2008-12-10 | BWBR0008074 | Reglement rijbewijzen

This commit is contained in:
Coornhert 2008-12-10 12:00:00 +00:00
parent 0362807634
commit f303559813

View file

@ -126,7 +126,7 @@ V. een geldig rijbewijs B.
Het motorrijtuig waarmee rijonderricht in de zin van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 wordt gegeven in het kader van de opleiding voor het praktijk-examen voor rijbewijs B, dient te zijn voorzien van:
a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat degene die rijonderricht geeft daarmee de bedrijfsrem en de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen;
a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat degene die rijonderricht geeft, daarmee de bedrijfsrem en de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen, dan wel, indien het motorrijtuig niet is voorzien van een koppelingspedaal, een andere inrichting waarmee hij de aandrijving van het motorrijtuig door de motor kan onderbreken;
b. een binnen- en een buitenspiegel waarmee degene die rijonderricht geeft het achter en rechts naast hem gelegen weggedeelte kan overzien;
c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wijze als bij die regeling is voorgeschreven.
@ -136,7 +136,7 @@ c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wij
Bij het geven van rijonderricht in de zin van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 in het kader van de opleiding voor het praktijk-examen voor rijbewijs C, D of E dient te worden voldaan aan de volgende eisen:
a. het motorrijtuig waarmee rijonderricht wordt gegeven, dient te zijn voorzien van inrichtingen die zo zijn aangebracht dat degene die rijonderricht geeft, daarmee de bedrijfsrem en de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen;
a. het motorrijtuig waarmee rijonderricht wordt gegeven, dient te zijn voorzien van inrichtingen die zo zijn aangebracht dat degene die rijonderricht geeft, daarmee de bedrijfsrem en de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen, dan wel, indien het motorrijtuig niet is voorzien van een koppelingspedaal, van een andere inrichting waarmee hij de aandrijving van het motorrijtuig door de motor kan onderbreken;
b. het motorrijtuig waarmee rijonderricht wordt gegeven, dient te zijn voorzien van twee of meer buitenspiegels waarmee degene die rijonderricht geeft het rechts en links naast en achter hem gelegen weggedeelte kan overzien;
c. het motorrijtuig waarmee rijonderricht wordt gegeven, dient te zijn voorzien van een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wijze als bij die regeling is voorgeschreven;
d. degene aan wie rijonderricht wordt gegeven in het kader van de opleiding voor het praktijk-examen voor rijbewijs C of D, dient in het bezit te zijn van een rijbewijs B dat hetzij nog geldig is hetzij zijn geldigheid heeft verloren door het verstrijken van de geldigheidsduur;
@ -208,7 +208,7 @@ Aan de aanvrager van een rijbewijs, die blijkens de ten behoeve van hem in het r
**3.** In afwijking van artikel 17 wordt aan de aanvrager die in het bezit is van een rijbewijs C, dat is voorzien van een bij ministeriële regeling vastgestelde codering waaruit blijkt dat de houder van dat rijbewijs het praktijkexamen heeft afgelegd in een motorrijtuig zonder koppelingspedaal, en ten behoeve van wie in het rijbewijzenregister een verklaring van rijvaardigheid voor de categorie E bij C is geregistreerd waaruit blijkt dat hij het praktijkexamen heeft afgelegd met een aanhangwagen, voortbewogen door een trekkend motorrijtuig van de categorie C, met koppelingspedaal, een rijbewijs afgegeven voor de categorie E bij C, zonder dat voor die categorie of voor de categorie waartoe het trekkend motorrijtuig behoort, een beperking tot motorrijtuigen zonder koppelingspedaal geldt.
**4.** In afwijking van artikel 17 wordt aan de aanvrager die in het bezit is van een rijbewijs D, dat is voorzien van een bij ministeriële regeling vastgestelde codering waaruit blijkt dat de houder van dat rijbewijs het praktijkexamen heeft afgelegd in een motorrijtuig met koppelingspedaal, en ten behoeve van wie in het rijbewijzenregister een verklaring van rijvaardigheid voor de categorie E bij D is geregistreerd waaruit blijkt dat hij het praktijkexamen heeft afgelegd met een aanhangwagen, voortbewogen door een trekkend motorrijtuig van de categorie D, met koppelingspedaal, een rijbewijs afgegeven voor de categorie E bij D, zonder dat voor die categorie of voor de categorie waartoe het trekkend motorrijtuig behoort, een beperking tot motorrijtuigen zonder koppelingspedaal geldt.
**4.** In afwijking van artikel 17 wordt aan de aanvrager die in het bezit is van een rijbewijs D, dat is voorzien van een bij ministeriële regeling vastgestelde codering waaruit blijkt dat de houder van dat rijbewijs het praktijkexamen heeft afgelegd in een motorrijtuig zonder koppelingspedaal, en ten behoeve van wie in het rijbewijzenregister een verklaring van rijvaardigheid voor de categorie E bij D is geregistreerd waaruit blijkt dat hij het praktijkexamen heeft afgelegd met een aanhangwagen, voortbewogen door een trekkend motorrijtuig van de categorie D, met koppelingspedaal, een rijbewijs afgegeven voor de categorie E bij D, zonder dat voor die categorie of voor de categorie waartoe het trekkend motorrijtuig behoort, een beperking tot motorrijtuigen zonder koppelingspedaal geldt.
**5.**
@ -509,16 +509,26 @@ Het over te leggen rijbewijs dient:
a. op het moment van de aanvraag nog geldig te zijn;
b. aan de aanvrager te zijn afgegeven in een periode van één jaar waarin hij ten minste 185 dagen in de Nederlandse Antillen of in Aruba woonachtig is geweest.
**3.** Het tweede lid, onderdeel b, geldt niet indien het over te leggen rijbewijs is afgegeven tegen overlegging van een eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs en de aanvraag betrekking heeft op dezelfde rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën waarvoor dat eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs geldig was.
**3.**
**4.**
Het tweede lid, onderdeel a, geldt niet indien:
a. het over te leggen rijbewijs is afgegeven door omwisseling tegen een eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs,
b. de aanvraag betrekking heeft op dezelfde rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën waarvoor dat eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs geldig was, en
c. het over te leggen rijbewijs zijn geldigheid heeft verloren door het verstrijken van de geldigheidsduur.
**4.** Het tweede lid, onderdeel b, geldt niet indien het over te leggen rijbewijs is afgegeven tegen overlegging van een eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs en de aanvraag betrekking heeft op dezelfde rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën waarvoor dat eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs geldig was.
**5.**
Indien het rijbewijs wegens vermissing of diefstal niet kan worden overgelegd, worden in plaats daarvan de volgende documenten overgelegd:
a. een proces-verbaal ter zake van vermissing of diefstal, in Nederland op ambtseed opgemaakt door een ambtenaar, belast met de uitvoering van de politietaak, waarin de omstandigheden waaronder het rijbewijs verloren is geraakt of teniet is gegaan worden omschreven;
b. een door het gezag dat het rijbewijs heeft afgegeven gewaarmerkte verklaring waaruit van de afgifte en de geldigheid blijkt en waaruit tevens blijkt dat door dat gezag tegen de aanvrager geen maatregelen van bestuursrechtelijke of strafrechtelijke aard betreffende de beperking, schorsing, intrekking of nietigverklaring van de rijbevoegdheid zijn getroffen en dat bij dat gezag ook overigens geen bezwaar tegen afgifte van een rijbewijs bestaat.
**5.**
Indien het derde lid van toepassing is, hoeft uit de onder b genoemde verklaring niet de geldigheid te blijken.
**6.**
Indien de aanvraag betrekking heeft op een rijbewijs waarop een getuigschrift van vakbekwaamheid of een getuigschrift van nascholing wordt vermeld, dient, behoudens aan de in het eerste en tweede lid genoemde vereisten, bij de aanvraag aan de volgende vereisten te worden voldaan:
@ -526,7 +536,7 @@ a. de aanvrager overlegt een door de bevoegde autoriteit van een lidstaat van de
b. de aanvrager overlegt een geldig buitenlands omwisselingscertificaat, dan wel
c. ten behoeve van de aanvrager is in het rijbewijzenregister een verklaring van vakbekwaamheid of een verklaring van nascholing geregistreerd, waarbij de datum van registratie niet langer dan vijf jaren vóór de aanvraag mag liggen.
**6.**
**7.**
Indien de in het voorgaande lid, onder a of b, genoemde documenten wegens vermissing of diefstal niet kunnen worden overgelegd, worden in plaats daarvan de volgende documenten overgelegd:
@ -597,13 +607,21 @@ Het over te leggen rijbewijs dient:
a. op het moment van de aanvraag nog geldig te zijn;
b. aan de aanvrager te zijn afgegeven in een periode van één jaar waarin hij ten minste 185 dagen in het land van afgifte van dat bewijs woonachtig is geweest.
**3.** Het tweede lid, onderdeel b, geldt niet indien het over te leggen rijbewijs is afgegeven door omwisseling tegen een eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs en de aanvraag betrekking heeft op dezelfde rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën waarvoor dat eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs geldig was.
**3.**
**4.** Het over te leggen rijbewijs en de wijze van verkrijging daarvan dienen bij ministeriële regeling te zijn aangewezen als zijnde ten minste gelijkwaardig aan rijbewijzen en de verkrijging daarvan zoals voorzien in richtlijn nr. 91/439/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 29 juli 1991 betreffende het rijbewijs (*PbEG* L 237), dan wel dient het over te leggen rijbewijs bij ministeriële regeling te zijn aangewezen als een rijbewijs dat om redenen van algemeen belang voor omwisseling in aanmerking komt.
Het tweede lid, onderdeel a, geldt niet indien:
**5.** Het vierde lid geldt niet indien het over te leggen rijbewijs is afgegeven door omwisseling tegen een eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs en de aanvraag betrekking heeft op dezelfde rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën waarvoor dat eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs geldig was.
a. het over te leggen rijbewijs is afgegeven door omwisseling tegen een eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs,
b. de aanvraag betrekking heeft op dezelfde rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën waarvoor dat eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs geldig was, en
c. het over te leggen rijbewijs zijn geldigheid heeft verloren door het verstrijken van de geldigheidsduur.
**6.**
**4.** Het tweede lid, onderdeel b, geldt niet indien het over te leggen rijbewijs is afgegeven door omwisseling tegen een eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs en de aanvraag betrekking heeft op dezelfde rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën waarvoor dat eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs geldig was.
**5.** Het over te leggen rijbewijs en de wijze van verkrijging daarvan dienen bij ministeriële regeling te zijn aangewezen als zijnde ten minste gelijkwaardig aan rijbewijzen en de verkrijging daarvan zoals voorzien in richtlijn nr. 91/439/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 29 juli 1991 betreffende het rijbewijs (*PbEG* L 237), dan wel dient het over te leggen rijbewijs bij ministeriële regeling te zijn aangewezen als een rijbewijs dat om redenen van algemeen belang voor omwisseling in aanmerking komt.
**6.** Het vijfde lid geldt niet indien het over te leggen rijbewijs is afgegeven door omwisseling tegen een eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs en de aanvraag betrekking heeft op dezelfde rijbewijscategorie of rijbewijscategorieën waarvoor dat eerder aan de aanvrager afgegeven rijbewijs geldig was.
**7.**
Indien de aanvraag betrekking heeft op een rijbewijs waarop een getuigschrift van vakbekwaamheid of een getuigschrift van nascholing wordt vermeld, dient, behoudens aan de in het eerste en tweede lid genoemde vereisten, bij de aanvraag aan de volgende vereisten te worden voldaan:
@ -611,7 +629,7 @@ a. de aanvrager overlegt een door de bevoegde autoriteit van een lidstaat van de
b. de aanvrager overlegt een geldig buitenlands omwisselingscertificaat, dan wel
c. ten behoeve van de aanvrager is in het rijbewijzenregister een verklaring van vakbekwaamheid of een verklaring van nascholing geregistreerd, waarbij de datum van registratie niet langer dan vijf jaren vóór de aanvraag mag liggen.
**7.** Indien de in het voorgaande lid, onder a of b, genoemde documenten wegens vermissing of diefstal niet kunnen worden overgelegd, is artikel 44, zesde lid, van overeenkomstige toepassing.
**8.** Indien de in het voorgaande lid, onder a of b, genoemde documenten wegens vermissing of diefstal niet kunnen worden overgelegd, is artikel 44, zesde lid, van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 47
@ -1037,7 +1055,7 @@ Het motorrijtuig waarmee de rijproef voor het rijbewijs A wordt afgelegd, dient
Het motorrijtuig waarmee de rijproef voor het rijbewijs B wordt afgelegd, dient te zijn voorzien van:
a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat de examinator daarmee de bedrijfsrem en de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen;
a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat de examinator daarmee de bedrijfsrem en de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen, dan wel, indien het motorrijtuig niet is voorzien van een koppelingspedaal, een andere inrichting waarmee de examinator de aandrijving van het motorrijtuig door de motor kan onderbreken;
b. een binnen- en een buitenspiegel waarmee de examinator het achter en rechts naast hem gelegen weggedeelte kan overzien;
c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wijze als bij die regeling is voorgeschreven.
@ -1045,7 +1063,7 @@ c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wij
Het motorrijtuig waarmee de rijproef voor het rijbewijs C, D of E wordt afgelegd, dient te zijn voorzien van:
a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat de examinator daarmee de bedrijfsrem en de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen;
a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat de examinator daarmee de bedrijfsrem en de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen, dan wel, indien het motorrijtuig niet is voorzien van een koppelingspedaal, een andere inrichting waarmee de examinator de aandrijving van het motorrijtuig door de motor kan onderbreken;
b. twee of meer buitenspiegels waarmee de examinator het rechts en links naast en achter hem gelegen weggedeelte kan overzien;
c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wijze als bij die regeling is voorgeschreven.
@ -1886,7 +1904,7 @@ c. het op juiste en veilige wijze kunnen toepassen van kennis en vaardigheden me
### Artikel 156n
**1.** De aangewezen exameninstantie kan een rij-instructeur die ingevolge de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 bevoegd is tot het geven van rijonderricht en die voldoet aan de door haar opgestelde eisen, aanwijzen tot het afnemen van praktijktoetsen vakbekwaamheid 2 en 3 voor de rijbewijscategorieën C en D.
**1.** De aangewezen exameninstantie kan een rij-instructeur die ingevolge de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 bevoegd is tot het geven van rijonderricht en die voldoet aan de door haar opgestelde eisen, aanwijzen tot het afnemen van praktijktoetsen vakbekwaamheid 1 en 2 voor de rijbewijscategorieën C en D.
**2.** Een rij-instructeur als bedoeld in het eerste lid neemt de praktijktoetsen af met gebruikmaking van de exameneisen.