2021-07-07 | BWBR0044752 | Beleidsregel tegemoetkoming amateursportorganisaties en verhuurders sportaccommodaties COVID-19
This commit is contained in:
parent
83d8ac41eb
commit
ef1c816384
1 changed files with 184 additions and 3 deletions
|
|
@ -4,7 +4,7 @@ titel: Beleidsregel tegemoetkoming amateursportorganisaties en verhuurders sport
|
|||
bwb_id: BWBR0044752
|
||||
type: beleidsregel
|
||||
status: geldend
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2021-05-15'
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2021-07-07'
|
||||
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0044752
|
||||
citeertitel: Beleidsregel tegemoetkoming amateursportorganisaties en verhuurders sportaccommodaties
|
||||
COVID-19
|
||||
|
|
@ -33,6 +33,7 @@ In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
|
|||
- * particuliere verhuurder:* verhuurder, niet zijnde een gemeente of sportbedrijf, die een sportaccommodatie ter beschikking stelt aan een amateursportorganisatie en hiervoor een huursom ontvangt;
|
||||
- *personeelskosten:* de loonkosten voor personeel in dienst van de amateursportorganisatie en de inhuur van personeel;
|
||||
- *Q1 2021:* de periode van 1 januari 2021 tot en met 31 maart 2021;
|
||||
- *Q2 2021:* de periode van 1 april 2021 tot en met 30 juni 2021;
|
||||
- * Q4 2020: * de periode van 1 oktober 2020 tot en met 31 december 2020;
|
||||
- * SBI-code: * code van de Standaard Bedrijfsindeling zoals gehanteerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek waarmee de economische hoofd- of nevenactiviteiten van een bedrijf wordt weergegeven in het handelsregister;
|
||||
- * sportaccommodatie: * voorziening, bestemd en in gebruik voor activiteiten op het gebied van amateursport;
|
||||
|
|
@ -408,14 +409,194 @@ b. de verlening of vaststelling van de tegemoetkoming anderszins onjuist was en
|
|||
|
||||
**2.** De minister kan onverschuldigd betaalde bedragen aan tegemoetkoming terugvorderen.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 6. Slotbepalingen
|
||||
## Hoofdstuk 6. Tegemoetkoming amateursportorganisaties COVID-19: Q2 2021
|
||||
|
||||
### Artikel 6.1
|
||||
|
||||
Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 19 februari 2021 en vervalt met ingang van 31 december 2022.
|
||||
**1.** De minister kan op aanvraag een tegemoetkoming verstrekken aan een amateursportorganisatie die in Q2 2021 ten minste 10% omzetverlies heeft geleden als gevolg van de maatregelen ter bestrijding van de verdere verspreiding van COVID-19.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Een amateursportorganisatie komt in aanmerking voor een tegemoetkoming op grond van hoofdstuk 6 indien de amateursportorganisatie:
|
||||
|
||||
a. een privaatrechtelijke rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid is;
|
||||
b. geen winstoogmerk heeft; en
|
||||
c. in het handelsregister staat ingeschreven met een SBI-code uit bijlage I.
|
||||
|
||||
**3.** Een amateursportorganisatie komt slechts eenmaal in aanmerking voor een tegemoetkoming op grond van hoofdstuk 6.
|
||||
|
||||
**4.** De minister beslist afwijzend op een aanvraag voor een tegemoetkoming als bedoeld in het eerste lid, indien de aanvrager voor de financiële schade, bedoeld in artikel 6.2, reeds een subsidie ontvangt op grond van de TVL, tenzij de tegemoetkoming uitsluitend betrekking heeft op personeelskosten die niet reeds geheel of gedeeltelijk op grond van de NOW of de Tozo zijn gecompenseerd.
|
||||
|
||||
### Artikel 6.2
|
||||
|
||||
**1.** Voor een tegemoetkoming als bedoeld in artikel 6.1, eerste lid, komt de financiële schade in aanmerking die de aanvrager als het gevolg van de maatregelen ter bestrijding van de verdere verspreiding van COVID-19 in Q2 2021 heeft geleden.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De financiële schade die de aanvrager in Q2 2021 heeft geleden, wordt vastgesteld op grond van:
|
||||
|
||||
a. de doorlopende lasten gerelateerd aan de sportaccommodatie in eigendom of beheer van de aanvrager;
|
||||
b. de personeelskosten die niet reeds geheel of gedeeltelijk op grond van de NOW of de Tozo zijn gecompenseerd;
|
||||
c. de bondsafdrachten van de aanvrager; en
|
||||
d. het kantineresultaat van de aanvrager.
|
||||
|
||||
### Artikel 6.3
|
||||
|
||||
De tegemoetkoming is afhankelijk van de financiële schade, bedoeld in artikel 6.2, van de aanvrager en bedraagt:
|
||||
|
||||
### Artikel 6.4
|
||||
|
||||
**1.** Het totaal beschikbare bedrag voor het verstrekken van een tegemoetkoming als bedoeld in artikel 6.1, eerste lid, bedraagt € 30.000.000.
|
||||
|
||||
**2.** Indien het totaal aangevraagde bedrag het totaal beschikbare bedrag, bedoeld in het eerste lid, overschrijdt, wordt het totaal beschikbare bedrag naar rato verdeeld over de aanvragen die in de aanvraagperiode zijn ontvangen.
|
||||
|
||||
**3.** Artikel 4:25, tweede en derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing op het verstrekken van tegemoetkomingen op grond van hoofdstuk 6.
|
||||
|
||||
### Artikel 6.5
|
||||
|
||||
**1.** Voor de aanvraag wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt.
|
||||
|
||||
**2.** De aanvraag voor een tegemoetkoming kan worden ingediend in de periode van 26 juli 2021 tot en met 19 september 2021.
|
||||
|
||||
### Artikel 6.6
|
||||
|
||||
**1.** De minister beslist binnen dertien weken na sluiting van de aanvraagperiode, bedoeld in artikel 6.5, tweede lid, op een aanvraag voor een tegemoetkoming.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De verlening van een tegemoetkoming kan in ieder geval worden geweigerd indien:
|
||||
|
||||
a. de aanvrager in het kader van de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en deze gegevens tot een onjuiste beschikking op de aanvraag zou hebben geleid; of
|
||||
b. een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de aanvrager niet op behoorlijke wijze zal kunnen aantonen dat hij voldoet aan de voorwaarden uit hoofdstuk 6 van deze beleidsregel.
|
||||
|
||||
**3.** De minister verleent bij het besluit, bedoeld in het eerste lid, een voorschot van 100% dat in één keer wordt uitbetaald.
|
||||
|
||||
### Artikel 6.7
|
||||
|
||||
**1.** De minister kan een steekproef uitvoeren voor de vaststelling van de tegemoetkoming.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Op verzoek van de minister toont de ontvanger van een tegemoetkoming na de verlening aan dat hij voldoet aan de voorwaarden uit hoofdstuk 6 van deze beleidsregel door het overleggen van:
|
||||
|
||||
a. een overzicht van de omzet van de amateursportorganisatie waaruit blijkt dat deze ten opzichte van de periode van 1 april 2019 tot en met 30 juni 2019 een omzetverlies van ten minste 10% heeft geleden in Q2 2021;
|
||||
b. de facturen of contracten op naam van de amateursportorganisatie voor haar doorlopende lasten of personeelskosten;
|
||||
c. de factuur op naam van de amateursportorganisatie of een schriftelijke mededeling van de sportbond aan de amateursportorganisatie waarin de hoogte van de bondsafdracht is genoemd;
|
||||
d. indien een factuur of contract, bedoeld in onderdeel b, of een factuur of mededeling, bedoeld in onderdeel c, meer dan € 1.000 bedraagt, een betalingsbewijs, waaruit blijkt dat de amateursportorganisatie de doorlopende lasten, personeelskosten of bondsafdracht heeft betaald;
|
||||
e. de jaarrekening van het laatst afgesloten boekjaar;
|
||||
f. een overzicht van de loonkosten; en
|
||||
g. een besluit tot toekenning van de tegemoetkoming of subsidie op grond van de TVL, de NOW en de Tozo.
|
||||
|
||||
**3.** Indien de tegemoetkoming niet binnen de steekproef als bedoeld in het eerste lid valt, wordt de tegemoetkoming uiterlijk 25 november 2022 ambtshalve vastgesteld tot ten hoogste het bedrag waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd.
|
||||
|
||||
**4.** Indien de tegemoetkoming binnen de steekproef als bedoeld in het eerste lid valt, wordt de tegemoetkoming binnen dertien weken na ontvangst van de gegevens als bedoeld in het tweede lid, onder a tot en met g, vastgesteld tot ten hoogste het bedrag waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd.
|
||||
|
||||
### Artikel 6.8
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De minister kan de verlening of vaststelling van de tegemoetkoming intrekken of ten nadele van de ontvanger wijzigen indien:
|
||||
|
||||
a. de ontvanger van de tegemoetkoming onjuiste of onvolledige informatie heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere verleningsbeschikking zou hebben geleid; of
|
||||
b. de verlening of vaststelling van de tegemoetkoming anderszins onjuist was en de aanvrager dit wist, dan wel behoorde te weten.
|
||||
|
||||
**2.** De minister kan onverschuldigd betaalde bedragen aan tegemoetkoming terugvorderen.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 7. Tegemoetkoming verhuurders sportaccommodaties COVID-19: Q2 2021
|
||||
|
||||
### Artikel 7.1
|
||||
|
||||
**1.** De minister kan op aanvraag een tegemoetkoming verstrekken aan een gemeente, sportbedrijf of particuliere verhuurder voor de in Q2 2021 gederfde huurinkomsten als gevolg van de maatregelen ter bestrijding van de verdere verspreiding van COVID-19.
|
||||
|
||||
**2.** Een gemeente, sportbedrijf of particuliere verhuurder komt slechts in aanmerking voor een tegemoetkoming indien de huurinkomsten als bedoeld in artikel 7.2, onder a en b, daadwerkelijk zijn kwijtgescholden aan een amateursportorganisatie.
|
||||
|
||||
**3.** Een gemeente, sportbedrijf of particuliere verhuurder komt slechts eenmaal in aanmerking voor een tegemoetkoming op grond van hoofdstuk 7.
|
||||
|
||||
**4.** Indien een gemeente de huurinkomsten van een sportbedrijf of een particuliere verhuurder meeneemt in haar aanvraag, komt dit sportbedrijf of deze particuliere verhuurder voor diezelfde huurinkomsten niet in aanmerking voor een tegemoetkoming op grond van dit hoofdstuk.
|
||||
|
||||
**5.** De minister beslist afwijzend op een aanvraag voor een tegemoetkoming als bedoeld in het eerste lid indien de aanvrager voor de in Q2 2021 gederfde huurinkomsten reeds een subsidie ontvangt op grond van de TVL.
|
||||
|
||||
### Artikel 7.2
|
||||
|
||||
De hoogte van de tegemoetkoming voor een gemeente, sportbedrijf of particuliere verhuurder is afhankelijk van de omvang van de gederfde huurinkomsten en bedraagt:
|
||||
|
||||
a. de totaal kwijtgescholden huurinkomsten voor gebruiksgebonden huur in Q2 2021; en
|
||||
b. de totaal kwijtgescholden huurinkomsten voor niet-gebruiksgebonden huur, tot een maximum van 45% van de door de amateursportorganisatie verschuldigde huursom in Q2 2021.
|
||||
|
||||
### Artikel 7.3
|
||||
|
||||
**1.** Het totaal beschikbare bedrag voor het verstrekken van een tegemoetkoming als bedoeld in artikel 7.1, eerste lid, bedraagt € 30.000.000.
|
||||
|
||||
**2.** Indien het totaal aangevraagde bedrag het totaal beschikbare bedrag, bedoeld in het eerste lid, overschrijdt, wordt het totaal beschikbare bedrag naar rato verdeeld over de aanvragen die in de aanvraagperiode zijn ontvangen.
|
||||
|
||||
**3.** Artikel 4:25, tweede en derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing op het verstrekken van tegemoetkomingen op grond van hoofdstuk 7.
|
||||
|
||||
### Artikel 7.4
|
||||
|
||||
**1.** Voor de aanvraag wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt.
|
||||
|
||||
**2.** De aanvraag voor een tegemoetkoming als bedoeld in artikel 7.1 kan worden ingediend in de periode van 26 juli 2021 tot en met 19 september 2021.
|
||||
|
||||
**3.** De aanvraag van een particuliere verhuurder gaat vergezeld van een overzicht van de door de aanvrager kwijtgescholden gebruiksgebonden en niet-gebruiksgebonden huur per amateursportorganisatie.
|
||||
|
||||
### Artikel 7.5
|
||||
|
||||
**1.** De minister beslist binnen dertien weken na sluiting van de aanvraagperiode, bedoeld in artikel 7.4, tweede lid, op een aanvraag voor een tegemoetkoming.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De verlening van een tegemoetkoming kan in ieder geval worden geweigerd indien:
|
||||
|
||||
a. de aanvrager in het kader van de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en deze gegevens tot een onjuiste beschikking op de aanvraag zou hebben geleid; of
|
||||
b. een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de aanvrager niet op behoorlijke wijze zal kunnen aantonen dat hij voldoet aan de voorwaarden uit hoofdstuk 7 van deze beleidsregel.
|
||||
|
||||
**3.** De minister verleent bij het besluit, bedoeld in het eerste lid, een voorschot van 100% dat in één keer wordt uitbetaald.
|
||||
|
||||
### Artikel 7.6
|
||||
|
||||
**1.** Indien de tegemoetkoming minder dan €100.000 bedraagt, kan de minister een steekproef uitvoeren voor de vaststelling van de tegemoetkoming.
|
||||
|
||||
**2.** a. een overzicht van de kwijtgescholden huur per amateursportorganisatie in Q2 2021;
|
||||
b. een schriftelijke mededeling van de gemeente, het sportbedrijf of de particuliere verhuurder aan de amateursportorganisaties dat de huur gedurende Q2 2021 is kwijtgescholden.
|
||||
|
||||
**3.** Indien de tegemoetkoming niet binnen de steekproef als bedoeld in het eerste lid valt, wordt de tegemoetkoming uiterlijk 31 december 2022 ambtshalve vastgesteld tot ten hoogste het bedrag waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd.
|
||||
|
||||
**4.** Indien de tegemoetkoming binnen de steekproef als bedoeld in het eerste lid valt, wordt de tegemoetkoming binnen dertien weken na ontvangst van de gegevens als bedoeld in het tweede lid, onder a en b, vastgesteld tot ten hoogste het bedrag waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd.
|
||||
|
||||
### Artikel 7.7
|
||||
|
||||
**1.** Indien de tegemoetkoming meer dan € 100.000 bedraagt, dient de ontvanger, om aan te tonen dat hij voldoet aan de voorwaarden uit hoofdstuk 7 van deze beleidsregel, in de periode van 3 januari 2022 tot en met 30 januari 2022 een aanvraag tot vaststelling in.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de aanvraag tot vaststelling van de tegemoetkoming wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
De aanvraag tot vaststelling gaat in ieder geval vergezeld van:
|
||||
|
||||
a. een overzicht van de kwijtgescholden huur per amateursportorganisatie in Q2 2021;
|
||||
b. een mededeling van de gemeente, het sportbedrijf of de particuliere verhuurder aan de amateursportorganisaties dat de huur gedurende Q2 2021 is kwijtgescholden.
|
||||
|
||||
**4.** De minister besluit binnen dertien weken op een aanvraag tot vaststelling.
|
||||
|
||||
### Artikel 7.8
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De minister kan de verlening of vaststelling van de tegemoetkoming intrekken of ten nadele van de ontvanger wijzigen indien:
|
||||
|
||||
a. de ontvanger van de tegemoetkoming onjuiste of onvolledige informatie heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere verleningsbeschikking zou hebben geleid; of
|
||||
b. de verlening of vaststelling van de tegemoetkoming anderszins onjuist was en de aanvrager dit wist, dan wel behoorde te weten.
|
||||
|
||||
**2.** De minister kan onverschuldigd betaalde bedragen aan tegemoetkoming terugvorderen.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 8. Slotbepalingen
|
||||
|
||||
### Artikel 8.1
|
||||
|
||||
Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 19 februari 2021 en vervalt met ingang van 31 december 2022.
|
||||
|
||||
### Artikel 8.2
|
||||
|
||||
Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel tegemoetkoming amateursportorganisaties en verhuurders sportaccommodaties COVID-19.
|
||||
|
||||
## Bijlage . behorende bij
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue