2007-01-01 | BWBR0003245 | Wet milieubeheer

This commit is contained in:
Coornhert 2007-01-01 12:00:00 +00:00
parent 05f1ed45b2
commit f668087a4d

View file

@ -1741,7 +1741,7 @@ c. de voor de onderdelen van het milieu, waarvoor de inrichting gevolgen kan heb
Het bevoegd gezag neemt bij de beslissing op de aanvraag in ieder geval in acht:
a. de voor de onderdelen van het milieu, waarvoor de inrichting gevolgen kan hebben, geldende grenswaarden, voor zover de verplichting tot het in acht nemen daarvan is vastgelegd krachtens of overeenkomstig artikel 5.2, dan wel voortvloeit uit de artikelen 41, 46 tot en met 50, 53, 65 tot en met 68 of 72, tweede lid, van de Wet geluidhinder;
a. de voor de onderdelen van het milieu, waarvoor de inrichting gevolgen kan hebben, geldende grenswaarden, voor zover de verplichting tot het in acht nemen daarvan is vastgelegd krachtens of overeenkomstig artikel 5.2, dan wel voortvloeit uit de artikelen 40, 44 tot en met 47, 50, 51, 53 tot en met 56, 59 tot en met 61, 63, tweede lid , 64, 65 of 66 van de Wet geluidhinder;
b. de voor hem geldende, krachtens artikel 8.45 gestelde regels;
c. de voor hem geldende, krachtens artikel 8.46 gestelde regels, behoudens voor zover een aanwijzing van Onze Minister krachtens artikel 8.27 afwijking noodzakelijk maakt;
d. aanwijzingen die met betrekking tot de beslissing op de aanvraag krachtens artikel 8.27 door Onze Minister zijn gegeven.
@ -3259,7 +3259,7 @@ Indien de aanvrager daarom heeft verzocht, stelt het bevoegd gezag hem, voordat
### Artikel 13.7
In afwijking van artikel 3:18, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht houdt het bevoegd gezag de beslissing op de aanvraag aan indien deze betrekking heeft op een inrichting, behorende tot een krachtens artikel 41 van de Wet geluidhinder aangewezen categorie, die is gelegen op een terrein als bedoeld in dat artikel, waaromheen nog geen zone is vastgesteld. De verplichting tot aanhouding geldt niet, indien het bevoegd gezag van oordeel is dat de vergunning op andere gronden moet worden geweigerd. Het bevoegd gezag doet de aanvrager schriftelijk mededeling van de aanhouding. Binnen twaalf weken nadat een zone rond het betrokken terrein is vastgesteld, geeft het bevoegd gezag de beschikking op de aanvraag.
In afwijking van artikel 3:18, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht houdt het bevoegd gezag de beslissing op de aanvraag aan indien deze betrekking heeft op een inrichting, behorende tot een krachtens artikel 1 van de Wet geluidhinder aangewezen categorie, die is gelegen op een terrein als bedoeld in dat artikel, waaromheen nog geen zone is vastgesteld. De verplichting tot aanhouding geldt niet, indien het bevoegd gezag van oordeel is dat de vergunning op andere gronden moet worden geweigerd. Het bevoegd gezag doet de aanvrager schriftelijk mededeling van de aanhouding. Binnen twaalf weken nadat een zone rond het betrokken terrein is vastgesteld, geeft het bevoegd gezag de beschikking op de aanvraag.
### Artikel 13.8
@ -5719,7 +5719,7 @@ Interimwet bodemsanering
Wet voorkoming verontreiniging door schepen
Landinrichtingswet
Wet inrichting landelijk gebied
Wet milieugevaarlijke stoffen