From f095e09e39df50d7414f64f4a630873b130aa879 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Tue, 1 Jul 2014 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2014-07-01 | BWBR0012289 | Vreemdelingencirculaire 2000 (B) --- .../BWBR0012289/README.md | 144 +++++++++++++----- 1 file changed, 108 insertions(+), 36 deletions(-) diff --git a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-b/BWBR0012289/README.md b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-b/BWBR0012289/README.md index 21ec439ded8..d784e74010a 100644 --- a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-b/BWBR0012289/README.md +++ b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-b/BWBR0012289/README.md @@ -422,7 +422,7 @@ De IND merkt inkomsten uit arbeid voor een uitzendbureau aan als flexibele arbei De inkomsten uit arbeid in loondienst, bedoeld in artikel 3.75, derde lid, Vb, mogen met andere zelfstandige en duurzame inkomsten worden samengevoegd (bijvoorbeeld inkomsten uit arbeid als zelfstandige) om te voldoen aan het toepasselijke normbedrag. -De IND telt tijdvakken van werkloosheid mee bij de periode van drie jaar als bedoeld in artikel 3.75, derde lid, Vb als tijdens deze periode zelfstandige inkomsten zijn verworven. In deze periode van drie jaar als bedoeld in artikel 3.75, derde lid, Vb mag het totaal van deze tijdvakken van werkloosheid niet meer dan 26 weken bedragen. +De IND telt tijdvakken van werkloosheid mee bij de periode van drie jaar als bedoeld in artikel 3.75, derde lid, Vb als tijdens deze periode zelfstandige inkomsten zijn verworven. De IND merkt als zelfstandige inkomsten ook aan inkomsten uit een uitkering op grond van de Ziektewet. In deze periode van drie jaar als bedoeld in artikel 3.75, derde lid, Vb mag het totaal van deze tijdvakken van werkloosheid niet meer dan 26 weken bedragen. Als de vreemdeling tijdens de periode van drie jaar als bedoeld in artikel 3.75, derde lid, Vb een bepaalde periode een (aanvullende) uitkering uit de algemene middelen heeft ontvangen waarvoor geen premie is afgedragen, dan zijn de middelen in ieder geval niet duurzaam als bedoeld in artikel 3.75, derde lid, Vb. @@ -434,7 +434,7 @@ De IND merkt onregelmatige inkomsten en loon in natura verworven uit arbeid in l De IND beoordeelt de middelen van bestaan van een vreemdeling op basis van een overeenkomst van opdracht als freelancer op dezelfde wijze als het inkomen van een vreemdeling die arbeid als zelfstandige verricht. -De IND betrekt het gemiddeld inkomen over een boekjaar bij de beoordeling of de inkomsten uit arbeid als zelfstandige voldoende zijn. De IND beoordeelt aan de hand van de inkomsten uit het verleden van de zelfstandige of de duurzaamheid van zijn inkomen voor de toekomst gewaarborgd is. Deze beoordeling is alleen van toepassing op referenten die arbeid als zelfstandige verrichten. +De IND betrekt het gemiddeld inkomen per boekjaar bij de beoordeling of de inkomsten uit arbeid als zelfstandige voldoende zijn. De IND beoordeelt aan de hand van de inkomsten uit het verleden van de zelfstandige of de duurzaamheid van zijn inkomen voor de toekomst gewaarborgd is. Deze beoordeling is alleen van toepassing op referenten die arbeid als zelfstandige verrichten. ###### 4.3.3.3. Inkomsten uit eigen vermogen @@ -535,7 +535,9 @@ Op grond van artikel 16, eerste lid, onder g, Vw, wijst de IND de aanvraag voor De IND wijst de mvv-aanvraag af als de vreemdeling het basisexamen inburgering in het buitenland niet heeft behaald, tenzij de vreemdeling hiervan is vrijgesteld of is ontheven. -In aanvulling op artikel 2.6, eerste lid, Besluit inburgering geldt dat voor vrijstelling van het basisexamen inburgering in het buitenland niet vereist is dat sprake is van acht jaar *ononderbroken* inschrijving als ingezetene in de BRP of acht jaar rechtmatig verblijf. +Voor vrijstelling van het basisexamen inburgering in het buitenland op grond van artikel 5, eerste lid, onder b, Wet Inburgering is het niet vereist dat, in aanvulling op artikel 2.6, eerste lid, Besluit Inburgering, sprake is van acht jaar ononderbroken inschrijving als ingezetene in de BRP of acht jaar rechtmatig verblijf. + +De gezinsleden, bedoeld in B10/4.1 Vc, van een vreemdeling met de Turkse nationaliteit zijn ook vrijgesteld van het basisexamen inburgering in het buitenland. Op basis van artikel 3.71a, tweede lid, aanhef en onder c, Vb ontheft de IND in ieder geval de vreemdeling van het behalen van het basisexamen inburgering als de vreemdeling aantoont dat sprake is van: @@ -548,7 +550,7 @@ In aanvulling hierop ontheft de IND de vreemdeling van het behalen van het basis • sprake is van slechtziendheid of hardhorendheid; en • hij niet met behulp van eigen hulpmiddelen alsnog voldoende gezichts- of hoorvermogen krijgt om het basisexamen inburgering af te kunnen leggen. -Op grond van artikel 3.71a, tweede lid, aanhef en onder d, Vb, wijst de IND de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd niet af als sprake is van een combinatie van zeer bijzondere individuele omstandigheden die ertoe leidt dat de vreemdeling blijvend niet in staat is om het basisexamen inburgering met goed gevolg af te leggen. +Op grond van artikel 3.71a, tweede lid, aanhef en onder d, Vb, wijst de IND de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd niet af als sprake is van een combinatie van zeer bijzondere individuele omstandigheden die ertoe leidt dat de vreemdeling niet in staat is om het basisexamen inburgering met goed gevolg af te leggen. Dit wordt ook wel een beroep op de hardheidsclausule genoemd. De IND merkt het enkele feit dat de vreemdeling een of meerdere malen het examen heeft afgelegd, niet aan als een onbillijkheid van overwegende aard als bedoeld in artikel 3.71a, tweede lid, aanhef en onder d, Vb. @@ -676,7 +678,7 @@ Zie ook paragraaf B1/3.4.1.1 Vc onder het kopje ambtshalve toets. ##### 6.2.1. Hoofdverblijf -De IND beoordeelt of de vreemdeling het hoofdverblijf, als bedoeld in artikel 18, eerste lid, aanhef en onder a, Vw, heeft verplaatst aan de hand van feiten en omstandigheden van feitelijke aard. +De IND beoordeelt of de vreemdeling het hoofdverblijf, als bedoeld in artikel 18, eerste lid, aanhef en onder a, Vw, heeft verplaatst aan de hand van feiten en omstandigheden van feitelijke aard. De IND neemt in ieder geval aan dat sprake is van verplaatsing van het hoofdverblijf buiten Nederland als één van de volgende gevallen zich voordoet: @@ -692,10 +694,10 @@ De IND neemt aan dat geen sprake is van verplaatsing van het hoofdverblijf buite a. een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd heeft in het kader van studie aan het hoger onderwijs en in het kader van de voltooiing van zijn studie in Nederland tijdelijk hoger onderwijs in het buitenland gaat volgen. Tijdelijkheid wordt niet aangenomen als de periode van het volgen van hoger onderwijs in het buitenland langer is dan een jaar aaneengesloten; b. een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd heeft voor het verrichten van arbeid die geheel of gedeeltelijk buiten Nederland plaatsvindt; -c. de echtgenoot/partner is van een ambtenaar, bedoeld in artikel 17, eerste lid, of artikel 8, derde of vierde lid, van het reglement van dienst van het Ministerie van BUZA, die uitgezonden is (geweest) naar een Nederlandse diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging in het buitenland; +c. de echtgenoot/partner is van een ambtenaar, bedoeld in artikel 17, eerste lid, of artikel 8, derde of vierde lid, van het reglement van dienst van het Ministerie van BUZA, die uitgezonden is (geweest) naar een Nederlandse diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging in het buitenland; d. is achtergelaten in het land van herkomst en zich zo snel mogelijk tot de Nederlandse overheid (gemeente, diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging, IND of Vreemdelingenpolitie) heeft gewend om naar Nederland te kunnen terugkeren; e. Nederland heeft verlaten voor de vervulling van de militaire dienstplicht en binnen zes maanden na