes maanden na het akkoord van de lidstaat die verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn asielverzoek. #### 6.9. Voorlopige voorziening @@ -3018,7 +3016,7 @@ Vervallen *[afbeelding]* -## Bijlage M18A. Beschikking uitstellen/opschorten van de toegangsweigering van asielzoekers +## Bijlage M18A. Beschikking uitstellen van de toegangsweigering van asielzoekers *[afbeelding]* @@ -3032,6 +3030,10 @@ Vervallen *[afbeelding]* +*[afbeelding]* + +*[afbeelding]* + ## Bijlage M20. Kennisgeving toegang onder voorwaarden *[afbeelding]* @@ -3592,6 +3594,8 @@ Vervallen *[afbeelding]* +*[afbeelding]* + ## Bijlage M109b. Maatregel van bewaring als bedoeld in *[afbeelding]*