2006-01-01 | BWBR0012022 | Besluit bovenwettelijke werkloosheidsuitkering politie
This commit is contained in:
parent
d721cd125f
commit
eff2eaf261
1 changed files with 5 additions and 9 deletions
|
|
@ -19,11 +19,11 @@ citeertitel: Besluit bovenwettelijke werkloosheidsuitkering politie
|
|||
In dit besluit wordt verstaan onder:
|
||||
|
||||
a. bevoegd gezag: het bevoegd gezag, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel l, van het Besluit algemene rechtspositie politie;
|
||||
b. betrokkene: de ambtenaar, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel i, van het Besluit algemene rechtspositie politie, die als gevolg van ontslag verleend op grond van de artikelen 89, eerste tot en met vierde lid, 90, eerste en derde tot en met elfde lid, 91, eerste lid, 92, of 94, eerste lid, onderdelen e of g, van het Besluit algemene rechtspositie politie werkloos is geworden in de zin van de Werkloosheidswet;
|
||||
b. betrokkene: de ambtenaar, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel i, van het Besluit algemene rechtspositie politie, die als gevolg van ontslag verleend op grond van de artikelen 89, eerste tot en met vierde lid, 90, eerste en derde tot en met elfde lid, 91, eerste lid, 92, of 94, eerste lid, onderdelen e of g, van het Besluit algemene rechtspositie politie werkloos is geworden in de zin van de Werkloosheidswet;
|
||||
c. aanvullende uitkering: de aanvullende uitkering bedoeld in hoofdstuk 2;
|
||||
d. aansluitende uitkering: de aansluitende uitkering bedoeld in hoofdstuk 3;
|
||||
e. bovenwettelijke uitkering: de aanvullende en aansluitende uitkering gezamenlijk;
|
||||
f. dagloon: het dagloon in de zin van de Werkloosheidswet, met uitzondering van de maximumdagloongrens, bedoeld in artikel 9 van de Coördinatiewet Sociale Verzekering, waarbij, in het geval sprake is van partieel uittreden of ouderschapsverlof als bedoeld in artikel 13a respectievelijk 41 van het Besluit algemene rechtspositie politie, wordt uitgegaan van het feitelijke inkomen onmiddellijk voorafgaand aan het uittreden respectievelijk het verlof;
|
||||
f. dagloon: het dagloon in de zin van de Werkloosheidswet, met uitzondering van het bedrag, bedoeld in artikel 17 van de Wet financiering sociale verzekeringen met betrekking tot een loontijdvak van een dag, waarbij, in het geval sprake is van partieel uittreden of ouderschapsverlof als bedoeld in artikel 13a respectievelijk 41 van het Besluit algemene rechtspositie politie, wordt uitgegaan van het feitelijke inkomen onmiddellijk voorafgaand aan het uittreden respectievelijk het verlof;
|
||||
g. diensttijd:
|
||||
|
||||
voor zover gelegen voor 1 januari 1996:
|
||||
|
|
@ -80,7 +80,7 @@ c. 60 jaar of ouder is: met een duur gelijk aan 78% van de diensttijd.
|
|||
|
||||
**1.** Indien de duur van de bovenwettelijke uitkering, berekend op basis van artikel 2, ten minste gelijk is aan de duur van de WW-uitkering, berekend op basis van de artikelen 42 of 52g van de Werkloosheidswet, wordt de WW-uitkering gedurende de eerste twaalf maanden tot 80%, gedurende de daaropvolgende zes maanden tot 75% en vervolgens tot 70% van het voor de betrokkene geldende dagloon aangevuld.
|
||||
|
||||
**2.** Indien de duur van de bovenwettelijke uitkering, berekend op basis van artikel 2, korter is dan de duur van de WW-uitkering, berekend op basis van de artikelen 42 of 52g van de Werkloosheidswet, wordt de uitkering, bedoeld in de artikelen 42 of 52g van de Werkloosheidswet, gedurende de eerste twaalf maanden tot 80%, gedurende de daarop volgende zes maanden tot 75% en vervolgens tot 70% aangevuld.
|
||||
**2.** Indien de duur van de bovenwettelijke uitkering, berekend op basis van artikel 2, korter is dan de duur van de WW-uitkering, berekend op basis van de artikelen 42 of 52g van de Werkloosheidswet, wordt de uitkering, bedoeld in de artikelen 42 of 52g van de Werkloosheidswet, gedurende de eerste twaalf maanden tot 80%, gedurende de daarop volgende zes maanden tot 75% en vervolgens tot 70% aangevuld.
|
||||
|
||||
**3.** Voor de toepassing van dit artikel wordt de WW-uitkering steeds geacht door de betrokkene onverminderd te zijn genoten.
|
||||
|
||||
|
|
@ -122,7 +122,7 @@ Indien ten aanzien van de WW-uitkering of de ZW-uitkering een verplichting of ee
|
|||
|
||||
**2.** Bij de toepassing van het eerste lid wordt rekening gehouden met de termijn waarin de betrokkene reeds recht heeft gehad op aanvullende uitkering.
|
||||
|
||||
**3.** Ten aanzien van de hoogte van de aansluitende uitkering zijn de artikelen 45 en 47, tweede en derde lid, van de Werkloosheidswet en artikel 34 van de Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid en de daarop gebaseerde dagloonregels van toepassing.
|
||||
**3.** Ten aanzien van de hoogte van de aansluitende uitkering zijn de artikelen 45 en 47, tweede en derde lid, van de Werkloosheidswet van toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 10
|
||||
|
||||
|
|
@ -240,11 +240,7 @@ Indien de betrokkene van wie de eerste werkloosheidsdag is gelegen voor 1 januar
|
|||
|
||||
### Artikel 26b
|
||||
|
||||
De artikelen 2 en 8 van dit besluit zoals deze luidden op 31 december 2004 blijven van toepassing op de betrokkene van wie de eerste werkloosheidsdag is gelegen voor 1 januari 2005.
|
||||
|
||||
### Artikel 26ca
|
||||
|
||||
Voor de ambtenaar die voor 1 januari 2006 recht had op een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, blijft het Besluit bovenwettelijke werkloosheidsuitkering politie gelden, zoals dat luidde op 28 december 2005.
|
||||
De artikelen 2 en 8 van dit besluit zoals deze luidden op 31 december 2004 blijven van toepassing op de betrokkene van wie de eerste werkloosheidsdag is gelegen voor 1 januari 2005.
|
||||
|
||||
### Artikel 27
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue