From f37ead159f1219e50086e87341f6ca4540d14d5a Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Wed, 25 Jun 2014 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2014-06-25 | BWBR0005682 | Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek --- .../BWBR0005682/README.md | 2 +- 1 file changed, 1 insertion(+), 1 deletion(-) diff --git a/wet/wet-op-het-hoger-onderwijs-en-wetenschappelijk-onderzoek/BWBR0005682/README.md b/wet/wet-op-het-hoger-onderwijs-en-wetenschappelijk-onderzoek/BWBR0005682/README.md index 3aeba50d17f..c5fc76190fc 100644 --- a/wet/wet-op-het-hoger-onderwijs-en-wetenschappelijk-onderzoek/BWBR0005682/README.md +++ b/wet/wet-op-het-hoger-onderwijs-en-wetenschappelijk-onderzoek/BWBR0005682/README.md @@ -786,7 +786,7 @@ Vervallen **8.** Indien een instellingsbestuur voor de datum, bedoeld in het tweede lid, een aanvraag om accreditatie heeft ingediend, is, in afwijking van het zevende lid, de periode van de accreditatie verlengd tot het moment dat op de aanvraag om accreditatie is beslist indien het accreditatieorgaan niet voor afloop van de periode, bedoeld in het zevende lid, een besluit heeft genomen. In dat geval wordt de periode van de accreditatie verlengd tot aan het einde van het studiejaar of, indien nodig, tot aan het einde van het daarop volgende studiejaar het accreditatieorgaan niet voor afloop van de periode, bedoeld in het zevende lid, een besluit heeft genomen. In dat geval wordt de periode van de accreditatie verlengd tot aan het einde van het studiejaar of, indien nodig, tot aan het einde van het daarop volgende studiejaar. -**9.** De instelling is het accreditatieorgaan een vergoeding verschuldigd van de kosten van de aanvraag om accreditatie en visitatie waaronder begrepen de kosten van de commissie van deskundigen, bedoeld in artikelĀ 5a.2, tweede lid, overeenkomstig een door Onze Minister, na overleg met het accreditatieorgaan, vast te stellen tarief. +**9.** De instelling is het accreditatieorgaan een vergoeding verschuldigd van de kosten van de aanvraag om accreditatie en visitatie overeenkomstig een door Onze minister, na overleg met het accreditatieorgaan, vast te stellen tarief. **10.** In afwijking van het zevende lid kan Onze Minister de termijn van accreditatie verlengen met maximaal twee jaar ten behoeve van de gelijktijdige beoordeling van de visitatiegroep.