2014-01-25 | BWBR0034331 | Wet op de Kamer van Koophandel
This commit is contained in:
parent
99536b7261
commit
efa56dbe91
1 changed files with 9 additions and 9 deletions
|
|
@ -256,7 +256,7 @@ De Kamer heeft tot taak het stimuleren van economische ontwikkeling door middel
|
|||
|
||||
### Artikel 29
|
||||
|
||||
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld ten aanzien van de in de artikelen 24 tot en met 28 bedoelde taken.
|
||||
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld ten aanzien van de in de artikelen 24 tot en met 28 bedoelde taken.
|
||||
|
||||
### Artikel 30
|
||||
|
||||
|
|
@ -288,7 +288,7 @@ c. het in depot nemen van algemene voorwaarden en daarover verstrekken van infor
|
|||
|
||||
Op een mededingingsklacht en de behandeling daarvan zijn de volgende artikelen van Titel 9.1 van de Algemene wet bestuursrecht van overeenkomstige toepassing:
|
||||
|
||||
a. 9:3 tot en met 9:6, met uitzondering van artikel 9:4, tweede lid, onder c;
|
||||
a. 9:3 tot en met 9:6, met uitzondering van artikel 9:4, tweede lid, onder c;
|
||||
b. 9:8;
|
||||
c. 9:10, met uitzondering van de zinsnede «en degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft»;
|
||||
d. 9:11, met dien verstande dat de genoemde termijnen telkens zes weken langer zijn en de zinsnede «en degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft» niet van toepassing is;
|
||||
|
|
@ -307,7 +307,7 @@ f. 9:13 tot en met 9:16.
|
|||
|
||||
**1.** Voor activiteiten ter uitvoering van de taken, bedoeld in de artikelen 5, 24 tot en met 28, eerste lid, 30 en 31, stelt Onze Minister ter gehele of gedeeltelijke financiering van de aan de uitvoering van die activiteiten voor de Kamer verbonden kosten, de vergoedingen vast.
|
||||
|
||||
**2.** De Kamer doet, gehoord de Centrale Raad, met het oog op de vaststelling, bedoeld in het eerste lid, aan Onze Minister jaarlijks vóór 15 oktober een voorstel toekomen.
|
||||
**2.** De Kamer doet, gehoord de Centrale Raad, met het oog op de vaststelling, bedoeld in het eerste lid, aan Onze Minister jaarlijks vóór 15 oktober een voorstel toekomen.
|
||||
|
||||
**3.** De Kamer kan bepalen dat bepaalde vergoedingen als bedoeld in het eerste lid zijn verschuldigd zonder dat dit bij beschikking is vastgesteld. De Kamer bepaalt daarbij binnen welke termijn de betaling moet plaatsvinden.
|
||||
|
||||
|
|
@ -541,7 +541,7 @@ De stichting Syntens is ontbonden en houdt op te bestaan.
|
|||
|
||||
### Artikel 75
|
||||
|
||||
**1.** De vermogensbestanddelen van de Kamers van koophandel en fabrieken, van de vereniging Kamer van Koophandel Nederland en van de stichting Syntens gaan op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 2, artikel 69 onderscheidenlijk artikel 70 van deze wet onder algemene titel over op de Kamer.
|
||||
**1.** De vermogensbestanddelen van de kamers van koophandel en fabrieken, van de vereniging Kamer van Koophandel Nederland en van de stichting Syntens gaan op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 2, artikel 69 onderscheidenlijk artikel 70 van deze wet onder algemene titel over op de Kamer.
|
||||
|
||||
**2.** Ingeval krachtens het eerste lid registergoederen overgaan, doet de Kamer de overgang van die registergoederen onverwijld inschrijven in de openbare registers, bedoeld in afdeling 2 van titel 1 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek. Artikel 24, eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek is niet van toepassing.
|
||||
|
||||
|
|
@ -581,15 +581,15 @@ Archiefbescheiden van de kamers van koophandel en fabrieken, van de vereniging K
|
|||
|
||||
**1.** Artikel 18, eerste lid, eerste volzin, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen en artikel 34, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen vinden ten aanzien van de Kamer voor de eerste maal toepassing in het jaar volgend op het jaar waarin artikel 2 van deze wet in werking treedt.
|
||||
|
||||
**2.** Indien artikel 2, artikel 69 onderscheidenlijk artikel 70 in werking treedt op 1 januari van enig jaar, stelt de Kamer voor 15 maart van dat jaar het jaarverslag over het voorafgaande jaar van de desbetreffende voormalige organisatie of organisaties op. Het jaarverslag wordt opgesteld in overeenstemming met de voor de desbetreffende voormalige organisatie geldende voorschriften voor de jaarverslaglegging.
|
||||
**2.** Indien artikel 2, artikel 69 onderscheidenlijk artikel 70 in werking treedt op 1 januari van enig jaar, stelt de Kamer voor 15 maart van dat jaar het jaarverslag over het voorafgaande jaar van de desbetreffende voormalige organisatie of organisaties op. Het jaarverslag wordt opgesteld in overeenstemming met de voor de desbetreffende voormalige organisatie geldende voorschriften voor de jaarverslaglegging.
|
||||
|
||||
**3.** Indien artikel 2, artikel 69 onderscheidenlijk artikel 70 op een ander tijdstip dan 1 januari van enig jaar in werking treedt, stelt de Kamer voor 15 maart van het jaar volgend op die inwerkingtreding een verslag op van de taakuitoefening en het gevoerde beleid door de desbetreffende voormalige organisatie in de periode tot inwerkingtreding van het desbetreffende artikel. Het verslag wordt zoveel mogelijk gedaan in overeenstemming met de in die periode voor die organisatie geldende voorschriften voor de jaarverslaglegging.
|
||||
**3.** Indien artikel 2, artikel 69 onderscheidenlijk artikel 70 op een ander tijdstip dan 1 januari van enig jaar in werking treedt, stelt de Kamer voor 15 maart van het jaar volgend op die inwerkingtreding een verslag op van de taakuitoefening en het gevoerde beleid door de desbetreffende voormalige organisatie in de periode tot inwerkingtreding van het desbetreffende artikel. Het verslag wordt zoveel mogelijk gedaan in overeenstemming met de in die periode voor die organisatie geldende voorschriften voor de jaarverslaglegging.
|
||||
|
||||
**4.** Het tweede en derde lid zijn van overeenkomstige toepassing op de jaarrekening dan wel op het afleggen van rekening en verantwoording van het financieel beheer en van de geleverde prestaties door de desbetreffende voormalige organisatie in de periode tot aan inwerkingtreding van het desbetreffende artikel. Rekening en verantwoording worden zoveel mogelijk afgelegd in overeenstemming met de in die periode voor die organisatie geldende voorschriften voor de jaarrekening.
|
||||
|
||||
**5.** De Kamer doet voor 15 maart van het jaar volgend op het jaar waarin artikel 2 in werking treedt verslag van de taakuitoefening en het gevoerde beleid door de Kamer in de periode tussen inwerkingtreding van artikel 2 en het einde van dat jaar. Artikel 18, tweede lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen en artikel 19, derde lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**5.** De Kamer doet voor 15 maart van het jaar volgend op het jaar waarin artikel 2 in werking treedt verslag van de taakuitoefening en het gevoerde beleid door de Kamer in de periode tussen inwerkingtreding van artikel 2 en het einde van dat jaar. Artikel 18, tweede lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen en artikel 19, derde lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**6.** De Kamer legt voor 15 maart van het jaar volgend op het jaar waarin artikel 2 in werking treedt rekening en verantwoording af van het financieel beheer en van de geleverde prestaties door de Kamer in de periode tussen inwerkingtreding van artikel 2 en het einde van dat jaar. Artikel 34, tweede en derde lid van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen en artikel 35 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**6.** De Kamer legt voor 15 maart van het jaar volgend op het jaar waarin artikel 2 in werking treedt rekening en verantwoording af van het financieel beheer en van de geleverde prestaties door de Kamer in de periode tussen inwerkingtreding van artikel 2 en het einde van dat jaar. Artikel 34, tweede en derde lid van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen en artikel 35 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 80
|
||||
|
||||
|
|
@ -605,7 +605,7 @@ Na de inwerkingtreding van deze wet berust de Aanwijzingsregeling vestiging in d
|
|||
|
||||
### Artikel 83
|
||||
|
||||
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de gevolgen van de inwerkingtreding van deze wet voor zover een goede overgang naar de Kamer dit vordert. Deze regels gelden uiterlijk tot en met 31 december van het kalenderjaar volgend op het jaar waarin zij in werking zijn getreden.
|
||||
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de gevolgen van de inwerkingtreding van deze wet voor zover een goede overgang naar de Kamer dit vordert. Deze regels gelden uiterlijk tot en met 31 december van het kalenderjaar volgend op het jaar waarin zij in werking zijn getreden.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 15
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue