2006-05-01 | BWBW33099 | Handleiding Rijkswet op het Nederlanderschap 2003
This commit is contained in:
parent
5743aeecf1
commit
ee36a2ab6a
1 changed files with 18 additions and 9 deletions
|
|
@ -2122,14 +2122,6 @@ r. verblijf als vreemdeling die buiten zijn schuld niet uit Nederland kan vertre
|
|||
| --- | --- |
|
||||
| Asiel voor onbepaalde tijd (verblijfsdocument IV) | – Verplaatsing hoofdverblijf buiten Nederland. – Verstrekken onjuiste gegevens bij verlening van vergunning. – Gevaar voor openbare orde (veroordeling wegens misdrijf dat kan worden bestraft met gevangenisstraf van drie jaar of meer) of nationale veiligheid. |
|
||||
|
||||
##### 7. EU/EER- of Zwitserse onderdaan
|
||||
|
||||
| Categorie vreemdelingen | Geen bedenkingen tegen het verblijf voor onbepaalde tijd in de volgende situatie(s) | Vereiste bescheiden |
|
||||
| --- | --- | --- |
|
||||
| EU/EER-onderdaan en Zwitserse onderdaan, inclusief de onderdanen van de in 2004 toegetreden EU-lidstaten | Verblijf voor meer dan drie maanden (NB: ook in de eerste drie maanden heeft betrokkene verblijfsrecht overeenkomstig Richtlijn 2004/38/EG) | Ieder bewijsmiddel is toegestaan, dus ook een verklaring van inschrijving van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) |
|
||||
| | Duurzaam verblijf na ononderbroken periode van vijf jaar legaal verblijf in het gastland | Het duurzame verblijfsrecht wordt van rechtswege verkregen na vijf jaar legaal verblijf. Een duurzaam verblijfsdocument is niet vereist, maar wordt op verzoek en na verificatie van de duur van het verblijf verstrekt |
|
||||
| Familieleden van de EU/ EER-onderdaan of Zwitserse onderdaan die niet de nationaliteit van een lidstaat bezitten | Verblijf voor meer dan drie maanden en duurzaam verblijf na ononderbroken periode van vijf jaar legaal verblijf in het gastland | Verblijfsdocument EU/EER, afgegeven voor de duur van vijf jaar of voor de duur van de periode van het voorgenomen verblijf, duurzaam verblijfsdocument of ieder ander bewijsmiddel |
|
||||
|
||||
#### . Ad artikel 8, eerste lid, aanhef en onder c
|
||||
|
||||
**Voor verlening van het Nederlanderschap overeenkomstig artikel 7 komt slechts in aanmerking de verzoeker die tenminste sedert vijf jaren onmiddellijk voorafgaande aan het verzoek in Nederland, de Nederlandse Antillen of Aruba, toelating en hoofdverblijf heeft.**
|
||||
|
|
@ -2197,7 +2189,24 @@ De verzoeker kan een beroep doen op een vrijstellingsgrond als genoemd in artike
|
|||
– Certificaat Inburgering in het kader van de Wet Inburgering Nieuwkomers (WIN) met daarop de expliciete vermelding dat minimaal niveau 2 voor NT-2 is behaald. Daarnaast dient verzoeker de verklaring van het ROC te overleggen op grond waarvan het niveau voor NT-2 op het certificaat is ingevuld. Het vermelde niveau op het Certificaat inburgering dient uiteraard overeen te komen met het niveau dat is vermeld op de bijbehorende ROC-verklaring. Een certificaat zonder vermelding van enig niveau, of met vermelding van een niveau dat verschilt van de ROC-verklaring, geeft dus geen recht op vrijstelling.
|
||||
3. Degene die door het College van Burgemeester en Wethouders is vrijgesteld of ontheven (artikel 3, eerste lid, aanhef en onder e, f en g, BNT) van het inburgeringsprogramma in het kader van de WIN. Betrokkene dient in dit geval de originele beschikking tot vrijstelling of ontheffing te overleggen. Ten aanzien van een beschikking tot vrijstelling (artikel 3, eerste lid, aanhef en onder e, BNT) moet worden nagegaan of de vrijstelling heeft plaatsgevonden op grond van de veronderstelling dat verzoeker de kennis, inzicht en vaardigheden op het moment van de vrijstelling in zijn bezit had of dat hij die (binnen een redelijke termijn na het moment van de vrijstelling) in zijn bezit zou krijgen (artikel 5, tweede lid, WIN). Vrijstelling van het inburgeringsprogramma kan namelijk ook zijn verleend op grond van kennis, inzicht en vaardigheden waarvan wordt verondersteld dat die in de toekomst zullen worden verworven. Indien een vrijstelling van het inburgeringsprogramma is verleend op grond van in de toekomst te verwerven kennis, inzicht en vaardigheden wordt verzoeker niet vrijgesteld van de naturalisatietoets; betrokkene heeft immers in dat geval nog niet aangetoond dat hij reeds over het vereiste taal- en kennisniveau beschikt.41De vrijstellingen genoemd in artikel 3, eerste lid, BNT gelden binnen het gehele Koninkrijk.
|
||||
|
||||
####### 2.2.1a. Gedeeltelijke vrijstelling van de toets
|
||||
####### 2.2.1.. Gedeeltelijke vrijstelling van de toets
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
De verzoeker kan een beroep doen op de gedeeltelijke vrijstellingsgrond als genoemd in artikel 3, derde en vierde lid BNT. Daartoe dient hij het volgende te overleggen:
|
||||
|
||||
– een certificaat oudkomers als bedoeld in de Regeling certificaat oudkomers, met daarop de aantekening dat voor de onderdelen Lezen, Spreken, Schrijven en Luisteren tenminste het niveau 2 van het referentiekader NT2 is behaald; én
|
||||
– een door het college van burgemeester en wethouders afgegeven, gewaarmerkte kopie over de verklaring van de onderwijsinstelling waar de NT2-profieltoets is afgelegd.
|
||||
|
||||
Voor de algemene handelwijze gemeente, het beoordelen van de overgelegde stukken en de controle wordt verwezen naar paragraaf 2.2.
|
||||
|
||||
Naturalisatietoets onderdeel staatsinrichting en maatschappij
|
||||
|
||||
Blijkt dat verzoeker enkel het onderdeel staatsinrichting en maatschappij van de toets moet afleggen, dan verwijst de gemeente verzoeker naar een van de acht ROC’s die bevoegd zijn om de naturalisatietoets af te nemen. Indien verzoeker het getoetste onderdeel met goed gevolg heeft afgelegd, reikt het ROC hem/haar het Certificaat Naturalisatietoets uit met achter het onderdeel staatsinrichting en maatschappij de aantekening: AFGENOMEN.
|
||||
|
||||
*Achter de overige onderdelen wordt de volgende aantekening geplaatst: NIET AFGENOMEN.’”*
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
###### 2.3. (Gedeeltelijke) ontheffing van de toets
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue