2006-09-01 | BWBR0019070 | Besluit Wfsv
This commit is contained in:
parent
d6c4baefbd
commit
f315201f7b
1 changed files with 111 additions and 11 deletions
|
|
@ -39,7 +39,7 @@ f. het dekkingssaldo: het verschil tussen het feitelijke vermogen van een sector
|
|||
|
||||
**1.** Het UWV stelt een sectorpremiepercentage vast ter dekking van de werkloosheidslasten. Het sectorpremiepercentage bedraagt ten hoogste het lastenplafond.
|
||||
|
||||
**2.** Het UWV stelt voor de dekking van de ziekengeldlasten een opslagpercentage vast, waarmee het sectorpremiepercentage met betrekking tot dat sectorfonds wordt verhoogd.
|
||||
**2.** Het UWV stelt voor de dekking van de ziekengeldlasten en de lasten die op grond van artikel 104, eerste lid, onderdeel d, van de Wfsv, ten laste van een sectorfonds komen een opslagpercentage vast, waarmee het sectorpremiepercentage met betrekking tot dat sectorfonds wordt verhoogd.
|
||||
|
||||
**3.** Indien in een sectorfonds op 31 december van het jaar waarin het sectorpremiepercentage wordt vastgesteld naar verwachting van het UWV een positief of negatief dekkingssaldo aanwezig zal zijn, stelt het UWV, in afwijking van het eerste lid, in dat kalenderjaar en de daaropvolgende kalenderjaren een zodanig sectorpremiepercentage vast dat het overschot dan wel tekort binnen drie kalenderjaren na die datum is ingelopen onderscheidenlijk aangezuiverd.
|
||||
|
||||
|
|
@ -105,7 +105,7 @@ c. een uitkering die uitsluitend het gevolg is van verkorting van de werktijd, w
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
In deze paragraaf wordt verstaan onder:
|
||||
In deze paragraaf en paragraaf 3a wordt verstaan onder:
|
||||
|
||||
a. premieplichtig loon: het loon, bedoeld in paragraaf 1 van afdeling 1 van hoofdstuk 3 van de Wfsv, waarnaar op grond van dat hoofdstuk premies worden geheven;
|
||||
b. kleine werkgever: een werkgever te wiens laste, in het tweede kalenderjaar dat aan het premiebetalingstijdvak vooraf is gegaan, een premieplichtig loon is gekomen dat gelijk is aan of minder bedraagt dan 25 maal het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer in dat kalenderjaar;
|
||||
|
|
@ -113,7 +113,7 @@ c. grote werkgever: een werkgever te wiens laste, in het tweede kalenderjaar dat
|
|||
d. minimumpremie: de gedifferentieerde premie die een werkgever ten minste verschuldigd is;
|
||||
e. maximumpremie: de gedifferentieerde premie die een werkgever ten hoogste verschuldigd is.
|
||||
|
||||
**2.** De inspecteur kan op aanvraag van een werkgever bij voor bezwaar vatbare beschikking vaststellen, dat die werkgever voor het premiebetalingstijdvak in afwijking van het eerste lid, onderdeel b, of het eerste lid, onderdeel c, wordt ingedeeld, indien uit door die werkgever bij de aanvraag verstrekte gegevens blijkt, dat als vaststaand mag worden aangenomen, dat het in het premiebetalingstijdvak ten laste van die werkgever komende premieplichtige loon ten minste 25% zal afwijken van 25 maal het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer in het tweede kalenderjaar dat aan het premiebetalingstijdvak vooraf is gegaan en de omvang van het verwachte premieplichtige loon leidt tot een andere indeling. Een aanvraag als bedoeld in de eerste zin wordt ingediend uiterlijk 6 weken nadat de werkgever schriftelijk in kennis is gesteld van de door hem in het premiebetalingstijdvak verschuldigde gedifferentieerde premie, bedoeld in artikel 37 van de Wfsv.
|
||||
**2.** De inspecteur kan op aanvraag van een werkgever bij voor bezwaar vatbare beschikking vaststellen, dat die werkgever voor het premiebetalingstijdvak in afwijking van het eerste lid, onderdeel b, of het eerste lid, onderdeel c, wordt ingedeeld, indien uit door die werkgever bij de aanvraag verstrekte gegevens blijkt, dat als vaststaand mag worden aangenomen, dat het in het premiebetalingstijdvak ten laste van die werkgever komende premieplichtige loon ten minste 25% zal afwijken van 25 maal het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer in het tweede kalenderjaar dat aan het premiebetalingstijdvak vooraf is gegaan en de omvang van het verwachte premieplichtige loon leidt tot een andere indeling. Een aanvraag als bedoeld in de eerste zin wordt ingediend uiterlijk 6 weken nadat de werkgever schriftelijk in kennis is gesteld van de door hem in het premiebetalingstijdvak verschuldigde gedifferentieerde premie, bedoeld in de artikelen 37 en 38 van de Wfsv.
|
||||
|
||||
**3.** Het gemiddelde premieplichtige loon, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en c, wordt vastgesteld door het UWV.
|
||||
|
||||
|
|
@ -199,9 +199,9 @@ b. wordt bij de toepassing van artikel 2.8 het ten laste van de werkgever die de
|
|||
|
||||
**1.** Indien blijkt dat een arbeidsongeschiktheidsuitkering als bedoeld in artikel 2.8, tweede lid geheel of ten dele ten onrechte is toegekend, wordt bij de berekening van het individuele werkgeversrisicopercentage in het kalenderjaar waarin het besluit tot toekenning van de arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt ingetrokken of herzien, het totaalbedrag, bedoeld in artikel 2.8, tweede lid, verminderd met een bedrag dat gelijk is aan het bedrag van de te veel betaalde arbeidsongeschiktheidsuitkering.
|
||||
|
||||
**2.** Indien een schadevergoeding als bedoeld in artikel 107a, tweede lid, van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek, is ontvangen, wordt, op verzoek van de werkgever, bij de berekening van het individuele werkgeversrisicopercentage met ingang van het kalenderjaar waarin de schadevergoeding is ontvangen, gedurende een tijdvak van vier jaren, het totaalbedrag, bedoeld in artikel 2.8, tweede lid, verminderd met een compensatiebedrag.
|
||||
**2.** Indien een schadevergoeding als bedoeld in artikel 107a, tweede lid, van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek dan wel een schadevergoeding op grond van een wettelijke regeling die daarmee naar aard en strekking overeenkomt, is ontvangen, wordt, op verzoek van de werkgever, bij de berekening van het individuele werkgeversrisicopercentage met ingang van het kalenderjaar waarin de schadevergoeding is ontvangen, gedurende een tijdvak van vijf jaren, het totaalbedrag, bedoeld in artikel 2.8, tweede lid, verminderd met een compensatiebedrag.
|
||||
|
||||
**3.** Het compensatiebedrag, bedoeld in het tweede lid, wordt vastgesteld door het bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkering aan de betrokken werknemer jaarlijks gedurende vier jaar te vermenigvuldigen met het getal dat is verkregen door het bedrag van de schadevergoeding, bedoeld in het tweede lid, te delen door het loon over het tijdvak van 104 weken, bedoeld in artikel 629, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek. Het getal, bedoeld in de eerste zin, bedraagt niet meer dan 1.
|
||||
**3.** Het compensatiebedrag, bedoeld in het tweede lid, wordt vastgesteld door het bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkering aan de betrokken werknemer jaarlijks gedurende vijf jaren te vermenigvuldigen met het getal dat is verkregen door het bedrag van de schadevergoeding, bedoeld in het tweede lid, te delen door het loon over het tijdvak van 52 weken, bedoeld in artikel 629, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek dan wel artikel 76a, eerste lid, van de Ziektewet. Het getal, bedoeld in de eerste zin, bedraagt niet meer dan 1.
|
||||
|
||||
**4.** In afwijking van het derde lid wordt in de gevallen waarin ziekengeld wordt uitgekeerd aan de verzekerde, bedoeld in artikel 29 van de Ziektewet, het compensatiebedrag, bedoeld in het tweede lid, vastgesteld door het bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkering aan de betrokken werknemer te vermenigvuldigen met het getal dat is verkregen door het bedrag van het ontvangen verhaal op grond van artikel 52a van de Ziektewet te delen door het aan betrokken werknemer op grond van de Ziektewet uitgekeerde ziekengeld.
|
||||
|
||||
|
|
@ -233,13 +233,9 @@ b. wordt bij de toepassing van artikel 2.8 het ten laste van de werkgever die de
|
|||
|
||||
**1.** Artikel 2.11, tweede, derde en vierde lid, is uitsluitend van toepassing in die gevallen waarin de arbeidsongeschiktheidsuitkering ingaat op of na 1 januari 2002.
|
||||
|
||||
**2.** Bij de toepassing van artikel 2.11, tweede en derde lid, wordt, indien ten aanzien van de arbeidsongeschiktheidsuitkering van de betrokken werknemer artikel 76f van de WAO van toepassing is zoals dit artikel luidde op 31 december 2003, voor «vier jaren» en «vier jaar» respectievelijk gelezen «vijf jaren» en «vijf jaar».
|
||||
**2.** Voor de premiejaren 2006 en volgende jaren worden de op grond van artikel 2.8 berekende opslagen en kortingen vermenigvuldigd met een breuk, waarvan de teller wordt gevormd door het rekenpercentage, bedoeld in artikel 2.6, en de noemer door het gemiddelde werkgeversrisicopercentage, bedoeld in artikel 2.8, derde lid.
|
||||
|
||||
**3.** Bij de toepassing van artikel 2.11, derde lid, wordt, indien ten aanzien van de arbeidsongeschiktheidsuitkering van de betrokken werknemer artikel 76f van de WAO van toepassing is zoals dit artikel luidde op 31 december 2003, voor «het tijdvak van 104 weken» gelezen: het tijdvak van 52 weken.
|
||||
|
||||
**4.** Voor de premiejaren 2006 en volgende jaren worden de op grond van artikel 2.8 berekende opslagen en kortingen vermenigvuldigd met een breuk, waarvan de teller wordt gevormd door het rekenpercentage, bedoeld in artikel 2.6, en de noemer door het gemiddelde werkgeversrisicopercentage, bedoeld in artikel 2.8, derde lid.
|
||||
|
||||
**5.** De uitkomst van de berekening, bedoeld in het vierde lid, wordt afgerond op twee cijfers achter de komma.
|
||||
**3.** De uitkomst van de berekening, bedoeld in het tweede lid, wordt afgerond op twee cijfers achter de komma.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 3. Eigenrisicodragen
|
||||
|
||||
|
|
@ -247,6 +243,110 @@ b. wordt bij de toepassing van artikel 2.8 het ten laste van de werkgever die de
|
|||
|
||||
De toestemming, bedoeld in artikel 40, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Wfsv, wordt niet verleend aan de kleine werkgever.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 3a. Gedifferentieerde premie Werkhervattingskas
|
||||
|
||||
### Artikel 2.16a
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Het rekenpercentage, bedoeld in artikel 38, eerste lid, onderdeel a, van de Wfsv, is gelijk aan het gemiddelde percentage, bedoeld in artikel 38, eerste lid, onderdeel b, van de Wfsv vermeerderd of verminderd met:
|
||||
|
||||
a. een percentage ter compensatie van het naar verwachting over het premiebetalingstijdvak optredende verschil tussen enerzijds de premie-inkomsten die worden verkregen indien de gedifferentieerde premie, bedoeld in artikel 38 van de Wfsv, wordt gebaseerd op het gemiddelde percentage bedoeld in artikel 38, eerste lid, onderdeel b, van de Wfsv, verminderd met de premie-inkomsten die het gevolg zijn van de opslag, bedoeld in artikel 2.16b, tweede lid, en anderzijds het totaalbedrag dat naar verwachting in het premiebetalingstijdvak op grond van artikel 117b van de Wfsv ten laste van de Werkhervattingskas komt verminderd met de gelden die op grond van artikel 117a, onderdelen b en c, van de Wfsv naar verwachting ten gunste van de Werkhervattingskas komen;
|
||||
b. een percentage, voorzover dit nodig of mogelijk is, rekening houdend met de verplichting, bedoeld in artikel 113a van de Wfsv, betreffende het vormen en in stand houden van een voldoende reserve, met dien verstande dat bij de bepaling van dit percentage de opbrengst van de opslag, bedoeld in artikel 2.16b, tweede lid, buiten beschouwing wordt gelaten.
|
||||
|
||||
**2.** De percentages, bedoeld in het eerste lid, worden naar beneden afgerond op twee cijfers achter de komma.
|
||||
|
||||
### Artikel 2.16b
|
||||
|
||||
**1.** Het gemiddelde percentage, bedoeld in artikel 38, eerste lid, onderdeel b, van de Wfsv, wordt vastgesteld door het totaalbedrag van hetgeen in het premiebetalingstijdvak naar verwachting op grond van artikel 117b van de Wfsv ten laste komt van de Werkhervattingskas, verminderd met hetgeen op grond van artikel 117a, onderdelen b en c, van de Wfsv in het premiebetalingstijdvak naar verwachting ten gunste komt van de Werkhervattingkas, te vermenigvuldigen met honderd en de uitkomst van deze berekening te delen door het totaalbedrag van de over het premiebetalingstijdvak verwachte premieplichtige loonsom en de naar verwachting in dat jaar te betalen uitkeringen, bedoeld in artikel 38a, tweede lid, van de Wfsv. Onder uitkeringen als bedoeld in de eerste zin worden niet verstaan de WGA-uitkeringen waarvan het risico van de betaling wordt gedragen door een werkgever als bedoeld in artikel 40 van de Wfsv.
|
||||
|
||||
**2.** De gemiddelde premie, bedoeld in het eerste lid, kan worden verhoogd met een bij ministeriële regeling vast te stellen percentage.
|
||||
|
||||
**3.** De uitkomst van de deling, bedoeld in het eerste lid, wordt naar beneden afgerond op twee cijfers achter de komma.
|
||||
|
||||
### Artikel 2.16c
|
||||
|
||||
**1.** De opslag of korting, bedoeld in artikel 38, tweede lid, van de Wfsv, is voor alle werkgevers gelijk aan het individuele werkgeversrisicopercentage verminderd met het gemiddelde werkgeversrisicopercentage.
|
||||
|
||||
**2.** Het individuele werkgeversrisicopercentage, bedoeld in het eerste lid, wordt verkregen door het totaalbedrag van de op grond van artikel 117 van de Wfsv ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas komende arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, die in het tweede kalenderjaar vóór het kalenderjaar 2007 zijn betaald aan werknemers die bij het intreden van de arbeidsongeschiktheid op grond waarvan de in het vijfde lid bedoelde arbeidsongeschiktheidsuitkeringen worden toegekend, in dienstbetrekking stonden tot een werkgever, te vermenigvuldigen met honderd en de uitkomst van deze berekening te delen door het ten laste van die werkgever komende gemiddelde premieplichtige loon per jaar, berekend over het tijdvak van vijf kalenderjaren, eindigend één jaar voor aanvang van het kalenderjaar 2007.
|
||||
|
||||
**3.** Het gemiddelde werkgeversrisicopercentage, bedoeld in het eerste lid, wordt verkregen door het totaalbedrag van de op grond van artikel 117 van de Wfsv, ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas komende aan werkgevers toe te rekenen arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, die in het tweede kalenderjaar vóór het kalenderjaar 2007 zijn betaald, te vermenigvuldigen met honderd en de uitkomst van deze berekening te delen door het totale gemiddelde premieplichtige loon per jaar, berekend over het tijdvak van vijf kalenderjaren eindigend één jaar voor aanvang van het kalenderjaar 2007.
|
||||
|
||||
**4.** Bij de berekening van het gemiddelde premieplichtig loon, bedoeld in het tweede en derde lid, worden de via de werkgever betaalde arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, bedoeld in artikel 117 van de Wfsv, buiten aanmerking gelaten.
|
||||
|
||||
**5.**
|
||||
|
||||
De arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, bedoeld in het tweede en derde lid, betreffen de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen die zijn toegekend:
|
||||
|
||||
a. aan de werknemers die op de eerste dag van de ongeschiktheid tot het verrichten van hun arbeid als bedoeld in artikel 19 van de Ziektewet tot de werkgever in dienstbetrekking stonden en terzake van die ongeschiktheid de wachttijd, bedoeld in artikel 19 van de WAO, hebben doorgemaakt;
|
||||
b. met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, van de WAO nadat de arbeidsongeschiktheidsuitkering toegekend aan de werknemer, bedoeld in onderdeel a, is ingetrokken op grond van artikel 43, eerste lid, van de WAO;
|
||||
c. met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel b, van de WAO aan de werknemer, bedoeld in onderdeel a, die aan het einde van de wachttijd ongeschikt was tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte of gebreken, maar geen recht had op toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering omdat hij niet arbeidsongeschikt was.
|
||||
|
||||
**6.** Indien de werknemer bij het intreden van de arbeidsongeschiktheid, bedoeld in het vijfde lid, onderdeel a, bij meer dan één werkgever in dienstbetrekking stond, wordt voor de toepassing van het tweede lid de arbeidsongeschiktheidsuitkering naar rato van de loonsom toegerekend aan die werkgevers. De arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt niet toegerekend aan de werkgever bij wie de werknemer met behoud van hetzelfde loon arbeid is blijven verrichten.
|
||||
|
||||
**7.** Voor de toepassing van het tweede en derde lid worden de door het UWV toegekende arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en de vakantieuitkeringen die in de periode, bedoeld in artikel 117, eerste lid, aanhef, van de Wfsv, geheel of ten dele niet aan de werknemer zijn uitbetaald wegens het genieten van loon als bedoeld in artikel 44, derde lid, van de WAO, geacht aan de werknemer te zijn uitbetaald.
|
||||
|
||||
**8.** De uitkomst van de deling, bedoeld in het tweede en derde lid, wordt naar beneden afgerond op twee cijfers achter de komma.
|
||||
|
||||
**9.** De op grond van dit artikel berekende opslagen of kortingen worden vermenigvuldigd met een breuk, waarvan de teller wordt gevormd door het gemiddeld percentage, bedoeld in artikel 2.16b, en de noemer door het gemiddelde werkgeversrisicopercentage, bedoeld in het derde lid.
|
||||
|
||||
**10.** De uitkomst van de berekening, bedoeld in het negende lid, wordt afgerond op twee cijfers achter de komma.
|
||||
|
||||
### Artikel 2.16d
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
In geval van overgang van een onderneming in de zin van artikel 662 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, alsmede in geval van een dergelijke overgang bij faillissement:
|
||||
|
||||
a. worden bij de toepassing van artikel 2.16c de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, bedoeld in artikel 2.16c, vijfde lid, die zijn of worden toegekend aan de werknemer die op de eerste dag van de ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid in dienstbetrekking stond tot de werkgever die de onderneming heeft overgedragen, toegerekend aan de werkgever die de onderneming verkrijgt; en
|
||||
b. wordt bij de toepassing van artikel 2.16c het ten laste van de werkgever die de onderneming heeft overgedragen, gekomen premieplichtig loon in enig premiebetalingstijdvak telkens opgeteld bij het premieplichtig loon van de werkgever die de onderneming verkrijgt in dat premiebetalingstijdvak, voordat het gemiddelde premieplichtig loon van laatstgenoemde werkgever wordt berekend.
|
||||
|
||||
**2.** Indien slechts een deel van de onderneming overgaat, vindt het eerste lid toepassing naar rato van het deel van het totaalbedrag van premieplichtig loon in het overgegane deel van de onderneming van het totaalbedrag van premieplichtig loon in de gehele onderneming in het jaar voorafgaande aan dat van overgang.
|
||||
|
||||
**3.** Tenzij de overgang plaatsvindt op 1 januari van het kalenderjaar vindt voor de werkgever die reeds de hoedanigheid van werkgever had voor het moment van overgang van de onderneming de toerekening, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, en de optelling, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, eerst plaats met ingang van het kalenderjaar volgend op het kalenderjaar waarin de onderneming of een deel van de onderneming is overgedragen.
|
||||
|
||||
### Artikel 2.16e
|
||||
|
||||
**1.** Indien blijkt dat een arbeidsongeschiktheidsuitkering als bedoeld in artikel 2.16c, tweede lid geheel of ten dele ten onrechte is toegekend, wordt bij de berekening van het individuele werkgeversrisicopercentage in het kalenderjaar waarin het besluit tot toekenning van de arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt ingetrokken of herzien, het totaalbedrag, bedoeld in artikel 2.16c, tweede lid, verminderd met een bedrag dat gelijk is aan het bedrag van de te veel betaalde arbeidsongeschiktheidsuitkering.
|
||||
|
||||
**2.** Indien een schadevergoeding als bedoeld in artikel 107a, tweede lid, van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek dan wel een schadevergoeding op grond van een wettelijke regeling die daarmee naar aard en strekking overeenkomt, is ontvangen, wordt, op verzoek van de werkgever, bij de berekening van het individuele werkgeversrisicopercentage met ingang van het kalenderjaar waarin de schadevergoeding is ontvangen, gedurende een tijdvak van vijf jaren, het totaalbedrag, bedoeld in artikel 2.16c, tweede lid, verminderd met een compensatiebedrag.
|
||||
|
||||
**3.** Het compensatiebedrag, bedoeld in het tweede lid, wordt vastgesteld door het bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkering aan de betrokken werknemer jaarlijks gedurende vijf jaar te vermenigvuldigen met het getal dat is verkregen door het bedrag van de schadevergoeding, bedoeld in het tweede lid, te delen door het loon over het tijdvak van 52 weken, bedoeld in artikel 629, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek dan wel artikel 76a, eerste lid, van de Ziektewet. Het getal, bedoeld in de eerste zin, bedraagt niet meer dan 1.
|
||||
|
||||
**4.** In afwijking van het derde lid wordt in de gevallen waarin ziekengeld wordt uitgekeerd aan de verzekerde, bedoeld in artikel 29 van de Ziektewet, het compensatiebedrag, bedoeld in het tweede lid, vastgesteld door het bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkering aan de betrokken werknemer te vermenigvuldigen met het getal dat is verkregen door het bedrag van het ontvangen verhaal op grond van artikel 52a van de Ziektewet te delen door het aan betrokken werknemer op grond van de Ziektewet uitgekeerde ziekengeld.
|
||||
|
||||
**5.** De uitkomst van de berekening, bedoeld in het derde en vierde lid, wordt naar beneden afgerond op twee cijfers achter de komma.
|
||||
|
||||
**6.** Het tweede, derde en vierde lid zijn uitsluitend van toepassing in die gevallen waarin de arbeidsongeschiktheidsuitkering ingaat op of na 1 januari 2002.
|
||||
|
||||
### Artikel 2.16f
|
||||
|
||||
**1.** Indien een werkgever, zonder dat er sprake is van een overgang van een onderneming als bedoeld in artikel 2.16d in een of meer van de kalenderjaren van het tijdvak, bedoeld in artikel 2.16c, tweede lid, niet de hoedanigheid van werkgever had, wordt bij de berekening van het individuele werkgeversrisicopercentage, bedoeld in artikel 2.16c, tweede lid, het ten laste van die werkgever komende gemiddelde premieplichtige loon per jaar berekend over het aantal kalenderjaren in het tijdvak, bedoeld in artikel 2.16c, tweede lid, waarin de werkgever de hoedanigheid van werkgever had, waarna het verkregen percentage wordt vermenigvuldigd met een breuk, waarvan de teller wordt gevormd door het gemiddelde werkgeversrisicopercentage, bedoeld in artikel 2.16c, derde lid, en de noemer door het gemiddelde werkgeversrisicopercentage, berekend over het aantal kalenderjaren in het tijdvak, bedoeld in artikel 2.16c, derde lid, waarin de werkgever de hoedanigheid van werkgever had.
|
||||
|
||||
**2.** De uitkomst van de berekening, bedoeld in het eerste lid, wordt naar beneden afgerond op twee cijfers achter de komma.
|
||||
|
||||
### Artikel 2.16g
|
||||
|
||||
Voor een werkgever die, zonder dat er sprake is van een overgang van een onderneming als bedoeld in artikel 2.16d, eerst in het premiebetalingstijdvak, of in het eerste of tweede kalenderjaar onmiddellijk voorafgaande aan het premiebetalingstijdvak de hoedanigheid van werkgever heeft verkregen, is het percentage van de gedifferentieerde premie, bedoeld in artikel 38 van de Wfsv:
|
||||
|
||||
a. indien het een kleine werkgever betreft gelijk aan het overeenkomstig artikel 2.16h, tweede lid, vastgestelde percentage;
|
||||
b. indien het een grote werkgever betreft gelijk aan het rekenpercentage, bedoeld in artikel 2.16a.
|
||||
|
||||
### Artikel 2.16h
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De gedifferentieerde premie, bedoeld in artikel 38 van de Wfsv, bedraagt:
|
||||
|
||||
a. voor een kleine werkgever: tenminste het overeenkomstig het tweede lid vastgestelde percentage en ten hoogste drie maal het gemiddelde percentage, bedoeld in artikel 2.16b;
|
||||
b. voor een grote werkgever: tenminste het verschil tussen het rekenpercentage, bedoeld in artikel 2.16a, en het gemiddeld percentage, bedoeld in artikel 2.16b, maar niet minder dan nihil en ten hoogste vier maal het gemiddelde percentage, bedoeld in artikel 2.16b.
|
||||
|
||||
**2.** De voor kleine werkgevers geldende minimale gedifferentieerde premie wordt door het UWV voor elk premiebetalingstijdvak op een zodanig percentage vastgesteld, dat de uit de heffing van deze minimaal verschuldigde premie voortvloeiende extra inkomsten naar verwachting gelijk zullen zijn aan de extra premieinkomsten die zouden worden verworven indien geen maximum zou zijn gesteld aan de door deze werkgevers verschuldigde gedifferentieerde premie, verminderd met de naar verwachting ten laste van de kleine werkgevers komende premieinkomsten ten gevolge van de voor grote werkgevers krachtens het eerste lid, onderdeel b, geldende maximale gedifferentieerde premie.
|
||||
|
||||
**3.** In afwijking van het eerste lid wordt een premiepercentage van lager dan nihil vastgesteld indien toepassing van artikel 2.16e daartoe aanleiding geeft.
|
||||
|
||||
**4.** Het percentage, bedoeld in het derde lid, wordt naar beneden afgerond op twee cijfers achter de komma.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 3. De financiering van de vrijwillige algemene ouderdomsverzekering en de vrijwillige nabestaandenverzekering
|
||||
|
||||
### Artikel 3.1
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue