2005-01-01 | BWBR0002489 | Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965

This commit is contained in:
Coornhert 2005-01-01 12:00:00 +00:00
parent 06696eccbf
commit f6823d82ea

View file

@ -294,6 +294,52 @@ g. perioden waarin de werknemer een tot zijn huishouden behorend kind heeft verz
**2.** In afwijking van het eerste lid, onderdeel a, is met betrekking tot perioden vóór 8 juli 1994 gedurende welke de werknemer in dienstbetrekking heeft gestaan tot vorige inhoudingsplichtigen, inkoop van ontbrekende dienstjaren tot 8 juli 1994 toegestaan indien de werknemer aannemelijk kan maken dat er, gerelateerd aan de pensioenregeling bij de huidige inhoudingsplichtige, als gevolg van het ontbreken van die dienstjaren sprake is van een pensioentekort, daaronder begrepen perioden vóór 8 juli 1994 gedurende welke in het buitenland werkzaamheden zijn verricht voor een met een vorige inhoudingsplichtige verbonden lichaam als bedoeld in artikel 10a, vierde lid, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969, dat niet in Nederland is gevestigd.
### Artikel 10aa
**1.** | Indien bij een eindloonloonstelsel bij de toepassing van artikel 18a van de wet een percentage per dienstjaar wordt toegepast van | wordt het in artikel 18a, achtste lid, onderdeel a, eerste volzin, bedoelde bedrag vervangen door 70% van | |
| --- | --- | --- |
| meer dan | maar niet meer dan | |
| | 1,8% | € 9 391 |
| 1,8% | 1,9% | € 10 390 |
**2.** | Indien bij een middelloonstelsel bij de toepassing van artikel 18a van de wet een percentage per dienstjaar wordt toegepast van | wordt het in artikel 18a, achtste lid, onderdeel a, eerste volzin, bedoelde bedrag vervangen door 70% van | |
| --- | --- | --- |
| meer dan | maar niet meer dan | |
| | 2,05% | € 9 391 |
| 2,05% | 2,15% | € 10 390 |
**3.** Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot een op een beschikbare-premiestelsel gebaseerd ouderdomspensioen als bedoeld in artikel 18a, derde lid, van de wet.
### Artikel 10ab
**1.**
Als perioden die meetellen als deelnemingsjaren, als bedoeld in artikel 18 en 18e van de wet, worden in aanmerking genomen:
a. de perioden die ingevolge artikel 10a, eerste lid, onderdelen a, b en g, als dienstjaren in aanmerking zijn genomen;
b. de perioden gedurende welke de werknemer in dienstbetrekking heeft gestaan tot een andere inhoudingsplichtige, indien ter zake van het in die dienstbetrekking opgebouwde ouderdomspensioen waardeoverdracht van pensioenkapitaal, als bedoeld in de artikelen 32, vierde lid, 32a of 32b van de Pensioen- en spaarfondsenwet, naar de huidige inhoudingsplichtige of de pensioenuitvoerder van de huidige inhoudingsplichtige heeft plaatsgevonden;
c. de perioden gedurende welke de werknemer in dienstbetrekking heeft gestaan tot een andere inhoudingsplichtige, indien ter zake van deze perioden met toepassing van artikel 10a, tweede lid, inkoop van dienstjaren heeft plaatsgevonden;
voor zover met schriftelijke bescheiden kan worden gestaafd dat deze perioden bij de opbouw van het ouderdomspensioen in aanmerking zijn genomen.
**2.** Als perioden die meetellen als deelnemingsjaren kunnen eveneens in aanmerking worden genomen dienstjaren ten gevolge van een voor 1 januari 2005 gedane waardeoverdracht van pensioenkapitaal, als bedoeld in de artikelen 32, vierde lid, 32a of 32b van de Pensioen- en spaarfondsenwet, voor zover met schriftelijke bescheiden kan worden gestaafd dat deze dienstjaren bij de opbouw van het ouderdomspensioen in aanmerking zijn genomen.
**3.** Als perioden die meetellen als deelnemingsjaren kunnen eveneens in aanmerking worden genomen perioden gedurende welke de werknemer in dienstbetrekking heeft gestaan tot een andere inhoudingsplichtige of een met de inhoudingsplichtige of een andere inhoudingsplichtige verbonden lichaam als bedoeld in artikel 10a, vierde lid, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969, dat niet in Nederland is gevestigd, voor zover met schriftelijke bescheiden kan worden gestaafd dat deze perioden door die andere inhoudingsplichtige of dat lichaam bij de opbouw van het ouderdomspensioen of van een voorziening voor ouderdom ingevolge een pensioenregeling als bedoeld in artikel 1.7, tweede lid, onderdeel c, van de Wet inkomstenbelasting 2001, in aanmerking zijn genomen.
**4.** Bij dienstbetrekkingen in deeltijd wordt het ingevolge artikel 18e van de wet geldende maximum verlaagd overeenkomstig de per deelnemingsjaar geldende deeltijdfactor, met dien verstande dat artikel 10b, derde lid, van overeenkomstige toepassing is.
**5.**
Bij toepassing van het eerste lid, onderdeel c, of derde lid, wordt voor de toepassing van artikel 18e, eerste lid, onderdeel b, en vierde lid, van de wet het 40-deelnemingsjarenpensioen opgevat met inbegrip van de uit die andere dienstbetrekking voortvloeiende:
a. uitkeringen ingevolge een ouderdomspensioen;
b. uitkeringen ingevolge een 40-deelnemingsjarenpensioen;
c. uitkeringen ingevolge een overbruggingspensioen als bedoeld in artikel 18e, zoals dit artikel op 31 december 2004 luidde;
d. uitkeringen ingevolge een regeling voor vervroegde uittreding als bedoeld in artikel 18i, zoals dit artikel op 31 december 2004 luidde;
e. uitkeringen ingevolge een prepensioen als bedoeld in artikel 38a, zoals dit artikel op 31 december 2004 luidde.
**6.** Indien perioden gedurende welke de werknemer in dienstbetrekking heeft gestaan tot een met de inhoudingsplichtige of een andere inhoudingsplichtige verbonden lichaam als bedoeld in artikel 10a, vierde lid, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969, dat niet in Nederland is gevestigd, in aanmerking worden genomen als deelnemingsjaren, wordt voor de toepassing van artikel 18e, eerste lid, onderdeel b, en vierde lid, van de wet het 40-deelnemingsjarenpensioen opgevat met inbegrip van de uitkeringen ingevolge de bij dat lichaam opgebouwde voorziening voor ouderdom in een pensioenregeling als bedoeld in artikel 1.7, tweede lid, onderdeel c, van de Wet inkomstenbelasting 2001.
### Artikel 10b
**1.** Als loonbestanddelen, als bedoeld in artikel 18g, tweede lid, onderdeel a, van de wet komen in aanmerking alle loonbestanddelen, met uitzondering van het genot van een ter beschikking gestelde auto. Voorzover over loonbestanddelen pensioen wordt opgebouwd volgens een eindloonstelsel komen loonstijgingen gedurende de vijf jaren voorafgaande aan de in de pensioenregeling vastgestelde ingangsdatum in aanmerking tot ten hoogste 2 percent boven de gemiddelde loonindex voor de CAO-lonen per maand, inclusief bijzondere beloningen, zoals berekend door het Centraal Bureau voor de Statistiek, met dien verstande dat in elk geval in aanmerking komen loonstijgingen als gevolg van gangbare functiewijzigingen of gangbare leeftijdsperiodieken.