beëindiging van de dienstplicht naar Nederland is teruggekeerd; -f. een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking ‘arbeid als kennismigrant’ heeft en langer dan zes maanden arbeid buiten Nederland verricht mits de vreemdeling aan de voorwaarden blijft voldoen; +f. een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking ‘arbeid als kennismigrant’ of ‘wetenschappelijk onderzoek in de zin van richtlijn 2005/71/EG’ heeft en langer dan zes maanden arbeid buiten Nederland verricht mits de vreemdeling aan de voorwaarden van de verblijfsvergunning blijft voldoen; g. een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking ‘vermogende vreemdeling’ heeft en niet langer dan acht maanden buiten Nederland verblijft mits de vreemdeling aan de voorwaarden blijft voldoen. Wat ‘zo snel mogelijk’ is, beoordeelt de IND per geval, waarbij de IND rekening houdt met de moeilijkheden die de positie van de achtergelaten vreemdeling met zich mee heeft gebracht. @@ -725,7 +727,7 @@ De IND kan de aanvraag tot het verlengen van de geldigheidsduur van een verblijf #### 6.3. Gronden voor intrekking verblijfsvergunning bepaalde tijd -Op grond van artikel 19 Vw trekt de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd in op de in artikel 18, eerste lid, aanhef en onder a en c tot en met i, Vw genoemde gronden. Voor de beleidsregels wordt verwezen naar hetgeen onder B1/6.2.1 en B1/6.2.2 is vermeld. +Op grond van artikel 19 Vw trekt de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd in op de in artikel 18, eerste lid, aanhef en onder a en c tot en met i, Vw genoemde gronden. Voor de beleidsregels wordt verwezen naar hetgeen onder B1/6.2.1 Vc, B1/6.2.2 Vc en B1/6.2.3 Vc is vermeld. ### 7. Rechtsmiddelen @@ -915,6 +917,7 @@ De IND beschouwt als bewijsmiddel, waaruit moet blijken dat de vreemdeling zelfs • een recent uittreksel van de inschrijving van de onderneming of vestiging in het handelsregister (tenzij inschrijving niet mogelijk is); en • een verklaring inkomen ondernemer, volledig ingevuld door: + • een registeraccountant, een Accountant Administratieconsulent, een Federatie Belastingadviseur, een College Belastingadviseur of een administrateur met een beconnummer van de Belastingdienst; • ondertekend door zowel de administrateur als door de ondernemer zelf; en • voorzien van de bijbehorende bijlagen. @@ -964,7 +967,7 @@ De IND beschouwt als bewijsmiddel voor het bepalen van het moment waarop een opg De IND beschouwt een door de vreemdeling overgelegd gewaarmerkt afschrift van het buitenlandse strafvonnis als bewijsmiddel voor de toepassing van de glijdende schaal. -De IND beschouwt een op naam van de vreemdeling gestelde resultatenbrief van het Ministerie van BuZa met resultaat ‘geslaagd’ als bewijsmiddel dat het basisexamen inburgering met goed gevolg is afgelegd. +De IND beschouwt een op naam van de vreemdeling gestelde resultatenbrief met resultaat ‘geslaagd’ als bewijsmiddel dat het basisexamen inburgering met goed gevolg is afgelegd. De IND beschouwt conform het Besluit inburgering en de Wet inburgering als bewijsmiddel, waaruit moet blijken dat de vreemdeling is vrijgesteld van het afleggen van het basisexamen inburgering: @@ -994,8 +997,8 @@ c. dat de vreemdeling anderszins door een geestelijke of lichamelijke belemmerin De IND beschouwt als bewijsmiddel ter onderbouwing van het beroep op de hardheidsclausule: -• bescheiden waaruit blijkt dat de vreemdeling die inspanningen heeft geleverd die in redelijkheid kunnen worden gevergd om het basisexamen inburgering met goed gevolg af te leggen. Dit kan onder meer blijken uit het één of meermalen afleggen van het basisexamen inburgering, waarbij bijvoorbeeld wel een positief resultaat is behaald voor de Toets Gesproken Nederlands en de toets Kennis van de Nederlandse Samenleving, maar geen positief resultaat is behaald voor de toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen. Deze resultaten blijken uit de op naam van de vreemdeling gestelde resultatenbrief van het Ministerie van BuZa. Deze resultatenbrief ontvangt de vreemdeling van de Nederlandse diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging in het buitenland na het afleggen van het basisexamen inburgering en voegt de vreemdeling bij de mvv-aanvraag; en -• bescheiden waaruit blijkt dat sprake is van een combinatie van zeer bijzondere individuele omstandigheden aan de hand waarvan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid oordeelt of de vreemdeling blijvend niet in staat is om het basisexamen inburgering met goed gevolg af te leggen. +• bescheiden waaruit blijkt dat de vreemdeling die inspanningen heeft geleverd die in redelijkheid kunnen worden gevergd om het basisexamen inburgering met goed gevolg af te leggen. Dit kan onder meer blijken uit het één of meermalen afleggen van het basisexamen inburgering, waarbij bijvoorbeeld wel een positief resultaat is behaald voor de Toets Gesproken Nederlands en de toets Kennis van de Nederlandse Samenleving, maar geen positief resultaat is behaald voor de toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen. Deze resultaten blijken uit de op naam van de vreemdeling gestelde resultatenbrief. Deze resultatenbrief ontvangt de vreemdeling van de Nederlandse diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging in het buitenland na het afleggen van het basisexamen inburgering en voegt de vreemdeling bij de mvv-aanvraag. In het geval van een herbeoordeling is de brief rechtstreeks afkomstig van SZW; en +• bescheiden waaruit blijkt dat sprake is van een combinatie van zeer bijzondere individuele omstandigheden aan de hand waarvan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid oordeelt of de vreemdeling niet in staat is om het basisexamen inburgering met goed gevolg af te leggen. ##### 8.3.5. Bewijsmiddelen aanvraag verlenging verblijfsvergunning @@ -1473,19 +1476,29 @@ De IND wijst de aanvraag voor een verblijfsvergunning niet af op grond van artik ##### 2.1.3. Intra-concern uitzendingen +De IND verstaat onder een intra-concern uitzending een vorm van uitzending waarbij de werkgever de vreemdeling tijdelijk overplaatst van een buitenlandse vestiging naar een vestiging in Nederland. + +Op grond van paragraaf 24, van Bijlage 1 Uitvoeringsregels behorende bij de RuWav 2014, gaat het om de volgende categorieën vreemdelingen: + +• sleutelpersoneel; +• trainees; en +• specialisten. + +De IND neemt aan dat de vreemdeling zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan in de zin van artikel 3.74, eerste lid, Vb juncto artikel 3.19, eerste lid, VV als het UWV een TWV heeft verleend voor de te verrichten arbeid. + #### 2.2. Beperking, arbeidsmarktaantekening en geldigheidsduur -Op grond van artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder g, Vb verleent IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking: ‘Arbeid in loondienst’. +Op grond van artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder g, Vb, verleent IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking: ‘Arbeid in loondienst’. Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder d, VV luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument: ‘Arbeid toegestaan mits TWV is verleend’. Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder m, VV luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument: ‘Arbeid toegestaan conform aanvullend document’. -Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder f, VV luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument als de IND de verblijfsvergunning verleent op grond van paragraaf B5/2.1.1: ‘TWV niet vereist voor specifieke arbeid, andere arbeid toegestaan mits TWV is verleend. +Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder f, VV luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument als de IND de verblijfsvergunning verleent op grond van paragraaf B5/2.1.1 Vc: ‘TWV niet vereist voor specifieke arbeid, andere arbeid toegestaan mits TWV is verleend. Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder a, VV, luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument als de vreemdeling vrij is op de arbeidsmarkt ‘Arbeid vrij toegestaan, TWV niet vereist’. -Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder b, VV, luidt de arbeidsmarktaantekening als de IND de verblijfsvergunning verleent op grond van paragraaf B5/2.1.2: ‘TWV niet vereist voor specifieke arbeid, andere arbeid niet toegestaan’. +Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder b, VV, luidt de arbeidsmarktaantekening als de IND de verblijfsvergunning verleent op grond van paragraaf B5/2.1.2 Vc: ‘TWV niet vereist voor specifieke arbeid, andere arbeid niet toegestaan’. Op grond van artikel 10, Wav, kan aan de afgifte van een gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid een voorschrift worden verbonden. @@ -1493,9 +1506,17 @@ Op grond van artikel 14, vijfde lid, Vw, verleent de IND de gecombineerde vergun Indien de gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid wordt verleend met toepassing van artikel 8, derde lid, onder b en c, van de Wet arbeid vreemdelingen, verleent de IND de gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid voor maximaal drie jaar. De geldigheidsduur van de gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid eindigt in overeenstemming met het advies van het UWV. -Op grond van artikel 3.58, derde lid, aanhef en onder b, Vb, verleent de IND de op grond van paragraaf B5/2.1.1 verleende verblijfsvergunning voor de duur van een inkomensvervangende uitkering krachtens een sociale verzekeringswet, of voor de duur van de arbeidsovereenkomst. +Op grond van artikel 14, vijfde lid, Vw, verleent de IND de op grond van paragraaf B5/2.1.1 Vc verleende verblijfsvergunning voor de duur maximaal één jaar. -Op grond van artikel 3.58, derde lid, aanhef en onder b, Vb, verleent de IND de op grond van paragraaf B5/2.1.2 verleende verblijfsvergunning voor de duur van de werkzaamheden. +Op grond van artikel 3.58, derde lid, Vb, verleent de IND de op grond van paragraaf B5/2.1.2 Vc verleende verblijfsvergunning voor de duur van de werkzaamheden. + +Op grond van artikel 14, vijfde lid, Vw, verleent de IND de op grond van paragraaf B5/2.1 Vc verleende verblijfsvergunning voor maximaal één jaar. Indien de verblijfsvergunning wordt verleend met toepassing van artikel 8, derde lid, onder b en c, van de Wet arbeid vreemdelingen, verleent de IND de verblijfsvergunning voor maximaal drie jaar. + +Op grond van artikel 3.59, vijfde lid, Vb verlengt de IND de op grond van paragraaf B5/2.1.1 Vc en paragraaf B5/2.1.2 Vc de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning in ieder geval: + +• voor de duur van een inkomensvervangende uitkering krachtens een sociale verzekeringswet; +• voor de duur van de arbeidsovereenkomst; of +• voor de duur van de werkzaamheden. #### 2.3. Bewijsmiddelen @@ -1514,17 +1535,6 @@ In de hieronder genoemde specifieke gevallen beschouwt de IND verder als bewijsm • Goederen leveren door en aan buitenlands bedrijf: • de bijlage Gegevens levering goederen. -• Werknemer internationaal concern (sleutelpersoneel): - -• de bijlage Gegevens sleutelpersoneel; -• een werkgeversverklaring (of een arbeidsovereenkomst). -• Als specialist internationaal concern: - -• de bijlage Gegevens personeel in het kader van overdracht specifieke kennis; -• kopieën van diploma’s en getuigschriften. -• Als trainee in concernverband: - -• de bijlage Gegevens trainees in concernverband. • Kunst en cultuur: • de bijlage Gegevens musicus/artiest in topsegment. @@ -1570,6 +1580,11 @@ De IND beschouwt een toekenningsbeschikking van de uitkeringsinstantie op grond • uit hoofde van zijn dienstbetrekking op grond van een door Nederland gesloten sociaal zekerheidsverdrag verzekerd is of is geweest voor de Nederlandse sociale verzekeringen; en • recht heeft op een uitkering op grond van de WW en dat deze niet in het land van herkomst geldend kan worden gemaakt. +De IND beschouwt een TWV die ten behoeve van de vreemdeling aan de referent is verleend als bewijsmiddel dat: + +• met de aanwezigheid van de vreemdeling een wezenlijk Nederlands belang wordt gediend; en +• dat de vreemdeling zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan. + De IND beschouwt een verklaring van het Ministerie van BuZa als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat de vreemdeling onder de werking valt van de Zetelovereenkomst tussen het Internationaal Strafhof en het Gastland of onder de werking valt van de brief van 21 december 2007 van de Permanente Vertegenwoordiging van het Koninkrijk der Nederlanden bij de Verenigde Naties behorend bij het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende de Zetel van het Speciale Tribunaal voor Libanon. ### 3. Grensoverschrijdende dienstverlening @@ -2578,7 +2593,8 @@ In dit hoofdstuk zijn beleidsregels opgenomen voor vreemdelingen die in Nederlan • amv’s die buiten hun schuld niet uit Nederland kunnen vertrekken; • remigratie op grond van artikel 8 Remigratiewet; • verblijf in afwachting van een verzoek ex artikel 17 RWN; -• medische behandeling. +• medische behandeling; +• plaatsing in een pleeggezin of instelling in Nederland op grond van het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996. De beleidsregels zijn een aanvulling op of een uitwerking van de artikelen 3.6, 3.46, 3.48, 3.49, 3.99a, 3.102b, 61c en 6.1d Vb. @@ -3146,8 +3162,8 @@ De IND concludeert dat de medische behandeling niet in het land van herkomst of • sprake is van een medische noodsituatie; en • de vreemdeling toont aan dat: -• in het land van herkomst of bestendig verblijf geen gezins- of familieleden zijn die in staat moeten worden geacht de medisch noodzakelijke mantelzorg te verlenen; en -• gezins- of familieleden hier te lande verblijven op grond van artikel 8, onder a tot en met e, dan wel l, Vw of Nederlander zijn, die de medisch noodzakelijke mantelzorg verlenen. +• gezins- of familieleden hier te lande verblijven op grond van artikel 8, onder a tot en met e, dan wel l, Vw of Nederlander zijn, die de medisch noodzakelijke mantelzorg verlenen; en +• in het land van herkomst of bestendig verblijf geen gezins- of familieleden zijn die in staat moeten worden geacht de medisch noodzakelijke mantelzorg te verlenen. De IND verstaat onder mantelzorg de vanwege de aard van de medische aandoening noodzakelijke verzorging van de vreemdeling door derden. Deze derden hoeven voor het verrichten van mantelzorg niet medisch geschoold te zijn. Professionele (thuis)zorg is geen mantelzorg. De mantelzorg moet een essentieel onderdeel zijn van de medische behandeling. @@ -3344,6 +3360,42 @@ Op grond van artikel 3.1, derde lid, onder a, VV, luidt de arbeidsmarktaantekeni ### 11. Plaatsing in een pleeggezin of instelling in Nederland +#### 11.1. Plaatsing in een pleeggezin of instelling op verzoek van een ander land op grond van het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996 (HKBV) + +De IND verleent op grond van artikel 3.48, tweede lid, aanhef en onder b, Vb, een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan een minderjarige vreemdeling die vanuit een ander land op grond van het HKBV wordt geplaatst in een pleeggezin of in een instelling in Nederland, als alle volgende voorwaarden wordt voldaan: + +• de Nederlandse Centrale autoriteit heeft een verklaring afgegeven, waarin staat dat de Nederlandse Centrale autoriteit instemt met de plaatsing van de vreemdeling in een pleeggezin of instelling in Nederland (instemmingsverklaring); +• de Centrale autoriteit van het land van herkomst van de vreemdeling heeft het besluit genomen om in te stemmen met de plaatsing van de vreemdeling in een pleeggezin of in een instelling in Nederland (instemmingsbesluit); +• het betreft een plaatsing met een tijdelijke duur; +• het gezag over de vreemdeling moet door de autoriteiten van het land van herkomst zijn geregeld; +• de aspirant-pleegouders hebben rechtmatig verblijf, als bedoeld artikel 8, onder a tot en met e, dan wel l, Vw, of zijn Nederlander. + +De IND wijst de aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd op grond van artikel 3.48, tweede lid, aanhef onder b, Vb niet af wegens het ontbreken van voldoende middelen van bestaan. + +#### 11.2. Beperking, arbeidsmarktbeperking en geldigheidsduur + +Op grond van artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder p, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning voor bepaalde tijd op grond van artikel 3.48, tweede lid, aanhef en onder b, Vb onder de beperking: tijdelijk humanitaire gronden. + +Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder a, VV luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument: ‘Arbeid vrij toegestaan. TWV niet vereist’. + +Op grond van artikel 3.58, zesde lid, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op grond van artikel 3.48, tweede lid, aanhef en onder b, Vb met de geldigheidsduur van één jaar. + +#### 11.3. Verlenging en intrekking + +De IND verlengt de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op grond van artikel 3.48, tweede lid, aanhef en onder b, Vb alleen als nog steeds sprake is van plaatsing in een pleeggezin of instelling in Nederland. + +De IND trekt de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op grond van artikel 3.48, tweede lid, aanhef en onder b, Vb in als de plaatsing in een pleeggezin of instelling in Nederland is geëindigd. + +#### 11.4. Bewijsmiddelen + +De IND beschouwt de instemmingsverklaring van de Nederlandse Centrale autoriteit als bewijsmiddel dat de Nederlandse Centrale autoriteit heeft ingestemd met de plaatsing van de vreemdeling in een pleeggezin of instelling in Nederland. + +De IND beschouwt het instemmingsbesluit van de Centrale autoriteit van het land van herkomst van de vreemdeling als bewijsmiddel dat de Centrale autoriteit van het land van herkomst van de vreemdeling heeft besloten om in te stemmen de plaatsing van de vreemdeling in een pleeggezin of instelling in Nederland. + +De IND beschouwt een verklaring van de Nederlandse Centrale autoriteit dat de plaatsing tijdelijk is als bewijsmiddel dat het gaat om tijdelijke plaatsing. + +De IND beschouwt een verklaring van de bevoegde autoriteiten van het land van herkomst als bewijsmiddel dat het gezag over de vreemdeling is geregeld. + ## B9. Humanitair niet-tijdelijk ### 1. Inleiding @@ -3723,7 +3775,19 @@ De IND bepaalt de uitgangspositie van de belangenafweging mede door de omstandig Dit laat onverlet dat ook als geen sprake is van inmenging de IND een belangenafweging maakt tussen de belangen van de Staat en die van de vreemdeling. -### 15. Beperking, arbeidsmarktaantekening en geldigheidsduur +### 15. Plaatsing in een pleeggezin of instelling op verzoek van een ander land op grond van het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996 (HKBV) + +De IND verleent op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder k, Vb, een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan een buitenlandse minderjarige vreemdeling, die vanuit een ander land op grond van het HKBV wordt geplaatst in een pleeggezin of in een instelling in Nederland, als aan alle volgende voorwaarden wordt voldaan: + +• de Nederlandse Centrale autoriteit heeft een verklaring afgegeven, waarin staat dat de Nederlandse Centrale autoriteit instemt met de plaatsing van de vreemdeling in een pleeggezin of instelling in Nederland (instemmingsverklaring); +• de Centrale Autoriteit van het land van herkomst van de vreemdeling heeft het besluit genomen om in te stemmen met de plaatsing van de vreemdeling in een pleeggezin of in een instelling in Nederland (instemmingsbesluit); +• de Nederlandse Centrale autoriteit heeft vastgesteld dat de vreemdeling niet meer zal kunnen terugkeren naar de oorspronkelijke gezinssituatie en tot zijn 18de jaar in een pleeggezin of instelling in Nederland zal gaan verblijven; +• het gezag over de vreemdeling moet door de autoriteiten van het land van herkomst zijn geregeld; +• de aspirant-pleegouders hebben rechtmatig verblijf, als bedoeld artikel 8, onder a tot en met e, dan wel l, Vw, of zijn Nederlander. + +De IND wijst de aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder k, Vb niet af wegens het ontbreken van voldoende middelen van bestaan. + +### 16. Beperking, arbeidsmarktaantekening en geldigheidsduur @@ -3735,7 +3799,7 @@ Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder a, VV luidt de arbeidsmarkt Op grond van artikel 3.58, achtste lid, Vb verleent de IND de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning regulier bepaalde tijd onder de beperking: ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’ voor de duur van vijf jaar. -### 16. Verlenging en intrekking +### 17. Verlenging en intrekking Op grond van artikel 3.59, vijfde lid, Vb verlengt de IND de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning voor de duur van vijf jaar. @@ -3750,9 +3814,9 @@ Dit geldt ook voor de afhankelijke gezinsleden van Nederlanders die buiten Neder Als de IND verblijfsrecht van de oud-Nederlander niet beëindigt, dan beëindigt de IND evenmin het verblijfsrecht van de afhankelijke gezinsleden als de afhankelijke gezinsleden niet zelfstandig en duurzaam beschikken over voldoende middelen van bestaan en niet samenwonen met de oud- Nederlander. -### 17. Bewijsmiddelen +### 18. Bewijsmiddelen -#### 17.1. Algemeen +#### 18.1. Algemeen @@ -3798,7 +3862,7 @@ De IND beschouwt als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat de vreemdeling ondank • een verklaring van het ROC van Amsterdam, waarin deze aangeeft dat de vreemdeling analfabeet is en wegens beperkt leervermogen in samenhang met onder meer vooropleiding en leeftijd in redelijkheid niet in staat kan worden geacht het inburgeringsexamen binnen vijf jaar af te leggen; en • de door DUO verstrekte resultatenbrief van het afleggen van de toets gesproken Nederlands (TGN), met het resultaat ‘geslaagd’ (A2-niveau). -#### 17.2. Verblijfsspecifiek +#### 18.2. Verblijfsspecifiek De IND beschouwt een geboorteakte als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat de vreemdeling geboren is in Nederland. @@ -3830,7 +3894,7 @@ De IND beschouwt als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat de medische behandeli • een door de medische behandelaars van de vreemdeling volledig ingevulde en ondertekende Bijlage bewijs omtrent medische situatie vreemdeling, die niet ouder is dan zes weken; • een door de vreemdeling zelf volledig ingevulde en ondertekende Bijlage toestemmingsverklaring medische gegevens die niet ouder is dan zes maanden; en -• relevante medische gegevens zoals beschreven in paragraaf A3/7.1 Vc. +• **relevante medische gegevens zoals beschreven in paragraaf A3/7.1 Vc.** De IND beschouwt als bewijsmiddel van huiselijk geweld: @@ -3850,6 +3914,14 @@ De IND beschouwt een afschrift van de rechterlijke uitspraak in de strafzaak als De IND beschouwt bewijsstukken waaruit de banden met Nederland en de intensiteit daarvan blijken als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat de vreemdeling privéleven heeft opgebouwd in Nederland. +De IND beschouwt de instemmingsverklaring van de Nederlandse Centrale autoriteit als bewijsmiddel dat de Nederlandse Centrale autoriteit heeft ingestemd met de plaatsing van de vreemdeling in een pleeggezin of instelling in Nederland. + +De IND beschouwt het instemmingsbesluit van de Centrale autoriteit van het land van herkomst van de vreemdeling als bewijsmiddel dat de Centrale autoriteit van het land van herkomst van de vreemdeling heeft besloten om in te stemmen met de plaatsing van de vreemdeling in een pleeggezin of instelling in Nederland. + +De IND beschouwt een verklaring van de Nederlandse Centrale autoriteit als bewijsmiddel dat de vreemdeling niet meer zal kunnen terugkeren naar de oorspronkelijke gezinssituatie en tot zijn 18de jaar in een pleeggezin of instelling zal gaan verblijven. + +De IND beschouwt een verklaring van de bevoegde autoriteiten van het land van herkomst als bewijsmiddel dat het gezag over de vreemdeling is geregeld. + ## B10. EU-recht en Internationale Verdragen ### 1. Inleiding