2004-01-01 | BWBR0013353 | Wijzigingswet Wet op het primair onderwijs, Wet op de expertisecentra en Wet op het voortgezet onderwijs in verband met het vervoer van leerlingen

This commit is contained in:
Coornhert 2004-01-01 12:00:00 +00:00
parent 7f4f1bd32f
commit ee29193a9e

View file

@ -34,7 +34,7 @@ De in deze wet opgenomen wijzigingen zijn voor de eerste maal van toepassing op
**2.** Op een leerling als bedoeld in artikel 4, dertiende lid, van de Wet op het primair onderwijs of artikel 4, eerste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs voor wie in het schooljaar 2001/2002 krachtens de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten ten behoeve van het vervoer naar en van school een voorziening in de vorm van een bruikleenauto werd verstrekt en op wie het eerste lid niet of niet langer van toepassing is omdat hij een andere school bezoekt dan de school die hij in het schooljaar 2001/2002 bezocht, blijven voor het vervoer naar en van school de regelingen op grond van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten van toepassing voor een periode die overeenkomt met de resterende looptijd van de overeenkomst in bruikleen dan wel, indien de gebruiksduur van de auto korter is dan de resterende looptijd van de overeenkomst, de resterende gebruiksduur.
**3.** Aan het Landelijk instituut sociale verzekeringen dat op grond van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten aan een leerling als bedoeld in artikel 4, dertiende lid, van de Wet op het primair onderwijs, dan wel aan zijn ouders, ten behoeve van het vervoer naar en van school een voorziening als bedoeld in het eerste of tweede lid verstrekt dan wel heeft verstrekt, vergoeden burgemeester en wethouders het bedrag dat zij aan de ouders van de in de gemeente verblijvende leerling zouden hebben vergoed, indien artikel 4 van de Wet op het primair onderwijs op het vervoer van de leerling van toepassing zou zijn geweest.
**3.** Aan het Uitvoeringsinsituut werknemersverzekeringen dat op grond van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten aan een leerling als bedoeld in artikel 4, dertiende lid, van de Wet op het primair onderwijs, dan wel aan zijn ouders, ten behoeve van het vervoer naar en van school een voorziening als bedoeld in het eerste of tweede lid verstrekt dan wel heeft verstrekt, vergoeden burgemeester en wethouders het bedrag dat zij aan de ouders van de in de gemeente verblijvende leerling zouden hebben vergoed, indien artikel 4 van de Wet op het primair onderwijs op het vervoer van de leerling van toepassing zou zijn geweest.
### Artikel VI
@ -49,7 +49,7 @@ Voor een leerling als bedoeld in artikel 4, dertiende lid, van de Wet op het pri
De voorwaarden, bedoeld in het eerste lid, zijn:
a. de leerling volgt leerwegondersteunend onderwijs als bedoeld in artikel 10e van de Wet op het voortgezet onderwijs of is ingeschreven op een school of afdeling voor praktijkonderwijs als bedoeld in artikel 10f van de Wet op het voortgezet onderwijs;
b. de ouders, voogden of verzorgers van de leerling ontvingen in het schooljaar 2001/2002 krachtens artikel 1, onderscheidenlijk artikel 2, van de Regeling leerlingenvervoer voortgezet onderwijs (Uitleg OCenW-regelingen 1999, nr. 16) juncto artikel 127 van de Wet op het voortgezet onderwijs bekostiging van vervoerskosten; en
b. de ouders, voogden of verzorgers van de leerling ontvingen in het schooljaar 2001/2002 krachtens artikel 1, onderscheidenlijk artikel 2, van de Regeling leerlingenvervoer voortgezet onderwijs (Uitleg OCenW-regelingen 1999, nr. 16) juncto artikel 127 van de Wet op het voortgezet onderwijs bekostiging van vervoerskosten; en
c. artikel 4 van de Wet op het voortgezet onderwijs zoals luidend na de inwerkingtreding van deze wet is niet op de leerling van toepassing.
**3.** Voor een leerling van een school voor voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in artikel 125 van de Wet op het voortgezet onderwijs, wiens ouders, voogden of verzorgers in het schooljaar 2001/2002 krachtens artikel 127 van de Wet op het voortgezet onderwijs bekostiging van vervoerskosten ontvingen en op wie artikel 127 van de Wet op het voortgezet onderwijs zoals luidend na de inwerkingtreding van deze wet niet van toepassing is, blijft ten behoeve van het vervoer naar en van de school die deze leerling in het schooljaar 2001/2002 bezocht, aanspraak bestaan op bekostiging van vervoerskosten krachtens artikel 127 juncto artikel 124a van de Wet op het voortgezet onderwijs, zoals luidend voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet.